Navigation path

Left navigation

Additional tools

Inbreukenpakket voor november: voornaamste beslissingen

European Commission - MEMO/13/1005   20/11/2013

Other available languages: EN FR DE ES IT SV PT FI EL CS HU LT LV MT PL SL RO

Europese Commissie

MEMO

Brussel, 20 november 2013

Inbreukenpakket voor november: voornaamste beslissingen

KLIMAATACTIE

MEDEDINGING

DIGITALE AGENDA

WERKGELEGENHEID & SOCIALE ZAKEN

ENERGIE

MILIEU

GEZONDHEID

BINNENLANDSE ZAKEN

INDUSTRIE & ONDERNEMERSCHAP

INTERNE MARKT & DIENSTEN

JUSTITIE

MARITIEME ZAKEN & VISSERIJ

BELASTINGEN & DOUANE-UNIE

VERVOER

AT

1

1

1

BE

1

1

3

CY

1

1

1

2

1

CZ

1

DE

1

1

EL

1

1

1

1

1

ES

1

1

1

1

FI

1

1

1

1

FR

1

1

1

HU

1

1

IE

1

1

1

IT

1

2

3

1

1

1

1

1

LT

1

LU

1

1

LV

1

MT

1

NL

1

PL

2

1

PT

2

1

1

1

RO

2

1

1

1

SI

1

1

1

SV

1

1

1

1

UK

1

Het maandelijkse pakket inbreukbeslissingen betreft de gerechtelijke stappen van de Europese Commissie tegen lidstaten die hun verplichtingen uit hoofde van het EU-recht niet zijn nagekomen. De beslissingen betreffen vele sectoren en moeten ervoor zorgen dat het EU-recht correct wordt toegepast. Daar hebben zowel burgers als bedrijven baat bij.

De Commissie heeft vandaag 248 beslissingen genomen: bij 58 daarvan gaat het om een met redenen omkleed advies en bij 12 om een zaak die bij het Hof van Justitie van de Europese Unie aanhangig is gemaakt. Hieronder volgt een samenvatting. Voor nadere informatie over inbreukprocedures, zie MEMO/12/12.

  1. Belangrijke zaken waarbij lidstaten zijn betrokken

  1. Commissie verzoekt lidstaten om naleving van EU-recht bij regulering van gokdiensten

De Europese Commissie heeft vandaag een aantal lidstaten opgeroepen ervoor te zorgen dat hun nationale regelgevingskaders voor gokdiensten de fundamentele vrijheden van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie eerbiedigen. De lidstaten zijn in beginsel vrij om hun beleidsdoelstellingen op het gebied van onlinegokken te bepalen.

Na raadpleging van de betrokken lidstaten zijn thans besluiten over een eerste reeks hangende procedures genomen. Concreet betekent dit dat de Commissie vandaag:

  • Zweden heeft verzocht te voldoen aan de EU-voorschriften inzake het vrij verkeer van diensten wat de regulering van en het toezicht op zijn gokmonopolie betreft;

  • een inbreukprocedure tegen Finland inzake de overeenstemming van de nationale bepalingen tot vaststelling van uitsluitende rechten voor het aanbieden van gokdiensten met het EU-recht heeft afgesloten;

  • heeft besloten om België, Cyprus, Tsjechië, Litouwen, Polen en Roemenië een officieel verzoek om inlichtingen over de nationale wettelijke regeling ter beperking van het aanbod van gokdiensten te sturen.

(meer informatie: IP/13/1101, C. Hughes - tel. +32 229-64450 - mobiel +32 498964450)

  1. Zaken die bij het Hof van Justitie aanhangig zijn gemaakt

  1. Hernieuwbare energie: Commissie daagt Oostenrijk voor Hof wegens niet-omzetting van EU-voorschriften

De Europese Commissie daagt Oostenrijk voor het Hof van Justitie van de Europese Unie omdat het de richtlijn inzake hernieuwbare energie niet heeft omgezet. Volgens de richtlijn moet in 2020 energie uit hernieuwbare bronnen 20 % van het totale energieverbruik in de EU uitmaken. De richtlijn moest uiterlijk op 5 december 2010 door de lidstaten zijn omgezet.

De Commissie stelt een dwangsom van 40 512 EUR per dag voor. Daarbij is rekening gehouden met de duur en de ernst van de inbreuk. Als het Hof de vordering toewijst, is de dwangsom per dag verschuldigd vanaf de datum van de uitspraak van het arrest totdat de omzetting is voltooid. Over het uiteindelijke bedrag van de dwangsom beslist het Hof.

(meer informatie: IP/13/1113 - M. Holzner - tel. +32 229-60196 - mobiel +32 498982280)

  1. Milieu: Europese Commissie daagt Griekenland opnieuw voor Hof in verband met afvalwater

De Europese Commissie daagt Griekenland opnieuw voor het Hof van Justitie in verband met de slechte behandeling van stedelijk afvalwater

Door het gebrek aan afvalwaterbehandeling komt de gezondheid van de bevolking in gevaar; onbehandeld afvalwater kan immers besmet zijn met schadelijke bacteriën en virussen. Onbehandeld afvalwater bevat daarnaast ook voedingsstoffen zoals stikstof en fosfor die het mariene milieu schade kunnen toebrengen doordat ze zorgen voor een overmatige groei van algen die ander leven verstikken. Een degelijke afvalwaterbehandeling geldt als een belangrijke factor voor een bloeiende toeristische industrie, een cruciale sector voor de Griekse economie.

De Commissie is zich terdege bewust van de moeilijke situatie waarin Griekenland thans verkeert, maar is ervan overtuigd dat Griekenland, als deze investering nu achterwege blijft, in de toekomst uiteindelijk zelfs nog met hogere kosten zal geconfronteerd worden.

De Commissie verzoekt het Hof daarom financiële sancties op te leggen; zij stelt een forfaitaire som van 11.514.081 miljoen EUR en een dwangsom van47.462 EUR per dag voor totdat aan de verplichtingen is voldaan. Over het uiteindelijke bedrag van de dwangsom beslist het Hof.

(meer informatie: IP/13/1102, J. Hennon - tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Staatssteun: Commissie daagt Italië voor Hof wegens niet-uitvoering van arrest inzake terugvordering van onwettige steun

De Europese Commissie heeft Italië voor het Hof van Justitie van de EU gedaagd wegens niet-uitvoering van een eerdere uitspraak waarbij het Hof heeft bevestigd dat bepaalde door Italië in Venetië en Chioggia toegestane verlagingen van sociale bijdragen onwettige staatssteun waren, die van de begunstigden moest worden teruggevorderd. De Commissie was oorspronkelijk in een beschikking van 1999 tot deze conclusie gekomen. Aangezien het de tweede keer is dat Italië voor het Hof wordt gedaagd wegens niet-uitvoering van een eerder arrest, heeft de Commissie het Hof verzocht Italië financiële sancties op te leggen.

De Commissie stelt een dwangsom voor van 24 578,40 EUR per dag, vermenigvuldigd met het aantal dagen tussen de eerste uitspraak van het Hof en hetzij de volledige nakoming door de lidstaat, hetzij de tweede uitspraak van het Hof ingevolge artikel 260, lid 2, VWEU, en een degressieve dwangsom van 187 264 EUR voor elke dag tussen de uitspraak van het arrest en de uitvoering ervan. Over het uiteindelijke bedrag van de dwangsom beslist het Hof.

(meer informatie: IP/13/1103 - A. Colombani – tel. +32 229-74513 – mobiel +32 460752063)

  1. Douane: Commissie daagt België voor Hof in verband met openingstijden douanekantoren en retributies

De Europese Commissie heeft besloten België voor het Europees Hof van Justitie te dagen omdat de Belgische wetgeving over de openingstijden en retributies van de douanekantoren niet in overeenstemming is met de EU-voorschriften. De Belgische douanekantoren hanteren niet alleen beperkte openingstijden, maar vragen bedrijven ook om een extra vergoeding voor prestaties buiten die openingstijden. Bovendien worden zelfs binnen de normale openingstijden extra vergoedingen gevraagd voor het valideren, ongeldig maken en aanzuiveren van aangiften en het afhandelen van verzoeken om terugbetaling. De Commissie is van mening dat deze Belgische voorschriften in strijd zijn met de Europese douanevoorschriften. Er is in mei 2011 een met redenen omkleed advies naar België gezonden, maar aangezien een bevredigend antwoord uitblijft, heeft de Commissie besloten de zaak bij het Hof van Justitie van de EU aanhangig te maken.

