Navigation path

Left navigation

Additional tools

Inbreukenpakket voor juli: voornaamste beslissingen

European Commission - MEMO/14/470   10/07/2014

Other available languages: EN FR DE DA ES IT SV PT FI EL CS ET HU LT LV MT PL SK SL BG RO HR

Europese Commissie

MEMORANDUM

Brussel, 10 juli 2014

Inbreukenpakket voor juli: voornaamste beslissingen

Het maandelijkse pakket inbreukbeslissingen betreft de gerechtelijke stappen van de Europese Commissie tegen lidstaten die hun verplichtingen uit hoofde van het EU-recht niet zijn nagekomen. De beslissingen betreffen vele sectoren en moeten ervoor zorgen dat het EU-recht correct wordt toegepast. Daar hebben zowel burgers als bedrijven baat bij.

De Commissie heeft vandaag 419 beslissingen genomen: bij 63 daarvan gaat het om een met redenen omkleed advies en bij 14 om een zaak die aanhangig is gemaakt bij het Hof van Justitie van de Europese Unie. Hieronder volgt een samenvatting. Voor nadere informatie over inbreukprocedures, zie MEMO/12/12.

  1. Belangrijke zaken waarbij lidstaten zijn betrokken

  1. Gemeenschappelijk Europees luchtruim: Commissie verzoekt 18 lidstaten dringend om beslissende stap naar gemeenschappelijk beheer van luchtruim te zetten

De Commissie heeft Bulgarije, Tsjechië, Ierland, Griekenland, Spanje, Kroatië, Italië, Cyprus, Litouwen, Hongarije, Malta, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Slowakije en het Verenigd Koninkrijk, die tot zes verschillende functionele luchtruimblokken (functional airspace blocks, FAB's) behoren, vandaag formeel verzocht om werk te maken van hun FAB's, gemeenschappelijke luchtruimblokken die zijn gebaseerd op verkeersstromen en niet op landsgrenzen. FAB's vormen een cruciale stap naar een efficiëntere, goedkopere en minder vervuilende luchtvaart in Europa.

Vicevoorzitter van de Commissie Siim Kallas, bevoegd voor Vervoer, zei hierover: "We moeten eindelijk af van landsgrenzen in het Europees luchtruim. Functionele luchtruimblokken zijn een noodzakelijk, essentieel onderdeel van het gemeenschappelijk Europees luchtruim. Op dit moment bestaan deze gemeenschappelijke luchtruimblokken alleen op papier. Ze zijn officieel opgericht maar nog niet functioneel. Ik dring er bij de lidstaten op aan om meer ambitie te tonen en vaart te zetten achter de uitvoering van het gemeenschappelijk Europees luchtruim."

(Meer informatie: IP/14/818 - H. Kearns - tel. +32 229-87638 - mobiel +32 498987638)

  1. Zaken die bij het Hof van Justitie aanhangig zijn gemaakt

  1. Energie-efficiency van gebouwen: Commissie daagt OOSTENRIJK en POLEN voor Hof en verzoekt Hof dwangsommen op te leggen

De Europese Commissie heeft besloten Oostenrijk en Polen voor het Hof van Justitie van de EU te dagen omdat zij de richtlijn energieprestatie van gebouwen niet volledig in nationaal recht hebben omgezet. De Commissie verzoekt het Hof Oostenrijk een dwangsom van 39 592,80 EUR per dag op te leggen en Polen een dwangsom van 96 720 EUR per dag, te betalen vanaf de dag van het arrest van het Hof tot wanneer de richtlijn volledig is omgezet. De omvang van de voorgestelde dwangsommen neemt de duur en ernst van de inbreuk in aanmerking. Het Hof zal het definitieve bedrag van de dagelijkse dwangsommen bepalen. Deze richtlijn verplicht de lidstaten minimumeisen voor de energieprestatie van alle gebouwen in te voeren en toe te passen en ervoor te zorgen dat gebouwen een energieprestatiecertificering krijgen en dat de verwarmings- en airconditioningsystemen regelmatig worden gekeurd. Bovendien verplicht de richtlijn de lidstaten ervoor te zorgen dat uiterlijk 2021 alle nieuwe gebouwen "bijna-energieneutrale gebouwen" zijn. De lidstaten hadden de richtlijn uiterlijk op 9 juli 2012 in nationaal recht moeten omzetten.

(Meer informatie: IP/14/813 - S. Berger - tel. +32 229-92792 - mobiel +32 460792792)

  1. Vrij verkeer van goederen: Commissie daagt TSJECHIË voor Hof in verband met regels inzake keurmerken van sieraden

De Europese Commissie heeft besloten Tsjechië voor het Hof van Justitie van de EU te dagen vanwege de regels inzake keurmerken van sieraden die het land hanteert. Het Tsjechische keuringsbureau vereist dat bepaalde sieraden die uit een ander EU-land worden ingevoerd, worden voorzien van een aanvullend nationaal keurmerk, ondanks het feit dat de artikelen in kwestie in de EU al wettelijk zijn gekeurd en in de handel zijn gebracht. De Commissie is van mening dat deze vereiste in strijd is met de regels van het EU-Verdrag inzake het vrije verkeer van goederen binnen de EU, en heeft het Hof daarom verzocht zich over de zaak uit te spreken.

(Meer informatie: IP/14/785 - C. Corazza - tel. +32 229-51752 - mobiel +32 498992862)

  1. Tabaksproducten: Commissie daagt DENEMARKEN voor Hof van Justitie van de EU omdat het niet van alle vormen van tabak voor oraal gebruik de verkoop verbiedt

Vandaag heeft de Europese Commissie besloten Denemarken voor het Hof van Justitie van de EU te dagen omdat het zijn nationale wettelijke regeling niet heeft gewijzigd teneinde alle vormen van tabak voor oraal gebruik (snus) te verbieden.

Aangezien Denemarken de verkoop van alle vormen van snus niet volledig heeft verboden, heeft de Europese Commissie Denemarken op 25 oktober 2012 verzocht om al het nodige te doen om aan Richtlijn 2001/37/EG te voldoen, en om binnen twee maanden de Commissie op de hoogte te stellen van de in de nationale wettelijke regeling vastgestelde maatregelen (zie Europese Commissie - MEMO/12/794 - 24/10/2012).

Tot nu toe heeft Denemarken de Commissie niet van enige dergelijke maatregel in kennis gesteld en schendt het nog steeds het EU-recht. Daarom heeft de Commissie besloten de zaak voor te leggen aan het HvJ.

(Meer informatie: IP/14/812 - F. Vincent - tel. +32 229-87166 - mobiel +32 498987166)

  1. Overheidsopdrachten: Commissie daagt GRIEKENLAND voor Hof omdat het EU-regels in bouwsector niet naleeft

Vandaag heeft de Europese Commissie besloten Griekenland voor het Hof van Justitie van de EU te dagen omdat het de EU-regels inzake overheidsopdrachten in de bouwsector niet naleeft.

In de Griekse wetgeving is een systeem van verplichte registratie ingevoerd waarbij alle erkende nationale bouwondernemingen in categorieën worden ingedeeld, en voor elke categorie een specifieke beneden- en bovengrens geldt voor het bedrag van te gunnen opdrachten. In het kader van een aanbestedingsprocedure mag de aanbestedende dienst de opdracht uitsluitend gunnen aan geregistreerde bedrijven uit specifieke categorieën, naargelang het bedrag dat voor de te gunnen opdracht is voorzien. Op die manier is in de Griekse wetgeving een systeem ingevoerd waarin telkens vooraf wordt vastgelegd welke marktdeelnemers aan een aanbestedingsprocedure mogen deelnemen. Dit systeem van verplichte registratie leidt ertoe dat ondernemingen die over de economische en financiële draagkracht en de beroeps- en technische bekwaamheid beschikken voor de uitvoering van een bepaalde opdracht in het kader van de aanbesteding, worden uitgesloten, op de enkele grond dat hun financiële draagkracht verschilt van — meestal groter is dan — die welke de specifieke categorie voor een bepaalde procedure toestaat. De nationale voorschriften houden bijgevolg een beperking in van de marktkansen voor ondernemingen en vormen een belemmering voor de concurrentie tussen de marktdeelnemers. De Commissie is van mening dat deze restrictieve wettelijke regeling in strijd is met Richtlijn 2004/18/EG en met de fundamentele beginselen van gelijke behandeling en non-discriminatie waarop de EU-regels inzake overheidsopdrachten zijn gebaseerd.

