Navigation path

Left navigation

Additional tools

 

 

 

RAAD VAN
DE EUROPESE UNIE

 

NL

16585/08 (Presse 355)

(OR. fr)

PERSMEDEDELING

2912e zitting van de Raad

Milieu

Brussel, 4 december 2008

Voorzitter             de heer Jean-Louis BORLOO
minister van staat, minister van Ecologie, Duurzame Ontwikkeling en Landinrichting van Frankrijk
mevrouw Nathalie KOSCIUSKO-MORIZET
staatssecretaris, belast met ecologie, van Frankrijk

 


Voornaamste resultaten van de Raadszitting

De Raad heeft conclusies over genetisch gemodificeerde organismen aangenomen.

De ministers hebben het wetgevingspakket energie/klimaat besproken tijdens hun informele lunch.


INHOUD 1

DEELNEMERS.................................................................................................................................. 5

BESPROKEN PUNTEN

AANPAK VAN KWIK OP MONDIAAL NIVEAU - Conclusies van de Raad.................................. 7

geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging ......................... 11

ACTIEPLAN INZAKE DUURZAME CONSUMPTIE EN PRODUCTIE EN EEN DUURZAAM INDUSTRIEBELEID - Conclusies van de Raad................................................................................. 11

WETGEVINGSPAKKET BETREFFENDE KLIMAATVERANDERING ......................................... 12

ONTBOSSING EN AANTASTING VAN BOSSEN IN DE STRIJD TEGEN KLIMAATVERANDERING EN HET VERLIES AAN BIODIVERSITEIT - Conclusies van de Raad.................................................. 12

GENETISCH GEMODIFICEERDE ORGANISMEN - Conclusies van de Raad............................... 12

DIVERSEN......................................................................................................................................... 13

ANDERE GOEDGEKEURDE PUNTEN

MILIEU

               Middellandse Zee - Verdrag voor de bescherming van het mariene milieu en het kustgebied.................................... 15

ECONOMISCHE EN FINANCIËLE ZAKEN

               Internationale standaarden voor financiële verslaglegging.............................................................................................. 16

               Financiële informatie in prospectussen en reclame............................................................................................................. 16

VISSERIJ

               Zwarte Zee - Tarbot................................................................................................................................................................. 16

STATISTIEK

               Vacatures in de EU................................................................................................................................................................... 17

TRANSPARANTIE

               Toegang van het publiek tot documenten........................................................................................................................... 17

BENOEMING

                Europees Economisch en Sociaal Comité............................................................................................................................. 18


DEELNEMERS

De regeringen van de lidstaten en de Europese Commissie waren als volgt vertegenwoordigd:

België:

mevrouw Evelyne HUYTEBROECK                                                            minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Leefmilieu, Energie en Waterbeleid

Bulgarije:

de heer Chavdar GEORGIEV                                                                         vice-minister van Milieu- en Waterbeheer

Tsjechië:

de heer Martin BURSÍK                                                                                viceminister-president en minister van Milieubeheer

Denemarken:

de heer Troels Lund POULSEN                                                                     minister van Milieubeheer

mevrouw Connie HEDEGAARD                                                                  minister van Klimaat en Energie

Duitsland:

de heer Matthias MACHNIG                                                                        staatssecretaris, ministerie van Milieubeheer, Natuurbehoud en Reactorveiligheid

Estland:

de heer Jaanus TAMKIVI                                                                              minister van Milieubeheer

Ierland:

de heer John GORMLEY                                                                               minister van Milieubeheer, Nationaal Erfgoed en Plaatselijk Bestuur

Griekenland:

de heer Stavros KALOGIANNIS                                                                  staatssecretaris van Milieubeheer, Ruimtelijke Ordening en Openbare Werken

Spanje:

mevrouw Elena ESPINOSA MANGANA                                                     minister van Milieu, Platteland en Marien Milieu

de heer Francisco Martin GALLEGO                                                            minister van Milieubeheer van de Autonome Gemeenschap van Cantabrië

Frankrijk:

de heer Jean-Louis BORLOO                                                                        minister van staat, minister van Ecologie en van Duurzame Ontwikkeling en Landinrichting

mevrouw Nathalie KOSCIUSKO-MORIZET                                              staatssecretaris, belast met Ecologie toegevoegd aan de minister van Ecologie, Energie, Duurzame Ontwikkeling en Landinrichting

