Navigation path

Left navigation

Additional tools

Europese Commissie - Toespraak

VOORZITTER JEAN-CLAUDE JUNCKER: Toespraak over de staat van de Unie 2017*

Brussel, 13 september 2017

1

INLEIDING — DE WIND IN ONZE ZEILEN

Geachte voorzitter, geachte leden van het Europees Parlement,

Toen ik hier vorig jaar voor u stond, was de boodschap die ik in mijn toespraak bracht, in zekere zin eenvoudiger.

Het was voor iedereen immers zonneklaar dat onze Unie er niet goed voor stond.

Europa was zwaar gehavend uit een jaar gekomen dat ons op onze grondvesten had doen daveren.

We hadden maar twee keuzes. Ons verenigen rond een positieve Europese agenda of ons terugtrekken, elk in zijn eigen hoek.

Mijn antwoord op deze keuze was een pleidooi voor eenheid.

Ik stelde een positieve agenda voor om – zoals ik vorig jaar zei – te komen tot een Europa dat ons beschermt, een Europa dat ons sterker maakt, een Europa dat ons verdedigt.

De afgelopen twaalf maanden heeft het Europees Parlement deze agenda mee leven ingeblazen. En we vorderen gestaag, dag na dag. Gisteravond nog was u aan het werk om een akkoord te bereiken over handelsbeschermingsinstrumenten en over het verdubbelen van de Europese investeringscapaciteit. En u bent daarin geslaagd. Dank daarvoor.

Ook de 27 leiders van onze lidstaten ben ik dank verschuldigd. De toespraak over de toestand van de Unie lag nog maar enkele dagen achter ons, of zij toonden zich op hun Top in Bratislava al ingenomen met mijn agenda. Daarmee trokken ook zij de kaart van de eenheid, van vereniging rond een gemeenschappelijke basis.

Samen hebben we laten zien dat Europa wel degelijk in staat is de verwachtingen van zijn burgers in te lossen wanneer en waar dat ertoe doet.

Sindsdien winnen we langzaam maar zeker aan kracht.

Dat de economische vooruitzichten in ons voordeel uitpakten, was zeker een meevaller.

Het economisch herstel is inmiddels aan zijn vijfde jaar toe en wordt echt voelbaar in elke lidstaat.

De afgelopen twee jaar lag de groei in de Europese Unie hoger dan die in de Verenigde Staten, met een percentage van ruim 2% voor de EU als geheel en 2,2% voor de monetaire ruimte.

De werkloosheid is in negen jaar nooit zo laag geweest als nu. Tijdens deze ambtsperiode zijn tot nog toe bijna 8 miljoen banen gecreëerd. Momenteel zijn in de Europese Unie 235 miljoen mensen aan het werk, meer dan ooit tevoren.

Dit is niet alleen op het conto van de Europese Commissie te schrijven. Hoewel ik ervan overtuigd ben dat, als er 8 miljoen banen verloren zouden zijn gegaan, wij daarvoor de rekening gepresenteerd hadden gekregen.

Mede door de Europese instellingen is de wind gekeerd.

Het Europees Investeringsplan, dat tot dusver 225 miljard euro aan investeringen heeft opgeleverd, is onze verdienste. Dankzij dit plan hebben meer dan 450 000 kleine bedrijven en ruim 270 infrastructuurprojecten een lening gekregen.

Het is onze verdienste dat dankzij vastberaden optreden de Europese banken weer kapitaalkrachtig genoeg zijn om ondernemingen leningen te verstrekken waarmee groei en banen kunnen worden gecreëerd.

De daling van het overheidstekort van 6,6% naar 1,6% is eveneens onze verdienste en is terug te voeren op de intelligente toepassing van het stabiliteits- en groeipact. We vragen begrotingsdiscipline maar zien er nauwlettend op toe dat de groei niet in de kiem wordt gesmoord. Dit blijkt over de hele Unie goed te werken – alle kritiek ten spijt.

Tien jaar na het toeslaan van de crisis zien we dat Europa's economie eindelijk herstelt.

En daarmee ook ons vertrouwen.

De leiders van onze 27 lidstaten, het Parlement en de Commissie geven de Unie haar Europese dimensie terug. En samen geven we de Unie haar unie terug.

Het afgelopen jaar zagen we hoe onze 27 leiders op het Capitool in Rome hun geloften aan elkaar en aan onze Unie hernieuwden.

Dit alles sterkt mij in de overtuiging: Europa heeft de wind weer in de zeilen.

We hebben nu een kans die we niet mogen missen.

Wij moeten deze kans met beide handen aangrijpen, de wind in onze zeilen vangen.

En daarvoor moeten we twee dingen doen:

Ten eerste: de koers aanhouden die vorig jaar is uitgezet. Er resten ons – Parlement, Raad en Commissie – nog 16 maanden om reële vooruitgang te boeken. We moeten die tijd benutten om af te maken waarmee we in Bratislava zijn begonnen en moeten onze eigen positieve agenda uitvoeren.

Ten tweede: de koers uitzetten voor de toekomst. Om het met Mark Twain te zeggen: over twintig jaar zullen we meer teleurgesteld zijn over wat we niet hebben gedaan dan over wat we wel hebben gedaan. De tijd om te bouwen aan een meer verenigd, een sterker en een democratischer Europa voor 2025 is nu aangebroken.

 

DE KOERS AANHOUDEN

Geachte voorzitter, geachte Parlementsleden,

Als we naar de toekomst kijken, mogen we ons niet uit koers laten brengen.

We zijn vertrokken met de bedoeling een energie-unie, een veiligheidsunie, een kapitaalmarktenunie, een bankenunie en een digitale eengemaakte markt tot stand te brengen. Inmiddels zijn we samen al ver gekomen.