(Meer informatie: IP/14/807 - C. Hughes - tel. +32 229-64450 - mobiel +32 498964450)

  1. Milieu: Commissie daagt SPANJE voor Hof in verband met niet-conforme stortplaatsen en hogesnelheidslijn

De Europese Commissie daagt Spanje voor het Hof in verband met twee (losstaande) inbreuken op de milieuwetgeving. De eerste houdt verband met ontoereikend afvalbeheer: ondanks eerdere waarschuwingen van de Commissie worden tal van stortplaatsen in Spanje nog steeds geëxploiteerd in strijd met de EU-regelgeving inzake stortplaatsen. De tweede heeft betrekking op een geplande spoorverbinding tussen Sevilla en Almería, waarvoor geen passende milieueffectbeoordeling werd uitgevoerd. In een poging om Spanje dringend aan te sporen tot verbetering op de genoemde gebieden, daagt de Commissie het land op aanbeveling van Europees commissaris voor Milieu Janez Potočnik voor het Hof van Justitie van de EU.

(Meer informatie: IP/14/814 - J. Hennon - tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Commissie daagt FINLAND voor Hof van Justitie omdat het voor arbeidsaangelegenheden niet beschikt over orgaan voor rassengelijkheid

De Europese Commissie heeft besloten Finland voor het Hof van Justitie van de EU te dagen omdat het Finse orgaan voor gelijkheid niet in staat is voor arbeidsaangelegenheden de noodzakelijke taken met betrekking tot rassengelijkheid uit te voeren.

Op grond van artikel 13 van de richtlijn rassengelijkheid (2000/43/EG) zijn de lidstaten verplicht een nationaal orgaan voor gelijkheid op te richten en het formeel te belasten met specifieke taken, waaronder: onafhankelijke bijstand verlenen aan slachtoffers, onafhankelijke onderzoeken over discriminatie verrichten, onafhankelijke verslagen publiceren en aanbevelingen formuleren met betrekking tot discriminatie. De Commissie houdt nauwlettend toezicht op de correcte omzetting van de richtlijn met betrekking tot de organen voor gelijkheid, aangezien deze op het terrein als waakhond voor gelijkheid fungeren en zo een essentiële rol spelen om de doeltreffende uitvoering en toepassing van de richtlijn rassengelijkheid te waarborgen.

Ondanks uitvoerig overleg met Finland na de ingebrekestelling en een met redenen omkleed advies is er geen concrete vooruitgang.

(Meer informatie: IP/14/811 - J. Salsby tel. +32 229-72459)

  1. Belastingen: Commissie daagt FRANKRIJK voor Hof in verband met schenkingen aan buitenlandse instellingen van algemeen nut

De Commissie heeft besloten om aan het Hof van Justitie van de Europese Unie de Franse belastingregeling voor te leggen inzake schenkingen aan instellingen van algemeen nut die gevestigd zijn in een andere lidstaat van de EU of de EER.

In Frankrijk wordt bij schenkingen en erfenissen ten voordele van overheidsinstellingen of instellingen van algemeen nut (met name instellingen met een liefdadig karakter) die in Frankrijk zijn gevestigd, vrijstelling verleend van registratierechten (schenkings- of erfenisrechten). Het gaat om overheidsinstellingen of instellingen van algemeen nut waarvan de middelen uitsluitend voor wetenschappelijke, culturele of artistieke doeleinden of voor religieuze genootschappen bestemd zijn en waarvan de activiteiten op het Franse grondgebied plaatsvinden.

(Meer informatie: IP/14/808 - E. Traynor - tel. +32 229-21548 - mobiel +32 498983871)

  1. Belastingen: Commissie daagt PORTUGAL voor Hof van Justitie in verband met accijnsregels met betrekking tot sigaretten

De Europese Commissie heeft besloten Portugal voor het Hof van Justitie te dagen omdat het zijn accijnsregels met betrekking tot het op de markt brengen van sigaretten niet heeft gewijzigd. In Portugal mogen sigaretten slechts worden verkocht binnen een vastgestelde termijn, die is gerelateerd aan het fiscale zegel op de verpakking. Het ontwerp van de fiscale merktekens verandert in Portugal geregeld; vaak is aan een nieuw merkteken de toepassing van een nieuw belastingtarief gekoppeld. Sigaretten mogen slechts worden verkocht tot drie maanden na het einde van het jaar waarin zij tot verbruik zijn uitgeslagen.

Overeenkomstig het EU-recht (Richtlijn 2008/118/EG) moeten accijnzen op tabaksproducten worden geheven tegen het tarief dat van kracht is op het tijdstip van uitslag tot verbruik. Geen enkele bepaling van het EU-recht staat de lidstaten toe om boven het genoemde tarief supplementaire accijnzen te heffen, of om de verspreiding van tabaksproducten om fiscale redenen te beperken.

(Meer informatie: IP/14/809 - E. Traynor - tel. +32 229-21548 - mobiel +32 498983871)

  1. Commissie daagt PORTUGAL voor Hof in verband met behandeling van afvalwater

De Europese Commissie daagt Portugal voor het Hof omdat het de passende behandeling van afvalwater uit kleine agglomeraties niet waarborgt. Het ontbreken van toereikende systemen voor de verzameling en behandeling, die sinds 2005 in de EU-wetgeving voor kleine agglomeraties zijn vereist, brengt risico's voor de gezondheid van de mens en voor de binnenwateren en het mariene milieu met zich mee. Ondanks de vooruitgang die werd geboekt nadat de Commissie Portugal in 2009 een met redenen omkleed advies heeft doen toekomen, maakt de Commissie de zaak aanhangig bij het Hof van Justitie van de Europese Unie, op grond van de huidige belangrijke tekortkomingen en op aanbeveling van Europees commissaris voor Milieu Janez Potočnik.

(Meer informatie: IP/14/815 - J. Hennon - tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Belastingen: Commissie daagt VK voor Hof in verband met niet-eerbiediging van EU-regels over gemerkte brandstof

De Europese Commissie heeft besloten het Verenigd Koninkrijk voor het Hof van Justitie van de Europese Unie te dagen omdat dit land de regels betreffende het merken van brandstoffen voor fiscale doeleinden niet correct toepast.

Krachtens de EU-regels moeten brandstoffen waarvoor een verlaagd belastingtarief geldt, worden gemerkt met een kleurstof. Zo mogen vissersvaartuigen brandstof gebruiken waarvoor een lager belastingtarief geldt, maar particuliere pleziervaartuigen moeten brandstof gebruiken waarvoor het normale tarief geldt.

Momenteel zijn de distributeurs van brandstof volgens het recht van het Verenigd Koninkrijk niet verplicht over twee afzonderlijke brandstoftanks te beschikken teneinde een onderscheid te maken tussen de gemerkte brandstof waarvoor een lager belastingtarief geldt en de brandstof waarvoor het normale tarief geldt. Als gevolg daarvan kunnen eigenaren van particuliere pleziervaartuigen vaak enkel gemerkte brandstof kopen. Bijgevolg kan het gebeuren dat zij niet het correcte bedrag aan belasting betalen, aangezien zij brandstof kopen die normaal voor vissersvaartuigen bestemd is. Dit gaat in tegen de EU-regels over accijnzen; bovendien lopen eigenaren van particuliere boten het risico van zware sancties wanneer zij naar een andere lidstaat reizen, indien het schip wordt gecontroleerd door de plaatselijke autoriteiten.

