Printbare versie | Juridische mededeling | Wat is er nieuw ? | Zoek | Contact | Index | Glossarium | Over deze site
Een Grondwet voor Europa Sla taalkeuze over en ga direct naar lijst met samenvattingen (toegangstoets=1)
EUROPA > Samenvattingen van de wetgeving > Het beleid van de Unie

DE OPBOUW VAN EUROPA AAN DE HAND VAN DE VERDRAGEN >

Het beleid van de Unie


Het economisch en monetair beleid


Inleiding
De Europese Centrale Bank
Het economisch beleid
Het monetair beleid
Een speciale regeling voor de eurozone
Vereenvoudiging van de betrokken teksten
Overige bepalingen
Overzichtstabel

INLEIDING

De Grondwet wijzigt het economisch en monetair beleid van de Unie op enkele punten, met name de volgende:

Het economisch en monetair beleid is tijdens de Conventie en de Intergouvernementele Conferentie (IGC) uitvoerig besproken. Dankzij de bereikte consensus zou de Unie het economisch beleid beter moeten kunnen coŲrdineren. De lidstaten die de euro hebben ingevoerd kunnen zelfstandiger besluiten nemen over zaken die hen betreffen, terwijl de andere lidstaten niet aan de stemming deelnemen. Hiertoe bevat de Grondwet een voorstel voor een nieuwe Grondwetsafdeling voor "de lidstaten die tot de eurozone behoren" en voor een Protocol betreffende de Eurogroep dat als bijlage bij de Grondwet is gevoegd.
Tot slot wordt bij het Verdrag tot vaststelling van een grondwet de stemming met gekwalificeerde meerderheid uitgebreid tot vrijwel alle bepalingen inzake het economisch en monetair beleid, met slechts enkele uitzonderingen.

[ Begin pagina ]

DE EUROPESE CENTRALE BANK

De Europese Centrale Bank wordt een van de instellingen van de Unie . In artikel I-30 over de ECB is een aantal bepalingen over de instellingen die al in deel III van de Grondwet voorkomen in ťťn artikel samengebracht, zodat zij voor de burger toegankelijker worden.

Aangezien de ECB op bepaalde gebieden juridisch bindende handelingen kan vaststellen en geraadpleegd wordt over elk voorstel voor een handeling van de Unie op gebieden die onder zijn bevoegdheid vallen, is de beslissing om aan de ECB de status van instelling toe te kennen een logische stap.

Het feit dat de ECB een instelling van de Unie wordt, verandert echter niets aan de structuur, de taken, de statuten en de doelstellingen van de ECB of het Europees Stelsel van Centrale Banken (ESCB). De ECB behoudt dus zijn onafhankelijkheid ten opzichte van de andere instellingen van de Unie en van de autoriteiten van de lidstaten. De ECB is nu reeds de enige Europese instelling met rechtspersoonlijkheid, en blijft dat.

In de Grondwet wordt nogmaals, en duidelijker, bevestigd dat de presidenten van de centrale banken van de lidstaten die de euro niet hebben ingevoerd, geen deel uitmaken van de Raad van Bestuur van de ECB (artikel III-84).

[ Begin pagina ]

HET ECONOMISCH BELEID

De coŲrdinatie van het economisch beleid van de lidstaten is vastgesteld in artikel I-15: De lidstaten coŲrdineren hun economisch beleid binnen de Unie. Daartoe stelt de Raad van Ministers maatregelen vast, met name globale richtsnoeren voor het economisch beleid (GREB). Voor de lidstaten die de euro als munt hebben, gelden bijzondere bepalingen.

Deel III, titel III, hoofdstuk II van de Grondwet is gewijd aan het economisch en monetair beleid. In artikel III-177 wordt de huidige definitie van het optreden van de lidstaten en de Unie op het gebied van het economisch en monetair beleid overgenomen.

In de bewoordingen van dat artikel en van artikel III-178, zal het economisch beleid van de Unie gebaseerd zijn op nauwe coŲrdinatie van het economisch beleid van de lidstaten, de interne markt en de bepaling van gemeenschappelijke doelstellingen. De lidstaten voeren hun economisch beleid om bij te dragen aan de verwezenlijking van de doelstellingen van de Unie. Het economisch beleid moet voldoen aan het beginsel van de open markteconomie met vrije mededinging. Zoals reeds het geval is, beschouwen de lidstaten hun economisch beleid als een vraagstuk van gemeenschappelijk belang (artikel III-179). De globale richtsnoeren van het economisch beleid vormen de centrale schakel van de coŲrdinatie.