Het Parlement heeft zelf kunnen vaststellen dat de Commissie al 80% van de voorstellen die zij aan het begin van haar mandaatsperiode had beloofd, heeft ingediend. We moeten nu samenwerken om de voorstellen in recht om te zetten en het recht in de praktijk te brengen.

Zoals altijd wordt dit een proces van geven en nemen. De voorstellen van de Commissie om het gemeenschappelijk asielstelsel te hervormen en de regels over de detachering van werknemers aan te scherpen, heeft tot controverse geleid – daar ben ik me van bewust. Om een goed resultaat te bereiken, zullen alle partijen het hunne moeten bijdragen zodat ze dichter bij elkaar kunnen komen. Ik kan u vandaag zeggen dat zolang het eindresultaat onze Unie ten goede komt en billijk is voor alle lidstaten, de Commissie zich compromisbereid zal opstellen.

Wij zijn inmiddels klaar om de resterende 20% van de initiatieven tegen mei 2018 op tafel te leggen.

Vanochtend heb ik een intentieverklaring met een overzicht van de prioriteiten voor het komende jaar toegezonden aan de voorzitter van het Europees Parlement en aan de premier van Estland – die ik lof wil toezwaaien vanwege zijn krachtige inzet voor Europa.

Ik ben niet van plan – en het zou trouwens onmogelijk zijn – om al deze voorstellen hier op te sommen, maar ik wil er toch graag vijf nader toelichten vanwege het grote belang ervan.

In de eerste plaats wil ik onze Europese handelsagenda versterken.

Ja, Europa stelt zich open voor bedrijven. Maar er moet sprake zijn van wederkerigheid. Voor wat hoort wat.

Handel is niet iets abstracts. Handel gaat over banen, over het creëren van mogelijkheden voor Europese bedrijven, of die nu groot zijn of klein. Met elk extra miljard euro aan uitvoer worden 14 000 extra banen in Europa ondersteund.

Handel gaat over het exporteren van onze normen – op sociaal of op milieugebied – over gegevensbescherming en over voedselveiligheidsvoorschriften.

Europa is altijd een aantrekkelijke plek geweest om zaken te doen.

Maar sinds vorig jaar staan partners van over de hele wereld in de rij om handelsovereenkomsten met ons te sluiten.

Met de hulp van dit Parlement hebben we recent een handelsovereenkomst met Canada gesloten die vanaf volgende week voorlopig van toepassing zal zijn. Met Japan hebben we een politiek akkoord over een toekomstig economisch partnerschap bereikt. En we hebben er goede hoop op dat eind dit jaar een vergelijkbare regeling op tafel zal liggen voor Mexico en landen in Zuid-Amerika.

Vandaag stellen wij voor om handelsonderhandelingen te openen met Australië en Nieuw-Zeeland.

Ik wil dat al deze overeenkomsten voor het einde van deze mandaatsperiode worden afgerond en dat de onderhandelingen in alle transparantie verlopen.

Open handel moet hand in hand gaan met open beleidsvorming.

Het Europees Parlement krijgt het laatste woord over alle handelsovereenkomsten. Dat betekent dat de leden van het Europees Parlement, net als de leden van de nationale en regionale parlementen, vanaf dag één volledig op de hoogte moeten worden gehouden. De Commissie zal daarop toezien.

In het vervolg zal de Commissie alle onderhandelingsmandaten die we aan de Raad voorstellen, integraal bekend maken.

De burger heeft het recht te weten wat de Commissie voorstelt. Het moet uit zijn met het gebrek aan transparantie. Het moet uit zijn met de geruchten, met het steeds in twijfel trekken van de beweegredenen van de Commissie.

Ik roep de Raad op om dit voorbeeld te volgen zodra hij de definitieve onderhandelingsmandaten vaststelt.

Ik zeg het eens en voor altijd: wij zijn geen naïeve aanhangers van vrije handel.

Europa moet zijn strategische belangen te allen tijde verdedigen.

Daarom stellen wij vandaag een nieuw EU-kader voor het screenen van investeringen voor. Indien een buitenlands overheidsbedrijf in Europa een haven, energie-infrastructuur of defensietechnologiebedrijf wil kopen, moet dit proces plaatsvinden in een kader van transparantie, controle en debat. Het is een kwestie van politieke verantwoordelijkheid te weten wat er gaande is in onze eigen achtertuin, zodat we onze collectieve veiligheid zo nodig kunnen beschermen.

 

In de tweede plaats wil de Commissie onze industrie sterker en concurrerender maken.

Dit geldt met name voor onze maakindustrie en de 32 miljoen werknemers die de ruggengraat van deze sector vormen. Zij maken de producten van wereldklasse die ons een voordeel bezorgen ten opzichte van onze concurrenten. Onze auto's bijvoorbeeld.

Ik ben trots op onze auto-industrie. Maar ik ben geschokt als consumenten willens en wetens worden misleid. Ik doe een oproep tot de auto-industrie om open kaart te spelen en de situatie recht te zetten. In plaats van op zoek te gaan naar lacunes in de regelgeving, zou zij moeten investeren in de schone auto's van morgen.

Geachte Parlementsleden, de nieuwe strategie voor het industriebeleid die we vandaag presenteren, zal onze industrie helpen om de nummer 1 te blijven, of te worden, op het gebied van innovatie, digitalisering en het koolstofvrij maken van de economie.

 

Ten derde: ik wil dat Europa het voortouw neemt in de strijd tegen de klimaatverandering.