(Meer informatie: IP/14/810 - E. Traynor - tel. +32 229-21548 - mobiel +32 498983871)

  1. Met redenen omklede adviezen

  1. Rechten van patiënten bij grensoverschrijdende gezondheidszorg: Commissie dringt er bij 12 lidstaten op aan kennis te geven van volledige omzetting van regels inzake grensoverschrijdende gezondheidszorg

Vandaag heeft de Europese Commissie België, Bulgarije, Duitsland, Estland, Ierland, Griekenland, Frankrijk, Luxemburg, Oostenrijk, Polen, Finland en het Verenigd Koninkrijk formeel verzocht om kennis te geven van de volledige omzetting van de richtlijn grensoverschrijdende gezondheidszorg (2011/24/EU). In deze richtlijn worden de rechten van patiënten verduidelijkt om gezondheidszorg te kunnen ontvangen in een andere lidstaat en een verzoek om terugbetaling hiervan in te dienen in het thuisland. Voorts worden gezondheidsstelsels en zorgaanbieders verplicht ervoor te zorgen dat patiënten de nodige informatie krijgen om een weloverwogen keuze te kunnen maken over hun behandeling in een andere lidstaat. De richtlijn is ten dele omgezet in België, Bulgarije, Duitsland, Estland, Griekenland, Frankrijk, Oostenrijk, Polen, Finland en het Verenigd Koninkrijk, maar sommige bepalingen van de richtlijn blijken nog te ontbreken. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om duidelijke omzetting van de in de richtlijn vervatte regels inzake terugbetaling van in het buitenland ontvangen gezondheidszorg, of om de verplichting van nationale contactpunten om via wederzijdse bijstand facturen te verduidelijken. Ierland en Luxemburg hebben geen kennisgeving gedaan van maatregelen tot omzetting van de richtlijn.

De genoemde lidstaten hebben de richtlijn nog steeds niet of niet volledig in nationaal recht omgezet, hoewel zij dat uiterlijk op 25 oktober 2013 hadden moeten doen. Zij hebben nu twee maanden de tijd om de Commissie in kennis te stellen van de maatregelen waarbij Richtlijn 2011/24/EU wordt omgezet. Blijft mededeling van adequate maatregelen achterwege, dan kan de Commissie de zaken voorleggen aan het Hof van Justitie van de EU.

(Meer informatie: F. Vincent - tel. +32 229-87166 - mobiel +32 498987166)

  1. Medische recepten: vier lidstaten worden dringend verzocht kennis te geven van omzetting van regels inzake erkenning van in een andere lidstaat verstrekte recepten

Vandaag heeft de Europese Commissie België, Ierland, Luxemburg en Portugal formeel verzocht Richtlijn 2012/52/EU tot vaststelling van maatregelen om de grensoverschrijdende erkenning van medische recepten te vergemakkelijken, volledig om te zetten. Deze richtlijn beoogt apothekers beter in staat te stellen om in een andere lidstaat verstrekte recepten te begrijpen en de voorgeschreven genees- of hulpmiddelen te verstrekken aan patiënten die hun recht op grensoverschrijdende gezondheidszorg uitoefenen. Zij verplicht de EU-lidstaten te waarborgen dat op recepten die bedoeld zijn om in een andere lidstaat te worden gebruikt, een bepaald aantal gegevens wordt vermeld, als vastgesteld in de bijlage bij de richtlijn.

Bovengenoemde lidstaten hebben de richtlijn nog steeds niet in nationaal recht omgezet, hoewel zij dat uiterlijk op 25 oktober 2013 hadden moeten doen. Deze landen hebben nu twee maanden de tijd om de Commissie in kennis te stellen van de maatregelen waarbij Richtlijn 2012/52/EU wordt omgezet. Blijft mededeling van adequate maatregelen achterwege, dan kan de Commissie de zaken voorleggen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie.

(Meer informatie: F. Vincent - tel. +32 229-87166 - mobiel +32 498987166)

  1. Commissie verzoekt BULGARIJE, GRIEKENLAND en SLOVENIË te zorgen voor elektronische uitwisseling visserijgegevens met andere lidstaten

De Commissie heeft Bulgarije, Griekenland en Slovenië formeel verzocht om hun verplichtingen uit hoofde van de visserijcontroleverordening van de EU volledig na te komen en met name te zorgen voor de rechtstreekse elektronische uitwisseling van ter zake doende visserijgegevens met andere lidstaten.

De lidstaten moeten een systeem opzetten om de elektronische uitwisseling van visserijgegevens mogelijk te maken. Zonder een dergelijk systeem zouden vaartuigen van andere lidstaten belemmeringen kunnen ondervinden bij de uitoefening van hun recht om in de wateren van deze drie landen te vissen en op hun grondgebied aan te landen of vis te verkopen. Evenzo zouden vissersvaartuigen die onder de vlag van Bulgarije, Griekenland of Slovenië varen, ervan weerhouden kunnen worden om buiten de eigen wateren te vissen of om aan te landen of vis te verkopen in andere EU-landen.

Met het systeem moet informatie worden uitgewisseld zoals gegevens van het volgsysteem voor vaartuigen, gegevens uit het visserijlogboek, aangiften van aanlanding en andere aangiften. Sinds 1 januari 2010 zijn deze bepalingen bindend voor alle lidstaten. De volledige correcte toepassing van de EU-visserijregels vormt voor de Commissie een prioriteit en moet zorgen voor duurzame visserijpraktijken.

Als de Commissie binnen twee maanden geen bevredigend antwoord ontvangt, kan zij deze lidstaten voor het Hof van Justitie van de Europese Unie dagen.

(Meer informatie: H. Banner – tel. +32 229-52407 - mobiel: +32 460752407)

  1. Auteursrecht: Commissie verzoekt FRANKRIJK, POLEN en ROEMENIË om toepassing van EU-regels

Vandaag heeft de Europese Commissie Frankrijk, Polen en Roemenië verzocht om de volledige omzetting van Richtlijn 2011/77/EU van het Europees Parlement en de Raad van 27 september 2011 tot wijziging van Richtlijn 2006/116/EG betreffende de beschermingstermijn van het auteursrecht en van bepaalde naburige rechten. De richtlijn verlengt de beschermingstermijn voor uitvoerende kunstenaars en geluidsopnamen van 50 tot 70 jaar en omvat begeleidende maatregelen, zoals de "use it or lose it"-clausule die nu in de contracten tussen uitvoerders en hun opnamelabels moet worden opgenomen. De uiterste datum voor de omzetting van deze richtlijn in nationaal recht was 1 november 2013. Toch hebben Frankrijk, Polen en Roemenië de Commissie tot nu toe niet in kennis gesteld van maatregelen tot omzetting. Het verzoek van de Commissie is gedaan in de vorm van een met redenen omkleed advies (de tweede stap in de EU-inbreukprocedure). Indien er binnen twee maanden geen maatregelen worden meegedeeld, kan de Commissie besluiten om Frankrijk, Polen en Roemenië voor het Hof van Justitie van de EU te dagen. Meer informatie over de beschermingstermijn.

(Meer informatie: C. Hughes - tel. +32 229-64450 - mobiel +32 498964450)

  1. Wegvervoer: Commissie verzoekt IERLAND, PORTUGAL, SLOVENIË en VK om omzetting van EU-regels inzake wegenheffingen voor vrachtwagens

De Europese Commissie heeft Ierland, Portugal, Slovenië en het Verenigd Koninkrijk verzocht om de nodige maatregelen vast te stellen voor de correcte toepassing van de zogenoemde Eurovignetrichtlijn (Richtlijn 2011/76/EU). Bij deze richtlijn wordt de werkingssfeer van de Europese richtlijn inzake wegenheffingen uitgebreid van wegen die behoren tot het TEN-V-netwerk tot alle autosnelwegen in Europa. Ook krijgen de lidstaten de mogelijkheid om voor zware vrachtwagens heffingen te innen voor "externe kosten", zoals vervuiling en geluidhinder, boven op de infrastructuurkosten (bouw, onderhoud en exploitatie van de wegeninfrastructuur). Inconsistente omzetting in de EU kan voor de vervoerders tot rechtsonzekerheid leiden. De wetgeving had uiterlijk op 13 oktober 2013 moeten zijn ingevoerd. Als Ierland, Portugal, Slovenië en het Verenigd Koninkrijk niet op bevredigende wijze reageren, kan de Commissie de zaak bij het Hof van Justitie van de EU aanhangig maken. De Commissie heeft in dit verband in november 2013 een inbreukprocedure tegen Ierland, Portugal, Slovenië en het Verenigd Koninkrijk ingeleid; nu wordt een met redenen omkleed advies verstuurd (de tweede stap in de EU-inbreukprocedure). Ierland, Portugal, Slovenië en het Verenigd Koninkrijk hebben twee maanden de tijd om een antwoord te sturen aan de Commissie.