Globale richtsnoeren voor het economisch beleid

De Grondwet bevat een aantal vernieuwingen met betrekking tot de globale richtsnoeren voor het economisch beleid (artikel III-179):

Buitensporige overheidstekorten

Ten aanzien van de procedure in geval van buitensporige tekorten worden in het Verdrag voor een Grondwet de volgende wijzigingen aangebracht (artikel III-184):

De Intergouvernementele Conferentie heeft een bij de slotakte van de IGC gevoegde verklaring opgesteld over het Stabiliteits- en groeipact. In die verklaring bevestigen de lidstaten dat zij zich zullen inzetten voor de doelstellingen van dat pact, en dat zij open staan voor voorstellen van de Commissie en de lidstaten die bedoeld zijn om de uitvoering van het Stabiliteits- en groeipact te versterken en te verduidelijken.

[ Begin pagina ]

HET MONETAIR BELEID

Met de Grondwet wordt het monetair beleid van de Unie op enkele punten gewijzigd. Allereerst wordt de euro officieel als de munteenheid en als een van de symbolen van de Unie aangewezen (artikel I-8).

De Grondwet voorziet verder in een duidelijke verdeling van de bevoegdheden van de Unie op het gebied van het monetair beleid, dat voor de lidstaten die de euro hebben ingevoerd onder de exclusieve bevoegdheid van de Unie valt (artikel I-13). De lidstaten die de euro niet hebben ingevoerd behouden hun bevoegdheid op monetair gebied.

Ten aanzien van de institutionele bepalingen blijven de taken en doelstellingen van het Europees Stelsel van Centrale Banken (ESCB) over het geheel genomen onveranderd (artikel III-185 tot en met III-191). In artikel I-30 wordt de term "eurostelsel" officieel gedefinieerd: het gaat daarbij om de ECB en de nationale centrale banken van de lidstaten die de euro als munt hebben. Tezamen voeren zij het monetair beleid van de Unie.

Bovendien wordt in de Grondwet een nieuwe juridische basis vastgesteld die niet alleen de goedkeuring dekt van maatregelen die nodig zijn voor de introductie van de euro, maar ook en vooral van maatregelen die nodig zijn voor het courante gebruik ervan. Deze nieuwe juridische basis vervangt de bestaande overgangsbepaling van artikel 123, lid 4, van het EG-Verdrag.

Ook moet worden opgemerkt dat in de Grondwet de bepalingen ten aanzien van de sluiting van monetaire overeenkomsten zijn verplaatst. Deze bevinden zich nu nog in het hoofdstuk over monetair beleid van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap (EG-Verdrag) en zijn verplaatst naar de titel betreffende de buitenlandse betrekkingen van de Unie (artikel III-326), zonder dat deze bepalingen inhoudelijk zijn gewijzigd.

[ Begin pagina ]

EEN SPECIFIEKE REGELING VOOR DE EUROZONE

De Conventie had voorgesteld de lidstaten waarvan de munteenheid de euro is, een grotere autonomie te geven, alsmede de mogelijkheid onderling binnen de Raad besluiten te nemen over vraagstukken die hun meer in het bijzonder aangaan vanwege het feit dat zij dezelfde munteenheid delen. De IGC heeft deze aanpak gevolgd en in de Grondwet is dus, in de artikelen III-194 tot en met III-196, een specifieke regeling vastgesteld die alleen geldt voor de lidstaten van de eurozone. Deze lidstaten kunnen voortaan maatregelen nemen ter versterking van de coŲrdinatie van en het toezicht op hun begrotingsdiscipline, en meer concrete richtsnoeren vaststellen voor hun economisch beleid, met dien verstande dat deze verenigbaar moeten zijn met de richtsnoeren die voor de gehele Unie zijn vastgesteld.

Volgens deze artikelen kan de Raad over de volgende bepalingen besluiten nemen via een stemming die uitsluitend onder de lidstaten van de eurozone wordt gehouden, dus zonder dat de overige lidstaten daaraan deelnemen:

Dat alleen de lidstaten die de euro als munteenheid hebben, besluiten kunnen nemen over vraagstukken die hen betreffen, vormt een belangrijke en noodzakelijke stap voorwaarts. Sinds de toetreding van de tien nieuwe lidstaten tot de Unie zijn de twaalf landen van de eurozone binnen de Raad immers in de minderheid, tot het moment waarop de nieuwe lidstaten voldoen aan de convergentiecriteria voor de invoering van de Europese munteenheid. Dankzij deze bepaling kunnen gedurende deze periode bepaalde besluiten worden genomen door de landen waarop deze besluiten betrekking hebben.

Bovendien is in de afdeling met overgangsbepalingen van de Grondwet het aantal gevallen uitgebreid waarin het stemrecht van de lidstaten buiten de eurozone wordt geschorst. Dit geldt niet alleen in de hierboven genoemde situaties, maar vooral voor de aanbevelingen die in het kader van het multilaterale toezicht tot de lidstaten van de eurozone worden gericht, alsmede voor alle maatregelen in verband met buitensporige tekorten (artikel III-197, lid 4).