Vorig jaar hebben we de mondiale spelregels vastgelegd in de Overeenkomst van Parijs, die hier, in het Europees Parlement, is geratificeerd. De Verenigde Staten hebben die ambitie niet langer, maar Europa moet ervoor zorgen dat we onze planeet – het gemeenschappelijke erfgoed van de hele mensheid – weer groots maken.

De Commissie zal binnenkort voorstellen voorleggen ter verlaging van de koolstofuitstoot van onze vervoerssector.

 

Vierde prioriteit voor het komende jaar: ik wil dat we de Europese burger in het digitale tijdperk beter beschermen.

De afgelopen jaren hebben we duidelijke vooruitgang geboekt wat betreft de veiligheid van de Europese burger online. De nieuwe, door de Commissie voorgestelde regels zullen ons intellectueel eigendom, onze culturele diversiteit en onze persoonsgegevens beschermen. Wij hebben de strijd tegen terroristische propaganda en radicalisering via internet opgevoerd. Dat alles neemt echter niet weg dat Europa nog steeds niet goed gewapend is tegen cyberaanvallen.

Cyberaanvallen kunnen gevaarlijker zijn voor de stabiliteit van democratieën en economieën dan geweren en tanks. Alleen al vorig jaar werden er meer dan 4 000 ransomware-aanvallen per dag geteld en kreeg 80% van de Europese ondernemingen af te rekenen met ten minste één incident op het gebied van cyberveiligheid.

Cyberaanvallen kennen geen grenzen en ontzien niemand. Daarom komt de Commissie vandaag met nieuwe instrumenten, waaronder een Europees agentschap voor cyberveiligheid, om ons te beschermen tegen dergelijke aanvallen.

 

Ten vijfde: migratie moet op de radar blijven.

Ondanks de discussie en de controverse waarmee dit onderwerp gepaard gaat, is het toch gelukt goede vooruitgang te boeken, maar op veel terreinen helaas nog te weinig.

De buitengrenzen van Europa worden nu beter beveiligd. Meer dan 1 700 medewerkers van de nieuwe Europese grens- en kustwacht bieden inmiddels ondersteuning aan de patrouilles van de 100 000 nationale grenswachten in landen als Griekenland, Italië, Bulgarije en Spanje. We hebben gemeenschappelijke grenzen, maar bij het beschermen daarvan mogen we de lidstaten die direct aan de buitengrenzen liggen, niet aan hun lot overlaten. Gemeenschappelijke grenzen en gezamenlijke bescherming moeten hand in hand gaan.

De instroom van irreguliere migranten, waarover velen zich ernstig zorgen hebben gemaakt, hebben we weten in te dammen. Het aantal irreguliere migranten dat via de oostelijke Middellandse Zee binnenkomt, is dankzij de overeenkomst met Turkije met 97% gedaald. Sinds deze zomer hebben we de route via het centrale Middellandse Zeegebied beter onder controle gekregen, waardoor er in augustus 81% minder migranten binnen zijn gekomen dan in augustus vorig jaar.

Daardoor is ook het aantal in de Middellandse Zee omgekomen migranten drastisch gedaald.

Als ik het over migratie heb, moet ik allereerst mijn grote dank betuigen aan de Italianen voor hun onvermoeibare en nobele inspanningen. De voorbije zomermaanden heeft de Commissie in perfecte harmonie met de Italiaanse premier, mijn vriend Paolo Gentiloni, en zijn kabinet samengewerkt om de situatie onder controle te brengen. We zullen dat ook blijven doen, want Italië redt de eer van Europa in het Middellandse Zeegebied.

We moeten ook met spoed de leefomstandigheden van migranten in Libië verbeteren. Ik ben geschokt door de onmenselijke situatie in de detentie- en opvangcentra. Europa heeft hier een verantwoordelijkheid – een gezamenlijke verantwoordelijkheid. De Commissie zal met de Verenigde Naties samenwerken om een eind te maken aan deze schandalige situatie, die geen moment langer mag voortduren.

Europa is zich gezamenlijk solidair blijven betonen, hoewel het mij verdriet doet dat nog niet alle lidstaten aan die solidariteit hun bijdrage leveren. Alleen al vorig jaar hebben de lidstaten meer dan 720 000 vluchtelingen hervestigd, of hun asiel verleend – driemaal zoveel als de Verenigde Staten, Canada en Australië bij elkaar. Hoewel sommigen er anders over denken, is Europa geen versterkte burcht en mag het dat nooit worden. Europa is een continent van solidariteit waar degenen die vluchten voor vervolging een toevluchtsoord kunnen vinden, en dat moet zo blijven.

Ik ben erg trots op de Europese jongeren die vrijwillig taalcursussen geven aan Syrische vluchtelingen en op de duizenden andere jonge mensen die deel uitmaken van het nieuwe Europese Solidariteitskorps. Deze jonge mensen brengen leven en kleur in de Europese solidariteit.

Maar we moeten ons nu nog krachtiger inspannen. Eind deze maand komt de Commissie met nieuwe voorstellen, waarbij de nadruk ligt op terugkeer, solidariteit met Afrika en nieuwe mogelijkheden voor legale migratie.

Wat terugkeer betreft, zou ik nogmaals willen zeggen dat mensen die in Europa geen verblijfsrecht hebben, moeten terugkeren naar hun land van herkomst. Slechts 36% van de irreguliere migranten blijkt echter terug te keren, dus we moeten daar veel harder aan werken. Alleen dan kan Europa solidariteit tonen met vluchtelingen die werkelijk bescherming nodig hebben.

