Navigation path

Left navigation

Additional tools

Other available languages: EN FR DE SV

Europese Commissie - Persbericht

Staatssteun: Commissie opent diepgaand onderzoek naar fiscale behandeling van Inter IKEA door Nederland

Brussel, 18 december 2017

De Europese Commissie heeft een diepgaand onderzoek geopend naar de fiscale behandeling door Nederland van Inter IKEA, één van de twee groepen die de IKEA-activiteiten beheren. De Commissie vreest dat Inter IKEA dankzij twee Nederlandse fiscale rulings misschien minder belastingen hoefde te betalen en daardoor een oneerlijk voordeel heeft gekregen ten opzichte van andere ondernemingen. Dit zou in strijd zijn met de EU-staatssteunregels.

Margrethe Vestager, commissaris voor mededingingsbeleid: "Alle ondernemingen, groot of klein, multinational of niet, moeten hun eerlijk deel van de belastingen betalen. Lidstaten mogen niet toelaten dat bepaalde ondernemingen minder belastingen betalen door hen toe te staan hun winsten kunstmatig naar een ander land te verschuiven. Wij zullen de fiscale behandeling van Inter IKEA door Nederland nu grondig onderzoeken."

In het begin van de jaren 1980 werd het bedrijfsmodel van IKEA omgevormd naar een franchisingmodel. Sindsdien is het de Inter IKEA-groep die de franchiseactiviteiten van IKEA beheert, en zij gebruikt daarvoor het "IKEA Franchise Concept". Concreet betekent dit dat Inter IKEA geen eigenaar van de IKEA-winkels is. Wereldwijd betalen alle IKEA-winkels een franchisevergoeding van 3 % van hun omzet aan Inter IKEA Systems, een dochteronderneming van de Inter IKEA-groep in Nederland. In ruil daarvoor mogen de IKEA-winkels onder andere het IKEA-handelsmerk gebruiken, en krijgen zij knowhow ter beschikking om het IKEA Franchise Concept te gebruiken en te exploiteren.

Het Nederlandse Inter IKEA Systems boekt dus alle inkomsten uit de IKEA-franchisevergoedingen wereldwijd die bij de IKEA-winkels worden geïnd. Het onderzoek van de Commissie heeft betrekking op de fiscale behandeling van Inter IKEA Systems in Nederland sinds 2006. Op basis van ons voorlopig onderzoek lijken twee fiscale rulings die de Nederlandse belastingdienst in 2006 en 2011 heeft afgegeven, de belastbare winst van Inter IKEA Systems in Nederland aanzienlijk te hebben verlaagd.

De Commissie vreest dat de twee fiscale rulings Inter IKEA mogelijk een oneerlijk voordeel hebben gegeven in vergelijking met andere ondernemingen die in Nederland onder dezelfde nationale belastingregels vallen. Dit zou in strijd zijn met de EU-staatssteunregels.

 

Tussen 2006 en 2011 (fiscale ruling van 2006)

In de fiscale ruling van 2006 werd ingestemd met een methode om een jaarlijkse licentievergoeding te berekenen die Inter IKEA Systems in Nederland aan een andere vennootschap van de Inter IKEA-groep moest betalen, namelijk aan het in Luxemburg gevestigde I.I. Holding.

I.I. Holding was toen de eigenaar van bepaalde intellectuele-eigendomsrechten die nodig zijn voor het IKEA Franchise Concept en die exclusief in licentie waren gegeven aan Inter IKEA Systems. Inter IKEA Systems gebruikte die intellectuele-eigendomsrechten om het IKEA Franchise Concept te bedenken en te ontwikkelen. Het ontwikkelde, verbeterde en onderhield met andere woorden de intellectuele-eigendomsrechten. Inter IKEA Systems beheerde ook de franchisecontracten en inde de franchisevergoedingen bij de IKEA-winkels wereldwijd.

De jaarlijkse licentievergoeding die Inter IKEA Systems aan I.I. Holding betaalde, waarmee in de fiscale ruling van 2006 werd ingestemd, vormde een aanzienlijk deel van de inkomsten van Inter IKEA Systems.

