Navigation path

Left navigation

Additional tools

Europese Commissie - Persbericht

Najaarspakket Europees semester: duurzame en inclusieve groei versterken

Brussel, 21 november 2018

De Commissie stelt de economische en sociale prioriteiten van de EU voor 2019 vast, presenteert adviezen over de ontwerpbegrotingsplannen en bevestigt het bestaan van een bijzonder ernstige niet-naleving van het stabiliteits- en groeipact in het geval van Italië; Griekenland wordt voor het eerst geïntegreerd in het Europees semester.

Het Europees semester, de cyclus van coördinatie van het economisch en sociaal beleid, van 2019 begint in een context van gestage maar minder dynamische groei, die door grote onzekerheid wordt gekenmerkt. Er is al veel bereikt sinds 2014 maar er moet meer worden gedaan om inclusieve en duurzame groei en banencreatie te ondersteunen, en tegelijkertijd de economieën van de lidstaten veerkrachtiger te maken. Op het niveau van de EU moeten daarvoor de nodige besluiten worden genomen om de economische en monetaire unie verder te versterken. Op nationaal niveau moet de huidige groeidynamiek dringend worden benut om begrotingsbuffers op te bouwen en de schulden terug te dringen. Bij investeringen en structurele hervormingen moet de focus worden gelegd op het stimuleren van de productiviteit en het groeipotentieel. Deze maatregelen zullen de voorwaarden voor duurzame macrofinanciële stabiliteit creëren en bijdragen aan het concurrentievermogen van de EU op lange termijn. Daardoor worden dan weer de voorwaarden gecreëerd voor meer en beter banen, grotere sociale rechtvaardigheid en een betere levensstandaard voor de Europeanen.

Het pakket van vandaag is gebaseerd op de economische najaarsprognoses 2018 en bouwt voort op de in de Staat van de Unie 2018 van voorzitter Juncker genoemde prioriteiten.

Valdis Dombrovskis, vicevoorzitter, bevoegd voor de euro en de sociale dialoog, ook belast met financiële stabiliteit, de financiële diensten en de kapitaalmarktenunie: "Het gaat economisch goed in Europa, maar de toename van de risico's wijst erop dat dit niet altijd zal blijven duren. De EU-landen hebben goed gerichte investeringen nodig en moeten hernieuwde inspanningen voor hervormingen leveren om hun basisvoorwaarden voor groei te versterken en de productiviteit te verhogen. In het begrotingsbeleid is het tijd om de overheidsschulden terug te dringen en opnieuw begrotingsbuffers op te bouwen. Dit zal ons de manoeuvreerruimte geven die we nodig zullen hebben als de volgende recessie komt. Nu moeten er ook vorderingen worden gemaakt met het verdiepen van Europa's economische en monetaire unie."

Marianne Thyssen, commissaris voor Werkgelegenheid, Sociale Zaken, Vaardigheden en Arbeidsmobiliteit: "Het economische herstel van de laatste jaren ging met veel werkgelegenheid gepaard en de werkloosheid is ongekende dieptepunten aan het bereiken. Tegelijkertijd nemen meer en meer mensen deel aan de arbeidsmarkt. De participatiegraad heeft een recordhoogte bereikt en heeft zelfs die van de VS overtroffen. Nu zijn er voor ons de juiste voorwaarden om meer te investeren in onze samenleving, in onze mensen, zodat dit herstel wordt bestendigd en iedereen, ook de toekomstige generaties, ten goede komt."

Pierre Moscovici, commissaris voor Economische en Financiële Zaken, Belastingen en Douane: "De economie van de EU blijft groeien in een gezond tempo. Het beleidsadvies van de Commissie van vandaag wil ervoor zorgen dat de economie sterk blijft en veerkrachtiger wordt, want in een mondiale context die steeds onzekerder wordt, mogen we niets vanzelfsprekend vinden. Een duurzaam welvarende eurozone heeft niet alleen gezonde overheidsfinanciën nodig maar ook concurrerende economieën en inclusieve samenlevingen."

