Chemin de navigation

Left navigation

Additional tools

Europese Commissie

MEMO

Brussel, 19 maart 2013

Commissie werkt aan strategie om het aantal zwaargewonden in het verkeer terug te dringen – vaak gestelde vragen

De inspanningen om de verkeersveiligheid in de Unie te verhogen, werpen vruchten af. Tijdens de looptijd van de vorige strategie 2001-2010 werd het aantal verkeersdoden in de EU in totaal met 43 % teruggedrongen en werd de doelstelling om het aantal verkeersdoden tegen 2010 te halveren bijna bereikt. Per verkeersdode vallen er naar schatting echter ook tien zwaargewonden. Bovendien is de daling bij het aantal zwaargewonden veel kleiner. Uit gegevens van de lidstaten blijkt dat het aantal zwaargewonden in het verkeer tussen 2001 en 2010 slechts met 36 % is gedaald. Naast het menselijk lijden door de opgelopen verwondingen lopen de sociaaleconomische kosten op tot ongeveer 2 % van het jaarlijks bbp van de Unie.

Een strategie om het aantal gewonden terug te dringen

De Europese Commissie publiceert vandaag een document over zwaargewonden in het verkeer en stelt daarin een aantal stappen voor om een algemene EU-strategie uit te stippelen om het aantal zwaargewonden in het verkeer terug te dringen:

  1. een gemeenschappelijk definitie van het begrip zwaargewonde in het verkeer;

  2. manieren om de gegevensverzameling betreffende zwaargewonden in het verkeer te verbeteren, en

  3. het principe om een EU-doelstelling vast te stellen om het aantal zwaargewonden in het verkeer te verlagen.

Waar staan we nu?

Het aantal zwaargewonden per jaar wordt op 250 000 geraamd (ter vergelijking: in 2012 viel er 28 000 verkeersdoden).

Het vaakst voorkomende ernstige letsel is hoofd- en hersenletsel, gevolgd door verwondingen aan de benen en de ruggengraat. Ernstige verwondingen veroorzaken vaak levenslang lijden of permanente handicaps. De meeste zwaargewonde verkeersslachtoffers zijn kwetsbare weggebruikers, zoals voetgangers, fietsers, motorrijders of ouderen. In de stad vallen er op de weg meer zwaargewonden dan buiten de bebouwde kom.

Wat kunnen we hieraan doen?

De resultaatgerichte aanpak in de twee opeenvolgende tienjarige Europese verkeersveiligheidsstrategieën was een sleutelfactor om het aantal verkeersdoden terug te dringen. De ervaringen met de gerichte aanpak om het aantal verkeersdoden terug te dringen, hebben aangetoond dat een vergelijkbare aanpak om het aantal zwaargewonden in het verkeer te verminderen kansrijk is. Daartoe is er echter behoefte aan duidelijke en correcte gegevens om de omvang, aard en complexe oorzaken van ernstige verwondingen te analyseren en om het effect van toekomstige maatregelen te beoordelen.

Waarom zijn de huidige gegevens ontoereikend?

Door het ontbreken van gemeenschappelijke definities en de frequente onzorgvuldige en onderrapportering beschikken we over onvoldoende, onvolledige en onnauwkeurige informatie over de omvang en aard van ernstig letsel. Het aantal mensen dat in het verkeer ernstig letsel oploopt, ligt wellicht aanzienlijk hoger dan op dit moment wordt geregistreerd.

Op dit moment gebruiken de lidstaten verschillende, vaak niet-medische, definities van ernstige verwondingen en worden de gegevens op uiteenlopende manieren verzameld. In een aantal lidstaten wordt een zwaargewonde gedefinieerd als een persoon die behoefte heeft aan verzorging in een ziekenhuis; in andere moet het verblijf in het ziekenhuis meer dan 24 uur duren; sommige lidstaten hanteren definities op basis van diagnoselijsten.

Op dit moment worden ernstige verwondingen dikwijls niet of onzorgvuldig gerapporteerd. Die onzorgvuldigheid vloeit vaak voort uit de ter plaatse door de politie gemaakte notities, die als enige bron worden gebruikt om de ernst van de verwondingen in de verkeersveiligheidsdatabanken te bepalen. Vaak ontbreekt het aan een correcte follow-up van ziekenhuis gegevens en -beoordelingen. Een groot aantal niet-dodelijke ongevallen wordt niet gerapporteerd (bijvoorbeeld onderrapportering omdat de politie niet bij elk ongeval wordt verwittigd). Soms worden verwondingen onterecht als ernstig gerapporteerd. Uit studies blijkt dat slechts 70 % van de ernstige verwondingen daadwerkelijk wordt gerapporteerd.

De rapportering moet beter. Alleen met een beter inzicht in de situatie kunnen doeltreffende maatregelen en een beleid worden uitgestippeld om het aantal zwaargewonden terug te dringen en de gevolgen van ongevallen op lange termijn te beperken. Een beter inzicht in de tendensen inzake letsels ten gevolge van aanrijdingen is nodig om internationale vergelijkingen te kunnen maken.