Op die manier werd een aanzienlijk deel van de franchisewinst van Inter IKEA Systems verschoven van Inter IKEA Systems naar I.I. Holding in Luxemburg. Daar werd die winst niet belast, omdat I.I. Holding onder een bijzondere belastingregeling viel, waardoor de onderneming in Luxemburg vrijgesteld was van vennootschapsbelasting.

 

 

Na 2011 (fiscale ruling van 2011)

In juli 2006 kwam de Commissie tot de conclusie dat de Luxemburgse bijzondere belastingregeling verboden was volgens de EU-staatssteunregels en eiste zij dat de regeling uiterlijk 31 december 2010 volledig werd ingetrokken. Er hoefde geen onrechtmatige steun van I.I. Holding te worden teruggevorderd omdat de regeling was goedgekeurd op grond van een Luxemburgse wet van 1929, dus van vóór het EG-Verdrag. Dit is een historisch onderdeel van de zaak dat geen deel uitmaakt van het onderzoek dat vandaag wordt ingeleid. Door het besluit van de Commissie zou I.I. Holding vanaf 2011 vennootschapsbelasting moeten gaan betalen in Luxemburg.

In 2011 wijzigde Inter IKEA haar structuur. Daardoor was de fiscale ruling van 2006 niet meer van toepassing:

Inter IKEA Systems kocht de intellectuele-eigendomsrechten die I.I. Holding vroeger bezat. Om die verwerving te financieren kreeg Inter IKEA Systems een lening tussen groepsmaatschappijen van haar moedermaatschappij in Liechtenstein.

De Nederlandse autoriteiten gaven in 2011 een tweede fiscale ruling af, waarin werd ingestemd met de prijs die Inter IKEA Systems betaalde voor de verwerving van de intellectuele eigendom. In die ruling werd ook ingestemd met de rente die voor de lening tussen groepsmaatschappijen aan de moedermaatschappij in Liechtenstein moest worden betaald, en de aftrek van die rentebetalingen van de belastbare winst van Inter IKEA Systems in Nederland.

Door de rentebetalingen werd een aanzienlijk deel van de franchisewinst van Inter IKEA Systems vanaf 2011 naar haar moedermaatschappij in Liechtenstein verschoven.

 

Onderzoek van de Commissie

De Commissie is in dit stadium van mening dat de behandeling waarmee in de twee fiscale rulings werd ingestemd, kan hebben geleid tot belastingvoordelen voor Inter IKEA Systems, die niet gelden voor andere ondernemingen die in Nederland onder dezelfde nationale belastingregels vallen.

Het EU-staatssteuntoezicht dient om te garanderen dat lidstaten een select groepje ondernemingen fiscaal niet beter behandelen dan andere ondernemingen, noch via fiscale rulings, noch op een andere manier. Meer bepaald moeten transacties tussen ondernemingen binnen een ondernemingsgroep worden geprijsd op een manier die overeenstemt met de economische realiteit. Dat wil zeggen dat de betalingen tussen twee ondernemingen binnen dezelfde groep moeten stroken met de regelingen die in vergelijkbare omstandigheden tussen onafhankelijke ondernemingen bestaan (het zogenaamde "zakelijkheidsbeginsel").

De Commissie zal nu de fiscale behandeling van Inter IKEA Systems op grond van beide fiscale rulings onderzoeken:

  • de Commissie zal onderzoeken of de jaarlijkse licentievergoeding die Inter IKEA Systems aan I.I. Holding betaalde – waarmee werd ingestemd in de fiscale ruling van 2006 – overeenstemt met de economische realiteit. Zij zal met name nagaan of het niveau van de jaarlijkse licentievergoeding overeenstemt met de bijdrage van Inter IKEA Systems aan de franchiseactiviteiten;
  • de Commissie zal ook onderzoeken of de prijs die Inter IKEA Systems is overeengekomen voor de verwerving van de intellectuele-eigendomsrechten en de rente die vervolgens over de lening tussen groepsmaatschappijen werd betaald – waarmee werd ingestemd in de fiscale ruling van 2011 – overeenstemmen met de economische realiteit. De Commissie zal met name nagaan of de overnameprijs een adequate afspiegeling vormt van de bijdrage van Inter IKEA Systems aan de waarde van de franchiseactiviteiten en het niveau van de rente die in Nederland van de belastinggrondslag van Inter IKEA Systems wordt afgetrokken, onderzoeken.

