Printbare versie | Juridische mededeling | Wat is er nieuw ? | Zoek | Contact | Index | Glossarium | Over deze site
Een Grondwet voor Europa Sla taalkeuze over en ga direct naar lijst met samenvattingen (toegangstoets=1)
EUROPA > Samenvattingen van de wetgeving > De grondbeginselen van de Unie

DE OPBOUW VAN EUROPA AAN DE HAND VAN DE VERDRAGEN >

De grondbeginselen van de Unie


Waarden en doelstellingen van de Unie


Inleiding
Instelling van de Unie
De waarden van de Unie
De doelstellingen van de Unie
De fundamentele beginselen
De symbolen van de Unie
De grondrechten
Overzichtstabel

INLEIDING

Het Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa wordt voorafgegaan door een preambule waarin onder meer wordt verwezen naar de culturele, religieuze en humanistische tradities van Europa en naar de vastbeslotenheid van de volkeren van Europa, onverminderd trots op hun identiteit en hun nationale geschiedenis, om hun oude tegenstellingen te overwinnen en vorm te geven aan hun gemeenschappelijke lotsbestemming.

De preambule neemt grotendeels de thema's uit de preambules van de bestaande verdragen over. Nieuwe onderwerpen zijn toegevoegd, met name het humanisme maar ook de billijkheid en de nationale identiteit van de volkeren. Voorts wordt verwezen naar de verworvenheden van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap (EG-Verdrag) en het Verdrag betreffende de Europese Unie (EU-Verdrag) en tonen de ondertekenaars zich erkentelijk jegens de leden van de Europese Conventie, omdat zij namens de burgers en de staten van Europa het ontwerp van het Grondwettelijk Verdrag hebben opgesteld.

Hoewel titel I van deel I van de Verdrag voor een Grondwet "Definitie en doelstellingen van de Unie" is genoemd, zal de burger hier geen exacte definitie van de Europese Unie met een overzicht van haar voornaamste kenmerken aantreffen. De definitie wordt indirect gegeven in de eerste acht artikelen die betrekking hebben op de instelling van de Unie, haar waarden en doelstellingen, de fundamentele vrijheden en non-discriminatie, de betrekkingen tussen de Unie en de lidstaten, het recht van de Unie, de rechtspersoonlijkheid, en de symbolen van de Unie.
Titel II van deel I bevat de bepalingen betreffende de grondrechten (artikel I-9) en het burgerschap (artikel I-10). Voorts is het Handvest van de grondrechten, dat tot nu toe niet juridisch bindend was, in deel II van de Grondwet opgenomen. Dit laatste aspect is een grote stap vooruit.

[ Begin pagina ]

INSTELLING VAN DE UNIE

Bij artikel I-1 van de Grondwet wordt de Europese Unie ingesteld, die geÔnspireerd wordt door de wil van de burgers en de staten van Europa om hun gemeenschappelijke toekomst op te bouwen. De lidstaten delen aan de Unie bevoegdheden toe om hun gemeenschappelijke doelstellingen te bereiken. De Unie coŲrdineert het beleid van de lidstaten dat is gericht op het bereiken van die doelstellingen en oefent op communautaire wijze de bevoegdheden uit die de lidstaten aan haar toedelen.

De in artikel 1 gehanteerde formule, namelijk "bij deze Grondwet wordt een Unie ingesteld", heeft een constitutioneel karakter, terwijl in de bestaande verdragen de "Hoge Verdragsluitende Partijen" onderling de Unie en de Gemeenschap hebben ingesteld. Deze terminologie, die eigen is aan internationale verdragen, is nu vervangen door een nieuwe formule waarmee het constitutionele karakter van het nieuwe verdrag wordt benadrukt.

[ Begin pagina ]

DE WAARDEN VAN DE UNIE

De waarden waarop de Unie berust, zijn eerbied voor de menselijke waardigheid, vrijheid, democratie, gelijkheid, de rechtsstaat en eerbiediging van de mensenrechten, waaronder de rechten van personen die tot minderheden behoren. Deze waarden, die in artikel I-2 zijn opgesomd, hebben de lidstaten gemeen. Bovendien worden de samenlevingen van de lidstaten gekenmerkt door pluralisme, non-discriminatie, verdraagzaamheid, rechtvaardigheid, solidariteit en gelijkheid van mannen en vrouwen. Deze waarden spelen een belangrijke rol, met name in twee concrete gevallen. Ten eerste is de eerbiediging van deze waarden een voorwaarde voor de toetreding van een nieuwe lidstaat tot de Unie volgens de in artikel I-58 beschreven procedure. Ten tweede kan schending van deze waarden ertoe leiden tot de schorsing van de lidmaatschapsrechten van de Unie van een lidstaat (artikel I-59).