Wat stellen wij voor?

De Commissie pleit vandaag voor drie voorbereidende stappen om een omvattende EU-strategie betreffende zwaargewonden in het verkeer te ontwikkelen.

1. Gemeenschappelijke definitie van zwaargewonden in het verkeer

Om doeltreffende maatregelen te kunnen nemen, moet eerst een gemeenschappelijke definitie van het begrip "zwaargewonde" worden vastgesteld. Zonder standaarddefinitie is het onmogelijk om een volledig beeld te krijgen van de omvang en de reële aard van het probleem van zwaargewonden in het verkeer en is het evenmin mogelijk om zinvolle vergelijkingen te maken.

Om tot een definitie te komen, heeft de Commissie de opties voor een gemeenschappelijke definitie in juni 2012 voorgelegd aan de vergadering van de groep op hoog niveau inzake verkeersveiligheid, die samengesteld is uit verkeersveiligheidsdeskundigen van de lidstaten. De reeds bestaande MAIS-letselschaal "Maximum Abbreviated Injury Score"1 werd daarbij als de voorkeursoptie voor een gemeenschappelijke definitie naar voren geschoven. Deze keuze werd bevestigd tijdens de vergadering van de groep op hoog niveau in januari 2013.

Wat is de MAIS-letselschaal?

De MAIS is een wereldwijd erkende letselschaal, die door de medische sector wordt gebruikt en een objectieve en betrouwbare basis voor gegevensverzameling biedt. De letselwaarde wordt in het ziekenhuis bepaald aan de hand van een gedetailleerde classificatiesleutel. De waarde reikt van 1 tot en met 6; de niveaus 3 tot en met 6 worden als ernstig letsel beschouwd. Het MAIS-systeem voorziet ook in een gedetailleerde subsclassificatie.

Dit specifieke classificatiesysteem biedt het voordeel dat het zeer betrouwbaar en goed onderbouwd is. Het gebruik van een gedetailleerde classificatiesleutel vermindert het risico op willekeurige en onzorgvuldige diagnoses. Bovendien worden de gegevens hierdoor internationaal vergelijkbaar. In een aantal lidstaten wordt deze methode voor de classificatie van zwaargewonden in het verkeer reeds toegepast. MAIS is een erkend systeem dat in de medische sector vaak wordt gebruikt. Er hoeven dus geen nieuwe systemen te worden ontwikkeld.

De lidstaten kunnen gegevens rapporteren over zowel licht- als zwaargewonden, met aanduiding van de ernst overeenkomstig de MAIS-schaal.

2. Betrouwbare gegevens over het aantal zwaargewonden

De prioriteit is betrouwbaardere cijfers te verzamelen over het aantal mensen dat bij verkeersongevallen ernstige verwondingen oploopt en een beter inzicht te verwerven in de specifieke verwondingen. Het is van vitaal belang om een gemeenschappelijke definitie van het begrip "ernstige verwondingen" vast te stellen, maar er kunnen verschillende rapporteringsystemen worden gebruikt om de gegevens te verzamelen.

De groep op hoog niveau inzake verkeersveiligheid heeft drie opties naar voren geschoven om de rapportering door de lidstaten te verbeteren:

  1. Ziekenhuisgegevens: Met de nieuwe definitie van zwaargewonde in het verkeer wordt de beoordeling normaal gezien uitgevoerd door medisch personeel in het ziekenhuis en daar ingevoerd in de databank van verkeersongevallen. Deze optie kan eenvoudig worden ingevoerd en levert betrouwbare en correcte gegevens op over de gewonden, maar biedt geen extra informatie uit de politieverslagen over de oorzaken en de kenmerken van de ongevallen.

  2. Gecombineerde politie- en ziekenhuisgegevens: Om een zo volledig mogelijk beeld te krijgen, kunnen de relevante gegevens van de politie en ziekenhuizen aan elkaar worden gekoppeld. Deze optie geniet de voorkeur van de Commissie en levert de meeste informatie op.

  3. Nationale coëfficiënten: Als tussentijdse optie is de eenvoudigste stap de huidige rapportering op basis van politieverslagen voort te zetten en een nationale correctiecoëfficiënt toe te passen om een reële raming van de totale cijfers te verkrijgen.

Het belangrijkste is dat de lidstaten de mogelijkheid krijgen één van de drie methodes tijdig toe te passen: in 2014 voor de gegevensverzameling op basis van de gemeenschappelijke definitie van het begrip zwaargewonde, met het oog op een eerste rapportering van gegevens in 2015.

3. Vaststelling van een doelstelling

Een strategische en realistische ambitieuze doelstelling om het aantal zwaargewonden terug te dringen, zou een aanvulling vormen op de huidige verkeersveiligheidsstrategie van de Unie, zoals vooropgesteld in de beleidsoriëntaties 2011-2020 van de Commissie. Naast de EU-doelstelling kunnen de lidstaten op nationaal niveau eigen doelstellingen formuleren. De lidstaten kunnen zelf een nog ambitieuzere doelstelling vaststellen of subdoelstellingen formuleren voor bepaalde groepen weggebruikers, regio's of verkeerssituaties.

