Navigation path

Left navigation

Additional tools

Europese Commissie - Persbericht

Onderwijs en opleiding in Europa: ongelijkheid blijft een probleem

Brussel, 9 november 2017

Uit de vandaag gepubliceerde editie 2017 van de Onderwijs- en opleidingsmonitor van de Commissie blijkt dat de nationale onderwijsstelsels inclusiever en doeltreffender worden. Uit de monitor blijkt echter ook dat de onderwijsprestaties van studenten in grote mate afhangen van hun sociaal-economische achtergrond.

De Europese Commissie steunt de lidstaten om ervoor te zorgen dat hun onderwijsstelsels efficiënt functioneren – de in de jaarlijks gepubliceerde Onderwijs- en opleidingsmonitor verzamelde gegevens vormen een belangrijk onderdeel van dit werk. Uit de meest recente editie blijkt dat de lidstaten hun onderwijsstelsels weliswaar hervormen en moderniseren en zo vooruitgang boeken bij het merendeel van de belangrijke EU-streefcijfers, maar dat er toch meer inspanningen nodig zijn om de ongelijkheid in het onderwijs ongedaan te maken.

Volgens Tibor Navracsics, Europees commissaris voor Onderwijs, Cultuur, Jongerenzaken en Sport, "berooft ongelijkheid nog steeds te veel Europeanen van de kans zich volledig te ontplooien. Ongelijkheid bedreigt ook de sociale cohesie, de welvaart en de economische groei op lange termijn. Te vaak bestendigen onze onderwijsstelsels de ongelijkheid, bijvoorbeeld wanneer te weinig aandacht aan personen uit armere milieus wordt geschonken of wanneer de sociale status van de ouders de onderwijsprestaties van jongeren bepaalt en armoede en kansenongelijkheid op de arbeidsmarkt van generatie op generatie worden doorgegeven. We moeten meer doen om een einde te maken aan deze ongelijkheid. De onderwijsstelsels moeten een bijzondere rol bij de opbouw van een eerlijkere samenleving spelen door iedereen gelijke kansen te bieden."

Onderwijsprestaties zijn sociaal relevant. Wie alleen basisonderwijs heeft gevolgd, loopt bijna drie keer meer kans op armoede of sociale uitsluiting dan wie tertiair onderwijs heeft genoten. Uit de meest recente gegevens van de monitor blijkt bovendien dat in 2016 slechts 44 % van de jongeren tussen 18 en 24 jaar die alleen lager middelbaar onderwijs hadden gevolgd, werk had. Bij de leeftijdsgroep van 15 tot 64 jaar is de werkloosheid ook veel hoger bij wie alleen basisonderwijs heeft gevolgd dan bij wie tertiair onderwijs heeft genoten (16,6 % tegenover 5,1 %). Tegelijkertijd bepaalt de sociaal-economische status de prestaties van de leerlingen: maar liefst 33,8 % van de leerlingen uit de meest kansarme sociaal-economische milieus presteert zwak op school. Bij leerlingen uit de meest bevoorrechte milieus is dat slechts 7,6 %.

De EU streeft er onder meer naar het percentage 15-jarige leerlingen met een ondermaatse basiskennis lezen, wiskunde en wetenschappen uiterlijk 2020 tot 15 % terug te dringen. De EU als geheel blijft echter steeds verder achter bij deze doelstelling, met name wat wetenschappen betreft: het percentage jongeren met ondermaatse prestaties voor wetenschappen is gestegen van 16 % in 2012 tot 20,6 % in 2015.