(meer informatie: IP/13/1104 - E. Traynor - tel. +32 229-21548 - mobiel +32 498983871)

  1. Belastingen: Commissie daagt België voor Hof van Justitie in verband met twee discriminerende bepalingen in wetgeving

De Commissie heeft besloten om België voor het Hof van Justitie van de Europese Unie te dagen vanwege de wijze waarop bepaalde inkomsten van buitenlandse coöperatieve vennootschappen en buitenlandse vennootschappen met een sociaal oogmerk en bepaalde rentebetalingen aan buitenlandse vennootschappen belast worden.

(meer informatie: IP/13/1105 - E. Traynor - tel. +32 229-21548 - mobiel +32 498983871)

  1. Transport: Commissie daagt Duitsland voor Hof in verband met verzuim financiële stromen van treinexploitanten en spoorwegbeheerders te scheiden

De Europese Commissie heeft besloten Duitsland voor het Hof van Justitie van de Europese Unie te dagen omdat het niet voldoet aan de EU-voorschriften inzake financiële transparantie in de sector spoorvervoer. De huidige regelingen in Duitsland sluiten niet uit dat overheidsmiddelen kunnen worden aangewend voor kruissubsidiëring van passagiers- en goederenvervoer waarvoor mededinging mogelijk is.

(meer informatie: IP/13/1097 - H. Kearns - tel. +32 229-87638 - mobiel +32 498987638)

  1. Sociale zekerheid: Commissie daagt Finland voor Hof wegens beperking rechten van personen die in andere lidstaten hebben gewerkt

De Europese Commissie heeft besloten Finland voor het Hof van Justitie van de Europese Unie te dagen omdat het vereist dat personen die een aanvraag voor werkloosheidsuitkeringen indienen ten minste vier weken in Finland moeten hebben gewerkt (of vier maanden als zelfstandige moeten hebben gewerkt) als voorwaarde om de tijdvakken waarvoor in een andere lidstaat werkloosheidsverzekering is betaald in aanmerking te nemen. Deze voorwaarde discrimineert personen die in een andere lidstaat hebben gewerkt (zowel Finnen als burgers van andere lidstaten) en is in strijd met de EU-wetgeving die het vrij verkeer van werknemers waarborgt.

De Commissie heeft Finland in haar met redenen omkleed advies van 30 mei 2013 verzocht een einde te maken aan deze discriminatie van werknemers uit andere lidstaten (MEMO/13/470), maar de Finse autoriteiten weigeren passende maatregelen te treffen om aan de regelgeving te voldoen.

(meer informatie: IP/13/1107, J. Todd - tel. +32 229-94107 - mobiel +32 498994107)

  1. Arbeidstijd: Commissie daagt Griekenland voor Hof wegens schending EU-voorschriften in openbare gezondheidsdiensten

De Europese Commissie heeft besloten Griekenland voor het Hof van Justitie van de Europese Unie te dagen omdat het de EU-voorschriften inzake de beperking van de arbeidstijd voor artsen in de openbare gezondheidsdiensten niet naleeft. Griekenland waarborgt met name niet dat deze artsen niet meer werken dan gemiddeld 48 uur per week, inclusief overwerk.

In de praktijk moeten artsen in openbare ziekenhuizen en gezondheidscentra in Griekenland vaak gemiddeld minimaal 64 uur per week werken en in sommige gevallen meer dan 90 uur, zonder wettelijke maximumgrens.

De Commissie is van oordeel dat deze situatie een ernstige schendig vormt van de arbeidstijdenrichtlijn, die niet enkel de gezondheid en veiligheid van de artsen in gevaar brengt, maar door het risico op fouten bij oververmoeide artsen, ook van hun patiënten.

(meer informatie IP/13/1108, J. Todd - tel. +32 229-94107 - mobiel +32 498994107)

  1. Arbeidstijd: Commissie daagt Ierland voor Hof wegens schending EU-voorschriften inzake beperking arbeidstijd in openbare gezondheidsdiensten

De Europese Commissie heeft besloten Ierland voor het Hof van Justitie van de Europese Unie te dagen omdat het de EU-voorschriften inzake de beperking van de arbeidstijd voor artsen in de openbare gezondheidsdiensten niet naleeft.

De Ierse nationale wetgeving voorziet in de beperking van de arbeidstijd voor artsen, maar openbare ziekenhuizen passen deze regels vaak in de praktijk niet toe bij artsen in opleiding of bij andere ziekenhuisartsen die geen consult geven. In talrijke gevallen moeten jonge artsen regelmatig onafgebroken diensten van 36 uur verzorgen, zodat ze tot meer dan 100 uur werken in één week tijd, en gemiddeld 70-75 uur per week, en moeten zij doorwerken zonder aangepaste rust- of slaappauzes.

De Commissie is van oordeel dat deze situatie een ernstige schendig vormt van de arbeidstijdenrichtlijn van de EU, die de gezondheid en veiligheid van de artsen in gevaar brengt.

(meer informatie: IP/13/1109, J. Todd - tel. +32 229-94107 - mobiel +32 498994107)

  1. Luchtvaart: Commissie daagt Portugal voor Hof wegens niet-waarborging onafhankelijkheid luchthavenslotcoördinator

De Europese Commissie heeft besloten Portugal voor het Hof van Justitie van de Europese Unie te dagen omdat het de gemeenschappelijke regels van de EU voor de toewijzing van slots niet naleeft. De Commissie is van oordeel dat de slotcoördinator niet onafhankelijk en autonoom ten opzichte van ANA kan functioneren. Bovendien heeft ANA tot nu toe alle kosten van de slotcoördinator vergoed. De Commissie is bijgevolg van mening dat de slotcoördinator niet financieel onafhankelijk is van ANA en dat dit eerlijke concurrentie in de weg kan staan.

(meer informatie: IP/13/1100- H. Kearns - tel. +32 229-87638 - mobiel +32 498987638)

  1. Btw: Commissie daagt Zweden voor Hof in verband met btw op postdiensten

De Europese Commissie heeft besloten Zweden voor het Hof van Justitie van de Europese Unie te dagen omdat het btw heft op postdiensten. Zweden heft btw op bepaalde diensten die volgens de EU-regelgeving zouden moeten vrijgesteld zijn van btw. Zweden stelt postdiensten niet vrij van btw. Alle exploitanten, ook diegene die de universele dienst aanbiedt, zijn verplicht btw aan te rekenen. Daarmee heeft Zweden nagelaten een vrijstelling uit de EU-wetgeving toe te passen.

(meer informatie: IP/13/1111- E. Traynor - tel. +32 229-21548 - mobiel +32 498983871)

  1. Met redenen omklede adviezen

  1. Klimaatverandering: Commissie verzoekt zes lidstaten nationale maatregelen voor milieuveilige geologische opslag van kooldioxide aan te nemen

Vandaag heeft de Commissie Oostenrijk, Cyprus, Hongarije, Ierland, Zweden en Slovenië verzocht de noodzakelijke maatregelen aan te nemen voor de volledige omzetting van Richtlijn 2009/31/EG betreffende de geologische opslag van CO2 ("de richtlijn afvang en opslag"). Tot op heden hebben deze lidstaten geen kennisgeving gedaan van maatregelen voor de volledige omzetting. Daarom verzoekt de Commissie deze lidstaten, in een met redenen omkleed advies (stap twee van de inbreukprocedure), de EU-wetgeving na te leven.

De richtlijn afvang en opslag is in 2009 aangenomen als onderdeel van het klimaat- en energiepakket. De richtlijn schept een juridisch kader voor de milieuveilige geologische opslag van CO2, neemt de wettelijke belemmeringen voor de geologische opslag van CO2 weg en stelt voorschriften vast voor de volledige levenscyclus van een opslaglocatie. De technologie van afvang en opslag van kooldioxide wordt, indien commercieel toegepast, beschouwd als een belangrijke bijdrage aan de omschakeling naar een koolstofarme economie in de EU.