Op basis van de informatie uit de gemeenschappelijke definitie en de systemen voor gegevensverzameling zal de Commissie een Europese doelstelling voorstellen voor bijvoorbeeld de periode 2015-2020. Daarna kan men op zoek gaan naar manieren om de ernst van ongevallen te verminderen om in de toekomst een aantal concrete maatregelen te bepalen.

Hoeveel kosten verkeersongevallen?

Het is zeer moeilijk om de door verkeersongevallen veroorzaakte kosten precies te berekenen. De kosten omvatten niet alleen de uitgaven voor medische verzorging, herstel, aanpassingen n.a.v. handicaps, verzekeringen en sociale bijstand, maar ook de economische impact op de samenleving en werkgevers, die personeelsleden verliezen. Ook de familie van de gewonde wordt getroffen als zij de verzorging op zich moet nemen. De vaakst genoemde raming is een totale kostprijs van ongeveer 2 % van het jaarlijks bbp van de Unie2. In 2012 zou dat neerkomen op 250 miljard euro.

Volgende stappen

De ministers van vervoer zullen de voorstellen van de Commissie voor een strategie om het aantal zwaargewonden in het verkeer terug te dringen in juni 2013 bespreken. Elke lidstaat bepaalt zelf welke methode hij gebruikt voor de verzameling en rapportering van gegevens. Vanaf 2014 kunnen de lidstaten de nieuwe gemeenschappelijke definitie en de procedures voor de verzameling van gegevens toepassen.

De Commissie zal deze gegevens dan in 2015 kunnen publiceren. Met sterke politieke steun (van de Raad en het Europees Parlement) zal de Commissie op basis van de ontvangen informatie een EU-doelstelling voorstellen voor bijvoorbeeld de periode 2015-2020. Daarna kan men op zoek gaan naar manieren om de ernst van ongevallen te verminderen om in de toekomst een aantal concrete maatregelen te bepalen.

Welke maatregelen zullen worden voorgesteld?

Het is nog te vroeg om al concrete maatregelen voor te stellen. De eerste stap is het verzamelen van betrouwbare gegevens en informatie over de omvang en de aard van het probleem. Het gebruik van meer en vergelijkbare gegevens zal helpen om toekomstige maatregelen zo efficiënt mogelijk af te stemmen op de prioriteiten, zoals:

  1. impact van aanrijdingen: aanvulling van lopende werkzaamheden inzake ongevallenpreventie om de nadruk te leggen op de instrumenten en technieken waarmee de ernst kan worden gereduceerd van verwondingen die niet kunnen worden vermeden (ontwerp van voertuigen en infrastructuur);

  2. eerstehulp- en noodhulpdiensten: De tijdens het eerste uur na een ongeval verleende hulp is cruciaal om het risico op ernstige gevolgen te verminderen. Volgens ramingen zou het aantal doden met een derde dalen indien de tijd tussen ongevallen en de aankomst van de noodhulpdiensten wordt teruggebracht van 25 tot 15 minuten3;

  3. diepgaand onderzoek naar letsel bij ongevallen om de ontwikkeling van veiligheidsmaatregelen te ondersteunen en een beter inzicht te verwerven in de complexe oorzaken. Maatregelen en beleid om het aantal zwaargewonden in het verkeer terug te dringen, moeten met feitelijke gegevens worden onderbouwd.

Komt er een wetgevingsinitiatief inzake zwaargewonden in het verkeer?

Niet elk onderdeel van deze strategie vergt nieuwe EU-regelgeving. Zoals bij alle verkeersveiligheidsmaatregelen gaat het om een gedeelde verantwoordelijkheid waarbij talrijke belanghebbenden moeten worden betrokken overeenkomstig de subsidiariteits- en evenredigheidsbeginselen. Er zal behoefte zijn aan een passende mix van wetgeving, bewustmaking, handhaving, ontwikkeling, samenwerking en kennisoverdracht tussen de betrokken actoren, bijvoorbeeld via het Europees Observatorium voor de verkeersveiligheid, en ondersteuning van onderzoek.

Voor nadere informatie:

IP/13/236

http://ec.europa.eu/transport/road_safety/topics/serious_injuries/index_en.htm

1 :

De Europese Commissie erkent dat het AIS (in al haar versies) eigendom is van de Association for the Advancement of Automotive Medicine (AAAM), die het auteursrecht bezit. De zogenaamde AIS (Abbreviated Injuryscale – letselschaal) wordt in dit werkdocument van de Commissie louter ter informatie vermeld.

2 :

WHO, World report on road traffic injury preventions, 2004.

3 :

Rocío Sánchez-Mangas, Antonio García-Ferrrer, Aranzazu de Juan, Antonio Martín Arroyo, The probability of death in road traffic accidents. How important is a quick medical response?, 2010.


Side Bar

Mon compte

Gérez vos recherches et notifications par email


Aidez-nous à améliorer ce site