Indiening en behandeling

Verbied glyfosaat en bescherm mens en milieu tegen giftige bestrijdingsmiddelen werd op 6/10/2017 bij de Commissie ingediend, nadat er 1 070 865 steunbetuigingen voor waren verzameld. Lees het persbericht.

De organisatoren hebben Frans Timmermans, eerste vicevoorzitter van de Europese Commissie, en Vytenis Andriukaitis, EU-commissaris voor volksgezondheid en voedselveiligheid, ontmoet op 23/10/2017. Lees het persbericht.

Op 20/11/2017 vond in het Europees Parlement een openbare hoorzitting plaats.

De Commissie kwam op 12/12/2017 met een mededeling waarin staat welke acties zij van plan is te ondernemen in reactie op het initiatief Verbied glyfosaat en bescherm mens en milieu tegen giftige bestrijdingsmiddelen. Lees het persbericht.

Antwoord van de Europese Commissie 

Officiële documenten:

Belangrijkste conclusies van de mededeling:

  • Wat de eerste doelstelling betreft, “op glyfosaat gebaseerde onkruidbestrijdingsmiddelen verbieden”, besluit de Commissie dat er geen wetenschappelijke of juridische gronden zijn die een verbod op glyfosaat rechtvaardigen. Zij zal daarvoor dan ook geen wetgevingsvoorstel doen.
  • Op de tweede doelstelling, “ervoor zorgen dat de wetenschappelijke beoordeling van bestrijdingsmiddelen voor de wettelijke vergunning door de EU uitsluitend wordt gebaseerd op openbare studies, in opdracht van bevoegde overheidsinstanties en niet door de pesticidenindustrie”, heeft de Commissie toegezegd om tegen mei 2018 met een wetgevingsvoorstel te komen voor o.a. meer transparantie van de EU-risicobeoordelingen in de voedselketen (door een reeks maatregelen) en de governance voor de uitvoering van bedrijfsstudies die worden ingediend bij de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) voor risicobeoordeling. Meer hierover vindt u onder "Follow-up".
  • Wat de derde doelstelling betreft, "Bindende EU-doelstellingen vastleggen om het gebruik van bestrijdingsmiddelen te verminderen met het oog op een pesticidenvrije toekomst”, besloot de Commissie dat zij zich wil concentreren op de uitvoering van de Richtlijn duurzaam gebruik, en dat zij de situatie later opnieuw zal evalueren, in eerste instantie in een verslag aan de Raad en het Parlement over de uitvoering van de richtlijn in 2019. Ook is zij van plan geharmoniseerde risico-indicatoren vast te stellen om het mogelijk te maken de trends op EU-niveau te volgen en de daaruit voortvloeiende gegevens te gebruiken met het oog op beleidskeuzen voor de toekomst.

Follow-up

Hier vindt u informatie over de vervolgmaatregelen door de Commissie en de andere instellingen in reactie op het burgerinitiatief:

Wetgeving (doelstelling 2):

Met het oog op de tweede doelstelling van het initiatief (zie hierboven) is de Commissie op 11 april 2018 met een voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende transparantie en duurzaamheid van de EU-risicobeoordeling in de voedselketen gekomen.

Om tegemoet te komen aan de zorgen van de burgers en voortbouwend op de geschiktheidscontrole van de algemene levensmiddelenwetgeving van de Commissie, was het voorstel een gerichte wijziging van de algemene levensmiddelenwetgeving en, wat transparantie en vertrouwelijkheid betreft, van acht andere sectorale wetgevingshandelingen.

Het burgerinitiatief was uitsluitend gericht op gewasbeschermingsmiddelen, maar de verordening op basis van het voorstel van de Commissie dekt de gehele voedselketen en alle gereguleerde producten daarin.

Na goedkeuring voor het Europees Parlement en de Raad werd de verordeningvan het Europees Parlement en de Raad op 6 september 2019 gepubliceerd in het Publicatieblad. Na de inwerkingtreding, 20 dagen na deze publicatie, werd de verordening 18 maanden later van toepassing, d.w.z. op 27 maart 2021.

De belangrijkste elementen van de verordening richten zich op:

  • Het zorgen voor meer transparantie: Burgers krijgen automatisch toegang tot alle onderzoeken en informatie die de industrie indient voor het risicobeoordelingsproces. Ook worden belanghebbenden en het grote publiek over de ingediende studies geraadpleegd. Tegelijkertijd waarborgt de verordening de vertrouwelijkheid, onder goed gemotiveerde omstandigheden, door het soort informatie te beschrijven dat schadelijk voor de commerciële belangen kan worden gevonden en daarom niet openbaar kan worden gemaakt.