Italië:

mevrouw Stefania PRESTIGIACOMO                                                         minister van Milieubeheer, Landschapsbeheer en Bescherming van de zee

Cyprus:

de heer Michalis POLYNIKI CHARALAMBIDES                                     minister van Landbouw, Natuurlijke Hulpbronnen en Milieu

Letland:

de heer Raimonds VĒJONIS                                                                          minister van Milieubeheer

Litouwen:

de heer Artūras PAULAUSKAS                                                                   minister van Milieubeheer

Luxemburg:

de heer Lucien LUX                                                                                       minister van Milieubeheer, minister van Vervoer

Hongarije:

de heer Lajos OLÁH                                                                                      staatssecretaris, ministerie van Milieubescherming en Waterstaat

Malta:

de heer George PULLICINO                                                                          minister van Hulpbronnen en Plattelandszaken


Nederland:

mevrouw Jacqueline CRAMER                                                                     minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

Oostenrijk:

de heer Nikolaus BERLAKOVICH                                                               minister van Land- en Bosbouw, Milieubeheer en Waterhuishouding

Polen:

de heer Stanisław GAWŁOWSKI                                                                   staatssecretaris, ministerie van Milieubeheer

Portugal:

de heer Francisco NUNES CORREIA                                                            minister van Milieubeheer, Ruimtelijke Ordening en Regionale Ontwikkeling

Roemenië:

de heer Silviu STOICA                                                                                    staatssecretaris, ministerie van Milieubeheer en Duurzame Ontwikkeling

Slovenië:

de heer Karl Viktor ERJAVEC                                                                        minister van Milieubeheer

Slowakije:

de heer Ján CHRBET                                                                                      minister van Milieubeheer

Finland:

mevrouw Paula LEHTOMÄKI                                                                      minister van Milieubeheer

Zweden:

de heer Andreas CARLGREN                                                                        minister van Milieubeheer

Verenigd Koninkrijk:

de heer Ed MILIBAND                                                                                  minister van Energie en Klimaatopwarming

Lord Hunt of Kings Heath                                                                             onder minister van Milieubeheer, Voedselvoorziening en Plattelandszaken, onderminister van Energie en Klimaatopwarming

 

Commissie:

de heer Stavros DIMAS                                                                                  lid


BESPROKEN PUNTEN

AANPAK VAN KWIK OP MONDIAAL NIVEAU - Conclusies van de Raad

De Raad heeft de volgende conclusies aangenomen:

"DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

1.       HERHAALT dat kwik als een persistente, bioaccumulerende en toxische stof wordt erkend, die zich over grote afstand kan verspreiden; BEVESTIGT zijn engagement voor het algemene doel het milieu en de volksgezondheid te beschermen tegen het vrijkomen van kwik en de bestanddelen ervan, door het vrijkomen in lucht, water en bodem van door de mens geloosd kwik tot een minimum te beperken en, waar mogelijk, uiteindelijk volledig te elimineren.

2.       HERINNERT ERAAN dat de Raad in zijn conclusies van 24 juni 2005 had benadrukt dat het van essentieel belang is de internationale inspanningen ter verlaging van de kwikemissies en de blootstelling aan kwik voort te zetten en op te voeren, opdat de primaire productie van kwik wereldwijd geleidelijk wordt gestaakt, voorkomen wordt dat overschotten opnieuw op de markt worden gebracht en, voor zover er alternatieven beschikbaar zijn, het gebruik van en de handel in kwik geleidelijk worden afgebouwd.

3.       IS VERHEUGD over de sinds 2005 geboekte vooruitgang bij het uitvoeren van de Strategie van de Gemeenschap voor kwik , meer bepaald de aanneming van uitsluitend aan kwik gewijde wetsbesluiten, namelijk de richtlijn van 2007 inzake de beperking van het op de markt brengen van bepaalde kwikhoudende meettoestellen, en de dit jaar aangenomen verordening inzake het verbod op de uitvoer voor en de veilige opslag van kwik vanaf maart 2011. Krachtens deze verordening moet metallisch kwik in de EU veilig worden opgeslagen in installaties met een gegarandeerd hoog veiligheidsniveau.