(Meer informatie: H. Kearns – tel. +32 229-87638 - mobiel +32 498987638)

  • Milieu: Commissie verzoekt BULGARIJE en LETLAND luchtverontreiniging aan te pakken

De Europese Commissie verzoekt Bulgarije en Letland om de bevolking beter te beschermen tegen vervuiling door fijn stof (PM10). Deze kleine deeltjes kunnen astma, cardiovasculaire problemen, longkanker en vroegtijdige sterfte veroorzaken. Zij zijn afkomstig van emissies door de industrie, het verkeer en de verwarming van woningen. Het EU-recht verplicht de lidstaten de blootstelling van de bevolking aan die deeltjes te beperken. Inwoners van alle zes de zones en agglomeraties in Bulgarije (Sofia, Plovdiv, Varna en de noordelijke, zuidwestelijke en zuidoostelijke agglomeratie) zijn zeker sinds 2007 blootgesteld aan te hoge PM10-waarden. In Letland gaat het om één zone: Riga, waar al sinds 2007 te hoge waarden worden gemeten. De Commissie is van oordeel dat beide lidstaten niet de sinds 2007 vereiste maatregelen hebben genomen om de gezondheid van de bevolking te beschermen en verzoekt hen vooruitziend, snel en doeltreffend te handelen om zo vlug mogelijk aan de regels te voldoen. De stap die vandaag wordt gezet, een met redenen omkleed advies, volgt op aanvullende ingebrekestellingen in januari 2013 van zowel Bulgarije als Letland (zie IP/13/47). Als Bulgarije en Letland niet reageren, kan de Commissie de zaak voor het Hof van Justitie van de Europese Unie brengen.

(Meer informatie: J. Hennon – tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Commissie dringt bij SPANJE en SLOVENIË aan op omzetting regels betreffende recht op vertolking en vertaling in strafzaken

De Europese Commissie vreest dat Spanje en Slovenië onvoldoende maatregelen hebben genomen voor de omzetting van Richtlijn 2010/64/EU betreffende het recht op vertolking en vertaling in strafzaken. Met beide landen werd in mei van dit jaar contact opgenomen om na te gaan hoever het stond met de wetteksten in voorbereiding. Deze richtlijn had uiterlijk op 27 oktober 2013 moeten zijn omgezet.

Ondanks de vorderingen in verband met de vaststellingsprocedure wordt in beide landen nog het wetsontwerp inzake het recht op vertaling besproken.

(Meer informatie: J. Salsby tel. +32 229-72459)

  1. Commissie verzoekt SPANJE en ITALIË om vaststelling van geldige visserijbeheersplannen in Middellandse Zee

De Commissie heeft Spanje en Italië formeel verzocht om de EU-visserijregels in de Middellandse Zee na te leven. Uit hoofde van de verordening betreffende de Middellandse Zee moeten de lidstaten nationale beheersplannen vaststellen voor de visserij met trawlnetten, bootzegens, landzegens, omsluitingsnetten en dreggen binnen hun territoriale wateren.

Deze beheersplannen hadden uiterlijk 31 december 2007 moeten zijn vastgesteld. Spanje en Italië hebben, in strijd met de vereisten van de richtlijn, nog geen geldige beheersplannen vastgesteld voor de visserij met dreggen. De vereiste nationale plannen zijn van groot belang voor de duurzame exploitatie van de visbestanden in de Middellandse Zee, waar visserijbeheer op basis van quota van oudsher niet gebruikelijk is.

Als de Commissie binnen twee maanden geen bevredigend antwoord ontvangt, kan zij Spanje en Italië voor het Hof van Justitie van de Europese Unie dagen.

(Meer informatie: H. Banner – tel. +32 229-52407 - mobiel: +32 460752407)

  1. Rechten van autobus- en touringcarpassagiers: Commissie verzoekt ITALIË en POLEN om te zorgen voor handhaving regels

De Europese Commissie heeft Italië en Polen verzocht om de nodige maatregelen vast te stellen voor de correcte toepassing van de rechten van autobus- en touringcarpassagiers (Verordening (EU) nr. 181/2011). De nationale instanties die door deze twee landen zijn aangeduid om toe te zien op de doeltreffende toepassing van de regels zijn momenteel niet tot handhaving in staat. De twee lidstaten hebben geen sancties met het oog op volledige naleving van de verordening voorzien. Bovendien hebben zij geen lijst toegezonden van de busterminals waar personen met een handicap of met beperkte mobiliteit de vereiste begeleiding kunnen vinden. De verordening bepaalt de rechten van autobus- en touringcarpassagiers in de EU en is van kracht sinds 1 maart 2013. De lidstaten zijn wettelijk verplicht tot uitvoering van bovenvermelde taken. In beide gevallen had het verzoek de vorm van een met redenen omkleed advies in het kader van de EU-inbreukprocedure. Italië en Polen hebben twee maanden de tijd om de Commissie in kennis te stellen van de genomen maatregelen met het oog op de correcte toepassing van de verordening; anders kan de Commissie besluiten Italië en Polen voor het Hof van Justitie van de EU te dagen.

(Meer informatie: H. Kearns – tel. +32 229-87638 - mobiel +32 498987638)

  1. Spoorwegvervoer: Commissie verzoekt LITOUWEN en LUXEMBURG EU-wetgeving inzake veiligheid van spoorverkeer volledig om te zetten

De Europese Commissie heeft Litouwen en Luxemburg verzocht al hun nationale regels in overeenstemming te brengen met Richtlijn 2004/49/EG teneinde een duurzaam niveau van hoge veiligheid te verzekeren op alle spoornetten in de EU. In zowel Litouwen als Luxemburg betreft het hier vooral de onafhankelijkheid van het onderzoeksorgaan. In Luxemburg betreft het bovendien de veiligheidsbeheersystemen, de geldigheid van het veiligheidscertificaat en de onafhankelijkheid, taken en besluitvorming van de veiligheidsinstantie. De EU-wetgeving is gericht op een gemeenschappelijke benadering van de veiligheid van het spoorverkeer, met name door middel van veiligheidseisen voor het spoorwegsysteem, onder meer inzake veilig beheer van de infrastructuur en het verkeer, taken en verantwoordelijkheden van en interactie tussen spoorwegondernemingen en infrastructuurbeheerders, een gemeenschappelijk regelgevingskader voor veiligheid, veiligheidsregelgeving, -beheer en -toezicht en onafhankelijk onderzoek naar ongevallen. De wetgeving had op 30 april 2006 moeten zijn ingevoerd. Als Litouwen en Luxemburg niet op bevredigende wijze reageren, kan de Commissie de zaak bij het Hof van Justitie van de EU aanhangig maken. De Commissie heeft in dit verband in september 2013 een inbreukprocedure tegen Litouwen en Luxemburg ingeleid; nu wordt een met redenen omkleed advies verstuurd (de tweede stap in de EU-inbreukprocedure). Beide landen hebben twee maanden de tijd om een antwoord te sturen aan de Commissie.