De uitzonderlijk gunstige mondiale economische situatie en de lage rentestand van vorig jaar hebben geholpen om groei, werkgelegenheid, schuldreductie en investeringen in de EU en de eurozone te ondersteunen. Alle lidstaten zullen naar verwachting blijven groeien, zij het in een trager tempo, dankzij de kracht van de binnenlandse consumptie en investeringen. Als grote schokken uitblijven, zou Europa economische groei boven het potentieel, robuuste banencreatie en dalende werkloosheidscijfers moeten kunnen aanhouden. De overheidsfinanciën van de lidstaten van de eurozone zijn aanzienlijk verbeterd en het geaggregeerde overheidstekort van de eurozone ligt nu onder 1 %. De schuld blijft echter in verschillende landen hoog. Omdat de economie blijft groeien, is het tijd om de begrotingsbuffers op te bouwen die nodig zijn om het hoofd te kunnen bieden aan de volgende recessie en de potentiële effecten op de werkgelegenheid en sociale effecten te verzachten.

Jaarlijkse groeianalyse 2019

In de jaarlijkse groeianalyse, waarin de algemene economische en sociale prioriteiten voor het komende jaar worden vastgesteld, wordt de EU en haar lidstaten gevraagd om krachtdadige en gezamenlijke beleidsmaatregelen te nemen om te zorgen voor inclusieve en duurzame groei. Op nationaal niveau moet bij de beleidsinspanningen de focus worden gelegd op kwalitatief hoogwaardige investeringen en hervormingen die productiviteitsgroei, inclusiviteit en institutionele capaciteit vergroten, terwijl wordt doorgegaan met het waarborgen van macrofinanciële stabiliteit en gezonde overheidsfinanciën. Op het niveau van de EU zijn de prioriteiten het verdiepen van de eengemaakte markt, het voltooien van de architectuur van de economische en monetaire unie en het bevorderen van de beginselen van de Europese pijler van sociale rechten.

Waarschuwingsmechanismeverslag 2019

In het waarschuwingsmechanismeverslag, dat de bedoeling heeft het bestaan van macro-economische onevenwichtigheden op te sporen, zijn 13 lidstaten aangewezen die in 2019 aan een diepgaande evaluatie zullen worden onderworpen. Bij deze evaluaties zal worden nagegaan of zij daadwerkelijk met macro-economische onevenwichtigheden te kampen hebben. De lidstaten waarvan in de vorige ronde van de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden werd vastgesteld dat zij met onevenwichtigheden te kampen hebben, zullen in 2019 sowieso aan een diepgaande evaluatie worden onderworpen. Het gaat om Bulgarije, Cyprus, Duitsland, Frankrijk, Ierland, Italië, Kroatië, Nederland, Portugal, Spanje en Zweden. Griekenland en Roemenië zullen ook aan een diepgaande evaluatie worden onderworpen.

Ontwerp van gezamenlijk verslag over de werkgelegenheid 2019

Het ontwerp van gezamenlijk verslag over de werkgelegenheid, waarin de werkgelegenheid en de sociale situatie in Europa worden geanalyseerd, laat aanhoudende banencreatie, teruglopende werkloosheid en een beter wordende sociale situatie in de EU zien. Het verslag omvat ook de bevindingen van het sociaal scorebord, waarmee de prestaties van de lidstaten aan de beginselen van de Europese pijler van sociale rechten worden getoetst.

In het tweede kwartaal van 2018 hadden 239 miljoen mensen in de EU werk, het hoogste aantal dat ooit is geregistreerd. Sinds het aantreden van de Commissie-Juncker zijn ongeveer 12 miljoen nieuwe banen gecreëerd. Het percentage mensen die kans lopen op armoede of sociale uitsluiting, is in 2017 beduidend gedaald: sinds vorig jaar zijn meer dan 5 miljoen mensen uit armoede of sociale uitsluiting gekomen. Het totale aantal mensen die kans op armoede of sociale uitsluiting lopen, is gedaald tot onder het niveau van vóór de crisis.

Het economische herstel heeft echter nog niet alle groepen van de samenleving bereikt. De arbeidsparticipatie van oudere werknemers is de afgelopen tien jaar aanzienlijk toegenomen, maar voor jongeren, laaggeschoolden en mensen met een migratieachtergrond blijft de inzetbaarheid op de arbeidsmarkt moeilijk in een aantal lidstaten. De participatie van vrouwen op de arbeidsmarkt blijft in snel tempo stijgen, maar de loon- en de pensioenkloof tussen mannen en vrouwen zijn daardoor nog niet aanzienlijk kleiner geworden.