(meer informatie: I. Valero Ladron - tel. +32 229-64971 - mobiel +32 498964971)

  1. Commissie verzoekt België en Duitsland richtlijn betalingsachterstand om te zetten (zaken 2013/0206 en 2013/0213)

De Europese Commissie heeft België en Duitsland verzocht hun wetgeving in overeenstemming te brengen met de EU-voorschriften betreffende bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties, aangezien geen van beide landen dit voor de uiterste datum van 16 maart 2013 heeft gedaan. Betalingsachterstand is een van de voornaamste belemmeringen voor het vrij verkeer van goederen en diensten in de interne markt omdat daardoor administratieve en financiële lasten voor de bedrijven ontstaan, grensoverschrijdende handel wordt bemoeilijkt en de mededinging wordt verstoord.

De richtlijn betreffende bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties harmoniseert de termijn waarbinnen overheidsinstanties aan bedrijven moeten betalen: overheidsinstanties moeten voor de goederen en diensten die zij hebben aangekocht betalen binnen 30 dagen, of in zeer uitzonderlijke gevallen, binnen 60 dagen. Als de richtlijn niet tijdig wordt omgezet, blijven bedrijven, en met name de kleine en middelgrote ondernemingen, blootgesteld aan het risico van liquiditeitsproblemen en faillissement.

De Commissie heeft daarom een met redenen omkleed advies uitgebracht waarin zij België en Duitsland verzoekt hun wetgeving aan te passen. Als de betrokken lidstaten de Commissie niet binnen twee maanden in kennis stellen van de maatregelen die zij hebben genomen voor de volledige nakoming van hun verplichtingen uit hoofde van de richtlijn, kan de Commissie hen voor het Hof van Justitie van de Europese Unie dagen.

(meer informatie: C. Corazza - tel. +32 229-51752 - mobiel +32 498992862)

  1. Mensenhandel: Commissie verzoekt Cyprus, Spanje, Italië en Luxemburg EU-voorschriften inzake mensenhandel om te zetten

De Commissie heeft Cyprus, Spanje, Italië en Luxemburg formeel verzocht de nakoming van hun verplichtingen uit hoofde van de EU-wetgeving inzake mensenhandel te waarborgen (IP/11/332).

Zes maanden na de uiterste datum voor omzetting van Richtlijn 2011/36/EU, en ondanks de aanmaningsbrieven van 29 mei 2013, hebben deze landen de Commissie nog steeds niet in kennis gesteld van de nationale maatregelen voor de omzetting van de EU-voorschriften.

De Commissie doet hun daarom met redenen omklede adviezen toekomen. Indien de lidstaten over twee maanden nog niet aan hun wettelijke verplichting hebben voldaan, kan de Commissie de landen voor het Hof van Justitie dagen.

De EU-richtlijn inzake mensenhandel kan een wezenlijk verschil betekenen voor het leven van de slachtoffers en kan voorkomen dat anderen slachtoffer worden. De richtlijn omvat verschillende gebieden zoals strafrechtelijke bepalingen, vervolging van de daders, slachtofferhulp en de rechten van slachtoffers tijdens de strafprocedures, preventie en monitoring van de uitvoering.

Tot dusver hebben 18 landen kennisgeving gedaan van de volledige omzetting (Tsjechië, Zweden, Estland, Letland, Litouwen, Hongarije, Polen, Roemenië, Finland, Bulgarije, Kroatië, Ierland, Griekenland, Frankrijk, Oostenrijk, Portugal, Slowakije en het Verenigd Koninkrijk).

(meer informatie: M. Cercone - tel. +32 229-80963 - mobiel +32 498982349)

  1. Energie-efficiëntie van gebouwen: Griekenland en Malta verzocht EU-wetgeving inzake energie-efficiëntie van gebouwen om te zetten

De Commissie heeft Malta en Griekenland formeel verzocht de nakoming te waarborgen van hun verplichtingen uit hoofde van de EU-wetgeving inzake energie-efficiëntie van gebouwen (Richtlijn 2010/31/EU). De richtlijn moest uiterlijk op 9 juli 2012 in nationaal recht zijn omgezet. Tot dusver hebben Malta en Griekenland de EU-bepalingen niet volledig in nationale wetgeving omgezet. De Commissie heeft Malta een met redenen omkleed advies toegezonden waarin wordt verzocht de Commissie in kennis te stellen van alle noodzakelijke uitvoeringsmaatregelen. De Commissie heeft tevens Griekenland in een aanvullend met redenen omkleed advies eraan herinnerd dat het de richtlijn volledig moet omzetten, nadat in januari reeds een advies was toegezonden. Indien de lidstaten over twee maanden nog niet aan hun wettelijke verplichting hebben voldaan, kan de Commissie de landen voor het Hof van Justitie dagen. Krachtens deze richtlijn moeten de lidstaten minimumeisen inzake energieprestaties voor gebouwen vaststellen en toepassen, de certificatie van de energieprestatie van gebouwen waarborgen en regelmatig controles van installaties voor verwarming en airconditioning verrichten. Vanaf 2021 moeten de lidstaten krachtens de richtlijn tevens waarborgen dat alle nieuwe gebouwen zogeheten bijna-energieneutrale gebouwen zijn. In september 2012 heeft de Commissie inbreukprocedures ingeleid tegen 24 lidstaten (alle lidstaten met uitzondering van Denemarken, Ierland en Zweden), die de Commissie niet in kennis hadden gesteld van nationale maatregelen voor de omzetting van de richtlijn in nationale wetgeving. In januari 2013 werden reeds met redenen omklede adviezen verstuurd aan Italië, Griekenland, Portugal en Bulgarije, in april 2013 aan Spanje en Slovenië, in juni 2013 aan België, Duitsland, Finland, Frankrijk, Letland, Polen en Nederland, in september 2013 aan Oostenrijk, Cyprus, Estland, Litouwen, Luxemburg, Hongarije en het Verenigd Koninkrijk en in oktober 2013 aan Tsjechië en Roemenië. Meer informatie: http://ec.europa.eu/energy/efficiency/buildings/buildings_en.htm

(meer informatie: M. Holzner - tel. +32 229-60196 - mobiel +32 498982280)

  1. Vervalste geneesmiddelen: Commissie verzoekt vier lidstaten voorschriften patiëntenveiligheid na te leven

Vandaag heeft de Commissie Italië, Polen, Slovenië en Finland een formeel verzoek toegezonden waarin erop wordt aangedrongen dat zij de volledige naleving van de richtlijn vervalste geneesmiddelen waarborgen1. Deze richtlijn beoogt te verhinderen dat vervalste geneesmiddelen bij de patiënten terechtkomen. De richtlijn stelt geharmoniseerde pan-Europese veiligheids- en controlemaatregelen vast, die zorgen voor een eenvoudigere identificatie van vervalste geneesmiddelen en voor betere verificaties en controles aan de EU-grenzen en binnen de EU.

Deze vier EU-landen hebben de richtlijn nog niet in nationale wetgeving omgezet, hoewel zij dat voor de uiterste datum van 2 januari 2013 hadden moeten doen. De betrokken lidstaten hebben twee maanden de tijd om de Commissie hun maatregelen mee te delen om het EU-recht volledig na te leven. Blijft mededeling van adequate maatregelen achterwege, dan kan de Commissie de zaken voorleggen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie.

(meer informatie: F. Vincent - tel. +32 229-87166 - mobiel +32 498987166)

  1. Belastingen: Commissie verzoekt Frankrijk en Letland cruciale EU-voorschriften tegen belastingontduiking om te zetten

De Commissie heeft Frankrijk en Letland vandaag verzocht de richtlijn betreffende administratieve samenwerking in nationale wetgeving om te zetten. Deze richtlijn is van fundamenteel belang voor de EU om belastingontduiking te bestrijden, aangezien zij maatregelen omvat om de transparantie te verhogen, de gegevensuitwisseling te verbeteren en de grensoverschrijdende samenwerking te bevorderen (zie IP/12/1376). Krachtens de richtlijn administratieve samenwerking zal bovendien in de toekomst de automatische uitwisseling van gegevens tussen belastingautoriteiten nog aanzienlijk worden uitgebreid. De lidstaten waren juridisch verplicht deze richtlijn vanaf 1 januari 2013 toe te passen, maar Frankrijk en Letland hebben nog geen kennisgeving gedaan van de volledige omzetting van de nieuwe voorschriften. Als de Commissie binnen twee maanden geen bevredigend antwoord ontvangt, kan zij de landen voor het Hof van Justitie van de EU dagen. Ref.: IN/2013/0036 en IN/2013/0052

(meer informatie: E. Traynor - tel. +32 229-21548 - mobiel +32 498983871)

  1. Milieu: Commissie verzoekt Italië, Roemenië en Slovenië EU-voorschriften voor opslag van als afval beschouwd metallisch kwik om te zetten

De Europese Commissie heeft er bij Italië, Roemenië en Slovenië op aangedrongen dat zij gegevens zouden verschaffen hoe de EU-wetgeving inzake opslag van metallisch kwik dat als afval wordt beschouwd wordt omgezet in hun interne wetgeving. Nadat de betrokken lidstaten de oorspronkelijke uiterste datum van 15 maart 2013 hebben laten voorbijgaan, heeft de Commissie aanmaningsbrieven gestuurd waarin de lidstaten twee maanden de tijd krijgen om te antwoorden. Aangezien de Commissie geen antwoord heeft ontvangen, stuurt zij een met redenen omkleed advies. Als Italië, Roemenië of Slovenië niet binnen twee maanden reageert, kan de Commissie een zaak aanhangig maken bij het Hof van Justitie van de EU.