(Meer informatie: H. Kearns – tel. +32 229-87638 - mobiel +32 498987638)

  1. Vrij verkeer: Commissie verzoekt OOSTENRIJK aan EU-regels voor skischolen te voldoen

Vandaag heeft de Europese Commissie Oostenrijk verzocht om aan de EU-regels te voldoen inzake het vrije verkeer van werknemers, de vrijheid van vestiging en het vrij verrichten van diensten overeenkomstig de artikelen 45, 49 en 56 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU). In het Oostenrijkse Land Tirol kunnen skischolen, in strijd met het EU-recht, ski-instructeurs uit andere lidstaten wettelijk verbieden les te geven aan leerlingen uit (of reeds aanwezig in) Tirol. Zij mogen enkel aan leerlingen uit andere lidstaten skiles geven. Overeenkomstig de regionale wetgeving inzake skischolen zijn in het Land Steiermark, in strijd met het EU-recht en de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de EU, steeds ruime kwalificaties voor alpineski-instructeurs vereist. Houders van afzonderlijke gespecialiseerde kwalificaties (zoals "telemarkinstructeurs", "instructeurs voor aangepast skiën" of "instructeurs voor het noordse skiën") uit andere EU-lidstaten krijgen daarom geen aparte erkenning voor hun kwalificaties en dus ook geen gedeeltelijke toegang tot het beroep in dat Land. Aangezien Oostenrijk deze beperkingen in de genoemde Länder nog niet heeft opgeheven, verzoekt de Commissie Oostenrijk aan de hand van een met redenen omkleed advies om maatregelen te treffen teneinde de EU-regels volledig na te leven. Indien er binnen twee maanden geen bevredigend antwoord komt van de Oostenrijkse autoriteiten, kan de Commissie de zaak voorleggen aan het Hof van Justitie van de EU.

Meer informatie: http://ec.europa.eu/internal_market/qualifications/index_en.htm

(Meer informatie: C. Hughes - tel. +32 229-64450 - mobiel +32 498964450)

  1. Overheidsopdrachten: Commissie verzoekt OOSTENRIJK EU-regels toe te passen

Vandaag heeft de Europese Commissie Oostenrijk verzocht om aan de EU-regels inzake overheidsopdrachten te voldoen in verband met het printen van een aantal officiële documenten. Ook heeft zij Oostenrijk verzocht om, in voorkomend geval, zijn wettelijke bepalingen te wijzigen die de federale overheid ertoe verplichten het beveiligd printen van bepaalde documenten rechtstreeks te gunnen aan de Oostenrijkse staatsdrukkerij (Österreichische Staatsdruckerei). Sinds 2000 hebben de Oostenrijkse aanbestedende diensten het printen van verschillende officiële documenten, waaronder paspoorten en rijbewijzen, rechtstreeks gegund aan de Oostenrijkse staatsdrukkerij, een privébedrijf. Zij hebben deze diensten niet voor EU-wijde concurrentie opengesteld door middel van een openbare aanbestedingsprocedure. Oostenrijk heeft niet genoegzaam gemotiveerd waarom voor het printen van deze documenten een afwijking zou mogen gelden van de regels inzake EU-wijde concurrentie; nochtans is concurrentie erop gericht dat de dienst tegen de beste kosten-batenverhouding aan de Oostenrijkse bevolking zou worden verleend. De Europese Commissie is dan ook van oordeel dat Oostenrijk zijn verplichtingen uit hoofde van de Europese regels inzake overheidsopdrachten en met name Richtlijn 2004/18/EG niet nakomt. Het verzoek van de Commissie is gedaan in de vorm van een met redenen omkleed advies (de tweede stap in de inbreukprocedure). Indien binnen twee maanden niet wordt meegedeeld welke maatregelen zijn genomen om de schending van het EU-recht te beëindigen, kan de Commissie besluiten Oostenrijk voor het Hof van Justitie van de EU te dagen. Meer informatie over overheidsopdrachten.

(Meer informatie: C. Hughes - tel. +32 229-64450 - mobiel +32 498964450)

  1. Commissie verzoekt BELGIË om meer transparantie bij financiering spoorwegen

De Europese Commissie heeft België formeel verzocht om volledig transparant te zijn over de besteding van overheidsmiddelen aan spoorwegvervoersdiensten, overeenkomstig Richtlijn 2012/34/EU. Het voeren van transparante boekhoudingen is de enige manier om vast te stellen hoe overheidsgeld wordt besteed en of dat wordt gebruikt voor andere dan de beoogde doeleinden. Momenteel kan door gebrek aan transparantie niet worden uitgesloten dat overheidsmiddelen die zijn verstrekt voor openbaredienstverplichtingen in het kader van het personenvervoer worden gebruikt voor kruissubsidiëring van andere vervoersdiensten. Dit druist in tegen de bestaande EU-regels, die beogen een efficiënte, niet-verstoorde en concurrentiegerichte interne EU-markt voor railvervoer tot stand te brengen, met gelijke regels voor alle vervoersondernemingen. Als zij binnen twee maanden geen bevredigend antwoord ontvangt, kan de Commissie België voor het Hof van Justitie van de Europese Unie dagen.

(Meer informatie: H. Kearns – tel. +32 229-87638 - mobiel +32 498987638)

  1. Versterking van consumentenrechten: Commissie dringt bij BULGARIJE aan op omzetting nieuwe EU-richtlijn

De Europese Commissie maakt zich zorgen over het verzuim van Bulgarije om de richtlijn consumentenrechten (MEMO/13/1144) in nationaal recht om te zetten. De termijn voor de omzetting van de richtlijn is verstreken op 13 december 2013; de nationale wetgeving had van kracht moeten zijn met ingang van 13 juni 2014. De richtlijn consumentenrechten omvat een nieuwe reeks belangrijke rechten en heeft geleid tot een betere consumentenbescherming in de EU. Het gaat onder meer om transparantere prijzen, om een verbod op toeslagen voor het gebruik van kredietkaarten en telefonische hulpdiensten en om een verbod op reeds aangevinkte vakjes op internet (bijvoorbeeld bij de aankoop van vliegtuigtickets), alsook om een verlenging van de termijn (van 7 tot 14 dagen) waarbinnen consumenten een aankoop ongedaan kunnen maken (zie factsheet consumentenrechten). Deze rechten blijven echter een dode letter voor de consument als zij niet met het oog op de toepassing worden omgezet in nationale wetgeving door de lidstaten. Dit is bij uitstek van belang in landen waar – volgens het recentste consumentenscorebord – consumentenrechten maar weinig bekend zijn. Bulgarije behoort tot de acht landen in de EU waar dat het geval is. Daarom voert de Commissie momenteel campagne voor consumentenrechten om consumenten meer bewust te maken van hun rechten (MEMO/14/191).

(Meer informatie: J. Salsby tel. +32 229-72459)

  1. Belastingen: Commissie verzoekt CYPRUS om aanpassing belastingregels vanwege toetreding van Kroatië tot EU

De Commissie heeft Cyprus formeel verzocht om aanpassingen van bepaalde belastingregels van de EU om te zetten teneinde rekening te houden met de toetreding van Kroatië tot de EU. Bij Richtlijn 2013/13/EU worden bepaalde belastingrichtlijnen aangepast vanwege de toetreding van Kroatië. Bij de aangepaste wetgeving gaat het onder meer om de moeder-dochterrichtlijn, de fusierichtlijn en de rente- en royaltyrichtlijn – alle ter voorkoming van dubbele belasting op de eengemaakte markt. De lidstaten hadden deze wijzigingen moeten omzetten uiterlijk op 1 juli 2013, het tijdstip van de toetreding van Kroatië tot de EU. Toch heeft Cyprus de Commissie niet van enige hiertoe genomen maatregel in kennis gesteld. Het verzoek heeft de vorm van een met redenen omkleed advies. Als de Commissie binnen twee maanden geen bevredigend antwoord ontvangt, kan zij Cyprus voor het Hof van Justitie van de EU dagen. (Ref: 2013/0346)

(Meer informatie: E. Traynor -– tel. +32 229-21548 - mobiel +32 49898371)

  1. Milieu: Commissie verzoekt DUITSLAND dringend om extra maatregelen tegen nitraatverontreiniging van water

De Europese Commissie verzoekt Duitsland dringend om scherpere maatregelen te nemen tegen de waterverontreiniging die wordt veroorzaakt door nitraten. Uit de recentste cijfers die Duitsland heeft ingediend in 2012 blijkt dat de problemen inzake nitraatverontreiniging van grondwater en oppervlaktewater ernstiger worden. Dit heeft onder meer betrekking op eutrofiëring van de kust- en zeewateren, met name in de Oostzee. Ondanks de ongunstige ontwikkelingen heeft Duitsland niet voldoende aanvullende maatregelen genomen om de nitraatverontreiniging te verminderen en te voorkomen, zoals vereist uit hoofde van het EU-recht. Nitraten zijn van wezenlijk belang voor de groei van planten en worden op grote schaal als meststoffen gebruikt, maar een overmatig gebruik van nitraten kan zoet water en het mariene milieu aantasten omdat het leidt tot de groei van algen, waardoor ander leven verstikt. Dit proces wordt eutrofiëring genoemd. Bovendien is het erg duur om overtollige nitraten weg te zuiveren uit drinkwater. Op aanbeveling van Europees commissaris voor Milieu Janez Potočnik heeft de Commissie Duitsland een met redenen omkleed advies doen toekomen om dit land te verzoeken het EU-recht op dit gebied na te leven. Indien Duitsland zijn verplichtingen niet binnen twee maanden nakomt, kan de Commissie de zaak aanhangig maken bij het Hof van Justitie van de EU.