De inkomens van huishoudens zijn aan het groeien maar zijn in sommige lidstaten nog altijd onder de niveaus van vóór de crisis. De reële loongroei is in 2018 aangetrokken, maar blijft onder de productiviteitsgroei en onder wat mag worden verwacht gelet op de positieve arbeidsmarkt en economische prestaties. Meer algemeen blijven ongelijkheid en armoede zorgen baren.

Aanbeveling over het economische beleid van de eurozone

De aanbeveling over het economische beleid van de eurozone, waarin concrete maatregelen worden vastgesteld die van vitaal belang zijn voor de werking van de eurozone, is gestroomlijnd om sterker de focus te leggen op de belangrijkste uitdagingen. In de aanbeveling wordt opgeroepen tot beleidsmaatregelen die inclusieve en duurzame groei ondersteunen en veerkracht, evenwichtsherstel en convergentie in de eurozone verbeteren. Aanbevolen wordt prioriteit te geven aan hervormingen die de productiviteit en het groeipotentieel vergroten, de interne markt verdiepen, het ondernemingsklimaat verbeteren, investeringen bevorderen en de arbeidsmarkt verbeteren.

De Commissie beveelt aan de kwaliteit en de samenstelling van de overheidsfinanciën en de heropbouw van begrotingsbuffers te verbeteren om tijdens de volgende recessie meer manoeuvreerruimte te hebben. De lidstaten met tekorten op de lopende rekening moeten streven naar grotere productiviteit en reductie van de buitenlandse schuld. De lidstaten met overschotten op de lopende rekening moeten de voorwaarden die investeringen en loongroei ondersteunen, versterken.

De Commissie beveelt aan belastingen weg te verschuiven van arbeid en onderwijssystemen en investeringen in vaardigheden te versterken, en het actief arbeidsmarktbeleid en de stelsels voor sociale bescherming doeltreffender en adequater te maken. Dit is in overeenstemming met de beginselen van de Europese pijler van sociale rechten.

De Commissie vraagt ook snel vorderingen te maken met het voltooien van de economische en monetaire unie van Europa overeenkomstig de door haar ingediende voorstellen, waaronder het steunprogramma voor structurele hervormingen en de stabilisatiefunctie voor Europese investeringen in het kader van het voorstel voor het meerjarig financieel kader 2021-2027.

In de aanbeveling wordt ook gevraagd om de werkzaamheden voor de bankenunie voort te zetten door het achtervangmechanisme voor het gemeenschappelijk afwikkelingsfonds operationeel te maken en een Europees depositoverzekeringsstelsel op te zetten. Financiële integratie moet ook worden nagestreefd door het Europese regelgevend en toezichtkader te versterken. De inspanningen om de niet-presterende leningen te verminderen en om te voorkomen dat die opnieuw worden opgebouwd, moeten worden voortgezet. De aanneming van het bankenpakket van november 2016 tegen eind 2018 blijft van cruciaal belang voor de voltooiing van de bankenunie. Een meer geïntegreerde financiële sector - een voltooide bankenunie en een echte kapitaalmarktenunie - zal helpen om de internationale rol van de euro te versterken, zodat die meer in verhouding staat tot het gewicht van de eurozone in de wereld.

Adviezen over de ontwerpbegrotingsplannen van de lidstaten van de eurozone

De Commissie heeft ook adviezen aangenomen over de vraag of de ontwerpbegrotingsplannen voor 2019 van de landen van de eurozone voldoen aan het stabiliteits- en groeipact.

Preventieve deel van het stabiliteits- en groeipact

In het geval van Italië bevestigt de Commissie, na beoordeling van het herziene ontwerpbegrotingsplan dat op 13 november is ingediend, het bestaan van een bijzonder ernstig geval van niet-naleving van de aanbeveling die de Raad op 13 juli 2018 aan Italië heeft gedaan. De Commissie had al op 23 oktober 2018 een advies aangenomen waarin een bijzonder ernstige niet-naleving in het initiële ontwerpbegrotingsplan, dat Italië op 16 oktober 2018 had ingediend, werd vastgesteld.