4.       STEUNT besluiten 22/4, 23/9 en 24/3 van de Beheersraad van het UNEP en bevestigt dat internationaal langetermijnoptreden noodzakelijk is om de risico's van kwik voor de volks­gezondheid en het milieu te verminderen.

5.       SPREEKT ZIJN VOLDOENING UIT over het werk van de intersessionele open ad-hocgroep van het UNEP bij het onderzoeken en beoordelen van opties voor verbeterde vrijwillige maatregelen en nieuwe of bestaande internationale rechtsinstrumenten; en STEUNT het voorstel van de groep om een globaal kader voor de aanpak van de mondiale uitdagingen van kwik in te voeren.

6.       IS VAN MENING DAT een multilaterale milieuovereenkomst het meest geschikte instrument is, want die zou onder meer het brede ownership van de algemene doelstelling voor het voetlicht brengen en ruimte bieden voor de politieke verbintenissen en acties op lange termijn die een veelzijdige aanpak vergen, met inbreng van regeringen, regionale organisaties voor economische integratie, intergouvernementele en niet-gouvernementele organisaties en andere stakeholders; een multilaterale milieuovereenkomst zou kracht van wet hebben, en zou op een soepele manier alle fasen van de levenscyclus van kwik, van productie en gebruik tot (opzettelijke en onopzettelijke) lozingen, voorraden en afval, beslaan; een multilaterale milieuovereenkomst zou gelijke spelregels voor alle stakeholders betekenen, en stimulansen voor milieuvriendelijke oplossingen creëren; dankzij een multilaterale milieuovereenkomst kunnen landen handelsmaatregelen inzake kwik op een transparante, multilateraal overeengekomen en niet-discriminerende manier uitvoeren, en kan op basis van een gezamenlijk overeengekomen aanpak financiële en technische langetermijnondersteuning worden geboden aan ontwikkelingslanden.

7.       IS VAN MENING dat een nieuw instrument voor kwik moet worden toegevoegd aan het samenwerkings- en coördinatieproces tussen het Verdrag van Bazel betreffende de grens­overschrijdende overbrenging van gevaarlijke afvalstoffen, het Verdrag van Stockholm inzake persistente organische verontreinigende stoffen (POP's) en het Verdrag van Rotterdam inzake de procedure met betrekking tot voorafgaande geïnformeerde toestemming ten aanzien van bepaalde gevaarlijke chemische stoffen en pesticiden in de internationale handel (PIC), teneinde bij te dragen tot langdurige synergie binnen het stelsel van voorschriften voor chemicaliën en afval.


8.       STEMT ERMEE IN dat de Europese Gemeenschap en haar lidstaten ernaar moeten streven dat op Beheersraad 25 van het UNEP, een serieus besluit wordt genomen dat de aanzet is tot het snel totstandbrengen van een op zichzelf staande, mondiale multilaterale milieu­overeen­komst inzake kwik.

9.       KOMT OVEREEN dat in de aanloop naar een dergelijke multilaterale milieuovereenkomst een mechanisme moet worden uitgewerkt waarmee ook andere stoffen, zoals anorganische stoffen die erkend zijn als een mondiaal probleem, aan de overeenkomst kunnen worden toegevoegd.

10.     BENADRUKT dat een dergelijke alomvattende multilaterale milieuovereenkomst de volledige levenscyclus van kwik moet bestrijken en een breed scala van specifieke verbintenissen en acties moet bieden om het algemene doel te bereiken; BEVESTIGT zijn steun voor de structuur van een multilaterale milieuovereenkomst, die acties kan omvatten om

- het aanbod van kwik te verminderen;

- de vraag naar kwik voor producten en procédés terug te dringen;

- de internationale handel in kwik te verminderen;

- kwikemissies in de atmosfeer te verminderen;

- milieuhygiënisch verantwoord beheer van kwikhoudend afval te bewerkstelligen;

- milieuhygiënisch verantwoorde oplossingen voor kwikopslag te vinden;

- de sanering van bestaande verontreinigde locaties aan te vatten;

- de kennis te vergroten.


11.     IS VAN MENING dat een dergelijke multilaterale milieuovereenkomst verschillende graden van verplichting moet bevatten met betrekking tot de specifieke acties om de mondiale uitdagingen van kwik aan te pakken.