(Meer informatie: J. Hennon – tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Commissie verzoekt SPANJE om ongelijke behandeling van aanbieders van schoolbusvervoer in Castilië en León uit te bannen

De Europese Commissie heeft Spanje formeel verzocht om de wetgeving van Castilië en León te wijzigen met betrekking tot het aanbieden van schoolbusvervoer. Op grond van de bestaande wetgeving krijgen ondernemingen die al openbare busdiensten aanbieden een voorkeursbehandeling bij aanbestedingen voor het aanbieden van schoolbusvervoer.  Dit houdt duidelijk een schending in van het beginsel van niet-discriminatie en gelijke behandeling van alle deelnemende inschrijvers bij aanbestedingsprocedures en is in strijd met Richtlijn 2004/18/EG inzake overheidsopdrachten en Verordening (EG) nr. 1370/07 inzake openbaredienstverplichtingen in het vervoer over land. Het criterium van de „laagste prijs” en het criterium van de „economisch voordeligste inschrijving” vormen de criteria voor de gunning van het contract, ongeacht andere lopende contracten voor vervoersdiensten. Als de wetgeving niet binnen twee maanden wordt gewijzigd, kan de Commissie Spanje voor het Hof van Justitie van de Europese Unie dagen.

(Meer informatie: H. Kearns – tel. +32 229-87638 - mobiel +32 498987638)

  1. Milieu: Commissie verzoekt FINLAND om omzetting van regels inzake het aan banden leggen van gevaarlijke stoffen en inzake verpakkingsafval, en om wijziging van regels inzake zwemwater

De Europese Commissie laat Finland drie met redenen omklede adviezen toekomen met betrekking tot milieuwetgeving. Met het eerste verzoekt zij Finland dringend om nader uiteen te zetten hoe de EU-wetgeving betreffende beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur (de BGS-richtlijn) wordt omgezet in nationale wetgeving. Nadat Finland de oorspronkelijke termijn, die liep tot 2 januari 2013, had laten verstrijken, heeft de Commissie op 21 maart 2013 aanmaningsbrieven verstuurd. Aangezien de tekortkomingen nog niet zijn gecorrigeerd, stuurt de Commissie een met redenen omkleed advies. Het tweede met redenen omklede advies heeft betrekking op verpakkingsafval. Uiterlijk op 13 september 2013 moesten de lidstaten de Commissie op de hoogte brengen van de stappen die zij zetten om de herziene verpakkingsrichtlijn om te zetten in nationaal recht. De werkingssfeer van de oorspronkelijke richtlijn is bij de herziening verruimd; daarbij wordt verduidelijkt wat wel en wat niet wordt verstaan onder "verpakking", met het oog op de beperking van de hoeveelheid verpakkingsafval in de hele EU. Het derde met redenen omklede advies heeft betrekking op de zwemwaterwetgeving. In de Finse wetgeving worden stranden gedefinieerd op basis van het aantal zwemmers dat een bepaalde locatie op een gemiddelde dag bezoekt, eerder dan op basis van andere door het EU-recht vereiste criteria, zoals de beschikbare infrastructuur. Volgens het EU-recht is het aantal zwemmers een geldig criterium, dat evenwel moet worden aangevuld met andere, waaronder bijvoorbeeld de beschikbare infrastructuur. De Commissie is van oordeel dat de wetgeving van Finland in strijd is met het desbetreffende EU-recht, waardoor burgers het gevaar lopen dat zij het zonder een passend niveau van bescherming moeten stellen. Daarom verzoekt de Commissie Finland om zijn zwemwaterwetgeving in overeenstemming te brengen met de Europese normen. Als Finland niet binnen twee maanden reageert, kunnen deze zaken voor het Hof van Justitie van de EU worden gebracht. Voor de BGS-richtlijn kunnen geldboeten worden opgelegd.

(Meer informatie: J. Hennon – tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Belastingen: btw op sportevenementen in FRANKRIJK

De Commissie verzoekt Frankrijk om toegangsbewijzen voor wedstrijden en andere sportevenementen aan btw te onderwerpen, voor zover deze niet aan de vermakelijkheidsbelasting zijn onderworpen.

Uit hoofde van de btw-richtlijn moet het verlenen van toegang tot sportevenementen normaal gezien namelijk aan btw worden onderworpen. In Frankrijk is het verlenen van toegang tot sportevenementen evenwel volledig vrijgesteld van btw.

Hoewel de btw-richtlijn gericht is op de harmonisatie van deze belasting met het oog op de goede werking van de interne markt, verleent zij lidstaten de mogelijkheid om hier tijdelijk van af te wijken en bepaalde vrijstellingen die reeds op 1 januari 1978 bestonden, te handhaven onder de toenmalige voorwaarden. Dat geldt voor de btw-vrijstelling die in Frankrijk werd toegepast voor sportevenementen, wanneer die aan de vermakelijkheidsbelasting waren onderworpen. Intussen heeft Frankrijk de gemeenten de mogelijkheid gegeven om sportevenementen op hun grondgebied vrij te stellen van de vermakelijkheidsbelasting. Sommige gemeenten maken gebruik van die mogelijkheid. De Commissie is van oordeel dat de btw-vrijstelling in dat geval niet meer kan worden toegepast.

Het verzoek heeft de vorm van een met redenen omkleed advies. Als zij binnen twee maanden geen bevredigend antwoord ontvangt, kan de Commissie besluiten om de zaak bij het Hof van Justitie van de Europese Unie aanhangig te maken. (Ref: 2012/4194)

(Meer informatie: E. Traynor -– tel. +32 229-21548 - mobiel +32 49898371)

  1. Diensten: Commissie verzoekt HONGARIJE om naleving EU-regels inzake mobiel betalen

Vandaag heeft de Europese Commissie Hongarije verzocht om te voldoen aan de EU-regels inzake de vrijheid van vestiging en het vrij verrichten van diensten (de artikelen 49 en 56 VWEU en de artikelen 15 en 16 van Richtlijn 2006/123/EG) voor wat mobiele betalingen betreft. Op grond van de Wet van 2011 inzake de nationale organisatie voor mobiele betalingen verkreeg het overheidsbedrijf National Mobile Payment Ltd. het exclusieve recht om het nationale systeem voor mobiele betalingen te exploiteren, een platform dat serviceproviders zullen moeten gebruiken voor bemiddelingsdiensten voor mobiele betaling van een aantal openbare diensten (zoals openbaar parkeren). Dit nieuwe exclusieve recht houdt een overbodige en aanzienlijke beperking in van de toegang tot de markt, die voordien helemaal voor concurrentie was opengesteld. Bovendien veroorzaakt het schade voor de bestaande investeerders en heeft het een ontmoedigend effect voor toekomstige investeerders, zonder dat dit passend wordt gemotiveerd. De Commissie verzoekt Hongarije in een met redenen omkleed advies – de tweede stap in de inbreukprocedure om maatregelen te nemen teneinde de EU-regels volledig na te leven. Als de Hongaarse autoriteiten niet binnen twee maanden op bevredigende wijze reageren, kan de Commissie de zaak aanhangig maken bij het Hof van Justitie van de EU.