Voor tien lidstaten – Duitsland, Ierland, Griekenland, Cyprus, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Oostenrijk en Finland – voldoen de ontwerpbegrotingsplannen aan het stabiliteits- en groeipact in 2019.

Voor drie lidstaten – Estland, Letland en Slowakije – worden de ontwerpbegrotingsplannen geacht in grote lijnen te voldoen aan het stabiliteits- en groeipact in 2019. Voor deze landen kunnen de plannen leiden tot enige afwijking van de middellangetermijndoelstelling voor de begroting of van het aanpassingstraject in die richting.

Voor vier lidstaten – België, Frankrijk, Portugal en Slovenië – bestaat het risico dat de ontwerpbegrotingsplannen het stabiliteits- en groeipact niet naleven in 2019. De ontwerpbegrotingsplannen van deze lidstaten kunnen leiden tot een significante afwijking van het aanpassingstraject in de richting van de respectieve middellangetermijndoelstellingen voor de begroting.

Corrigerende deel van het stabiliteits- en groeipact (buitensporigtekortprocedure)

Voor Spanje wordt verwacht dat het nominale tekort volgend jaar onder 3 % zakt en dat het land de buitensporigtekortprocedure kan verlaten, wat betekent dat Spanje vanaf volgend jaar onder het preventieve deel van het pact zou vallen. In deze context is vastgesteld dat het door Spanje ingediende ontwerpbegrotingsplan een risico van niet-naleving van het stabiliteits- en groeipact in 2019 inhoudt. Dit is gebaseerd op de projectie in de economische najaarsprognoses 2018 van een significante afwijking van het vereiste aanpassingstraject in de richting van de middellangetermijndoelstelling voor de begroting en de niet-naleving van de overgangsschuldreductiebenchmark in 2019.

Stappen onder het stabiliteits- en groeipact

De Commissie heeft ook een aantal stappen gezet onder het stabiliteits- en groeipact.

Voor Italië heeft de Commissie een nieuwe beoordeling verricht van het gebrek
aan naleving, op het eerste gezicht, van het schuldcriterium. Op 131,2 % van het bbp in 2017, het equivalent van
37 000 EUR per inwoner, overschrijdt de overheidsschuld van Italië de referentiewaarde van 60 % van het bbp van het Verdrag. Deze nieuwe beoordeling was nodig omdat de begrotingsplannen van Italië voor 2019 een materiële wijziging inhouden van de relevante factoren die de Commissie afgelopen mei heeft geanalyseerd. De analyse in dit nieuwe verslag krachtens artikel 126, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie omvat de beoordeling van alle relevante factoren en met name: i) het feit dat macro-economische voorwaarden, ondanks de onlangs sterker geworden neerwaartse risico's, niet kunnen worden aangevoerd om de grote kloven van Italië in de naleving van de schuldreductiebenchmark te verklaren, gelet op de nominale bbp-groei van meer dan 2 % sinds 2016; ii) het feit dat de overheidsplannen neerkomen op een beduidende achteruitgang in vroegere groeibevorderende structurele hervormingen, met name de vroegere pensioenhervormingen; en bovenal iii) het vastgestelde risico van significante afwijking van het aanbevolen aanpassingstraject in de richting van de begrotingsdoelstelling op middellange termijn in 2018 en de bijzonder ernstige niet-naleving voor 2019 van de aanbeveling die de Raad op 13 juli 2018 aan Italië heeft gedaan, zowel op basis van de plannen van de regering als op basis van de najaarsprognoses 2018 van de Commissie. Al bij al wijst de analyse erop dat het schuldcriterium als omschreven in het Verdrag en in Verordening (EG) nr. 1467/1997 als niet-nageleefd moet worden beschouwd, en dat een buitensporigtekortprocedure op grond van de schuldsituatie passend is.

