Navigation path

Left navigation

Additional tools

DE EU-BEGROTING 2013 – VRAAG EN ANTWOORD

European Commission - MEMO/12/975   12/12/2012

Other available languages: EN FR DE DA ES IT SV PT FI EL CS ET HU LT LV MT PL SK SL BG RO

Europese Commissie

MEMO

Brussel, 12 december 2012

DE EU-BEGROTING 2013 – VRAAG EN ANTWOORD

Wat zijn de kerncijfers van de EU-begroting 2013 die vandaag werd goedgekeurd?

De EU-begroting 2013 bevat in totaal voor 151 miljard euro aan vastleggingskredieten (VK, maximumbedrag aan vastleggingen om toekomstige rekeningen te betalen – voornamelijk door de EU gefinancierde langlopende projecten) en 132,8 miljard euro aan betalingskredieten (BK, reële bedragen die voor eerder gedane vastleggingen moeten worden betaald).

Zie de als bijlage 2 opgenomen tabel.

Waarom zal de goedgekeurde EU-begroting volgens commissaris Lewandowski niet alle behoeften van 2013 kunnen dekken?

De betalingskredieten in de door de Raad en het Europees Parlement goedgekeurde begroting 2013 liggen vijf miljard onder het totaalbedrag dat de Commissie in haar ontwerpbegroting had opgenomen op basis van de ramingen van de 27 lidstaten voor 2013. De EU-begroting omvat hoofdzakelijk (ongeveer 80 %) middelen die naar de lidstaten vloeien. Volgens de ramingen uit de lidstaten heeft de Europese Unie voor de begroting van volgend jaar ongeveer 156 miljard euro nodig (voornamelijk betalingen aan landbouwers, projecten die de EU in de 27 lidstaten financiert, studietoelagen, subsidies voor kmo’s enz.). In het verleden zijn die ramingen vrij accuraat gebleken en de kans is dus reëel dat er in 2013 op een gegeven moment een tekort van vijf miljard euro zal ontstaan. De Raad en het Europees Parlement zijn bovendien overeengekomen om drie miljard euro aan rekeningen uit 2012 naar de begroting 2013 over te dragen. Tot slot ontvangt de Europese Unie tegen het einde van elk begrotingsjaar nog voor honderden miljoenen euro aan rekeningen die niet meer in dat jaar betaald kunnen worden.

Dit alles maakt dat de goedgekeurde EU-begroting 2013 geen twaalf maanden zal kunnen dekken. Mogelijk zullen al in september 2013 extra middelen moeten worden gevraagd.

Wat is het verband tussen de begroting 2013 en het "ontwerp van gewijzigde begroting 6"?

In het "ontwerp van gewijzigde begroting 6" heeft de Commissie meer financiële middelen gevraagd om voor negen miljard euro aan rekeningen te betalen waarvoor in de begroting 2012 geen kredieten meer beschikbaar waren. Het gaat voornamelijk om betalingsverzoeken die werden ingediend voor programma’s voor een leven lang leren zoals Erasmus, voor wetenschap en onderzoek, plattelandsontwikkeling en het cohesiebeleid. Aangezien de Raad en het Parlement hadden kunnen beslissen een aantal van die rekeningen pas in 2013 te betalen, had dit ontwerp van gewijzigde begroting een invloed op de onderhandelingen over de EU-begroting 2013.

Wat was de uitkomst van de onderhandelingen over het ontwerp van gewijzigde begroting 6?

Het Europees Parlement en de Raad zijn overeengekomen de begroting 2012 met zes miljard euro te verhogen voor de meest dringende behoeften. Het resterende bedrag van 2,9 miljard euro moet in 2013 worden betaald.

Voor de meeste begunstigden, zoals studenten en ondernemingen, betekent dit dat alle in 2012 te betalen bedragen ook daadwerkelijk in 2012 zullen worden betaald. Het naar 2013 overgedragen bedrag van 2,9 miljard euro betreft betalingen aan lidstaten voor projecten uit de periode 2000-2006 die nog moeten worden gecontroleerd of voltooid. De lidstaten hebben ingestemd met een latere betaling (begin 2013).

Hoe kunnen de middelen van de EU-begroting plots opraken?

Dat is het gevolg van een zich herhalend patroon. Sinds enkele jaren stellen het Europees Parlement en de Raad jaarlijkse EU-begrotingen vast die ruim onder de ramingen van de Commissie liggen, ook nu het einde van de huidige financieringsperiode 2007-2013 nadert en steeds meer van de in de beginperiode met EU-middelen opgezette projecten worden afgesloten.

In het verleden kwamen de twee takken van de begrotingsautoriteit (Raad en Europees Parlement) overeen een aantal van die rekeningen naar het volgende begrotingsjaar door te schuiven. Door die onbetaalde rekeningen uit het verleden begon elke volgende begroting verzwakt aan het nieuwe begrotingsjaar, terwijl tegelijkertijd duidelijk was dat de goedgekeurde bedragen ook zonder deze overgedragen betalingsverplichtingen de behoeften van het komende jaar niet zouden dekken.

