Navigation path

Left navigation

Additional tools

Europese Commissie - Persbericht

Standaard Eurobarometer najaar 2018: Positief beeld van de EU overheerst in de aanloop naar de Europese verkiezingen

Brussel, 21 december 2018

Uit een nieuwe Eurobarometer-enquête blijkt dat voor het eerst een meerderheid van de Europeanen vindt dat hun stem telt in de EU. Het aantal Europeanen met een positief beeld van de EU neemt toe.

De steun voor de economische en monetaire unie blijft sterk en bereikt een nieuw hoogtepunt in de eurozone.

Dit zijn een paar van de belangrijkste resultaten van de jongste Standard Eurobarometer-enquête, die tussen 8 en 22 november is gehouden en waarvan de resultaten vandaag worden gepubliceerd.

1. Positieve politieke indicatoren

Voor het eerst vindt een meerderheid van de Europeanen dat hun stem telt in de EU (49 %, +4 procentpunten sinds het voorjaar van 2018). 47 % vindt dat hun stem niet telt (-2 procentpunten sinds het voorjaar van 2018) en 4 % (-2 procentpunten) heeft geen mening. In 16 lidstaten van de EU vindt een meerderheid van de respondenten dat hun stem telt in de Europese Unie. Het percentage is het hoogst in Denemarken (73 %), Zweden (71 %) en Duitsland (70 %).

43 % van de Europeanen heeft een positief beeld van de EU (+3 procentpunten in vergelijking met het voorjaar van 2018) – het hoogste percentage sinds het najaar van 2009. Meer dan een derde van de respondenten heeft een neutraal beeld van de EU (36 %, -1 procentpunt vergeleken met het voorjaar van 2018). Een vijfde heeft een negatief beeld (20 %, -1 procentpunt) en 1 % heeft geen mening. Sinds de vorige Standard Eurobarometer-enquête in het voorjaar van 2018 is het percentage respondenten met een positief beeld van de EU in 17 lidstaten van de EU gestegen. De stijging was vooral groot in Zweden (53 %, +11 procentpunten), Spanje (43 %, +10 procentpunten) en het Verenigd Koninkrijk (43 %, +9 procentpunten).

Het vertrouwen in de EU is stabiel (42 %) en sinds het najaar van 2010 nooit groter geweest. In 17 lidstaten van de EU heeft een meerderheid vertrouwen in de EU (vergeleken met 15 lidstaten in het voorjaar van 2018). Het vertrouwen is het grootst in Litouwen (65 %), Denemarken (60 %) en Zweden (59 %). Het vertrouwen in de EU is nog steeds groter dan het vertrouwen in nationale regeringen of parlementen. 42 % van de Europeanen heeft vertrouwen in de Europese Unie, terwijl 35 % vertrouwen heeft in het eigen nationale parlement en de eigen nationale regering (+1 procentpunt in beide gevallen vergeleken met het voorjaar van 2018).

2. Steun voor het EU-burgerschap en het vrije verkeer in alle lidstaten van de EU

In alle 28 lidstaten voelt een meerderheid van de respondenten zich burger van de EU: Het percentage bedraagt 71 % voor de hele EU (+1 procentpunt sinds het voorjaar van 2018) en varieert nationaal van 89 % in Luxemburg tot 51 % in Bulgarije.

Een grote meerderheid van de respondenten is voorstander van "het vrije verkeer van EU-burgers" (83 %, +1 procentpunt sinds het voorjaar van 2018). In elke lidstaat van de EU deelt meer dan twee derde van de respondenten deze mening.

3. De sterke steun voor de euro wordt bevestigd

20 jaar na de invoering van de eenheidsmunt blijft de steun voor de economische en monetaire unie en voor de euro op recordhoogte: drie vierde van de respondenten (75 %, +1 procentpunt) in de eurozone is voorstander van de eenheidsmunt van de EU.

Een meerderheid van de EU-burgers schat de toestand van de Europese economie als "goed" in (49 %), een lichte daling sinds het voorjaar van 2018 (-1 procentpunt). 38 % van de respondenten vindt dat de Europese economie zich in een "slechte" toestand bevindt (+1 procentpunt) en 13 % heeft geen mening.