(meer informatie: J. Hennon - tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Energie-efficiëntie van gebouwen: Verenigd Koninkrijk en Nederland verzocht verplichtingen op grond van EU-wetgeving inzake energie-efficiëntie van gebouwen na te komen

De Commissie heeft Nederland en het Verenigd Koninkrijk verzocht ervoor te zorgen dat altijd energieprestatiecertificaten worden verstrekt bij de verkoop of de verhuur van een gebouw. De afgifte van een energieprestatiecertificaat is een van de belangrijkste vereisten die zijn neergelegd in de EU-wetgeving inzake de energie-efficiëntie van gebouwen (Richtlijn 2010/31/EU). Deze inbreuken betreffen de onjuiste toepassing van de bepalingen voor de afgifte van energieprestatiecertificaten. Het certificaat is bedoeld om de kopers en huurders te informeren over de energie-efficiëntieklasse van hun gebouw en om het terugdringen van het energieverbruik van gebouwen te stimuleren. Deze verzoeken worden gedaan in de vorm van met redenen omklede adviezen in het kader van de EU-inbreukprocedure. Is er binnen twee maanden geen bevredigend antwoord, dan kan de Commissie deze twee lidstaten voor het Hof van Justitie dagen. De Commissie heeft Nederland in juni 2013 en het Verenigd Koninkrijk in september 2013 een met redenen omkleed advies gestuurd met het verzoek om alle bepalingen van de richtlijn inzake de energie-efficiëntie van gebouwen in nationaal recht om te zetten. Zie voor meer informatie:  http://ec.europa.eu/energy/efficiency/buildings/buildings_en.htm

(meer informatie: M. Holzner - tel. +32 229-60196 - mobiel +32 498982280)

  1. Milieu: Commissie verzoekt Oostenrijk toestemming voor elektriciteitscentrale aan rivier Schwarze Sulm in heroverweging te nemen

De Europese Commissie verzoekt Oostenrijk de toestemming die is verleend voor de geplande elektriciteitscentrale aan de rivier Schwarze Sulm in Stiermarken opnieuw te toetsen. De Commissie vreest dat de toestemming is verleend zonder dat voldoende rekening is gehouden met de kaderrichtlijn water en dat de bouw van de elektriciteitscentrale er onvermijdelijk toe leidt dat de hoge natuurlijke kwaliteit van de rivier verslechtert. Volgens de EU-wetgeving kan verslechtering van de waterkwaliteit alleen worden toegestaan op grond van dwingende redenen van openbaar belang, en de Commissie is van oordeel dat in dit geval niet is voldaan aan de voorwaarden voor een dergelijke uitzondering. De antwoorden die Oostenrijk tot nog toe heeft gegeven op de in april 2013 verstuurde aanmaningsbrief bieden geen oplossing voor de kwestie, zodat thans een met redenen omkleed advies is gestuurd. Als Oostenrijk niet binnen twee maanden reageert, kan de zaak voor het Hof van Justitie van de EU worden gebracht.

(meer informatie: M. Holzner - tel. +32 229-60196 - mobiel +32 498982280)

  1. Milieu: Commissie verzoekt Cyprus EU-voorschriften betreffende beperking van gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur om te zetten

De Europese Commissie verzoekt Cyprus om nadere gegevens over de wijze waarop de EU-wetgeving betreffende de beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur is omgezet in nationaal recht. Cyprus heeft verzuimd technische maatregelen vast te stellen inzake vrijstellingen voor bepaalde apparatuur die cadmium bevat. De richtlijn moest uiterlijk op 2 januari 2013 in nationaal recht zijn omgezet. Nadat Cyprus de oorspronkelijke termijn had laten verstrijken, heeft de Commissie op 21 maart 2013 een aanmaningsbrief verstuurd. Aangezien de tekortkomingen nog altijd niet zijn hersteld, stuurt de Commissie een met redenen omkleed advies. Als Cyprus niet binnen twee maanden maatregelen neemt, kan de zaak voor het Hof van Justitie van de EU worden gebracht.

(meer informatie: J. Hennon - tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Postdiensten: Commissie verzoekt Cyprus EU-voorschriften toe te passen

De Europese Commissie heeft Cyprus vandaag verzocht om omzetting van Richtlijn 2008/6/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 februari 2008 tot wijziging van Richtlijn 97/67/EG wat betreft de volledige voltooiing van de interne markt voor postdiensten in de Gemeenschap. De zogeheten derde postrichtlijn moest uiterlijk op 31 december 2012 in nationaal recht zijn omgezet door de 11 lidstaten die te kennen hadden gegeven de omzettingstermijn te zullen verlengen. Cyprus heeft echter tot op heden de bepalingen niet ten uitvoer gelegd. De Commissie doet haar verzoek in de vorm van een met redenen omkleed advies in het kader van de EU-inbreukprocedure. Als binnen twee maanden niet wordt meegedeeld welke maatregelen zijn genomen om de schending van het EU-recht te beëindigen, kan de Commissie Cyprus voor het Hof van Justitie van de EU dagen.

Zie voor meer informatie: http://ec.europa.eu/internal_market/post/index_en.htm

(meer informatie: (C. Hughes - tel. +32 229-64450 - mobiel +32 498964450)

  1. Belastingen: Commissie verzoekt Cyprus om omzetting van btw-factureringsregels

De Commissie heeft Cyprus formeel verzocht de EU-voorschriften inzake btw-facturering in nationaal recht om te zetten. De nieuwe voorschriften inzake btw-facturering (Richtlijn 2010/45/EU) zijn op 1 januari 2013 van kracht geworden. Bij die voorschriften wordt een eenvoudiger, moderner stelsel voor btw-facturering ingevoerd, wat voor de ondernemingen minder administratieve rompslomp en nalevingskosten meebrengt. De lidstaten moesten deze richtlijn uiterlijk begin 2013 hebben omgezet, maar Cyprus heeft de Commissie niet in kennis gesteld van getroffen maatregelen. Het verzoek wordt gedaan in de vorm van een met redenen omkleed advies. Als de Commissie binnen twee maanden geen bevredigend antwoord ontvangt, kan zij Cyprus voor het Hof van Justitie van de EU dagen. Ref.: IN/2013/0010

(meer informatie: E. Traynor - tel. +32 229-21548 - mobiel +32 498983871)