Er is met andere woorden een sneeuwbaleffect ontstaan door ondergefinancierde jaarlijkse begrotingen gecombineerd met het uitstellen van betalingen.

Waarom kan de EU-begroting niet inkrimpen nu er in Europa een crisis heerst en de lidstaten pijnlijke bezuinigingsmaatregelen moeten nemen?

Dat komt voornamelijk omdat de EU-begroting in tegenstelling tot de nationale begrotingen niet wordt opgesteld met het oog op toekomstige projecten, maar dient ter dekking van voltooide projecten uit het verleden die door de lidstaten betaald zijn. De EU is juridisch ertoe verplicht haar aandeel te betalen op basis van de door de lidstaten ingediende betalingsverzoeken. Deze situatie is te vergelijken met een gezin dat elektriciteits- en telefoonrekeningen ontvangt. Zelfs in tijden van crisis moet dat gezin zijn facturen blijven betalen omdat ze het eerdere en niet het toekomstige verbruik betreffen.

Wat is de betekenis van de gezamenlijke verklaringen die werden ondertekend door de voorzitters van de drie instellingen (Europees Parlement, Raad en Commissie)?

Er zijn drie gezamenlijke verklaringen waarin zowel de begroting 2012 als de begroting 2013 worden behandeld (zie bijlage 1).

De eerste verklaring betreft de betalingen voor 2013. Daarin besluiten de Raad en het Parlement "het niveau van de betalingskredieten voor 2013 te verlagen ten opzichte van de ontwerpbegroting van de Commissie. Zij vragen de Commissie elke actie te ondernemen die overeenkomstig het Verdrag noodzakelijk is, en met name een gewijzigde begroting in te dienen en daarin om bijkomende betalingskredieten te verzoeken indien zou blijken dat de kredieten in de begroting 2013 niet volstaan om de uitgaven te dekken". Voorts herinneren ze aan artikel 323 van het Verdrag van Lissabon:"Het Europees Parlement, de Raad en de Commissie zien erop toe dat de Unie beschikt over de financiële middelen waarmee de Unie haar juridische verplichtingen jegens derden kan voldoen."

De tweede verklaring betreft specifiek de betalingsbehoeften voor 2012 en het "ontwerp van gewijzigde begroting 6", waarin de Commissie extra middelen vraagt voor betalingsverzoeken die werden ingediend voor een aantal programma's zoals Erasmus, wetenschap en onderzoek, plattelandsontwikkeling en het cohesiebeleid. In deze verklaring erkennen de Raad en het Parlement dat "De bijkomende betalingskredieten die in gewijzigde begroting 6/2012 worden toegestaan, evenwel met 2,9 miljard euro werden verlaagd ten opzichte van het bedrag dat de Commissie heeft voorgesteld, en ontoereikend zijn voor alle ontvangen betalingsverzoeken." Vervolgens wordt meegedeeld dat de Europese Commissie begin 2013 een gewijzigde begroting zal indienen om de geschorste betalingen te dekken zodra de schorsing is opgeheven.

De derde verklaring betreft de administratieve uitgaven in 2013.

Bijlage 1

Volledige tekst van de drie gezamenlijke verklaringen

1 Gezamenlijke verklaring inzake betalingskredieten voor 2013

Rekening houdend met de huidige begrotingsinspanningen in de lidstaten, nemen de Raad en het Europees Parlement kennis van het niveau dat de Commissie voor de betalingskredieten 2013 heeft voorgesteld, en besluiten zij het niveau van de betalingskredieten voor 2013 te verlagen ten opzichte van de ontwerpbegroting van de Commissie. Zij vragen de Commissie elke actie te ondernemen die overeenkomstig het Verdrag noodzakelijk is, en met name een gewijzigde begroting in te dienen en daarin om bijkomende betalingskredieten te verzoeken indien zou blijken dat de kredieten in de begroting 2013 niet volstaan om de uitgaven te dekken onder subrubriek 1a (Concurrentiekracht voor groei en werkgelegenheid), subrubriek 1b (Cohesie voor groei en werkgelegenheid), rubriek 2 (Bescherming en beheer van natuurlijke hulpbronnen), rubriek 3 (Burgerschap, vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid) en rubriek 4 (De EU als mondiale partner).