  • Het verbeteren van de onafhankelijkheid van onderzoeken: De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid wordt op de hoogte gesteld van alle in opdracht gegeven studies om te garanderen dat bedrijven die vergunningen aanvragen alle relevante informatie indienen en geen ongunstige studies achterhouden. Ook zal de Autoriteit, voordat het dossier wordt ingediend, algemeen advies geven aan de aanvragers, met name kleine en middelgrote bedrijven. De Commissie kan de Autoriteit vragen opdracht te geven tot het doen van aanvullende onderzoeken voor verificatiedoeleinden en zal tussen maart 2021 en maart 2025 onderzoeksmissies ondernemen om na te gaan of de laboratoria/studies voldoen aan de geldende normen.

  • Het versterken van het bestuur en de wetenschappelijke samenwerking: De EU-lidstaten, het maatschappelijk middenveld en het Europees Parlement zullen bij het bestuur van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid worden betrokken, zij zullen naar behoren vertegenwoordigd zijn in de raad van bestuur. De lidstaten zullen de wetenschappelijke capaciteit van de Autoriteit bevorderen en de beste onafhankelijke deskundigen inzetten voor haar werk.

  • Het ontwikkelen van uitgebreide risicocommunicatie: De nieuwe verordening bevat doelstellingen en algemene beginselen voor risicocommunicatie. In de komende jaren zal de Commissie, in nauwe samenwerking met de lidstaten en de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid, een algemeen plan voor risicocommunicatie opstellen om te komen tot een coherente risicocommunicatiestrategie gedurende het hele risicoanalyseproces, in combinatie met een open dialoog tussen alle belanghebbende partijen.

De Commissie en de EFDA werken nauw samen om de juiste uitvoering van de nieuwe verordening te waarborgen.

Meer informatie vindt u op de website van de Commissie

 

Wetgeving en overige maatregelen (doelstelling 3):

Ontwikkeling van geharmoniseerde EU-risico-indicatoren

Wat betreft de derde doelstelling, "Bindende EU-doelstellingen vastleggen om het gebruik van bestrijdingsmiddelen te verminderen met het oog op een pesticidenvrije toekomst”, heeft de Commissie toegezegd dat zij overeenkomstig richtlijn 2009/128/EG geharmoniseerde risico-indicatoren zal vaststellen. 

Richtlijn 2019/782 van de Commissie tot vaststelling van geharmoniseerde risico-indicatoren is op 15 mei 2019 overeengekomen en moest voor 5 september 2019 in nationale wetgeving omgezet zijn.

 

Verslag van 2017 aan de Raad en het Europees Parlement over de uitvoering van de richtlijn duurzaam gebruik van pesticiden en de maatregelen die zijn genomen om ervoor te zorgen dat de lidstaten voldoen aan hun verplichtingen om minder afhankelijkheid van pesticiden te worden.

In de periode 20117-2020 heeft de Commissie de controles en de samenwerking met de lidstaten opgevoerd om ervoor te zorgen dat zij de richtlijn duurzaam gebruik van pesticiden naleven. De belangrijkste acties omvatten audits door de Commissie in diverse lidstaten en enquêtes (die door de meeste lidstaten zijn beantwoord) over de evaluaties van hun oorspronkelijke actieplannen en over de inspectie van apparatuur voor de toepassing van pesticiden. Tussen 2017 en 2020 heeft de Commissie heeft problemen aan de orde gesteld in drie reeksen brieven aan de autoriteiten van de lidstaten.

Meer informatie vindt u op de website van de Commissie

 

Pesticiden: een belangrijke prioriteit voor de strategie "van boer tot bord"

In het tweede verslag, van mei 2020, werd geconcludeerd dat de lidstaten ondanks tekortkomingen in de nationale actieplannen vooruitgang hadden geboekt met de uitvoering van Richtlijn 2009/128/EG betreffende een duurzaam van pesticiden. Een andere significante mogelijkheid tot risicobeperking zou o.a. geïntegreerde plaagbestrijding op grotere schaal zijn, zoals een bredere toepassing van niet-chemische plaagbestrijdingstechnieken.

In dit kader worden in de strategie "van boer tot bord" ambitieuze doelstellingen vastgesteld voor pesticiden, namelijk het gebruik en het risico van chemische en meest gevaarlijke pesticiden met 50% verminderen.

De Commissie boekt vooruitgang in haar samenwerking met de lidstaten om de doelstellingen van deze strategie uit te voeren.

Meer informatie vindt u op de website over de strategie "van boer tot bord"