De EU is een unieke politieke organisatie. De leden zijn soevereine landen die op belangrijke beleidsterreinen hun soevereiniteit bundelen om gemeenschappelijke doelen te bereiken. Alle burgers van EU-landen zijn EU-burgers, waardoor ze het recht hebben deel te nemen aan de democratie van de Unie.
Net als ieder land heeft de EU een wetgevende macht (het Parlement en de Raad), een uitvoerende macht (de Commissie) en een onafhankelijke rechterlijke macht (het Hof van Justitie).
De bevoegdheden van de EU-instellingen zijn vastgelegd in oprichtingsverdragen die de EU-landen gesloten en geratificeerd hebben. Over beleidsterreinen die niet onder de verdragen vallen, kunnen de nationale regeringen zelf beslissen.
De twee belangrijkste verdragen zijn:
Andere verdragen waren de Europese Akte (1987), waarmee de Europese interne markt van start ging, en de Verdragen van Amsterdam (1999) en Nice (2003). Het recentste verdrag is het Verdrag van Lissabon (2009), waardoor enkele eerdere verdragen zijn gewijzigd.
Drie instellingen zijn verantwoordelijk voor de beleids- en besluitvorming, namelijk:
Europees Parlement
Het Europees Parlement is opgericht om de burgers van de EU direct te vertegenwoordigen. Zijn bevoegdheden zijn uitgebreid bij opeenvolgende wijzigingen van de basisverdragen van de EU. Het werd in 1979 voor het eerst direct gekozen door de EU-burgers. Het huidige parlement, dat in mei 2014 voor vijf jaar werd gekozen, telt 751 leden uit alle 28 EU-lidstaten.
De belangrijkste functie van het Parlement is om samen met de Raad de wetsvoorstellen die door de Commissie worden ingediend, al dan niet goed te keuren. Een andere taak is de EU-begroting controleren en goedkeuren. Het Parlement oefent ook democratische controle uit op de Commissie. Het kan bijvoorbeeld de volledige Commissie via een motie van afkeuring tot aftreden dwingen.
Europese Raad
Minstens vier maal per jaar vergaderen de staatshoofden en regeringsleiders van de EU-landen onder de noemer "Europese Raad". Als het nodig is, kan de voorzitter van de Raad extra vergaderingen beleggen. Deze vergaderingen moeten een impuls geven aan het beleid en de politieke prioriteiten bepalen. Besluiten worden meestal bij consensus genomen.
Sinds het Verdrag van Lissabon heeft de Europese Raad – in wezen een topontmoeting – de status van een EU-instelling en een eigen verkozen voorzitter.
Raad van de Europese Unie
De Raad is de stem van de nationale regeringen van de EU en bestaat uit ministers uit alle EU-landen, die enkele keren per maand vergaderen. Hij heeft zowel een wetgevende bevoegdheid, samen met het Parlement, als een uitvoerende bevoegdheid, samen met de Europese Commissie. Wordt er vergaderd en besloten over een bepaald beleidsterrein (buitenlandse betrekkingen, economische en financiële zaken, vervoer, energie, landbouw enz.), dan stuurt ieder land zijn bevoegde minister. De Raad wordt gewoonlijk de Raad van ministers genoemd, of alleen de Raad.
De meeste besluiten worden bij gekwalificeerde meerderheid van stemmen genomen, hoewel voor bepaalde kwesties, zoals belastingen, asiel en immigratie of buitenlands en veiligheidsbeleid, unanimiteit vereist is.
Europese Commissie
De Europese Commissie is onafhankelijk van de nationale regeringen en behartigt de belangen van de EU als geheel. Zij heeft vier hoofdtaken:
Om de vijf jaar wordt na de verkiezing van het Europees Parlement een nieuwe Commissie benoemd. De voorzitter van de Commissie wordt verkozen door het Parlement op voorstel van de Europese Raad. De commissarissen (momenteel één uit elk EU-land, inclusief de voorzitter en vicevoorzitters van de Commissie) worden door het Europees Parlement gescreend voordat zij in functie treden.
Het Hof van Justitie van de Europese Unie ziet erop toe dat de EU-wetgeving in alle EU-landen op dezelfde wijze wordt geïnterpreteerd en toegepast.
Het Hof kan ook beslissen in rechtsgeschillen waarbij EU-landen, EU-instellingen, ondernemingen of individuele burgers betrokken zijn. Het Hof is in Luxemburg gevestigd en bestaat uit rechters uit alle EU-landen.
De EU heeft nog acht andere belangrijke organen met specifieke taken:
Voor de uitvoering van de EU-wetgeving op vele verschillende gebieden beschikt de EU over 40 agentschappen, die overal in de EU verspreid zijn.