Solidariteit mag niet alleen binnen Europa gelden. We moeten ook solidair zijn met Afrika. Afrika is een prachtig continent, een continent met een jonge bevolking, de wieg van de mensheid. Met de 2,7 miljard euro van het trustfonds EU–Afrika creëren we werkgelegenheid op het hele continent. Het leeuwendeel van het budget is door de EU-begroting voorgeschoten, maar de lidstaten hebben gezamenlijk nog maar 150 miljoen euro bijgedragen. Het fonds bereikt nu zijn grenzen. We weten – of we zouden moeten weten – waar een gebrek aan financiering toe kan leiden: toen de middelen van het wereldvoedselprogramma van de VN in 2015 opraakten, kwam een grote migrantenstroom naar Europa op gang. Ik dring er bij alle lidstaten op aan de daad bij het woord te voegen en het trustfonds voor Afrika niet hetzelfde lot te laten ondergaan. Het risico is groot.

We zorgen ook voor nieuwe legale migratiemogelijkheden. We kunnen irreguliere migratie alleen stoppen als er reële alternatieven komen voor de gevaarlijke overtocht. Er zijn bijna 22 000 vluchtelingen vanuit Turkije, Jordanië en Libanon hervestigd in Europa en ik schaar mij achter de oproep van de hoge commissaris van de VN voor de vluchtelingen om vanuit Libië en de omringende landen nog eens 40 000 vluchtelingen te hervestigen.

Tegelijkertijd is legale migratie een absolute noodzaak voor het vergrijzende Europa. De Commissie heeft het daarom voor gekwalificeerde migranten gemakkelijker gemaakt om naar Europa te komen met een blauwe kaart. Ik zou het Parlement willen bedanken voor zijn steun in dezen.

 

DE ZEILEN HIJSEN

Geachte voorzitter,

Dames en heren,

Geachte Parlementsleden,

Ik heb slechts enkele van de initiatieven genoemd die we de komende zestien maanden willen en moeten realiseren. Maar daarmee alleen kunnen we de Europeanen nog niet voor ons winnen.

We moeten nu de koers uitzetten voor de toekomst.

De Commissie heeft in maart haar Witboek over de toekomst van Europa gepresenteerd, waarin vijf scenario's zijn opgenomen voor de manier waarop Europa in de periode tot 2025 zou kunnen evolueren. Deze scenario's zijn besproken, soms oppervlakkig, soms heftig. Ze zijn kritisch bestudeerd en voor een deel in de grond geboord. Daar is niets mis mee, want daarvoor waren ze opgesteld. Mijn bedoeling was een proces op gang te brengen waarin de Europeanen hun eigen koers uitzetten en hun eigen toekomst bepalen.

Want de toekomst van Europa kan niet per decreet worden opgelegd. De toekomst van Europa moet het resultaat zijn van een democratisch debat en uiteindelijk een brede consensus. Dit Parlement heeft aan dat proces actief deelgenomen. U hebt drie ambitieuze resoluties over de toekomst van Europa aangenomen, waarvoor ik in het bijzonder de rapporteurs mijn dank wil betuigen. Ik bedank ook alle collega's die hebben bijgedragen aan de ruim tweeduizend openbare evenementen overal in Europa die de Commissie sinds maart heeft georganiseerd.

Het is nu tijd om de eerste conclusies trekken uit dit debat. Om van bezinning over te gaan tot actie. Van debat tot besluit.

Vandaag wil ik u mijn visie geven: mijn eigen „zesde scenario”, zogezegd.

Dit scenario is gebaseerd op tientallen jaren ervaring uit de eerste hand. Ik heb altijd voor het Europese project geleefd, gevochten en gewerkt. Ik heb zowel goede als slechte tijden gezien en meegemaakt.

Ik heb aan alle kanten van de vergadertafel gezeten: als minister, als premier, als voorzitter van de eurogroep, en nu als voorzitter van de Commissie. Ik was erbij in Maastricht, Amsterdam, Nice en Lissabon, bij de ontwikkeling en uitbreiding van de Unie.

Ik heb altijd voor Europa gevochten. Ik heb bij tijd en wijle geleden voor Europa. En zelfs gewanhoopt over Europa.

Bij voor- en tegenspoed heb ik mijn liefde voor Europa nooit verloren.

Maar liefde komt, zoals we weten, zelden zonder pijn.

Liefde voor Europa, want Europa en de Europese Unie hebben iets bereikt wat in onze verbrokkelende wereld uniek is: vrede binnen en vrede buiten Europa. Welvaart voor velen, zij het niet voor allen.

We mogen dat in het Europees jaar van het cultureel erfgoed niet vergeten. 2018 moet een jaar zijn om onze culturele diversiteit te vieren.

 

 

EEN UNIE VAN WAARDEN

Onze waarden zijn ons kompas.

Europa is voor mij meer dan alleen maar een eengemaakte markt. Meer dan geld, meer dan een munteenheid, meer dan de euro. Het ging altijd over waarden.

Mijn zesde scenario gaat dan ook uit van drie fundamentele beginselen, drie rotsvaste principes: vrijheid, gelijkheid en de rechtsstaat.

 

Europa is allereerst een Unie van vrijheid. Vrijheid van de onderdrukking en dictatuur die ons continent maar al te goed kent, en de mensen in de Midden- en Oost-Europese landen helaas het meest van ons allemaal. De vrijheid voor iedereen, als burger of als journalist, om je mening te uiten — een vrijheid die wij al te vaak vanzelfsprekend vinden. Op deze vrijheden is onze Unie gegrondvest. Maar vrijheid komt niet uit de lucht vallen. Voor vrijheid moet je vechten. In Europa en overal ter wereld.

 

Ten tweede moet Europa een Unie van gelijkheid en een Unie van gelijken zijn.

Gelijkheid tussen de leden, groot of klein, oost of west, noord of zuid.