12.          ERKENT dat capaciteitsopbouw, technische en financiële bijstand noodzakelijk zijn, willen wettelijke verplichtingen door alle partijen succesvol kunnen worden uitgevoerd, en IS VAN MENING dat het Wereldmilieufonds (GEF) moet worden benut om capaciteitsopbouw en projecten in verband met kwik te financieren, voor zover het mandaat van het GEF dat toelaat.

13.          BEGRIJPT de specifieke problemen en behoeften van landen, zoals het belang om in hun toenemende energiebehoeften te voorzien, het probleem van milieuvriendelijke kwikopslag op middellange en lange termijn, en hoe belangrijk het is om bij de uitvoering van een multilaterale milieuovereenkomst kennis en informatie te verzamelen.

14.     IS INGENOMEN MET het reeds ondernomen werk en BEPLEIT de versterking van het UNEP-kwikprogramma en het mondiaal partnerschap inzake kwik, die kunnen worden gebruikt voor onmiddellijke actie en nuttig kunnen zijn als aanvulling, voorbereiding of bijdrage voor het uitvoeren van een multilaterale milieuovereenkomst."


geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging

Het voorzitterschap heeft de Raad geïnformeerd over de voortgang met betrekking tot de richtlijn geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging, waarvoor de Commissie in december 2007 een herschikking had voorgesteld (doc. 5088/08 ). Het verslag van het voorzitter­schap staat in document 16164/08.

Ofschoon de delegaties het Commissievoorstel toejuichen als vereenvoudiging van de bestaande wetgeving, roept het voorstel nog veel vragen op, met name wat grote stookinstallaties betreft. De werkzaamheden zullen onder het Tsjechische voorzitterschap worden voortgezet.

ACTIEPLAN INZAKE DUURZAME CONSUMPTIE EN PRODUCTIE EN EEN DUURZAAM INDUSTRIEBELEID - Conclusies van de Raad

Na de bespreking van de prioritaire maatregelen die in het kader van het actieplan moeten worden genomen, de verenigbaarheid van de levensstijl in de Europese Unie met duurzame ontwikkeling en de mogelijke vermelding van koolstof op producten, heeft de Raad hierover conclusies aangenomen, die staan in document  16914/08 .


WETGEVINGSPAKKET BETREFFENDE KLIMAATVERANDERING

De ministers hebben dit pakket tijdens hun informele lunch besproken [1] .

Rekening houdend met de interinstitutionele onderhandelingen en de voorbereiding van de Europese Raad van 11 en 12 december, waren de ministers vastbesloten om de laatste resterende vraagstukken op te lossen, zodat er binnenkort een ambitieus, evenwichtig en solidair akkoord kan worden bereikt over het gehele pakket en de EU haar voortrekkersrol op internationaal niveau in de strijd tegen klimaatverandering kan houden.

ONTBOSSING EN AANTASTING VAN BOSSEN IN DE STRIJD TEGEN KLIMAAT­VERANDERING EN HET VERLIES AAN BIODIVERSITEIT - Conclusies van de Raad

De Raad heeft de conclusies aangenomen die staan in document 16852/08 .

GENETISCH GEMODIFICEERDE ORGANISMEN - Conclusies van de Raad

De Raad heeft de conclusies aangenomen die staan in doc. 16882/08.


DIVERSEN

De Raad heeft kennis genomen van de informatie met betrekking tot de volgende punten:

Ontmanteling van schepen

De Commissie heeft een informatieve nota gepresenteerd ( doc. 16689/08) op basis van haar  mededeling getiteld: Een strategie van de Europese Unie voor een betere ontmanteling van schepen ( doc. 16220/08).

Beheer van bioafval

De Commissie heeft de delegaties geïnformeerd over haar groenboek over het beheer van bioafval in de Europese Unie ( doc. 16817/08).

Invasieve soorten

De Commissie heeft een informatieve nota gepresenteerd met betrekking tot haar mededeling getiteld: Naar een EU-strategie ten aanzien van invasieve soorten ( doc. 16813/08 ).

De Europese Unie en het Noordpoolgebied

De Commissie heeft een informatieve nota gepresenteerd ( doc. 16679/08 ) over haar mededeling betreffende de Europese Unie en het Noordpoolgebied ( doc. 16299/08 ). Bij die gelegenheid heeft het voorzitterschap lovende woorden gesproken over het resultaat van de conferentie die hierover op 8 en 9 november in Monaco is gehouden.

