Navigation path

Left navigation

Additional tools

Other available languages: EN FR DE DA ES IT SV PT FI EL

IP/99/829

Brussels, 10 November 1999

Verbod op ftalaten in kinderverzorgingsartikelen en speelgoed

Er moet onmiddellijk een verbod worden ingesteld op het op de Europese markt brengen van kinderverzorgings- en speelgoedartikelen uit zacht, ftalaten bevattend PVC die bedoeld zijn om door kinderen jonger dan drie jaar in de mond te worden gestopt. De Europese Commissie heeft een pakket wetgevingsvoorstellen goedgekeurd om het gebruik van ftalaten in zacht speelgoed te verbieden: het betreft in de eerste plaats een onmiddellijk verbod op deze producten, aangezien de ftalaten die vrijkomen wanneer jonge kinderen deze artikelen in de mond stoppen, een ernstig risico voor hun gezondheid inhouden. In de tweede plaats stelt de Commissie een maatregel voor die het verbod op dit specifieke gebruik van ftalaten op lange termijn en op permanente basis moet bevestigen. Deze maatregel krijgt de vorm van een wijziging van de wetgeving inzake het op de markt brengen van gevaarlijke stoffen, die de lidstaten om procedureredenen pas over een aantal jaren zullen kunnen toepassen. Deze tweede maatregel zal bij wijze van voorzorg ook bepalen dat ander speelgoed uit zacht PVC voor kinderen jonger dan drie jaar dat door een kind in de mond kan worden gestopt, ook al is het daar niet voor bedoeld, van een waarschuwing voorzien moet zijn indien het artikel ftalaten bevat, zodat een veilig gebruik in alle omstandigheden gewaarborgd is.

Recent wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat controles op het vrijkomen van ftalaten uit producten van zacht PVC geen betrouwbare manier zijn om te garanderen dat jonge kinderen niet aan gevaarlijke hoeveelheden ftalaten worden blootgesteld. Daarom moet er een verbod komen dat onmiddellijk ingaat. Het verbod zal van kracht worden binnen een termijn van tien dagen na de definitieve goedkeuring door de Commissie, na raadpleging van het Comité voor noodgevallen, dat is samengesteld uit vertegenwoordigers van de lidstaten en is ingesteld bij Richtlijn 92/59/EEG inzake algemene productveiligheid. Naar verwachting zal deze procedure in twee weken rond zijn.

Ftalaten zijn chemische stoffen die als weekmaker voor PVC worden gebruikt. Uit onderzoek is gebleken dat ze schade aan lever, nieren en teelballen kunnen veroorzaken. (1) Ftalaten komen vrij wanneer jonge kinderen, vooral wanneer ze tandjes krijgen, gedurende langere periodes op bijtringen of fopspenen, rammelaars en ander speelgoed voor jonge kinderen van zacht PVC zuigen of bijten.

David Byrne, commissaris voor Gezondheid en Consumentenbescherming en Erkki Liikanen, commissaris voor Ondernemingsbeleid en Informatiemaatschappij, die dit voorstel samen hebben ingediend, hebben verklaard: "Deze maatregel moet de jongsten en kwetsbaarsten onder ons beschermen.

Wetenschappelijke adviezen hebben ons erop gewezen dat ftalaten een ernstig gevaar voor de volksgezondheid inhouden en we hebben besloten onmiddellijk te reageren, te meer daar wetenschappers tot de conclusie zijn gekomen dat de beschikbare controletests voor deze producten geen betrouwbare beschermingsgarantie bieden. We zijn ervan overtuigd dat moeders en vaders in Europa het met ons eens zullen zijn dat al het mogelijke moet worden gedaan om hun kinderen te beschermen".

Sinds de bekendmaking van de Aanbeveling van de Commissie op 1 juli 1998 hebben 8 lidstaten (Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Italië, Oostenrijk en Zweden) besloten het gebruik van ftalaten in speelgoed en kinderverzorgingsartikelen te beperken. Andere lidstaten hebben gekozen voor gecontroleerd gebruik en meten de hoeveelheden ftalaat die uit speelgoed vrijkomen. De voorgestelde beschikking van de Commissie zal in de hele Unie snel een constant hoog niveau van bescherming van de gezondheid van kinderen garanderen tegen het ernstig en onmiddellijk risico dat producten inhouden die zijn bestemd om in de mond te worden gestopt. De voorgestelde richtlijn heeft tot doel het gebruik van ftalaten in speelgoed- en kinderverzorgingsartikelen op lange termijn te harmoniseren, of het nu gaat om artikelen die zijn bestemd om in de mond te worden gestopt, dan wel om artikelen die in de mond kunnen worden gestopt.

Andere adviezen van het Wetenschappelijk Comité inzake toxiciteit, ecotoxiciteit en het milieu (WCTEM) van 28 september 1999 (1) hebben aangetoond dat de methodes die worden gebruikt voor laboratoriumtests om het ftalaatniveau te meten dat uit die producten vrijkomt, niet geschikt zijn voor controle-instanties. De tests die in Nederland en het VK zijn ontwikkeld, zijn volgens de wetenschappers niet geschikt om veilige speelgoedartikelen van onveilige te onderscheiden.

Een verbod is bijgevolg de enige manier om de gezondheid van kinderen veilig te stellen. Het verbod moet onmiddellijk door een spoedbesluit worden ingesteld om de zeer jonge kinderen nu meteen te beschermen. Het zal namelijk 2 tot 3 jaar duren alvorens een permanent verbod, zoals dat waarin de voorgestelde richtlijn voorziet, is goedgekeurd en ten uitvoer is gelegd. De diensten van de Commissie zullen contact houden met industrie, handel en nationale controleoverheden om ervoor te zorgen dat de producten die nog in de winkels liggen zo spoedig mogelijk uit de handel worden genomen.

Speelgoed dat niet bestemd is om in de mond te worden gestopt, maar wel in de mond kan worden gestopt, houdt minder risico's in. Het WCTEM heeft zijn risico-evaluatie gebaseerd op voorzichtige ramingen van de duur dat de voorwerpen in de mond worden gehouden en van de hoeveelheden ftalaat die daarbij vrijkomen. Die ramingen gelden voor producten die zijn bestemd om in de mond te worden gestopt. Die producten moeten aan strenge veiligheidsnormen beantwoorden, aangezien jonge kinderen er aanhoudend op kunnen zuigen of kauwen. Andere speelgoedartikelen houden normaal gezien niet zulke grote risico's in, ook al kunnen kinderen ze bij het ontdekken van hun leefomgeving wel in de mond stoppen. Bij wijze van voorzorg dienen ouders en verzorgers het advies te krijgen dat ze er moeten op toezien dat de kinderen dergelijk speelgoed niet gedurende lange tijd in de mond houden. Daarom bepaalt de door de Commissie voorgestelde richtlijn dat dergelijk speelgoed van een waarschuwing moet voorzien zijn.


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website