  1. Overheidsopdrachten: Commissie verzoekt Griekenland EU-voorschriften na te leven

De Europese Commissie heeft Griekenland vandaag gevraagd de EU-voorschriften inzake overheidsopdrachten na te leven. De Griekse wetgeving kent een stelsel van verplichte registratie voor nationale bouwondernemingen, waarin vooraf wordt vastgelegd welke marktdeelnemers aan iedere aanbestedingsprocedure mogen deelnemen. De in het kader van de registratie gehanteerde voorwaarden waaronder potentiële inschrijvers aan aanbestedingsprocedures kunnen deelnemen, zijn in strijd zijn met de EU-voorschriften inzake overheidsopdrachten. Daarom dringt de Commissie er bij Griekenland op aan de desbetreffende nationale bepalingen binnen twee maanden in te trekken. Worden geen adequate maatregelen genomen, dan kan de Commissie de zaak bij het Hof van Justitie van de EU aanhangig maken. In de Griekse wetgeving is een registratiesysteem ingevoerd waarbij alle erkende nationale bouwondernemingen in categorieën worden ingedeeld, en voor elke categorie een specifieke beneden- en bovengrens voor het bedrag van de te gunnen opdracht geldt. Dit systeem van verplichte registratie leidt ertoe dat ondernemingen die in economisch, financieel, professioneel en technisch opzicht beschikken over de capaciteit voor de uitvoering van een bepaalde opdracht in het kader van de desbetreffende aanbestedingsprocedure, worden uitgesloten, op de enkele grond dat hun financiële draagkracht verschilt van — meestal groter is dan — die welke de specifieke categorie voor een bepaalde procedure toestaat. Een dergelijke restrictieve regeling is in strijd met Richtlijn 2004/18/EG en met de fundamentele beginselen van gelijke behandeling en non-discriminatie waarop de EU-voorschriften inzake overheidsopdrachten zijn gebaseerd. Zie voor meer informatie: http://ec.europa.eu/internal_market/publicprocurement/index_en.htm

(meer informatie: (C. Hughes - tel. +32 229-64450 - mobiel +32 498964450)

  1. Commissie verzoekt Griekenland einde te maken aan discriminerende bepalingen in successiebelastingwetgeving

De Commissie heeft Griekenland vandaag verzoeken gestuurd tot wijziging van twee discriminerende voorschriften op het gebied van successiebelasting. Het eerste verzoek betreft een naar Grieks recht toegestane belastingvrijstelling voor nalatenschappen die uit vastgoed bestaan. De vrijstelling geldt enkel voor EU-burgers die in Griekenland woonachtig zijn en geen eigenaar van een eerste woning zijn. Volgens de Commissie is dit een discriminatie van EU- en EER-onderdanen die woonplaats buiten Griekenland hebben alsmede een belemmering van het in de Verdragen verankerde vrij verkeer van kapitaal. Het tweede verzoek heeft betrekking op een discriminerende bepaling op grond waarvan het in Griekenland uitsluitend op voorwaarde van wederkerigheid is toegestaan legaten aan non-profitorganisaties in andere EU/EER-landen volgens een voorkeurstarief te belasten. Volgens de Commissie leidt toepassing van een wederkerigheidsvoorwaarde tot een discriminerende behandeling die een belemmering vormt voor het vrij verkeer van kapitaal. De Commissie doet haar verzoeken in de vorm van met redenen omklede adviezen. Als Griekenland de betrokken bepalingen niet binnen twee maanden aanpast, kan de Commissie de zaak voorleggen aan het Hof van Justitie van de EU. Ref.: IN/2012/2134

(meer informatie: E. Traynor - tel. +32 229-21548 - mobiel +32 498983871)

  1. Milieu: Commissie verzoekt Spanje om betere natuurbescherming op Canarische Eilanden

De Europese Commissie verzoekt Spanje om betere voorschriften ter bescherming van de natuur op de Canarische eilanden. Op grond van de habitatrichtlijn moet voor bepaalde soorten een systeem van strikte bescherming worden ingesteld, ongeacht waar zij voorkomen. In Regionale wet 4/2010 van Spanje is een lijst opgenomen van beschermde soorten in de Autonome Gemeenschap van de Canarische eilanden, waaronder één categorie — soorten "van speciaal belang voor de ecosystemen van de Canarische eilanden" — die alleen voor strikte bescherming in aanmerking komt als de soorten binnen de grenzen van een beschermd gebied voorkomen. Sommige van de betrokken soorten moeten echter, ongeacht waar zij voorkomen, strikte bescherming krijgen. De Commissie is derhalve van oordeel dat de nieuwe lijst niet in overeenstemming is met de verplichtingen uit hoofde van de habitatrichtlijn. Als Spanje niet binnen twee maanden maatregelen neemt, kan de zaak voor het Hof van Justitie van de EU worden gebracht.

(meer informatie: J. Hennon - tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Spoorvervoer: Commissie verzoekt Spanje EU-wetgeving op gebied van spoorweginteroperabiliteit om te zetten

De Commissie vraagt Spanje om zijn nationale voorschriften in overeenstemming te brengen met de EU-wetgeving inzake spoorweginteroperabiliteit. Richtlijn 2008/57/EG beoogt de voorwaarden vast te stellen om het Europese spoorwegvervoersysteem over de grenzen heen interoperabel te maken, dat wil zeggen dat meer treinen in meer dan één land moeten kunnen rijden. Hierdoor zal de concurrentie op de nationale markten toenemen, zodat de spoorwegsector beter zal kunnen concurreren met andere vormen van vervoer. De voorschriften hadden op 19 juli 2010 moeten zijn ingevoerd. Als Spanje niet op bevredigende wijze reageert, kan de Commissie de zaak bij het Hof van Justitie van de EU aanhangig maken. De Commissie heeft de inbreukprocedure tegen Spanje in maart dit jaar ingeleid; nu wordt een met redenen omkleed advies verstuurd (de tweede stap in de EU-inbreukprocedure). Spanje heeft twee maanden de tijd om een antwoord te sturen aan de Commissie.

(meer informatie: H. Kearns - tel. +32 229-87638 - mobiel +32 498987638)

  1. Finland: ontoereikende omzetting van voorschriften inzake bijstand aan slachtoffers van discriminatie

De Commissie heeft vandaag een met redenen omkleed advies gericht aan Finland in de tweede fase van de inbreukprocedure met betrekking tot het gebrekkig functioneren van het nationale orgaan voor rassengelijkheid, dat alle lidstaten op grond van de EU-wetgeving inzake gelijke behandeling (Richtlijn 2000/43/EG) verplicht zijn op te richten. De lidstaten zijn ingevolge de antidiscriminatievoorschriften van de EU verplicht een nationaal orgaan voor gelijke behandeling op te richten dat tot taak heeft slachtoffers van discriminatie onafhankelijke bijstand te verlenen bij de verdere behandeling van hun klachten en toezicht te houden op en te rapporteren over discriminatie. Nationale organen voor gelijke behandeling spelen een cruciale rol, met name voor de adequate handhaving van de richtlijn en om de bescherming van slachtoffers van discriminatie te waarborgen. Het is van essentieel belang dat de nationale organen voor gelijke behandeling alle door de richtlijn voorgeschreven taken vervullen. Er is momenteel naar Fins recht niet voorzien in de aanwijzing van een orgaan voor gelijke behandeling waar gevallen van discriminatie op grond van ras of etnische afstamming op de arbeidsmarkt kunnen worden aangebracht. De Commissie roept Finland derhalve op om zijn voorschriften in overeenstemming te brengen met die van de EU teneinde te waarborgen dat slachtoffers van discriminatie passende bijstand kunnen krijgen.

(meer informatie: M. Andreeva - tel. +32 229-91382 - mobiel +32 498991382)

  1. Klimaatverandering: Commissie verzoekt Frankrijk aan EU-wetgeving over gefluoreerde broeikasgassen te voldoen

Ingevolge Verordening (EG) nr. 842/2006 moeten ondernemingen een reeks maatregelen nemen om lekkages van apparatuur die gefluoreerde gassen (F-gassen) bevat, te verminderen en de gassen aan het einde van de levenscyclus van de apparatuur terug te winnen. In de verordening zijn ook voorschriften vastgesteld inzake de opleiding en certificering van personeel dat betrokken is bij het onderhoud van apparatuur, de etikettering van F-gasapparatuur en de rapportage over de productie, import en export van F-gassen, en wordt op bepaalde gebieden een verbod ingesteld. Dit zijn belangrijke maatregelen om de uitstoot van deze groep industriële gassen, die ook krachtige broeikasgassen zijn, terug te dringen en zo te helpen voorkomen dat de aarde verder opwarmt.

Tot op heden heeft Frankrijk de Commissie niet meegedeeld welke nationale instanties zullen instaan voor de certificering van ondernemingen die bepaalde oplosmiddelen op basis van F-gassen uit de apparatuur terugwinnen. Daarom verzoekt de Commissie Frankrijk vandaag in een met redenen omkleed advies (de tweede stap in de EU-inbreukprocedure) om aan het EU-recht te voldoen.