(Meer informatie: C. Hughes - tel. +32 229-64450 - mobiel +32 498964450)

  1. Sociale zekerheid: Commissie verzoekt IERLAND om zorgtoelage uit te betalen aan in Ierland verzekerde personen die in een andere lidstaat verblijven

De Europese Commissie heeft Ierland verzocht om ervoor te zorgen dat personen die uit hoofde van de Ierse socialezekerheidswetgeving in aanmerking komen voor een zorgtoelage, deze ook ontvangen als zij in een andere lidstaat verblijven.

De zorgtoelage is een vergoeding voor personen met een laag inkomen die zorgen voor iemand die steun behoeft door leeftijd, handicap of ziekte (met inbegrip van psychische aandoeningen). Een van de vereisten om in aanmerking te komen houdt in dat de ontvanger in Ierland verblijft. Ierland handelt in strijd met de EU-regels inzake coördinatie van de sociale zekerheid door personen die in een andere lidstaat verblijven maar in Ierland socialezekerheidsbijdragen betalen, deze toelage te ontzeggen.

Het verzoek heeft de vorm van een met redenen omkleed advies in het kader van de EU-inbreukprocedure. Ierland heeft nu twee maanden de tijd om de Commissie in kennis te stellen van de maatregelen tot volledige omzetting van de EU-regels. Anders kan de Commissie besluiten Ierland voor het Hof van Justitie van de EU te dagen.

(Meer informatie: J. Todd – tel. +32 229-94107 - mobiel +32 498994107)

  1. Melkquota: Commissie verzoekt ITALIË om heffingen na te vorderen van Italiaanse melkproducenten

De Commissie zet een nieuwe stap in de inbreukprocedure tegen Italië met betrekking tot het geringe aantal geïnde heffingen die verschuldigd zijn door de melkproducenten die hun productiequota hebben overschreden in de seizoenen van 1995 tot 2009 (zie IP/13/577).

1,395 miljard EUR is nog steeds niet geïnd, op een totaalbedrag van 2,265 miljard EUR. Uit de omvang van de niet geïnde bedragen blijkt dat de Italiaanse overheid onvoldoende maatregelen heeft genomen of opgelegd met het oog op de betaling van de door de producenten verschuldigde heffingen.

Het onvermogen van Italië om deze heffingen daadwerkelijk te innen, ondermijnt de inspanningen op Europees niveau om de markt van zuivelproducten te stabiliseren en leidt tot concurrentieverstoring ten opzichte van andere Europese en Italiaanse producenten die de productiequota naleefden dan wel bij een te grote productie een heffing op de overschotten betaalden. Dit bedrag zou overigens moeten terugvloeien naar de Italiaanse begroting, zodat de Italiaanse belastingbetalers er geen geld bij inschieten.

Op 20 juni 2013 werd een aanmaningsbrief verstuurd; de tweede stap in de inbreukprocedure bestaat in het toezenden van een met redenen omkleed advies. Als de Commissie binnen twee maanden geen bevredigend antwoord ontvangt, kan zij Italië wegens niet-nakoming van zijn verplichtingen voor het Hof van Justitie van de Europese Unie dagen.

(Meer informatie: R. Waite - tel. +32 229-61404 - mobiel +32 498961404)

  1. Telecommunicatie: Commissie draagt ITALIË op eerlijke en transparante administratieve bijdragen in rekening te brengen met het oog op betere markttoegang van kmo's

Vandaag heeft de Commissie Italië formeel verzocht om de machtigingsrichtlijn volledig om te zetten in nationaal recht voor zover het administratieve bijdragen betreft die worden opgelegd aan telecomaanbieders . Het gaat met name om de criteria voor het in rekening brengen van administratieve bijdragen die belemmeringen voor markttoegang kunnen opleveren, aangezien zij onevenredig grote gevolgen hebben voor kleine netwerkaanbieders. Bovendien omvatten de Italiaanse regels niet de transparantieverplichting om een jaarlijks overzicht te publiceren van de opgelegde administratieve bijdragen en van de administratieve kosten voor rekening van het ministerie van Economische Ontwikkeling. Het verzoek van de Commissie heeft de vorm van een met redenen omkleed advies (de tweede stap in de inbreukprocedure). Indien er binnen twee maanden geen bevredigend antwoord komt van Italië, kan de Commissie Italië voor het Hof van Justitie van de EU dagen.

(Meer informatie: R. Heath – tel. +32 229-61716 - mobiel +32 460750221)

  1. Spoorwegvervoer: Commissie verzoekt PORTUGAL EU-wetgeving inzake spoorweginteroperabiliteit volledig om te zetten

De Europese Commissie heeft Portugal verzocht zijn nationale regels in overeenstemming te brengen met Richtlijn 2008/57/EG betreffende de interoperabiliteit van de spoorwegen, in het bijzonder met betrekking tot de goedkeuring van voertuigen. De richtlijn beoogt de voorwaarden vast te stellen om in het Europese spoorwegstelsel interoperabiliteit te verwezenlijken en om de spoorwegsector in staat te stellen beter met andere vervoerwijzen te concurreren. Hierdoor zullen burgers eenvoudiger in Europa kunnen reizen en zal het vervoer van goederen veiliger en milieuvriendelijker kunnen verlopen. De desbetreffende voorschriften hadden op 19 juli 2010 moeten zijn ingevoerd. Als Portugal niet op bevredigende wijze reageert, kan de Commissie de zaak bij het Hof van Justitie van de EU aanhangig maken. De Commissie heeft in dit verband in november 2013 een inbreukprocedure tegen Portugal ingeleid; nu wordt een met redenen omkleed advies verstuurd (de tweede stap in de EU-inbreukprocedure). Portugal heeft twee maanden de tijd om een antwoord te sturen aan de Commissie.

(Meer informatie: H. Kearns – tel. +32 229-87638 - mobiel +32 498987638)

  1. Milieu: Commissie verzoekt ROEMENIË om omzetting van EU-regels inzake verpakkingsafval en autowrakken

De Europese Commissie dringt er bij Roemenië op aan om nader uiteen te zetten hoe de EU-wetgeving inzake twee verschillende gebieden met betrekking tot afval – verpakkingsafval en autowrakken – wordt omgezet in nationaal recht. In de herziene verpakkingsrichtlijn is de werkingssfeer van de oorspronkelijke richtlijn verruimd en wordt verduidelijkt wat wel en wat niet wordt verstaan onder "verpakking", met het oog op de beperking van de hoeveelheid verpakkingsafval. Zij had uiterlijk op 30 september 2013 in nationaal recht moeten zijn omgezet. Roemenië heeft die termijn laten verstrijken en op 29 november 2013 is een aanmaningsbrief verstuurd. Dit land heeft in januari geantwoord dat een ontwerpregeringsbesluit werd opgesteld, maar aangezien de Commissie niet in kennis is gesteld van deze maatregelen, laat zij een met redenen omkleed advies toekomen. Het tweede met redenen omklede advies heeft betrekking op een wijziging van de EU-normen voor autowrakken, die op 22 augustus 2013 in nationaal recht hadden moeten zijn omgezet. Aangezien de Commissie geen kennisgeving heeft ontvangen, heeft zij in september een aanmaningsbrief verstuurd. Roemenië heeft geantwoord dat het inspanningen deed om de passende wetgeving vast te stellen. Aangezien de Commissie evenwel geen kennisgeving heeft ontvangen, doet zij evenwel een met redenen omkleed advies toekomen. Roemenië heeft twee maanden de tijd om te reageren. Anders kan het voor het Hof van Justitie van de EU worden gedaagd.

(Meer informatie: J. Hennon – tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Vrij verkeer van goederen: Commissie verzoekt ROEMENIË belemmeringen voor uitvoer van aardgas weg te nemen

In Roemenië worden de producenten verplicht de voorkeur te geven aan verkoop op de binnenlandse markt en is voor gastransacties voorafgaande controle en goedkeuring vereist. De Commissie is van oordeel dat het huidige wettelijke kader in Roemenië daardoor tot ongerechtvaardigde belemmeringen voor de uitvoer van gas uit Roemenië leidt en heeft het land verzocht deze op te heffen.

De Commissie is van mening dat Roemenië, door belemmeringen op te werpen voor het vrije verkeer van goederen op de eengemaakte markt, zijn verplichtingen uit hoofde van de artikelen 35 en 36 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en artikel 40, onder c), van Richtlijn 2009/73/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas niet nakomt.