Tot slot wordt de rol van de lidstaten van de eurozone ook versterkt wat betreft de toelating van een staat tot de eurozone. Voordat de Raad in zijn volledige samenstelling daarover kan beslissen, moet hij een aanbeveling van de lidstaten van de eurozone krijgen, die bij gekwalificeerde meerderheid besluiten.

De rol van de Eurogroep

Artikel III-195 verwijst naar een protocol betreffende de Eurogroep dat bij de Grondwet is gevoegd en waarin de voorwaarden voor de vergaderingen van de ministers van de lidstaten van de eurozone zijn vastgesteld. Niettemin is de Eurogroep, hoewel hij voor het eerst in het Verdrag wordt genoemd, geen officiŽle groep van de Raad. De Grondwet beperkt zich er veeleer toe de huidige praktijk te bevestigen wat het houden van informele vergaderingen betreft. OfficiŽle besluiten worden dan ook nog steeds binnen de Raad van Ministers genomen.

Op de informele vergaderingen van de Eurogroep kan een versterkte dialoog worden gevoerd over aangelegenheden die verband houden met de specifieke bevoegdheden van deze lidstaten. De Commissie neemt ambtshalve deel aan deze vergaderingen, en ook de ECB wordt ervoor uitgenodigd. De enige innovatie op dit gebied betreft het feit dat de Eurogroep een voorzitter kiest voor een periode van twee en een half jaar, bij meerderheid van zijn lidstaten.

[ Begin pagina ]

VEREENVOUDIGING VAN DE BETROKKEN TEKSTEN

Wat de overgangsbepalingen betreft, is de tekst in de Grondwet grondig gewijzigd (artikelen 116 tot en met 124 van het EG-Verdrag).
Alle bepalingen betreffende de eerste twee fasen van de Economische en Monetaire Unie, die met de invoering van de euro overbodig zijn geworden, zijn geschrapt.
In het Verdrag tot vaststelling van een Grondwet staan de overgangsmaatregelen voortaan in de artikelen III-197 tot en met III-202. Deze artikelen gelden voor lidstaten die onder een derogatie vallen, dat wil zeggen lidstaten waarvan de euro nog niet de munteenheid is. In deze artikelen is nu het volgende vastgelegd:

Deze bepalingen worden in de Grondwet aanzienlijk vereenvoudigd en zo voor de burger leesbaarder en begrijpelijker gemaakt, zonder dat de kern ervan wordt gewijzigd.

[ Begin pagina ]

OVERIGE BEPALINGEN

In de Grondwet wordt het aantal met gekwalificeerde meerderheid van stemmen te nemen besluiten uitgebreid . Voor slechts enkele bepalingen blijft de eenparigheid van stemmen binnen de Raad gelden, namelijk voor:

De grondwet geeft tevens het Europees Parlement een grotere rol door de gewone wetgevingsprocedure ook toe te passen op de volgende bepalingen:

[ Begin pagina ]

OVERZICHTSTABEL

Artikelen Onderwerp Opmerkingen
I-8 De symbolen van de Unie Nieuwe bepalingen
I-13 De exclusieve bevoegdheden -
I-15 De coŲrdinatie van het economisch beleid en het werkgelegenheidsbeleid -
I-30 De Europese Centrale Bank Belangrijke wijzigingen
III-177 Het economisch en monetair beleid - algemeen -
III-178 tot en met III-184 Het economisch beleid Belangrijke wijzigingen
III-185 tot en met III-191 Het monetair beleid -
III-192 tot en met III-193 Institutionele bepalingen Belangrijke wijzigingen
III-194 tot en met III-196 Specifieke bepalingen voor de lidstaten die tot de eurozone behoren Nieuwe bepalingen
III-197 tot en met III-202 Overgangsbepalingen -
III-382 tot en met III-383 ECB - institutionele bepalingen -
Protocol betreffende de Eurogroep De voorwaarden waaronder de Eurogroep vergadert Nieuwe bepalingen
Verklaring over het stabiliteits- en groeipact Stabiliteits- en groeipact -

[ Begin pagina ] [ Vorige tekst ] [ Volgende ] [ Inhoudsopgave ]


Deze informatiebladen zijn voor de Europese Commissie juridisch niet bindend, beogen geen volledigheid en hebben geen interpretatieve waarde wat de tekst van de Grondwet betreft.


Printbare versie | Juridische mededeling | Wat is er nieuw ? | Zoek | Contact | Index | Glossarium | Over deze site | Bovenkant pagina