Nu er een diepgaand onderzoek komt, krijgen Nederland en belanghebbenden de mogelijkheid opmerkingen te maken. Dat een onderzoek wordt ingeleid, zegt evenwel niets over de uitkomst ervan.

graph_NL 

 

Achtergrondinformatie over het onderzoek en Inter IKEA

De Commissie verzocht in april 2016 een eerste keer om inlichtingen over de fiscale rulings die Nederland aan de Inter IKEA-groep had afgegeven na berichten in de pers over een mogelijke gunstige fiscale behandeling en het rapport van de fractie De Groenen/VEA in het Europees Parlement.

In het begin van de jaren 1980 werden de IKEA-activiteiten opgesplitst in twee onafhankelijke groepen, Inter IKEA en INGKA.

  • De IKEA-winkels werden aan INGKA overgedragen, dat vandaag de dag nog steeds eigenaar is van de meeste IKEA-winkels wereldwijd.
  • Inter IKEA kreeg de "proprietary rights" (eigendomsrechten) die tot dan toe ontwikkeld waren, waaronder de IKEA-handelsmerken, de handelsnamen en het auteursrecht. De Inter IKEA-groep is nog steeds eigenaar van de intellectuele eigendom voor de IKEA-activiteiten en is belast met het beheer van de activiteiten via een franchisingmodel.

 

Achtergrondinformatie over de staatssteunonderzoeken van de Commissie inzake belastingen

Op zich zijn fiscale rulings geen probleem in het kader van de EU-staatssteunregels, zolang ze gewoon bevestigen dat belastingregelingen tussen ondernemingen van dezelfde groep voldoen aan de betrokken belastingwetgeving. Fiscale rulings die een selectief voordeel verlenen aan bepaalde ondernemingen kunnen de mededinging op de interne markt in de EU echter verstoren. Dit is in strijd met de EU-staatssteunregels.

Sinds juni 2013 toetst de Commissie individuele fiscale rulings van lidstaten aan de EU-staatssteunregels. In december 2014 heeft zij dit informatieonderzoek uitgebreid naar alle lidstaten. In oktober 2015 concludeerde de Commissie dat Luxemburg en Nederland selectieve belastingvoordelen hebben toegekend aan respectievelijk Fiat en Starbucks.In januari 2016 concludeerde de Commissie dat de selectieve belastingvoordelen die België in het kader van zijn belastingregeling voor overwinst aan ten minste 35 multinationals (de meeste daarvan uit de EU) heeft toegekend, niet stroken met de EU-regels inzake staatssteun. In augustus 2016 concludeerde de Commissie dat Ierland Apple tot 13 miljard EUR onterechte belastingvoordelen heeft toegekend. In augustus 2017 concludeerde de Commissie dat Luxemburg Amazon tot 250 miljoen EUR onterechte belastingvoordelen heeft toegekend. Er lopen ook nog twee diepgaande onderzoeken naar fiscale rulings die Luxemburg heeft afgegeven aan McDonald's en Engie (het vroegere GDF Suez), en één naar een belastingregeling voor multinationals in het Verenigd Koninkrijk.

De niet-vertrouwelijke versie van het besluit komt, zodra eventuele vertrouwelijkheidskwesties zijn opgelost, in het Staatssteunregister op de website van DG Concurrentie van de Commissie onder zaaknummer SA.46470 beschikbaar. Een overzicht van de recentste staatssteunbesluiten die op internet en in het EU-Publicatieblad zijn gepubliceerd, is te vinden in de elektronische nieuwsbrief State Aid Weekly e-News.

IP/17/5343

Contactpersoon voor de pers:

Voor het publiek: Europe Direct per telefoon 00 800 67 89 10 11 of e-mail


Side Bar

Photos


Documents


ikea_nl.pdf