Het verzoek van de Commissie aan Roemenië heeft de vorm van een met redenen omkleed advies. Als de Commissie binnen twee maanden geen bevredigend antwoord ontvangt, kan zij Roemenië voor het Hof van Justitie van de EU dagen.

(Meer informatie: C. Corazza - tel. +32 229-51752 - mobiel +32 498992862)

  1. Diergezondheid: Commissie dringt er bij ZWEDEN op aan paratuberculosetests op runderen te staken

De Europese Commissie heeft Zweden vandaag een formeel verzoek (met redenen omkleed advies) gestuurd om af te stappen van verplichte quarantaine en paratuberculosetests op runderen. De geharmoniseerde diergezondheidsvoorschriften voor de handel in runderen, die zijn opgenomen in Richtlijn 64/432/EEG, bepalen niets omtrent paratuberculose. Bovendien weerhouden deze verplichte tests na aankomst Zweedse landbouwers ervan runderen uit andere EU-lidstaten in te voeren, waardoor zij moeten worden beschouwd als een maatregel van gelijke werking als een kwantitatieve beperking. Op grond van artikel 36 van het Verdrag betreffende de werking van de EU (VWEU), dat verboden en beperkingen van invoer betreft, zijn zij derhalve niet te rechtvaardigen. Paratuberculose is een besmettelijke infectie in de dunne darm van runderen, en ook van schapen. Zij heeft een lange incubatietijd. Het gebrek aan nauwkeurige diagnostische tests voor de opsporing van besmette dieren verklaart ook waarom er met betrekking tot paratuberculose geen aanvullende EU-gezondheidsgaranties zijn vastgesteld. Tenzij Zweden de Commissie binnen twee maanden na dit formele verzoek meedeelt dat het zijn tests heeft gestaakt, kan de Commissie de zaak aanhangig maken bij het Hof van Justitie van de EU.

(Meer informatie: F. Vincent - tel. +32 229-87166 - mobiel +32 498987166)

  1. Milieu: Commissie verzoekt VK op te treden tegen elektriciteitscentrale van Pembroke, behandeling van stedelijk afvalwater aan te pakken en regels inzake zwemwater te herzien

Vandaag heeft de Commissie het VK drie met redenen omklede adviezen gestuurd over milieukwesties. Het eerste heeft betrekking op de elektriciteitscentrale van Pembroke, de grootste op aardgas gestookte elektriciteitscentrale van Europa. Het koelsysteem van deze centrale heeft een verwoestende invloed op het omliggende ecosysteem, een mariene speciale beschermingszone onder bescherming van het Unierecht. Overeenkomstig de richtlijn inzake milieueffectbeoordeling en de habitatrichtlijn mag pas toestemming voor de ontwikkeling worden verleend na beoordeling van alle potentiële effecten op het milieu. Dit lijkt niet te zijn gebeurd bij de centrale in Pembrokeshire, waar al een toestemming voor de ontwikkeling, een bouwvergunning, een toestemming voor wateronttrekking en een vergunning voor het uitbaggeren van de in- en uitlaat van het koelsysteem werden verleend vooraleer de milieubeoordelingen volledig waren voltooid. Als gevolg daarvan wordt momenteel warm water dat zwaar door biociden is belast, teruggeleid naar de beschermde waterweg van Milford Haven. Veel kleine vissen, hun eitjes en andere kleine organismen worden getroffen door het koelsysteem, dat grote hoeveelheden water door de centrale heen loodst van het ene naar het andere uiteinde van de speciale beschermingszone. In haar verzoek uit de Commissie ook haar bezorgdheid over de toepassing van de IPPC-richtlijn bij het afleveren van de definitieve vergunningen. Daarbij werd met name aangenomen dat dit koelsysteem de beste beschikbare technologie in deze kwetsbare locatie was, waardoor het mogelijk werd dat een milieukwaliteitsnorm niet werd geëerbiedigd.

Het tweede verzoek heeft betrekking op de behandeling van stedelijk afvalwater. Uit verslagen uit het VK blijkt dat de EU-normen in een aantal agglomeraties nog niet worden nageleefd. Het met redenen omklede advies van vandaag, dat volgt op aanmaningsbrieven van juni 2009 en juni 2013, houdt verband met: buitensporige lozingen van afvalwater in Llanelli en Gowerton (Wales), in de kwetsbare watergebieden van de Burry Inlet — deze vinden zelfs plaats bij normale weeromstandigheden en niet enkel na hevige regenval; het ontbreken van een secundaire behandeling van afvalwater in 9 agglomeraties waaronder Gibraltar; en het ontbreken van een ingrijpender behandeling van afvalwater in 24 agglomeraties die als kwetsbaar worden aangemerkt. Het VK heeft twee maanden de tijd om te reageren.

Het derde met redenen omklede advies heeft betrekking op de zwemwaterwetgeving. De Commissie heeft het VK verzocht om een aantal wijzigingen bij de omzetting van de EU-regels inzake zwemwater; hoewel de meeste ervan nu zijn aangebracht, wordt nog gewacht op informatie over enkele overblijvende, toegezegde wijzigingen met betrekking tot Gibraltar. Daarom heeft de Commissie een met redenen omkleed advies gezonden. Het VK heeft twee maanden de tijd om te reageren.

(Meer informatie: J. Hennon – tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Financiële diensten: Commissie verzoekt VERENIGD KONINKRIJK EU-regels toe te passen

Vandaag heeft de Europese Commissie het Verenigd Koninkrijk verzocht om volledige omzetting van de zogenaamde Omnibus I-richtlijn (Richtlijn 2010/78/EU) waarbij elf richtlijnen inzake financiële diensten worden gewijzigd (Richtlijnen 98/26/EG, 2002/87/EG, 2003/6/EG, 2003/41/EG, 2003/71/EG, 2004/39/EG, 2004/109/EG, 2005/60/EG, 2006/48/EG, 2006/49/EG en 2009/65/EG) om rekening te houden met de gevolgen van het opzetten van de nieuwe Europese toezichthoudende autoriteiten voor banken (de Europese Bankautoriteit), effecten (de Europese Autoriteit voor effecten en markten) en verzekeringen en bedrijfspensioenen (de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen). De Omnibus I-richtlijn had uiterlijk op 31 december 2011 in alle EU-lidstaten moeten zijn omgezet. In het Verenigd Koninkrijk is echter slechts een deel van de vereiste bepalingen ingevoerd. Het verzoek van de Commissie is gedaan in de vorm van een met redenen omkleed advies (de tweede stap in de EU-inbreukprocedure). Indien binnen twee maanden geen kennisgeving wordt gedaan van de volledige omzetting van de maatregelen, kan de Commissie besluiten om het Verenigd Koninkrijk voor het Hof van Justitie van de EU te dagen. Meer informatie: http://ec.europa.eu/internal_market/finances/infringements/index_en.htm

(Meer informatie: C. Hughes - tel. +32 229-64450 - mobiel +32 498964450)

  1. Ingebrekestellingen

  1. Commissie verzoekt ITALIË dringend voor gezond en schoon water voor menselijke consumptie te zorgen

De Europese Commissie leidt een inbreukprocedure in tegen Italië omdat het niet waarborgt dat water dat bestemd is voor menselijke consumptie aan de Europese normen voldoet. Waterverontreiniging met arseen en fluoride is al lang een probleem in Italië en in het bijzonder in de regio Lazio.

De drinkwaterrichtlijn verplicht de lidstaten voor menselijke consumptie bestemd water te controleren en te onderzoeken aan de hand van 48 microbiologische, chemische en indicatorparameters. Wordt een hoog niveau van arseen of andere verontreinigende stoffen vastgesteld, dan kunnen de lidstaten gedurende een beperkte periode afwijken van de in de richtlijn vastgestelde grenswaarden, mits er geen potentieel gevaar voor de volksgezondheid is en mits de levering van voor menselijke consumptie bestemd water niet langs enige andere redelijke weg kan worden gehandhaafd.

(Meer informatie: IP/14/816 - J. Hennon - tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website