Navigation path

Left navigation

Additional tools

Europese Commissie - Persbericht

Mededinging: Geoblocking blijkt volgens sectoraal onderzoek e-commerce wijdverbreid in hele EU

Brussel, 18 maart 2016

De eerste bevindingen van het sectorale onderzoek van de Commissie naar de e-commercesector laten zien dat geoblocking in de EU een wijdverbreide praktijk is. Dit komt voor een deel door de eigen keuze van bedrijven om niet naar het buitenland te verkopen. Daarnaast spelen echter ook contractuele barrières die ondernemingen opwerpen om consumenten te beletten online te shoppen binnen de EU.

De Europese Commissie heeft haar eerste bevindingen gepubliceerd over de verspreiding van het fenomeen geoblocking. Deze praktijk belet consumenten om binnen de Europese Unie online consumptiegoederen aan te schaffen en toegang te krijgen tot digitale content. De Commissie heeft de vandaag gepresenteerde informatie verzameld in het kader van haar sectorale mededingingsonderzoek naar de e-commercesector, dat in mei 2015 van start ging. Zo blijkt uit de antwoorden van meer dan 1 400 detailhandelaren en digitale-contentproviders verspreid over alle 28 EU-lidstaten dat geoblocking gebruikelijk is in de EU, zowel voor consumptiegoederen als voor digitale content. Van de respondenten antwoordden 38% van de detailhandelaren en 68% van de digitale-contentproviders dat zij geoblocking toepassen voor consumenten uit andere EU-lidstaten.

Dit sectorale onderzoek naar de e-commercesector dient om marktinformatie te verzamelen. Die informatie moet de Commissie een beter inzicht geven in de vraag of en in welke mate Europese e-commercemarkten te kampen hebben met door bedrijven opgeworpen barrières. Geoblocking is één van de thema's die in het sectorale onderzoek aan bod komen. De feiten en data over geoblocking die vandaag worden gepubliceerd, betekenen niet noodzakelijk dat er sprake is van mededingingsbezwaren of dat mededingingszaken worden geopend. Deze bevindingen zullen worden meegenomen in de analyse die Commissie momenteel in het kader van dit sectorale onderzoek maakt, om mogelijke mededingingsproblemen in kaart te brengen. Tegelijk is een en ander een aanvulling op de initiatieven in het kader van de strategie voor de eengemaakte markt die de Commissie heeft uitgetekend en waarmee zij hinderpalen wil opruimen die een belemmering vormen voor grensoverschrijdende e-commerce.

Margrethe Vestager, commissaris voor mededingingsbeleid: "De informatie die we bij ons sectorale onderzoek in de e-commercesector hebben verzameld, bevestigt de aanwijzingen die we hadden om het onderzoek te beginnen. Niet alleen blijkt geoblocking Europese consumenten vaak te beletten om in een ander EU-land online goederen en digitale content te kopen, maar soms is geoblocking ook het gevolg van restricties in overeenkomsten tussen leveranciers en distributeurs. Wanneer een niet-dominante onderneming eenzijdig beslist om niet naar het buitenland te verkopen, is dat uit oogpunt van het mededingingsrecht geen probleem. Wanneer geoblocking echter het gevolg is van overeenkomsten, moeten we nog eens beter kijken of er sprake is van concurrentieverstorende gedragingen, die met de instrumenten van het EU-mededingingsbeleid kunnen worden aangepakt."

Terwijl er steeds meer goederen en diensten via internet worden verhandeld, groeit de grensoverschrijdende verkoop in de EU maar langzaam. De eerste bevindingen van het sectorale onderzoek waar de Commissie vandaag mee komt, betreffen de praktijk van geoblocking. Dit houdt in dat detailhandelaren en digitale-contentproviders onlineshoppers, op basis van hun locatie of woonplaats, beletten consumptiegoederen te kopen of toegang te krijgen tot diensten voor digitale content. Dit is een factor die ongunstig is voor grensoverschrijdende e-commerce.

In sommige gevallen blijkt geoblocking verband te houden met overeenkomsten tussen leveranciers en distributeurs. Dit soort overeenkomsten kan een beperking zijn van de mededinging op de interne markt - en een inbreuk op de EU-mededingingsregels. Of dit het geval is, moet echter telkens voor iedere zaak apart worden beoordeeld.

Wanneer geoblocking daarentegen gebaseerd is op eenzijdige zakelijke beslissingen van een bedrijf om niet naar het buitenland te verkopen, is het duidelijk dat het EU-mededingingsrecht niet van toepassing is op dit soort gedragingen van een niet-dominant bedrijf.

Detailhandelaren en dienstenaanbieders kunnen om een aantal redenen niet naar het buitenland verkopen en de vrijheid om te kiezen met welke partijen een ondernemer handelt, blijft het basisbeginsel.Tegen die achtergrond is het voor de Commissie een sleutelprioriteit om ongerechtvaardigde barrières voor grensoverschrijdende e-commerce aan te pakken met wetgevende initiatieven in het kader van haar strategie voor de eengemaakte digitale markt. In mei zal zij hierover ook met verdere wetgevingsvoorstellen komen. Het mededingingstoezicht en de wetgevende initiatieven van de Commissie zetten beide in op het tot stand brengen van een ruimte waar Europese burgers en bedrijven, ongeacht hun verblijfplaats, naadloos onlineactiviteiten kunnen gebruiken en ontplooien.