Bovendien verzoeken de Raad en het Europees Parlement de Commissie met klem uiterlijk midden oktober 2013 geactualiseerde cijfers over de stand van zaken en de ramingen met betrekking tot de betalingskredieten in subrubriek 1b (Cohesie voor groei en werkgelegenheid) en plattelandsontwikkeling in rubriek 2 (Bescherming en beheer van natuurlijke hulpbronnen) voor te leggen en zo nodig ter zake een ontwerp van gewijzigde begroting in te dienen. De Raad en het Europees Parlement zijn zich ervan bewust dat eventueel reeds midden 2013 een ontwerp van gewijzigde begroting noodzakelijk kan zijn. Om in het kader van de jaarlijkse begrotingsprocedure het besluit over het niveau van de betalingskredieten te vergemakkelijken, komen de drie instellingen overeen na te gaan hoe de raming van de betalingskredieten onder gedeeld beheer beter kan worden afgestemd op de desbetreffende behoeften.

De Raad en het Europees Parlement zullen zo spoedig mogelijk een standpunt ten aanzien van een ontwerp van gewijzigde begroting innemen om te voorkomen dat er een tekort aan betalingskredieten ontstaat. Voorts zeggen de Raad en het Europees Parlement toe dat zij eventuele overschrijvingen van betalingskredieten, ook die welke tussen rubrieken van het financieel kader plaatsvinden, snel zullen behandelen, opdat optimaal gebruik wordt gemaakt van de in de begroting opgenomen betalingskredieten en deze worden aangepast aan de concrete uitvoering en behoeften.

Overeenkomstig punt 18 van het Interinstitutioneel Akkoord betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer herinneren de Raad en het Europees Parlement eraan dat in het kader van de uitvoering moet worden gezorgd voor een geordende ontwikkeling van de totale betalingskredieten ten opzichte van de vastleggingskredieten, ten einde elke abnormale evolutie van openstaande vastleggingen ("RAL") te voorkomen.

De Raad, het Europees Parlement en de Commissie zullen gedurende het gehele jaar actief toezien op de uitvoering van de begroting 2013, met speciale aandacht voor de uitvoering van de betalingen, de ontvangen terugbetalingsvorderingen en de herziene prognoses, op basis van gedetailleerde informatie die de Commissie verstrekt.

Hoe dan ook herinneren de Raad, het Europees Parlement en de Commissie aan hun gedeelde verantwoordelijkheid die is vastgelegd in artikel 323 van het VWEU, namelijk dat "het Europees Parlement, de Raad en de Commissie erop toezien dat de Unie beschikt over de financiële middelen waarmee de Unie haar juridische verplichtingen jegens derden kan voldoen".

2 Gezamenlijke verklaring betreffende de betalingsbehoeften voor 2012

De Raad en het Europees Parlement merken op dat het niveau van de betalingen dat de Commissie in haar ontwerpbegroting 2013 heeft voorgesteld, gebaseerd was op de veronderstelling dat de betalingsbehoeften in 2012 zouden gedekt zijn met de beschikbare kredieten op de begroting 2012. De bijkomende betalingskredieten die in gewijzigde begroting 6/2012 worden toegestaan, werden evenwel met 2,9 miljard euro verlaagd ten opzichte van het bedrag dat de Commissie heeft voorgesteld en zijn ontoereikend voor alle ontvangen betalingsverzoeken.

Bijgevolg verbindt de Commissie zich ertoe begin 2013 een ontwerp van gewijzigde begroting op te stellen dat uitsluitend dient om de geschorste vorderingen van 2012 te dekken van zodra de schorsing is opgeheven, evenals om de andere hangende juridische verplichtingen na te leven, zonder evenwel afbreuk te doen aan de degelijke uitvoering van de begroting 2013.

Om een goede en accurate uitvoering van de EU-begroting te waarborgen, zullen de Raad en het Europees Parlement zo spoedig mogelijk een standpunt ten aanzien van dit ontwerp van gewijzigde begroting innemen om elk openstaand verschil te dekken.

3 Gezamenlijke verklaring betreffende rubriek 5 en de aanpassing van de salarissen en pensioenen

De Raad en het Europees Parlement komen overeen de begrotingsgevolgen van de salarisaanpassing 2011 momenteel nog niet in de begroting 2013 op te nemen. Zonder afbreuk te doen aan het standpunt van de Raad in de zaken c-66/12, c-63/12, c-196/12 en c-453/12, verzoeken zij samen de Commissie, indien het Hof een uitspraak zou doen ten voordele van de Commissie en van zodra dit gebeurt, een ontwerp van gewijzigde begroting in te dienen voor de financiering van de desbetreffende gevolgen van de aanpassing 2011 voor de instellingen, inclusief de gevolgen met terugwerkende kracht op de voorgaande jaren en mogelijke achterstandsrente.

De Raad en het Europees Parlement verbinden zich er bijgevolg toe een dergelijk ontwerp van gewijzigde begroting zo spoedig mogelijk goed te keuren en in de vereiste bijkomende kredieten te voorzien zonder beleidsprioriteiten in het gedrang te brengen.

Bijlage 2

EU-begrotingen 2012 en 2013 per rubriek in miljoen euro

(VK = vastleggingskredieten, BK = betalingskredieten)


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website