Vergis je niet: Europa strekt zich uit van Vigo tot Varna. Van Spanje tot Bulgarije.

Van oost tot west: Europa moet met beide longen ademen. Anders komt ons continent in ademnood.

In een Unie van gelijken horen er geen tweederangsburgers te zijn. Het is onaanvaardbaar dat er in 2017 nog steeds kinderen sterven aan ziekten die in Europa allang hadden moeten zijn uitgeroeid. Kinderen in Roemenië en Italië moeten net zo goed toegang hebben tot vaccins tegen mazelen als kinderen in andere Europese landen. Zonder mitsen of maren. We werken daarom met alle lidstaten samen om hun nationale vaccinatiecampagnes te steunen. Vermijdbare sterfgevallen mogen in Europa niet voorkomen.

In een Unie van gelijken horen er geen tweederangswerknemers te zijn. Werknemers moeten voor hetzelfde werk op dezelfde plek hetzelfde loon krijgen. De Commissie heeft daarom nieuwe EU-regels voor detachering van werknemers voorgesteld. We moeten ervoor zorgen dat alle EU-regels voor arbeidsmobiliteit worden gehandhaafd op een eerlijke, eenvoudige en doeltreffende manier. Daarvoor is een nieuw Europees orgaan voor inspectie en handhaving nodig. Het is toch absurd dat we wel een Bankautoriteit hebben die toezicht houdt op de normen voor het bankwezen, maar geen gemeenschappelijke Arbeidsautoriteit die toeziet op eerlijkheid in de eengemaakte markt. Wij zullen zo'n autoriteit oprichten.

In een Unie van gelijken horen er ook geen tweederangsconsumenten te zijn. Ik kan niet aanvaarden dat er aan de mensen in sommige delen van Europa, in Midden- en Oost-Europa, levensmiddelen worden verkocht van mindere kwaliteit dan in andere landen, terwijl merk en verpakking identiek zijn. Slowaken verdienen niet dat er minder vis in hun vissticks zit, Hongaren dat hun maaltijd minder vlees bevat, of Tsjechen dat hun chocolade een lager cacaogehalte heeft. Volgens de EU-wetgeving zijn zulke praktijken al verboden. We moeten de nationale autoriteiten nu dus meer bevoegdheden geven om deze illegale praktijken te bestrijden, waar ze ook voorkomen.

 

Ten derde is in Europa het recht van de sterkste vervangen door de kracht van het recht.

De rechtsstaat houdt in dat de wet en het recht worden gehandhaafd door een onafhankelijke rechterlijke macht.

Een Unie die gebaseerd is op de rechtsstaat houdt in dat we het definitieve oordeel van de rechter aanvaarden en respecteren. Onze lidstaten hebben de bevoegdheid om een definitief oordeel te vellen aan het Europees Hof van Justitie gegeven. De uitspraken van het Hof moeten door iedereen worden gerespecteerd. Die uitspraken ondermijnen, of de onafhankelijkheid van de nationale rechters ondermijnen, komt erop neer dat we de burgers hun grondrechten afnemen.

De rechtsstaat is in de Europese Unie geen optie. Het is een noodzaak.

Onze Unie is geen staat, maar zij moet wel een rechtsgemeenschap zijn.


 

EEN MEER VERENIGDE UNIE

Deze drie beginselen – vrijheid, gelijkheid en de rechtsstaat – moeten het fundament blijven waarop we een meer verenigde, sterkere en meer democratische Unie bouwen.

Wanneer we het hebben over de toekomst, weet ik uit ervaring dat „nieuwe verdragen” of „nieuwe instellingen” niet is wat de mensen willen horen. Zulke oplossingen zijn niets meer of minder dan een middel om het doel te bereiken. Misschien zijn ze iets wat voor ons hier in Straatsburg of Brussel betekenis heeft, maar anderen hebben er weinig aan.

Institutionele hervormingen vind ik alleen interessant als ze de Europese Unie efficiënter maken.

In plaats van ons in te dekken met oproepen om de verdragen te wijzigen (wat sowieso onvermijdelijk is) moeten we allereerst iets veranderen aan de mentaliteit dat je alleen kunt winnen ten koste van een ander.

Democratie betekent compromissen sluiten. Met het juiste compromis wint uiteindelijk iedereen. Een meer verenigde Unie betekent dat we compromissen niet moeten zien als iets negatiefs, maar als de kunst om verschillen te overbruggen. De democratie kan zonder compromissen niet functioneren. Europa kan zonder compromissen niet functioneren.

Een meer verenigde Unie moet ook inclusiever zijn.

Als we onze buitengrenzen willen beschermen en daarom nog meer willen versterken, dan moeten we het Schengengebied van vrij verkeer onmiddellijk openstellen voor Bulgarije en Roemenië. Kroatië moet een volwaardige Schengenlidstaat kunnen worden zodra aan alle criteria is voldaan.

Als we willen dat de euro ons continent verenigt en niet verdeelt, moet hij meer zijn dan de munt van een selecte groep landen. Het is de bedoeling dat de euro de munteenheid wordt van de hele Europese Unie. Op twee na mogen en moeten alle lidstaten tot de euro toetreden zodra zij aan alle voorwaarden voldoen.

Lidstaten die de euro willen invoeren, moeten dat kunnen doen. Ik stel daarom voor een instrument voor toetreding tot de euro in het leven te roepen, dat technische en ook financiële bijstand biedt.