(meer informatie: I. Valero Ladron - tel. +32 229-64971 - mobiel +32 498964971)

  1. Commissie verzoekt Frankrijk handelsbelemmeringen voor kitcars op te heffen (zaak 2012/4176)

De Europese Commissie heeft Frankrijk verzocht om wijziging van zijn voorschriften voor de registratie van ingevoerde, voorheen in een andere lidstaat geregistreerde kitcars, aangezien die niet in overeenstemming zijn met het beginsel van vrij verkeer van goederen binnen de EU en met de beginselen van de EU-richtlijn inzake de kentekenbewijzen van motorvoertuigen. Kitcars bestaan uit een aantal onderdelen die door een fabrikant worden verkocht en door de koper worden samengebouwd tot een auto. Gewoonlijk zijn de mechanische onderdelen zoals de motor en de transmissie afkomstig van gebruikte voertuigen of worden zij in nieuwe staat bij andere verkopers gekocht. Momenteel weigeren de Franse autoriteiten bepaalde ingevoerde kitcars te registreren omdat sommige gegevens in de kentekenbewijzen onjuist zouden zijn (zoals de oorspronkelijke datum van registratie van het voertuig), ondanks het feit dat de kentekenbewijzen zijn opgesteld door de bevoegde autoriteiten van een ander EU-land.

Volgens de Commissie moet op de door de lidstaat van oorsprong afgegeven documenten worden vertrouwd en moet Frankrijk zich richten op de veiligheidsaspecten van het voertuig. Om een efficiënte registratie van dergelijke auto's mogelijk te maken, dienen de bevoegde nationale autoriteiten samen te werken en doeltreffend overleg te voeren om elkaar te informeren over eventuele ontbrekende of onjuiste gegevens, en niet de particulier die het voertuig koopt extra administratieve lasten op te leggen. Kunnen de nationale overheidsdiensten niet tot overeenstemming komen, dan moeten andere maatregelen worden genomen om de registratie van het voertuig mogelijk te maken; zo zouden de Franse autoriteiten bijvoorbeeld over de mogelijkheid moeten beschikken een recentere registratiedatum voor het voertuig te kiezen.

Daarom heeft de Commissie een met redenen omkleed advies aan Frankrijk gericht met het verzoek om de registratie van dergelijke, reeds in een andere lidstaat geregistreerde voertuigen mogelijk te maken. Stelt Frankrijk de Commissie niet binnen twee maanden in kennis van de maatregelen die het heeft genomen om zijn verplichtingen uit hoofde van de richtlijn volledig na te komen, dan kan de Commissie de zaak voorleggen aan het Hof van Justitie van de EU.

(meer informatie: C. Corazza - tel. +32 229-51752 - mobiel +32 498992862)

  1. Arbeidsrecht: Commissie verzoekt Italië om discriminatie van personeel met contract voor bepaalde tijd op openbare scholen te beëindigen

De Europese Commissie heeft Italië verzocht om toetsing van de arbeidsvoorwaarden van het personeel met een contract voor bepaalde tijd op openbare scholen.

De Europese Commissie heeft tal van klachten ontvangen waaruit blijkt dat dergelijk personeel met een contract voor bepaalde tijd minder gunstig wordt behandeld dan vergelijkbaar personeel in vaste dienst. In het bijzonder werken zij vele jaren lang op basis van opeenvolgende contracten voor bepaalde tijd, waardoor zij in onzekerheid verkeren omtrent hun dienstverband, hoewel zij hoofdzakelijk permanente werkzaamheden verrichten. Het nationale recht voorziet niet in doeltreffende maatregelen ter voorkoming van dergelijk misbruik. Bovendien ontvangen zij een lager loon dan het personeel in vaste dienst met een vergelijkbaar beroepsverleden. De Europese Commissie acht deze situatie in strijd met de richtlijn inzake arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd van de EU.

Het verzoek is gedaan in de vorm van een met redenen omkleed advies in het kader van de EU-inbreukprocedure. Italië heeft nu twee maanden de tijd om de Commissie mee te delen welke maatregelen zijn genomen om de richtlijn na te leven. Anders kan de Commissie Italië voor het Hof van Justitie van de EU dagen.

(meer informatie: J. Todd - tel. +32 229-94107 - mobiel +32 498994107)

  1. Gezondheid en veiligheid: Commissie verzoekt Italië richtlijn inzake preventie scherpe letsels in ziekenhuis- en gezondheidszorgbranche om te zetten

De Commissie heeft Italië verzocht de Europese richtlijn inzake de preventie van scherpe letsels in de ziekenhuis- en gezondheidszorgbranche (2010/32/EU) in nationaal recht om te zetten. De richtlijn geeft uitvoering aan de kaderovereenkomst inzake de preventie van scherpe letsels die werd gesloten door de European Hospital and Healthcare Employers’ Association (HOSPEEM) en de European Federation of Public Services Unions (EPSU). Zij moet via een combinatie van planning, bewustmaking, voorlichting, opleiding, preventie en toezicht bijdragen tot een zo veilig mogelijke werkplek voor ziekenhuis- en gezondheidszorgpersoneel. De Commissie doet haar verzoek in de vorm van een met redenen omkleed advies in het kader van de EU-inbreukprocedure. Italië heeft nu twee maanden de tijd om de Commissie in kennis te stellen van de maatregelen die zijn genomen om aan de richtlijn te voldoen. Anders kan de Commissie Italië voor het Hof van Justitie van de EU dagen.

(meer informatie: J. Todd - tel. +32 229-94107 - mobiel +32 498994107)

  1. Milieu: Commissie verzoekt Italië EU-voorschriften betreffende beperking gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur om te zetten

De Europese Commissie verzoekt Italië om nadere gegevens over de wijze waarop de EU-wetgeving betreffende de beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur (de BGS-richtlijn ) wordt omgezet in zijn nationale wetgeving. Italië is er niet in geslaagd een aantal maatregelen te treffen, onder meer met betrekking tot de herschikking van de BSG-richtlijn zelf, die uiterlijk op 2 januari 2013 moest zijn omgezet, en maatregelen betreffende vrijstellingen voor bepaalde apparatuur die lood of cadmium bevat; dit zijn twee aanverwante richtlijnen die op dezelfde datum in nationale wetgeving moesten zijn omgezet. Nadat Italië die oorspronkelijke termijn had laten verstrijken, heeft de Commissie op 21 maart 2013 aanmaningsbrieven verstuurd. Aangezien de tekortkomingen nog altijd niet zijn hersteld, stuurt de Commissie drie met redenen omklede adviezen. Als Italië niet binnen twee maanden reageert, kunnen de zaken voor het Hof van Justitie van de EU worden gebracht, dat met betrekking tot de BGS-richtlijn een financiële sanctie kan opleggen.

(meer informatie: J. Hennon - tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Btw: Commissie verzoekt Italië regels inzake bijkomende kosten voor van btw vrijgestelde invoer te herzien

De Commissie heeft Italië formeel verzocht zijn nationale belastingregels voor bijkomende kosten voor invoer (zoals transport, verzekering enz.) in overeenstemming te brengen met de btw-richtlijn van de EU. Volgens de wetgeving van de EU moeten de bijkomende kosten voor de invoer - met name transportkosten - in de heffingsgrondslag van de invoer inbegrepen zijn en moeten zij worden vrijgesteld van btw tot op de eerste bestemming. Volgens het Italiaanse recht zijn deze bijkomende kosten enkel vrijgesteld van btw wanneer deze kosten reeds aan de grens zijn belast. Deze werkwijze is niet in overeenstemming met de regelgeving van de EU en kan een onevenredige administratieve last vormen voor vervoerders en handelaren. Het verzoek wordt gedaan in de vorm van een met redenen omkleed advies. Als de Commissie binnen twee maanden geen bevredigend antwoord ontvangt, kan zij Italië voor het Hof van Justitie dagen. Referentie: 2012/2088

(meer informatie: E. Traynor - tel. +32 229-21548 - mobiel +32 498983871)

  1. Rechten van treinreizigers: Commissie verzoekt Italië aan EU-voorschriften te voldoen

De Europese Commissie heeft Italië vandaag verzocht het nodige te doen om de EU-voorschriften inzake de rechten van reizigers in het treinverkeer volledig na te leven. Italië heeft nog geen bevoegde officiële instantie opgericht voor de toepassing van de rechten van treinreizigers op zijn grondgebied en heeft evenmin regels vastgesteld om schendingen van de wetgeving inzake rechten van reizigers in het treinverkeer te bestraffen. Zonder deze twee noodzakelijke en juridisch bindende acties kunnen reizigers die per trein reizen in Italië, of van Italië naar andere EU-landen, hun rechten niet uitoefenen, mocht er tijdens hun reis iets mislopen. Verordening (EG) nr.  1371/2007) betreffende de rechten van reizigers in het treinverkeer moest door de lidstaten uiterlijk op 3 december 2009 zijn omgezet. Italië heeft echter slechts een tijdelijke instantie opgericht, die niet over de volledige bevoegdheid en autoriteit beschikt om de EU-voorschriften inzake passagiersrechten toe te passen. Indien Italië over twee maanden nog niet aan zijn wettelijke verplichting heeft voldaan, kan de Commissie het land voor het Hof van Justitie dagen. Meer informatie over rechten van reizigers in het treinverkeer.