Het percentage respondenten dat de nationale economie positief inschat, is nog steeds groter (49 %, onveranderd) dan het percentage respondenten met een negatieve mening over de nationale economie (48 %, +1 procentpunt), maar de marge bedraagt één punt. Een meerderheid van de respondenten in 16 lidstaten van de EU (14 lidstaten in het voorjaar van 2018) vindt dat de nationale economie in goede staat verkeert. Het percentage is het hoogst in Malta (95 %), Luxemburg en Nederland (beide 91 %). Ook in Denemarken, Duitsland, Zweden (alle 88 %) en Oostenrijk (81 %) is meer dan 80 % van de respondenten deze mening toegedaan. De laagste percentages werden opgetekend in Griekenland (6 %), Kroatië (16 %), Spanje en Bulgarije (beide 18 %).

4. Migratie en terrorisme baren de Europeanen nog steeds de meeste zorgen

Voor 40 % van de respondenten blijft immigratie het belangrijkste punt van zorg op EU-niveau (+2 procentpunten sinds het voorjaar van 2018). Immigratie wordt twee keer vaker vermeld dan terrorisme, dat ondanks een sterke daling (-9 procentpunten sinds het voorjaar van 2018) nog steeds het op een na belangrijkste punt van zorg is. De toestand van de overheidsfinanciën in de lidstaten volgt op de derde plaats (19 %, +2 procentpunten) en is voor het eerst sinds het najaar van 2014 in de top drie geklommen vóór bezorgdheid over de economische situatie, die nu voor het eerst sinds het najaar van 2010 op de vierde plaats is beland (18 %, onveranderd). De klimaatverandering is een belangrijk punt van zorg voor 16 % van de respondenten (de grootste stijging met 5 procentpunten) en neemt nu de vijfde plaats in.

Hoewel de werkloosheid op de zesde plaats staat op EU-niveau (13 %, het laagste percentage voor deze indicator sinds 2010), blijft de werkloosheid het voornaamste punt van zorg op nationaal niveau (23 %, -2 procentpunten). Dit is de laagste score sinds 2007. De stijging van de prijzen, de inflatie en de kosten van het levensonderhoud (21 %, +4 procentpunten) neemt op nationaal niveau samen met immigratie (21 %, onveranderd) de tweede plaats in. Het is de eerste keer sinds het najaar van 2008 dat de bezorgdheid over de kosten van het levensonderhoud in de top twee belandt van de punten van zorg op nationaal niveau. Op de vierde plaats volgt het thema gezondheid en sociale zekerheid met 20 % (-3 procentpunten), hetzelfde percentage als in het najaar van 2017. De economische toestand (15 %, onveranderd) en de pensioenen (15 %, -2 procentpunten) delen de vijfde plaats, net boven milieu, klimaat en energie (14 %, +4 procentpunten), waarvoor het percentage nooit eerder hoger was.

 

Achtergrond

De "Standaard Eurobarometer najaar 2018" (EB 90) is gebaseerd op persoonlijke interviews die tussen 8 en 22 november 2018 zijn afgenomen. Er zijn 32 600 mensen in de EU-lidstaten[1] en de kandidaat-lidstaten[2] geïnterviewd.

[1] 27 424 interviews in de 28 lidstaten van de EU.

[2] De 28 lidstaten van de Europese Unie (EU), vijf kandidaat-lidstaten (Albanië, Montenegro, Servië, Turkije en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië) en de Turks-Cypriotische gemeenschap in het deel van het land dat niet door de regering van de Republiek Cyprus wordt gecontroleerd.

 

Nadere informatie

 

Standaard Eurobarometer 90

 

 

BIJLAGE

1. "Mijn stem telt in de EU"

Perceptie van de toestand van de Europese economie

 

2. Imago van de EU

1

 

3. Vertrouwen in de EU

Imago van de EU

 

4. De steun voor de euro blijft op recordhoogte

 Vertrouwen in de EU

 

5. Perceptie van de toestand van de Europese economie

Perceptie van de toestand van de Europese economie

 

6. Perceptie van de toestand van de Europese economie

Perceptie van de toestand van de Europese economie

 

 7. Vrij verkeer

Vrij verkeer

 

8. EU-burgerschap

EU-burgerschap

 

9. De belangrijkste uitdagingen voor de EU 

 Vrij verkeer

 Maximaal twee antwoorden – de zes meest genoemde thema's

 

10. De belangrijkste uitdagingen op nationaal niveau

 EU-burgerschap

 Maximaal twee antwoorden – de zes meest genoemde thema's

 

IP/18/6896


Side Bar