Als het de bedoeling is dat alle banken in Europa volgens dezelfde regels en onder hetzelfde toezicht opereren, dan moeten wij alle lidstaten aanmoedigen zich bij de bankenunie aan te sluiten. We moeten de risico's terugdringen die in de bankenstelsels van sommige lidstaten nog bestaan. De bankenunie kan slechts functioneren als risicobeperking en risicodeling hand in hand gaan. Zoals iedereen weet, kan dat alleen als wordt voldaan aan de voorwaarden die de Commissie in november 2015 heeft voorgesteld. Om een gemeenschappelijk depositoverzekeringsstelsel op touw te zetten, moet iedereen eerst zijn nationale huiswerk hebben gemaakt.

Om sociale versnippering en sociale dumping in Europa te voorkomen, zouden de lidstaten het zo snel mogelijk eens moeten worden over een Europese pijler van sociale rechten. Uiterlijk zou dat op de top van Göteborg in november moeten gebeuren. De nationale sociale stelsels zullen nog lange tijd blijven verschillen en afzonderlijk blijven bestaan. Maar op zijn minst zouden we het eens moeten worden over een Unie voor Europese sociale normen, als gemeenschappelijke basis voor wat wij met ons allen op de eengemaakte markt sociaal billijk achten.

Ik ben er nog steeds vast van overtuigd dat Europa niet kan functioneren als werknemers worden tegengewerkt.

Dames en heren. Willen we meer stabiliteit in onze buurlanden, dan zullen we de landen van de westelijke Balkan ook een geloofwaardig vooruitzicht op uitbreiding moeten blijven geven.

Het is duidelijk dat er tijdens de mandaatsperiode van deze Commissie en dit Parlement geen verdere uitbreiding komt. Geen van de kandidaten is daar klaar voor. Maar daarna zal de Europese Unie meer dan 27 landen tellen. Toetredingskandidaten moeten aan de rechtsstaat, justitie en de grondrechten de allerhoogste prioriteit geven bij de onderhandelingen.

Dit betekent dat het EU-lidmaatschap van Turkije voor de afzienbare toekomst is uitgesloten.

Turkije verwijdert zich al enige tijd met rasse schreden van de Europese Unie.

Journalisten horen op redacties, niet in gevangenissen. Zij horen thuis waar vrijheid van meningsuiting heerst.

Tegen de machthebbers in Turkije zeg ik: laat onze journalisten vrij. En niet alleen die van ons. Stop ermee onze lidstaten te beledigen door hun leiders fascisten en nazi's te noemen. Europa is een continent van volwassen democratieën. Maar opzettelijke beledigingen zorgen voor wegversperringen. Ik krijg weleens de indruk dat Turkije met opzet wegversperringen creëert om Europa er de schuld van te kunnen geven als de toetredingsonderhandelingen mislukken.

Wij van onze kant zullen het grote Turkse volk en iedereen die bereid is om met ons samen te werken op basis van onze waarden, altijd de hand blijven reiken.

 

 

EEN STERKERE UNIE

Dames en heren,

Onze Unie moet ook sterker worden en daarvoor hebben we een sterkere interne markt nodig.

Wanneer het gaat om belangrijke eenheidsmarktkwesties zouden besluiten in de Raad vaker en vlotter met gekwalificeerde meerderheid van stemmen tot stand moeten komen – met gelijkwaardige inbreng van het Europees Parlement. Daarvoor hoeven we de Verdragen niet te wijzigen. De huidige verdragen bevatten zogeheten “passerelle”-clausules waardoor we in bepaalde gevallen voortaan kunnen stemmen met gekwalificeerde meerderheid in plaats van met eenparigheid – als de Europese Raad daartoe unaniem beslist.

Ook ben ik een groot voorstander van stemming met gekwalificeerde meerderheid voor besluiten over de gemeenschappelijke geconsolideerde heffingsgrondslag voor de vennootschapsbelasting, over de btw, over eerlijke belastingen voor de digitale industrie en over de belasting op financiële transacties.

 

Europa moet sneller en resoluter kunnen handelen en dat geldt ook voor de Economische en Monetaire Unie.

De eurozone is nu veerkrachtiger dan in de afgelopen jaren. We hebben nu het Europees Stabilisatiemechanisme (ESM). Het ESM moet nu geleidelijk evolueren tot een Europees Monetair Fonds, dat echter stevig moet worden verankerd in de regels en bevoegdheden van de Europese Unie. De Commissie zal daarvoor in december concrete voorstellen uitwerken.

We hebben een Europese minister van Economische Zaken en Financiën nodig. Een Europese minister die structurele hervormingen in onze lidstaten bevordert en ondersteunt. Hij of zij kan voortbouwen op het werk dat de Commissie sinds 2015 levert met de Ondersteuningsdienst voor structurele hervormingen. De nieuwe minister moet alle Europese financiële instrumenten coördineren die kunnen worden ingezet als een lidstaat door een recessie of een fundamentele crisis wordt getroffen.

Ik pleit niet voor zomaar een nieuwe functie. Ik pleit voor efficiëntie. De commissaris voor Economische en Financiële zaken – idealiter ook een vicevoorzitter – moet de rol op zich nemen van Minister van Economische Zaken en Financiën. Hij of zij moet ook de Eurogroep voorzitten.

De Europese minister van Economische Zaken en Financiën moet verantwoording afleggen aan het Europees Parlement.

Parallelle structuren hebben we niet nodig. We hebben geen begroting voor de eurozone nodig, maar wel een sterk begrotingsonderdeel voor de eurozone binnen de begroting van de EU.

Ik ben ook niet te vinden voor een afzonderlijk parlement voor de eurozone.

Het parlement van de eurozone is dit Europees Parlement.

 

De Europese Unie moet ook sterker staan in de strijd tegen het terrorisme. De afgelopen drie jaar hebben we reële vooruitgang geboekt. Maar we hebben nog niet de nodige middelen om snel te handelen bij grensoverschrijdende terreurdreigingen.