Ten opzichte van de bestaande verdragen heeft de Grondwet nieuwe waarden toegevoegd, met name de menselijke waardigheid, gelijkheid, de rechten van minderheden en de hierboven aangehaalde typering van de samenlevingen van de lidstaten.

[ Begin pagina ]

DE DOELSTELLINGEN VAN DE UNIE

In artikel I-3 van het Grondwettelijk Verdrag, dat betrekking heeft op de interne en externe doelstellingen van de Unie, worden de bepalingen van het Verdrag betreffende de Europese Unie (EU-Verdrag) en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap (EG-Verdrag) samengevoegd. Deze doelstellingen moeten de Unie leiden bij de vaststelling en uitvoering van al haar beleidsmaatregelen.

De Unie heeft als belangrijkste doelstellingen de vrede, haar waarden en het welzijn van haar volkeren te bevorderen.

Na deze algemene doelstellingen volgt een lijst met meer gedetailleerde doelstellingen:

Voorts eerbiedigt de Unie haar verscheidenheid van cultuur en taal en ziet zij toe op de instandhouding en de ontwikkeling van het Europees cultureel erfgoed.

Aan de thans in de verdragen opgesomde doelstellingen voegt de Grondwet dus het bevorderen van wetenschappelijke en technische vooruitgang, de solidariteit tussen generaties en de bescherming van de rechten van het kind toe. De economische en sociale samenhang krijgt een territoriale dimensie. Ook de verscheidenheid van cultuur en taal en de instandhouding en de ontwikkeling van het Europees cultureel erfgoed worden doelstellingen van de Unie.

Artikel I-3, lid 4, is gewijd aan het bevorderen van de waarden en belangen van de Unie in haar betrekkingen met de rest van de wereld. Hierin worden de doelstellingen vermeld van het EU-Verdrag over het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid en de bepalingen in het EG-Verdrag over de ontwikkelingssamenwerking:

De Grondwet voegt als nieuwe doelstelling de bescherming van de rechten van het kind op internationaal vlak toe.

Ten slotte zijn in de artikelen III-115 tot en met III-122 van deel III van het Grondwettelijk Verdrag bepalingen opgenomen met specifiekere voorwaarden waaraan de Unie zich moet houden bij de uitvoering van de Grondwet. Deze hebben met name betrekking op de gelijkheid van mannen en vrouwen, bestrijding van discriminatie, werkgelegenheid en sociaal beleid, milieubescherming, consumentenbescherming, en het specifieke karakter van de diensten van algemeen belang.

[ Begin pagina ]

DE FUNDAMENTELE BEGINSELEN

Artikel I-4 van de Grondwet garandeert het vrije verkeer van personen, diensten, goederen en kapitaal in de Unie (de zogenaamde "vier vrijheden") en verbiedt iedere discriminatie op grond van nationaliteit.

Wat de betrekkingen tussen de Unie en de lidstaten betreft, zijn in het Grondwettelijk Verdrag de relevante bepalingen van de bestaande verdragen samengevoegd in artikel I-5. Het betreft met name de eerbiediging van de nationale identiteit alsmede de fundamentele politieke en grondwettelijke structuren van de lidstaten. Ook het beginsel van loyale samenwerking wordt in dit artikel genoemd.

Artikel I-6 van het Grondwettelijk Verdrag is gewijd aan het recht van de Unie. Het stelt het beginsel vast dat het recht van de Europese Unie voorrang heeft boven het recht van de lidstaten. Dit beginsel, dat in de jurisprudentie van het Hof van Justitie was uitgewerkt, wordt al lang als een basisbeginsel en een hoeksteen van de werking van de Unie erkend. De Grondwet brengt het voor het voetlicht door het in het verdrag een plaats te geven.