Voor Hongarije heeft de Commissie vastgesteld dat geen doeltreffende maatregelen zijn genomen in reactie op de aanbeveling van de Raad van juni 2018 en stelt zij voor dat de Raad aan Hongarije een herziene aanbeveling doet om de significante afwijking van het aanpassingstraject in de richting van de middellangetermijndoelstelling voor de begroting te corrigeren. In juni 2018 had de Raad Hongarije een jaarlijkse structurele aanpassing van 1 % van het bbp in 2018 aanbevolen in het kader van de significante-afwijkingsprocedure. In het licht van de ontwikkelingen sindsdien en het feit dat Hongarije geen doeltreffende maatregelen heeft genomen om zijn significante afwijking te corrigeren, stelt de Commissie nu een herziene aanbeveling voor van een jaarlijkse structurele aanpassing van minstens 1 % van het bbp in 2019. Het overheidstekort is in Hongarije gestegen van -1,6 % in 2016 tot -2,4 % in 2018 en verwacht wordt dat het de komende twee jaar licht onder -2 % blijft.

Voor Roemenië heeft de Commissie vastgesteld dat geen doeltreffende maatregelen zijn genomen in reactie op de aanbeveling van de Raad van juni en stelt zij voor dat de Raad aan Roemenië een herziene aanbeveling doet om de significante afwijking van het aanpassingstraject in de richting van de middellangetermijndoelstelling voor de begroting te corrigeren. In juni 2018 had de Raad Roemenië een jaarlijkse structurele aanpassing van 0,8 % van het bbp zowel in 2018 als in 2019 aanbevolen in het kader van de significante-afwijkingsprocedure. In het licht van de ontwikkelingen sindsdien en het feit dat Roemenië geen doeltreffende maatregelen heeft genomen om zijn significante afwijking te corrigeren, stelt de Commissie nu een herziene aanbeveling voor van een jaarlijkse structurele aanpassing van minstens 1 % van het bbp in 2019. Het overheidstekort is in Roemenië gestegen van -0,5 % in 2015 tot -2,9 % in 2016 en verwacht wordt dat het in 2018 -3,3 %, in 2019 -3,4 % en in 2020 -4,7 % bereikt. Dit is het hoogste tekort in de EU.

Verslag over verscherpt toezicht voor Griekenland

De Commissie heeft het eerste verslag voor Griekenland aangenomen op grond van het verscherpt toezichtkader dat werd ingesteld na afloop van het macro-economisch aanpassingsprogramma van het Europees stabiliteitsmechanisme op 20 augustus 2018. Het verslag concludeert dat het door Griekenland ingediende ontwerpbegrotingsplan voor 2019 garandeert dat het land zijn verplichting nakomt een primair overschot van 3,5 % van het bbp te bereiken. De balans van de vorderingen met hervormingen op andere gebieden valt gemengd uit en de autoriteiten zullen de implementatie moeten versnellen om hun doelstellingen te behalen. De activering van beleidsafhankelijke schuldmaatregelen, die een onderdeel zijn van het aanzienlijke pakket schuldmaatregelen dat op de bijeenkomst van de Eurogroep van 22 juni 2018 is overeengekomen, zal afhankelijk zijn van een positieve beoordeling in het tweede verslag op grond van het verscherpt toezichtkader. Dit verslag zal begin volgend jaar worden bekendgemaakt.

Wat zijn de volgende stappen?

De Commissie verzoekt de Raad het pakket te bespreken en de vandaag voorgelegde richtsnoeren te bekrachtigen. Zij kijkt uit naar een vruchtbaar debat met het Europees Parlement over de beleidsprioriteiten voor de EU en de eurozone, en ook naar verdere contacten met sociale partners en belanghebbenden op alle niveaus in de context van het Europees semester.

Nadere informatie

Memo over het najaarspakket van het Europees semester

Jaarlijkse groeianalyse 2019

Waarschuwingsmechanismeverslag 2019

Aanbeveling voor de eurozone 2019

Ontwerp van gezamenlijk verslag over de werkgelegenheid 2019

Mededeling over de ontwerpbegrotingsplannen 2019 van de eurozone

Ontwerpbegrotingsplannen 2019

Verslag over Italië krachtens artikel 126, lid 3

Verslag over verscherpt toezicht voor Griekenland

Economische najaarsprognoses 2018

Volg vicevoorzitter Dombrovskis op Twitter: @ VDombrovskis

Volg commissaris Moscovici op Twitter: @pierremoscovici

Volg DG ECFIN op Twitter: @ecfin

IP/18/6462

Contactpersoon voor de pers:

Voor het publiek: Europe Direct per telefoon 00 800 67 89 10 11 of e-mail


Side Bar