Daarom pleit ik voor het opzetten van een Europese inlichtingeneenheid, die ervoor zorgt dat informatie over terroristen en buitenlandse strijders automatisch wordt gedeeld tussen de inlichtingendiensten en met de politie.

Er valt ook veel voor te zeggen om het nieuwe Europees Openbaar Ministerie te belasten met de vervolging van grensoverschrijdende terreurmisdrijven.

 

Ik wil dat onze Unie op wereldvlak een sterkere rol gaat spelen. Om wereldwijd meer gewicht in de schaal te kunnen leggen, moeten we besluiten op het gebied van buitenlands beleid sneller kunnen nemen. Daarom wil ik dat de lidstaten bekijken welke besluiten op het gebied van buitenlands beleid met gekwalificeerde meerderheid in plaats van met eenparigheid kunnen worden genomen. Het Verdrag maakt dat reeds mogelijk, als alle lidstaten het willen. We moeten in het buitenlands beleid beslissingen nemen met gekwalificeerde meerderheid als we efficiënt willen werken.

En ik wil dat wij meer inspanningen leveren op het gebied van defensie. Er staat een nieuw Europees Defensiefonds op stapel. Er komt ook permanente gestructureerde samenwerking op het gebied van defensie. In 2025 hebben we een volwaardige Europese defensie-unie nodig. Zonder twijfel. Ook de NAVO wil dat.

 

Tot slot wil ik dat onze Unie zich meer bezighoudt met wat echt telt, voortbouwend op het werk dat de Commissie al heeft verricht. De burgers willen niet dat Europa hen in hun dagelijks leven lastigvalt door elk aspect ervan te reguleren. We moeten groot zijn voor grote zaken. We mogen niet komen aanzetten met een waslijst nieuwe initiatieven, of streven naar steeds meer bevoegdheden. We moeten bevoegdheden teruggeven aan de lidstaten waar dit zinvol is.

Daarom wilde deze Commissie van meet af aan groot zijn bij grote zaken en klein bij kleine zaken en bijgevolg heeft zij minder dan 25 nieuwe initiatieven per jaar gepresenteerd, terwijl dat er vroeger veel meer dan honderd waren.

Om het begonnen werk af te maken, zal ik nog deze maand een taskforce voor subsidiariteit en evenredigheid oprichten, die alle beleidsgebieden zeer kritisch zal bekijken om ervoor te zorgen dat we alleen daar optreden waar de EU meerwaarde biedt. De eerste vicevoorzitter, mijn vriend Frans Timmermans, met zijn bewezen staat van dienst op het gebied van betere regelgeving, krijgt de leiding over deze taskforce. De taskforce-Timmermans zou leden van dit parlement en van nationale parlementen moeten omvatten en moet over een jaar verslag uitbrengen.

 

EEN MEER DEMOCRATISCHE UNIE

Geachte Parlementsleden,

Mijnheer de voorzitter,

Onze Unie heeft een democratische sprong voorwaarts nodig.

Ik zou graag zien dat de Europese politieke partijen veel vroeger dan in het verleden campagne beginnen te voeren voor de volgende Europese verkiezingen. Al te vaak waren Europese verkiezingen niet meer dan de optelsom van nationale campagnes. De Europese democratie verdient beter.

Vandaag komt de Commissie met voorstellen voor nieuwe regels voor de financiering van politieke partijen en stichtingen. We mogen de zakken van de anti-Europese extremisten niet vullen. Wij moeten Europese partijen de middelen geven om zichzelf beter te organiseren.

Ik heb ook sympathie voor het idee van transnationale lijsten bij de Europese verkiezingen - hoewel ik besef dat dit bij velen hier niet in goede aarde valt. Ik zal proberen de voorzitter van mijn parlementsfractie warm te maken voor deze ambitie die Europa democratie en duidelijkheid zal verschaffen.

Ik ben tevens van oordeel dat we de komende maanden de nationale parlementen en het maatschappelijk middenveld op nationaal, regionaal en lokaal niveau intenser moeten betrekken bij het werk aan de toekomst van Europa. Zoals beloofd zijn de afgelopen drie jaar leden van de Commissie meer dan 650 keer op bezoek geweest bij de nationale parlementen. Zij debatteerden tevens mee in meer dan 300 interactieve burgerdialogen in ruim 80 steden in 27 lidstaten. Daarom ondersteun ik het idee van president Macron om in heel Europa in 2018 democratische conventies te organiseren.

Naarmate het debat op stoom komt, zal ik in 2018 persoonlijk bijzondere aandacht besteden aan Estland, aan Letland, aan Litouwen en aan Roemenië. Deze landen vieren dan hun honderdste verjaardag. Wie aan de toekomst van ons continent wil bouwen, moet onze gemeenschappelijke geschiedenis goed kennen en huldigen. Dit geldt ook voor die vier landen – zonder hen zou de Europese Unie niet compleet zijn.

De behoefte aan een sterkere democratie en meer transparantie heeft ook implicaties voor de Europese Commissie. Vandaag stuur ik het Europees Parlement een nieuwe gedragscode voor leden van de Commissie toe. In de nieuwe code wordt in de eerste plaats duidelijk gesteld dat commissarissen als kandidaat kunnen deelnemen aan de Europese verkiezingen op dezelfde voorwaarden als iedereen. De nieuwe code zal uiteraard de integriteitseisen voor commissarissen versterken, zowel tijdens als na hun mandaat.

Als je de Europese democratie wil versterken, kan je onmogelijk de bescheiden democratische vooruitgang ongedaan maken die is geboekt met het presenteren van topkandidaten – ‘Spitzenkandidaten'. Voor mij is deze ervaring voor herhaling vatbaar.