Toepassing van de milieuwetgeving van de Gemeenschap

De Commissie heeft een informatieve nota ingediend ( doc. 16690/08 ) over haar mededeling betreffende de toepassing van de milieuwetgeving van de Gemeenschap ( doc. 16222/08 ), die zij aan de Raad heeft gepresenteerd.


Afvalstoffen: daling van de vraag naar gerecycleerde materialen

De Ierse delegatie heeft het woord genomen op basis van haar nota over de daling van de vraag naar gerecycleerde materialen ( doc. 16340/08 ). Zij werd hierin gesteund door meerdere delegaties. In zijn nota stelt Ierland dat de recente daling van de vraag naar gerecycleerde materialen de Europese doelstellingen op het gebied van recyclage in het gedrang kan brengen.

Euromed-conferentie van de ministers die verantwoordelijk zijn voor waterbeheer

Het voorzitterschap heeft de Raad geïnformeerd over de voorbereiding van de conferentie van de ministers van het Middellandse Zeegebied die verantwoordelijk zijn voor waterbeheer, die gepland is voor 22 december 2008 in Jordanië ( doc. 16808/08 ).

Bijeenkomst over het klimaat tussen de EU en Afrika

Het voorzitterschap heeft informatie verstrekt over het resultaat van de vergadering die op 20 november heeft plaatsgevonden in Algiers.

Wereldwijde monitoring voor milieu en veiligheid

Het voorzitterschap heeft de Raad geïnformeerd over het GMES-programma inzake wereldwijde monitoring voor milieu en veiligheid ( doc. 16810/08 ). De conclusies die de Raad van 2 december hierover heeft aangenomen, staan in document 16722/08 .


ANDERE GOEDGEKEURDE PUNTEN

MILIEU

Middellandse Zee - Verdrag voor de bescherming van het mariene milieu en het kustgebied

De Raad heeft een besluit aangenomen waarbij hij zijn goedkeuring hecht aan de ondertekening van het Protocol inzake het geïntegreerde beheer van het kustgebied van de Middellandse Zee (Verdrag voor de bescherming van het mariene milieu en het kustgebied van de Middellandse Zee ( doc 15311/08 ).

Het protocol maakt deel uit van het Verdrag voor de bescherming van het mariene milieu en het kustgebied van de Middellandse Zee (het zogenaamde Verdrag van Barcelona) en biedt een raamwerk voor een gecoördineerde aanpak door zowel de openbare als de particuliere sector, waaronder maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven, teneinde de druk op het milieu en de aantasting van de natuurlijke rijkdommen waaraan bepaalde kustgebieden van de Middellandse Zee zijn blootgesteld, te verlichten en terug te dringen.

Het protocol bevat bepalingen van diverse aard die moeten worden uitgevoerd, rekening houdend met het grensoverschrijdend karakter van de meeste milieuproblemen.

Als ondertekenende partij bij het Verdrag van Barcelona dient de EU een geïntegreerd beheer van het kustgebied te bevorderen, rekening houdend met de gebieden en zones die van ecologisch en landschappelijk belang zijn, en met het rationeel gebruik van de natuurlijke hulpbronnen. De nationale autoriteiten blijven evenwel verantwoordelijk voor het opstellen en uitvoeren van bepaalde specifieke maatregelen waarin het protocol voorziet, bijvoorbeeld de instelling van zones waarin niet mag worden gebouwd.

Binnen de EU vormt de aanbeveling van het Europees Parlement en de Raad betreffende de uitvoering van een geïntegreerd beheer van kustgebieden in Europa ( Publicatieblad L 148 van 6.6.2002), het voornaamste instrument ter bevordering van het kustgebiedenbeheer. Deze aanbeveling moedigt de lidstaten aan om in het kader van de bestaande overeenkomsten met de buurlanden, ook niet-EU-lidstaten, die aan dezelfde regionale zee grenzen een geïntegreerd beheer van de kustgebieden tot stand te brengen.

Het beheer van de kustgebieden is een onderdeel van het geïntegreerd maritiem beleid van de EU, zoals dat door de Europese Raad van december 2007 is goedgekeurd.