Aan artikel I-7 ontleent de Europese Unie haar rechtspersoonlijkheid. Door de samenvoeging van de Europese Gemeenschap en de Europese Unie zal de nieuwe Unie het recht hebben om internationale overeenkomsten te sluiten , zoals de Europese Gemeenschap nu, zonder dat de verdeling van de bevoegdheden tussen de Unie en de lidstaten in gevaar komt.

[ Begin pagina ]

DE SYMBOLEN VAN DE UNIE

In artikel I-8 wordt een overzicht gegeven van de symbolen van de Unie:

De Grondwet creŽert dus geen nieuwe symbolen, maar herneemt die van de Europese Unie -die bij de burgers bekend zijn - en geeft ze constitutionele bekrachtiging.

[ Begin pagina ]

DE GRONDRECHTEN

Wat de bescherming van de grondrechten betreft, is in de Grondwet wezenlijke vooruitgang geboekt. Artikel I-9 van het Grondwettelijk Verdrag neemt de in het EU-Verdrag gewaarborgde grondrechten over en verwijst naar het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) en naar de gemeenschappelijke constitutionele tradities van de lidstaten. Met dit artikel wordt ook de weg geopend voor de formele toetreding van de Unie tot het EVRM. De grondrechten maken dus deel uit van het recht van de Unie in de vorm van algemene beginselen.

In een aan de Grondwet gehecht protocol is bepaald dat de toetreding van de Unie tot het EVRM de specifieke kenmerken van de Unie en het recht van de Unie in stand moet houden, en de bijzondere situatie van de lidstaten ten aanzien van het EVRM onverlet moet laten. Voorts is een Verklaring bij de Slotakte van de Intergouvernementele Conferentie (ICG) vastgesteld dat er een regelmatige dialoog bestaat tussen het Hof van Justitie van de Europese Unie en het Europees Hof voor de rechten van de mens. Deze dialoog kan worden versterkt bij de toetreding van de Unie tot het EVRM.

Voorts is het Handvest van de grondrechten, dat plechtig is afgekondigd tijdens de Europese Raad van Nice in december 2000, opgenomen in deel II van de Grondwet. De Europese Unie beschikt daarmee over een catalogus van grondrechten die niet alleen voor de Unie en haar instellingen, agentschappen en organen, maar ook voor de lidstaten juridisch bindend zijn wat de uitvoering van het recht van de Unie betreft. Het feit dat het Handvest in de Grondwet is opgenomen, doet geen afbreuk aan de verdeling van de bevoegdheden tussen de Unie en de lidstaten.

Door zijn opname in het Grondwettelijk Verdrag wordt het Handvest beter zichtbaar voor alle burgers, die beter van hun rechten op de hoogte zullen zijn. Voorts bevat het Handvest aanvullende rechten die niet in het EVRM zijn opgenomen, met name de sociale rechten van werknemers, de bescherming van gegevens, bio-ethiek en het recht op behoorlijk bestuur.

[ Begin pagina ]

OVERZICHTSTABEL

Artikelen Onderwerp Opmerkingen
I-1 Instelling van de Unie -
I-2 De waarden van de Unie Belangrijke wijzigingen
I-3 De doelstellingen van de Unie Belangrijke wijzigingen
I-4 Fundamentele vrijheden en non-discriminatie -
I-5 De betrekkingen tussen de Unie en de lidstaten -
I-6 Het recht van de Unie Nieuwe bepalingen
I-7 Rechtspersoonlijkheid Nieuwe bepalingen
I-8 De symbolen van de Unie Nieuwe bepalingen
I-9 De grondrechten Nieuwe bepalingen
I-10 Het burgerschap van de Unie Belangrijke wijzigingen
I-58 De criteria om in aanmerking te komen en de procedure voor toetreding tot de Unie -
I-59 Schorsing van de lidmaatschapsrechten van de Unie -
Deel II Het Handvest van de grondrechten van de Unie -
Verklaring bij artikel I-9 Toetreding van de Unie tot het EVRM -

[ Begin pagina ] [ Vorige tekst ] [ Volgende ] [ Inhoudsopgave ]


Deze informatiebladen zijn voor de Europese Commissie juridisch niet bindend, beogen geen volledigheid en hebben geen interpretatieve waarde wat de tekst van de Conventie betreft.


Printbare versie | Juridische mededeling | Wat is er nieuw ? | Zoek | Contact | Index | Glossarium | Over deze site | Bovenkant pagina