You are here

flag

Gepubliceerd: 23/04/2013 12:20

Hoe zitten de Europese onderwijsstelsels in elkaar?

Nieuwsgierig over hoe het er op scholen en universiteiten in andere landen aan toegaat?

A picture

© fotolia.com - Robert Kneschke

Basisschool en middelbaar onderwijs

De meeste leerlingen in Europa zitten minsten negen of tien jaar op school. De duur van de leerplicht verschilt van land tot land, maar begint in de meeste landen op vijf- of zesjarige leeftijd.

De Europese onderwijsstelsels zijn breed van opzet. Ze proberen de leerlingen de basiskennis en ‑vaardigheden bij te brengen die zij in de toekomst nodig hebben. Elk EU-land bepaalt zelf hoe het onderwijs er uitziet en wat de leerstof inhoudt. De Europese Commissie helpt de EU-landen alleen bij de verbetering ervan.

 

Hoger onderwijs

Er zijn circa 4.000 instellingen voor hoger onderwijs met meer dan 19 miljoen studenten en 1,5 miljoen personeelsleden. Elk jaar opnieuw staan Europese universiteiten hoog op de wereldranglijst van de 100 beste universiteiten. Toch is het collegegeld meestal erg redelijk.

Omdat studiepunten, diploma's en onderzoeksmogelijkheden tamelijk eenvoudig kunnen worden overgedragen tussen Europese universiteiten, is het nu makkelijker dan ooit om in het buitenland te studeren of om naderhand met je diploma in een ander land te gaan werken.

 

Beroepsonderwijs en vakopleidingen

In het beroepsonderwijs leer je de vaardigheden die nodig zijn om te concurreren op de wereldwijde arbeidsmarkt. Leerlingenstelsels zijn meestal toegespitst op bepaalde beroepen of loopbanen, en werkervaring gaat daarbij hand in hand met theorie. Leerplaatsen zijn er in het secundair of postsecundair onderwijs of nog later, maar ze zijn niet gelijkwaardig met hoger onderwijs.

 

Volgens de laatste gegevens van Eurostat, staan er meer dan 93 miljoen leerlingen en studenten ingeschreven voor alle vormen van onderwijs, van basisschool tot postdoctoraalopleidingen.