ECONOMISCHE EN FINANCIËLE ZAKEN

Internationale standaarden voor financiële verslaglegging

De Raad heeft besloten zich niet te verzetten tegen de aanneming door de Commissie van een beschikking betreffende het gebruik door effectenuitgevende instellingen van derde landen van nationale standaarden voor jaarrekeningen van bepaalde derde landen en van de International Financial Reporting Standards voor de opstelling van hun geconsolideerde financiële overzichten. Door dit wetgevingsbesluit worden bepaalde nationale en internationale standaarden beschouwd als gelijkwaardig met de internationale standaarden inzake financiële verslaglegging betreffende jaarlijkse en halfjaarlijkse geconsolideerde financiële overzichten.

Financiële informatie in prospectussen en reclame

De Raad heeft besloten zich niet te verzetten tegen de aanneming door de Commissie van een verordening tot wijziging van de bestaande communautaire regeling betreffende bepaalde historische financiële informatie in prospectussen en reclame.

VISSERIJ

Zwarte Zee - Tarbot

De Raad heeft een verordening aangenomen waarbij hij toestaat dat voor 2008 het jaarlijks vangst­quotum voor tarbot in de Zwarte Zee met 10% wordt overschreden, aangezien de huidige toestand van het tarbotbestand zulks rechtvaardigt. De overschrijding zal van het quotum voor 2009 worden afgetrokken ( doc. 16508/08 ) .

Deze verordening volgt op het politiek akkoord dat tijdens de Raad Visserij van 27 oktober 2008 is bereikt over de vangstmogelijkheden in de Zwarte Zeevoor 2009.

In het akkoord is bepaald dat in 2009 de TAC voor tarbot ( Psetta maxima) 100 ton bedraagt, gelijkelijk verdeeld tussen Bulgarije en Roemenië.


STATISTIEK

Vacatures in de EU

De Raad heeft besloten geen bezwaar te maken tegen de aanneming door de Commissie van een uitvoeringsverordening inzake kwartaalstatistieken van vacatures in de Gemeenschap.

In het nieuwe wetgevingsbesluit is de definitie van vacature vastgelegd, zijn de referentiedata voor te verstrekken informatie bepaald, zijn het formaat voor en de toezendingstermijnen van de vereiste gegevens gespecificeerd en is een kader vastgesteld voor een reeks door de lidstaten uit te voeren haalbaarheidsstudies.

TRANSPARANTIE

Toegang van het publiek tot documenten

De Raad heeft de volgende teksten aangenomen:

                         het antwoord op het confirmatief verzoek van de heer Mark JOHNSTON (18/c/01/08), waarbij de Zweedse delegatie heeft tegengestemd ( doc. 14814/08 );

                         het antwoord op het confirmatief verzoek van de heer Ante WESSELS (19/c/01/08), ( doc 15476/08 );

                         het antwoord op het confirmatief verzoek 20/c/01/08 ( doc. 15705/08 ); en,

                         het antwoord op het confirmatief verzoek van de heer Oliver REMIEN (21/c/02/08), ( doc 15717/08 ).


BENOEMING

Europees Economisch en Sociaal Comité

De Raad heeft een besluit aangenomen houdende benoeming tot lid van de heer Juan Antonio MORALES RODRÍGUEZ voor de verdere duur van de ambtstermijn, dit wil zeggen tot en met 25 januari 2010, ter vervanging van mevrouw María Dolores ALARCÓN MARTÍNEZ.

 



[1]           De reeks maatregelen bevat de volgende voorstellen:

 

-     een richtlijn tot wijziging van Richtlijn 2003/87/EG teneinde de regeling voor de handel in broeikasgas­
emissierechten van de EU te verbeteren en uit te breiden
("evaluatie van de regeling voor de handel in emissierechten") (doc. 5862/08 );

-     een beschikking inzake de inspanningen van de lidstaten van de EU om hun broeikasgasemissies terug te dringen
om aan de verbintenissen van de Gemeenschap op het gebied van het terugdringen van broeikasgassen tot 2020 te voldoen
("lastenverdeling buiten de regeling voor de handel in emissierechten") (doc. 5849/08);

-     een richtlijn ter bevordering van het gebruik van energie uit hernieuwbare bronnen
("richtlijn energie uit hernieuwbare bronnen") (doc. 5421/08);

-     een richtlijn betreffende de geologische opslag van kooldioxide
(richtlijn betreffende afvang en opslag van CO 2) (doc. 5835/08 );


Side Bar