Overzicht van de eerste bevindingen

Uit het sectorale onderzoek blijkt dat 38% van de respondenten in de detailhandel die online consumptiegoederen, zoals kleding, schoenen, sportartikelen en consumentenelektronica, verkopen gebruikmaken van geoblocking. Bij deze producten komt geoblocking er meestal op neer dat wordt geweigerd om in het buitenland te leveren. Andere methodes die worden gehanteerd, zijn weigeringen om betalingen vanuit het buitenland te accepteren en, in mindere mate, re-routing en het blokkeren van de toegang tot websites. In de meeste gevallen is dit soort geoblocking het gevolg van eenzijdige zakelijke keuzes van detailhandelaren. Toch maakt 12% van de detailhandelaren minstens voor één productcategorie uit hun assortiment melding van contractuele beperkingen om naar het buitenland te verkopen.

Voor online digitale content geeft de meerderheid van de providers (68%) aan dat zij geoblocking toepassen voor gebruikers in andere EU-lidstaten. Dit gebeurt vooral op basis van het IP-adres van de gebruiker (het internetprotocol dat de locatie van een computer/smart Phone identificeert en aangeeft). 59% van de respondenten onder de contentproviders gaf aan dat hun leveranciers hen contractueel verplichten om geoblocking toe te passen. Voor de verschillende categorieën digitale content, maar ook tussen EU-lidstaten onderling zijn er opvallende verschillen in de verspreiding van de praktijk van geoblocking.

Het aantal respondenten verschilt van lidstaat tot lidstaat, in de eerste plaats omdat de e-commercemarkten niet in alle lidstaten even groot zijn. Een andere verklaring is het aantal spontane verzoeken dat de Commissie van partijen heeft gekregen om aan het onderzoek te kunnen deelnemen. De uitkomsten van dit onderzoek bieden dus een waardevol inzicht in de verspreiding van geoblockingpraktijken in de EU, maar zijn statistisch niet representatief voor de totale e-commercemarkten in de EU. Meer details zijn te vinden in de Factsheet.

De volgende stappen in het sectorale onderzoek in de e-commercesector

Een meer gedetailleerde analyse van alle bevindingen van het lopende sectorale onderzoek in de e-commercesector zal worden gepresenteerd in een voorlopig verslag. Dit zal medio 2016 worden gepubliceerd, met het oog op publieke consultatie. Dit verslag zal niet alleen ingaan op geoblocking, maar ook op andere potentiële concurrentieproblemen waarmee Europese e-commercemarkten te kampen hebben. Het eindverslag wordt tegen het eind van het eerste kwartaal 2017 verwacht.

De eerste bevindingen over geoblocking die vandaag worden gepubliceerd, betekenen niet noodzakelijk dat er sprake is van mogelijke mededingingsbezwaren of dat mededingingszaken worden geopend.

Mocht de Commissie voor geoblocking of andere kwesties op specifieke concurrentieproblemen stuiten, dan kan zij in individuele zaken een onderzoek beginnen. Zo kan zij afdwingen dat de EU-regels inzake mededingingsbeperkende praktijken en misbruik van dominante marktposities in acht worden genomen (de artikelen 101 en 102 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU)). In het mededingingsbeleid moet bij handhavend optreden voor iedere zaak telkens een individuele beoordeling worden gemaakt. Die beoordeling moet ook een analyse bevatten van mogelijke redenen voor restricties die aan het licht zijn gekomen.

Achtergrond

Het volledige verslag is hier te vinden.

Het sectorale onderzoek in de e-commercesector ging op 6 mei 2015 van start. Met dit onderzoek wil de Commissie mogelijke concurrentieproblemen op de Europese e-commercemarkten in kaart brengen. Meer achtergrond over het sectorale onderzoek in de e-commercesector is te vinden in de Factsheet en op de website over het sectorale onderzoek.

Dit sectorale onderzoek is een aanvulling op andere initiatieven die de barrières voor grensoverschrijdende e-commerce moeten opruimen en die de Commissie heeft beschreven in haar strategie voor de digitale eengemaakte markt, die zij ook op 6 mei 2015 had goedgekeurd. Vandaag heeft de Commissie in het kader van deze strategie haar volledige verslag gepubliceerd over de uitkomsten van de publieke consultatie over geoblocking (meer informatie is hier te vinden). Daarnaast heeft de Commissie ook een mystery shopping-survey uitgevoerd om een analyse te maken van de verspreiding van de praktijk van geoblocking en de technieken voor territoriale restricties die binnen de EU in verschillende sectoren worden gebruikt. In mei zal de Commissie met een wetgevingspakket komen dat e-commerce in de hele EU nieuwe impulsen moet geven.

IP/16/922

Contactpersoon voor de pers:

Voor het publiek: Europe Direct per telefoon 00 800 67 89 10 11 of e-mail


Side Bar