(meer informatie: H. Kearns - tel. +32 229-87638 - mobiel +32 498987638)

  1. Elektronische communicatie: Commissie bezorgd over vertraging bij analyse van relevante product- en dienstenmarkten in sector van elektronische communicatie in Luxemburg

De Europese Commissie heeft Luxemburg vandaag een met redenen omkleed advies doen toekomen omdat het niet voldoet aan het EU-regelgevingskader voor elektronische communicatie van 2009. Overeenkomstig artikel 16, lid 6, van de kaderrichtlijn moeten de nationale regelgevende instanties een analyse van de markt uitvoeren om te waarborgen dat er voldoende concurrentie is en dat de markt consumenten en bedrijven daadwerkelijk de voordelen biedt die van een door concurrentie gekenmerkte markt mogen worden verwacht qua keuze, prijzen en innovatie. De regelgevende instanties moeten de Commissie binnen drie jaar na de vorige maatregel in kennis stellen van de overeenkomstige ontwerpmaatregel. Afgezien van de laattijdige kennisgeving voor drie van de zeven te onderzoeken markten, heeft Luxemburg geen enkele kennisgeving aan de Commissie gedaan van marktonderzoeken na 2008 - of zelfs na 2006, naargelang van de desbetreffende markten. Bovendien heeft Luxemburg nooit om verlenging van de gestelde termijn of om bijstand van het Orgaan van Europese regelgevende instanties voor elektronische communicatie (Berec) verzocht, zoals voorzien is in artikel 16, lid 7, van de kaderrichtlijn.

Luxemburg heeft nu twee maanden de tijd om de nodige maatregelen te treffen om te voldoen aan dit met redenen omkleed advies.

(meer informatie: R. Heath – tel. +32 229-61716 - mobiel +32 46075 0221)

  1. Gekweekte vis: Commissie verzoekt Polen voorschriften inzake diergezondheid voor aquacultuurdieren na te leven

Vandaag is door de Europese Commissie een formeel verzoek gestuurd aan Polen waarin wordt aangedrongen op volledige naleving van Richtlijn 2012/31 inzake de gezondheid van gekweekte vis. Deze richtlijn beoogt een verbetering van de wetgeving die van toepassing is op aquacultuurdieren. De richtlijn gaat met name in op i) de exotische ziekte epizoötisch ulceratief syndroom (EUS) die niet langer als een mogelijke nadelige ziekte wordt beschouwd omdat in de Unie geen uitbraken van EUS zijn gemeld; ii) de opname van de vissoort olijfgroene bastaardheilbot (Paralichthys olivaceus) in de lijst van voor virale hemorragische septikemie gevoelige vissoorten omdat in bepaalde gebieden in Azië uitbraken van die ziekte waren bevestigd.

Polen heeft de richtlijn nog steeds niet in nationaal recht omgezet, hoewel het dat uiterlijk op 1 januari 2013 hadden moeten doen. Polen heeft twee maanden de tijd om de Commissie zijn maatregelen mee te delen om het EU-recht volledig na te leven. Blijft mededeling van adequate maatregelen achterwege, dan kan de Commissie de zaak voorleggen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie.

(meer informatie: F. Vincent - tel. +32 229-87166 - mobiel +32 498987166)

  1. Arbeidsrecht: Commissie verzoekt Portugal discriminatie leerkrachten met arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd in openbare scholen te beëindigen

De Europese Commissie heeft Portugal verzocht de arbeidsvoorwaarden te herzien van leerkrachten in openbare scholen met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd.

De Europese Commissie heeft talrijke klachten ontvangen waaruit blijkt dat leerkrachten die tewerkgesteld zijn met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd een minder gunstige behandeling genieten dan vergelijkbaar vast personeel. Zij worden met name tewerkgesteld op basis van opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd, waardoor zij in een onzeker dienstverband worden gelaten, zelfs wanneer zij eigenlijk permanente taken uitvoeren. De nationale wetgeving biedt geen doeltreffende maatregelen om dergelijke misbruiken te voorkomen. Zij ontvangen bovendien een salaris dat lager is dan dat van vast personeel met een vergelijkbaar beroepsverleden. De Europese Commissie is van oordeel dat deze situatie in strijd is met de richtlijn inzake arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd van de Unie.

Het verzoek is gedaan in de vorm van een met redenen omkleed advies in het kader van de inbreukprocedure van de EU. Portugal heeft nu twee maanden de tijd om de Commissie in kennis te stellen van de maatregelen die zijn genomen om aan de richtlijn te voldoen. Anders kan de Commissie Portugal voor het Hof van Justitie van de EU dagen.

(meer informatie: J. Todd - tel. +32 229-94107 - mobiel +32 498994107)

  1. Gezondheid en veiligheid: Commissie verzoekt Portugal richtlijn volledig toe te passen op overheidspersoneel

De Europese Commissie heeft Portugal verzocht de EU-richtlijn met basisvoorschriften voor de bescherming van de veiligheid en gezondheid van werknemers (89/391/EEG) volledig toe te passen op de overheidssector. Krachtens deze richtlijn moeten de lidstaten maatregelen treffen om de risico's van beroepsziekten en ongevallen op het werk weg te nemen of te beperken. De richtlijn verplicht werkgevers om een risicobeoordeling uit te voeren en daarvan documentatie bij te houden en om in bedrijven en instellingen beschermings- en preventiediensten voor gezondheid en veiligheid op het werk in te richten. Portugal is deze verplichtingen echter niet nagekomen. Daarnaast moeten de lidstaten krachtens deze richtlijn waarborgen dat werkgevers, werknemers en vertegenwoordigers van de werknemers deze voorschriften naleven, maar de Portugese wetgeving voorziet voor de overheidssector niet in sancties bij schendingen van de richtlijn. Het verzoek is gedaan in de vorm van een met redenen omkleed advies in het kader van de inbreukprocedure van de EU. Portugal heeft nu twee maanden de tijd om de Commissie in kennis te stellen van maatregelen waarbij de richtlijn volledig wordt toegepast en omgezet. Anders kan de Commissie Portugal voor het Hof van Justitie van de EU dagen.

(meer informatie: J. Todd - tel. +32 229-94107 - mobiel +32 498994107)

  1. Milieu: Commissie verzoekt Portugal giftig afval in Gondomar te verwijderen

De Commissie verzoekt Portugal grote hoeveelheden giftig afval op te ruimen dat werd gedumpt in de stilgelegde mijnen van São Pedro da Cova in Gondomar, nabij Porto. Tussen 2001 en 2002 is in de mijnen zo'n 320 000 ton gevaarlijk afval van de nationale staalfabriek in Oporto gedumpt, hoewel de stortplaats enkel beschikte over een vergunning voor 97,5 ton inert afval, en het grondwater is daardoor niet meer geschikt voor menselijke consumptie. Portugal heeft de omvang van het probleem erkend en heeft een herstelprogramma aangenomen, maar ondanks een eerdere aanmaningsbrief en een regelmatige dialoog moet de Portugese autoriteiten maakt de Commissie zich zorgen over de langzame vorderingen voor de opruimingsactie die nog moet beginnen. Daarom heeft de Commissie een met redenen omkleed advies gezonden. Als Portugal niet binnen twee maanden reageert, kan de zaak voor het Hof van Justitie van de EU worden gebracht.