Meer democratie leidt tot meer efficiëntie. Europa zou beter functioneren als we de functie van voorzitter van de Europese Raad en voorzitter van de Europese Commissie zouden samensmelten.

Dit is niet gericht tegen mijn goede vriend Donald, met wie ik sinds het begin van mijn mandaat nauw en probleemloos heb samengewerkt. Dit is niet gericht tegen Donald of tegen mezelf.

Europa zou bevattelijker zijn met slechts één kapitein op het schip.

Eén voorzitter zou gewoon beter passen bij de essentie van onze Europese Unie, als zowel een Unie van staten als een Unie van burgers.

 

ONZE ROUTEKAART

Beste collega's,

De visie op een meer verenigd, sterker en democratischer Europa die ik hier schets, combineert elementen uit alle scenario's die ik hier in maart heb voorgesteld.

Maar onze toekomst moet meer zijn dan een simpel scenario, een schets of het zoveelste idee.

We moeten vandaag werken aan de Unie van morgen.

Vanochtend heb ik voorzitter Tajani, voorzitter Tusk en de roulerende voorzitterschappen van de Raad tussen nu en maart 2019 een routekaart gestuurd, waarin onze koers wordt uitgezet.

Een belangrijk aspect zijn de begrotingsplannen die de Commissie in mei 2018 zal presenteren. Ook hier hebben we een keuze:

of we werken aan de streefdoelen van de Unie in het strikte kader van de bestaande begroting, of we vergroten de begrotingscapaciteit van de Europese Unie zodat zij haar ambities beter kan waarmaken. Ik ben voor de tweede optie.

Op 29 maart 2019 verlaat het Verenigd Koninkrijk de Europese Unie. Dat wordt een triest en tragisch moment. Een moment dat we steeds zullen betreuren. Maar wij moeten de wens van de Britse bevolking eerbiedigen. Wij zullen vooruitgaan, we moeten vooruitgaan omdat de Brexit niet alles is. Omdat de Brexit niet de toekomst van Europa is.

Op 30 maart 2019 zullen wij een Unie van 27 lidstaten zijn. Ik stel voor dat we ons goed op dat moment voorbereiden, met de 27 lidstaten en binnen de EU-instellingen.

Luttele weken later, in mei 2019, vinden de verkiezingen voor het Europees Parlement plaats. De Europeanen hebben een afspraak met de democratie. Zij moeten naar de stembus met een duidelijk idee hoe de Europese Unie zich in de komende jaren zal ontwikkelen.

Daarom doe ik een oproep aan voorzitter Tusk en aan Roemenië, het land dat in de eerste helft van 2019 het voorzitterschap bekleedt, om op 30 maart 2019 in Roemenië een buitengewone top te houden. Ik hoop dat die zal worden gehouden in het prachtige Sibiu, ook bekend als Hermannstadt. Daar moeten wij dan samenkomen om de nodige besluiten te nemen voor een meer verenigd, sterker en democratischer Europa.

Ik hoop dat op 30 maart 2019 voor de Europeanen een Unie zal ontstaan waarin wij al onze gemeenschappelijke waarden verdedigen. Waarin alle lidstaten zonder uitzondering de rechtsstaat eerbiedigen. Waarin het lidmaatschap van de eurozone, de bankenunie en het Schengengebied voor allen de norm is geworden.

Waarin we de fundamenten van de Economische en Monetaire Unie hebben verstevigd zodat wij onze eenheidsmunt in goede en kwade tijden kunnen verdedigen, zonder om hulp van buitenaf te vragen. Waarin onze eenheidsmarkt eerlijker wordt voor werknemers uit het oosten en het westen van Europa.

Ik wil dat de Europeanen in een Europa zullen leven waarin we een sterke pijler van sociale normen zijn overeengekomen. Waarin winsten worden belast waar ze worden geboekt. Waarin terroristen geen misbruik meer kunnen maken van mazen in de wet. Waarin overeenstemming bestaat over een heuse Europese defensie-unie. Waarin uiteindelijk één voorzitter de werkzaamheden van de Commissie en van de Europese Raad leidt, en is verkozen na een democratische, Europese verkiezingscampagne.

Mijnheer de voorzitter, als onze burgers deze Unie op 30 maart 2019 aantreffen, zal de Europese Unie een Unie zijn die hun legitieme verwachtingen waar kan maken.

 

CONCLUSIE

Geachte Parlementsleden,

Europa is niet gemaakt om stil te staan. Dat mag nooit gebeuren.

Helmut Kohl en Jacques Delors, die ik tot mijn eer heb gekend, hebben mij geleerd dat Europa pas met het nodige lef vooruitgaat. De eengemaakte markt, Schengen en de eenheidsmunt werden als idee nog voor hun verwezenlijking afgedaan als hersenschimmen. En toch maken deze drie ambitieuze projecten nu deel uit van onze dagelijkse werkelijkheid.

Nu Europa aan de beterhand is, hoor ik wel eens dat ik niet te hard van stapel mag lopen.

Maar dit is niet het moment om op kousenvoeten te lopen.

De reparatie van het Europese dak is begonnen. Maar vandaag en morgen moeten we geduldig, verdieping na verdieping, moment na moment, met veel inspiratie blijven voortbouwen aan het Europese huis.

We moeten het Europese huis voltooien zolang de zon schijnt en blijft schijnen.

Want wanneer nieuwe onweerswolken verschijnen – en op een dag zullen ze verschijnen – is het al te laat.

Dus: de trossen los,

de haven uit,

en met de wind in de zeilen op naar de toekomst.

 

 

*Aan het gesproken woord aangepaste versie

SPEECH/17/3165


Side Bar