Mensen die niet in de EU zijn geboren, zijn bijzonder kwetsbaar. Ze worden vaak met tal van risico's en nadelen geconfronteerd: hun ouders zijn arm of laaggeschoold, thuis wordt niet de taal van het onderwijs gesproken, ze hebben minder gemakkelijk toegang tot cultuur en ze lijden onder isolement en zwakke sociale netwerken in het land van immigratie. Jongeren met een migrantenachtergrond lopen een groter risico op slechte schoolprestaties en schooluitval. In 2016 was 33,9 % van de mensen tussen 30 en 34 jaar die in de Europese Unie woonden maar er niet geboren waren, laaggeschoold (d.w.z. met hoogstens een diploma lager secundair onderwijs). Van hun in de EU geboren leeftijdsgenoten was slechts 14,8 % laaggeschoold.

De investeringen in onderwijs hebben zich overal in de EU van de financiële crisis hersteld en zijn in het algemeen licht gestegen (1 % per jaar in reële termen). In ongeveer twee derde van de lidstaten wordt meer in onderwijs geïnvesteerd. In vier landen zijn de investeringen met meer dan 5 % gestegen.

Op 17 november zullen de EU-leiders het in Göteborg hebben over onderwijs en cultuur, als onderdeel van het "Bouwen aan onze gemeenschappelijke toekomst". De Europese Commissie zal er de gegevens over onderwijs en opleiding van dit jaar presenteren. De bespreking in Göteborg zal zichtbaarheid geven aan de hervormingen van het onderwijs en de politieke betekenis ervan benadrukken.

Commissaris Navracsics zal op 25 januari 2018 als gastheer fungeren voor de eerste EU-onderwijstop ooit. Vertegenwoordigers uit alle lidstaten zullen worden uitgenodigd om te bespreken hoe de nationale onderwijsstelsels inclusiever en doeltreffender kunnen worden gemaakt.

Achtergrond

De Onderwijs- en opleidingsmonitor 2017 van de Commissie is de zesde editie van dit jaarlijks verslag over de ontwikkeling van de onderwijs- en opleidingsstelsels in de EU aan de hand van een grote verscheidenheid van gegevens. De monitor meet de vooruitgang in de EU ten aanzien van de zes streefcijfers voor onderwijs en opleiding voor het jaar 2020: (1) Het percentage voortijdige schoolverlaters (in de leeftijdsgroep van 18 tot 24 jaar) moet minder dan 10 % bedragen, (2) het percentage 30- tot 34-jarigen met een diploma tertiair onderwijs moet ten minste 40 % bedragen, (3) ten minste 95 % van de kinderen tussen vier jaar en de leerplichtige leeftijd voor het lager onderwijs moet deelnemen aan onderwijs, (4) het percentage 15-jarigen met ondermaatse prestaties voor lezen, wiskunde en wetenschappen moet minder dan 15 % bedragen, (5) 82 % van de pas afgestudeerde jongeren van 20 tot 34 jaar met een diploma hoger secundair of tertiair onderwijs die geen onderwijs of opleiding volgen, moet een baan hebben, (6) ten minste 15 % van de volwassenen (de leeftijdsgroep van 25 tot 64 jaar) moet deelnemen aan formeel of niet-formeel leren.

De monitor analyseert de belangrijkste uitdagingen voor de Europese onderwijsstelsels en stelt beleidsmaatregelen voor om de stelsels beter op de behoeften van de samenleving en de arbeidsmarkt af te stemmen. Het verslag bestaat uit een transnationale vergelijking, 28 gedetailleerde landenverslagen en een specifieke webpagina met aanvullende gegevens en informatie. Het investeringsplan voor Europa, Erasmus+, de Europese structuur- en investeringsfondsen – met inbegrip van het jongerenwerkgelegenheidsinitiatief, het Europees Solidariteitskorps en Horizon 2020 – en het Europees Instituut voor innovatie en technologie bevorderen investeringen in onderwijs en ondersteunen beleidsprioriteiten op het gebied van onderwijs.

Meer informatie

Onderwijs- en opleidingsmonitor 2017

Website van de monitor

IP/17/4261

Contactpersoon voor de pers:

Voor het publiek: Europe Direct per telefoon 00 800 67 89 10 11 of e-mail


Side Bar