(meer informatie: J. Hennon - tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Beleggingsfondsen: Commissie verzoekt Portugal EU-regels toe te passen

De Europese Commissie heeft Portugal verzocht om de volledige uitvoering van Richtlijn 2009/65/EG betreffende instellingen voor collectieve belegging in effecten (icbe’s) en van Uitvoeringsrichtlijn 2010/43/EU wat betreft organisatorische eisen, die in alle lidstaten van de EU uiterlijk op 30 juni 2011 moest zijn uitgevoerd. Portugal heeft echter slechts een deel van de bepalingen ten uitvoer gelegd. Overeenkomstig de tweede stap van de EU-inbreukprocedure is het verzoek van de Commissie gedaan in de vorm van twee met redenen omklede adviezen, waarin er bij Portugal op wordt aangedrongen om de ontbrekende artikelen binnen twee maanden na ontvangst ten uitvoer te leggen. De bepalingen die door Portugal niet in zijn nationale rechtsstelsel zijn omgezet gaan voornamelijk over de verplichtingen met betrekking tot beheersmaatschappijen, de bewaarder en beleggersinformatie, alsmede over belangenconflicten, bedrijfsvoering en risicobeheer. Als Portugal niet binnen de twee maanden reageert, kan de Commissie de zaak voor het Hof van Justitie van de Europese Unie brengen. Meer informatie: http://ec.europa.eu/internal_market/investment/index_en.htm

(meer informatie: C. Hughes - tel. +32 229-64450 - mobiel +32 498964450)

  1. MARE: Commissie verzoekt Roemenië rechtstreekse elektronische uitwisseling relevante visserij-informatie met andere lidstaten te waarborgen

De Commissie heeft Roemenië een met redenen omkleed advies toegezonden omdat het land zijn verplichtingen om rechtstreekse elektronische uitwisseling van relevante visserij-informatie met andere lidstaten te waarborgen niet nakomt.

Overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1224/2009 inzake visserijcontrole moeten de lidstaten de noodzakelijke infrastructuur inrichten om een elektronisch systeem voor de uitwisseling van visserijgegevens te exploiteren. Het uitblijven van een dergelijk systeem kan een belemmering vormen voor de schepen van andere lidstaten die in Roemeense havens willen aanlanden of in Roemenië vis willen verkopen. Roemeense vissersvaartuigen kunnen op hun beurt moeilijkheden ondervinden om aan te landen in de havens van andere lidstaten. Het systeem moet onder meer gegevens van het volgsysteem voor vaartuigen, informatie van het visserijlogboek, aangiften van aanlanding en andere aangiften bevatten.  Deze voorschriften zijn sinds 1 januari 2010 voor alle lidstaten verbindend. De volledige en correcte toepassing van de visserijvoorschriften van de EU is voor de Commissie een prioriteit en is erop gericht in de gehele EU duurzame visserij te waarborgen.

Als de Commissie binnen twee maanden geen bevredigend antwoord ontvangt, kan de zij Roemenië voor het Hof van Justitie van de Europese Unie brengen.

(meer informatie: O. Drewes - tel. +32 229-92421 - mobiel +32 498 98 0081)

  1. Officiële controles: Commissie verzoekt Roemenië controlesysteem zoutinvoer te wijzigen

De Europese Commissie heeft Roemenië vandaag een formeel verzoek (met redenen omkleed advies) doen toekomen, waarin zij verzoekt het systeem van officiële controles voor de invoer van zout uit niet-EU-landen zoals Oekraïne en Belarus te wijzigen. Voor het controlesysteem zijn systematische materiële controles (100 %) nodig, alsmede een analysecertificaat inzake radioactieve besmetting (waarin wordt bevestigd dat de radioactiviteit binnen bepaalde grenzen blijft) als voorwaarde voor de afwikkeling van de invoerformaliteiten voor elke wagon. De Commissie acht dit systeem, waarin een adequate risicobeoordeling ontbreekt, strijdig met de verplichtingen van artikel 3, leden 1 tot en met d, artikel 3, lid 2, artikel 15, lid 1, en artikel 16, lid 2, van Verordening (EG) nr. 882/2004 inzake officiële controles.

De Commissie stelt vast dat Roemenië geen bewijs geleverd heeft dat het ingevoerde zout radioactief besmet is (geen positieve resultaten bij de monsters) en dat de door Roemenië verrichte risicobeoordeling niet geschikt is. De Commissie komt daarom tot de conclusie dat de systematische materiële controle van ingevoerd zout dat afkomstig is van dezelfde plaats van oorsprong in Oekraïne en Belarus onevenredig is en niet kan worden gerechtvaardigd krachtens Verordening (EG) nr.882/2004. De frequentie van de controles moet derhalve worden aangepast.

Roemenië heeft twee maanden de tijd om de Commissie mee te delen dat het zijn wetgeving heeft in overeenstemming gebracht met de wetgeving van de Unie; anders kan de Commissie de zaak voor het Europees Hof van Justitie brengen.

(meer informatie: F. Vincent - tel. +32 22987166 - mobiel +32 498987166)

  1. Milieu: Commissie verzoekt ROEMENIË EU-voorschriften voor bescherming van voor wetenschappelijke doeleinden gebruikte dieren om te zetten

De Europese Commissie dringt er bij Roemenië op aan om de EU-wetgeving inzake de bescherming van voor wetenschappelijke doeleinden gebruikte dieren om te zetten in nationaal recht. De betrokken richtlijn heeft tot doel het gebruik van dieren voor experimentele doeleinden zoveel mogelijk te beperken en wil dat waar mogelijk gebruik wordt gemaakt van alternatieven; tegelijkertijd streeft de richtlijn ernaar dat het kwalitatief hoogstaand onderzoek in de EU behouden blijft. De richtlijn moest uiterlijk op 10 november 2012 in nationaal recht zijn omgezet. Aangezien Roemenië deze termijn heeft laten verstrijken, is op 30 januari 2013 een aanmaningsbrief verstuurd. Roemenië heeft geantwoord dat het op het punt stond om de richtlijn om te zetten, maar de Commissie heeft nog geen officiële kennisgeving ontvangen dat de wetgeving werd aangenomen. De Commissie stuurt daarom een met redenen omkleed advies; indien Roemenië niet binnen twee maanden reageert, kan de zaak worden voorgelegd aan het Hof van Justitie van de EU, dat financiële sancties kan opleggen.

(meer informatie: J. Hennon - tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Milieu: Commissie verzoekt ZWEDEN om betere omzetting van wetgeving mijnbouwafval

De Europese Commissie verzoekt Zweden de omzetting van de richtlijn over mijnbouwafval in zijn nationaal recht te wijzigen. Deze richtlijn moest uiterlijk voor mei 2008 zijn omgezet en hoewel Zweden nieuwe wetgeving heeft aangenomen waardoor een aantal problemen werd opgelost, stelt de Commissie in een aantal technische bepalingen nog steeds tekortkomingen vast. Tot de belangrijkste aandachtsgebieden behoren hergebruik of terugwinning van mijnbouwafval, en de verplichting bij het ontwerp van de mijnen reeds rekening te houden met de situatie na de sluiting. In september 2011 is een aanmaningsbrief gestuurd, en aangezien de antwoorden van Zweden niet voor alle vragen opheldering bieden, is nu ook een met redenen omkleed advies gestuurd. Als Zweden niet binnen twee maanden reageert, kan de zaak voor het Hof van Justitie van de EU worden gebracht.

(meer informatie: J. Hennon - tel. +32 229-53593 - mobiel +32 498953593)

  1. Afsluiting:

  1. Europese Commissie sluit inbreukprocedure inzake verplichte pensionering Hongaarse rechters af

De Europese Commissie heeft vandaag formeel de procedure beëindigd die op 17 januari 2012 tegen Hongarije was ingeleid met betrekking tot de verplichte vervroegde pensionering van 274 rechters en openbare aanklagers (IP/12/24).

De Commissie is nu tevreden dat Hongarije zijn wetgeving in overeenstemming heeft gebracht met de wetgeving van de EU. De Commissie houdt nauw toezicht op de correcte tenuitvoerlegging van de nieuwe wetgeving in de praktijk.

(meer informatie: IP/13/1112 - M. Andreeva - tel. +32 229-91382 - mobiel +32 498991382)

1 :

Richtlijn 2011/62/EU om te verhinderen dat vervalste geneesmiddelen in de legale distributieketen belanden: http://ec.europa.eu/health/files/eudralex/vol-1/dir_2011_62/dir_2011_62_nl.pdf


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website