Navigation path

Left navigation

Additional tools

Vrouwen in raden van bestuur: aandeel van vrouwen 16,6 % terwijl Commissies van het Europees Parlement Commissie-voorstel steunen

European Commission - IP/13/943   14/10/2013

Other available languages: EN FR DE DA ES IT SV PT FI EL CS ET HU LT LV MT PL SK SL BG RO HR

Europese Commissie

Persbericht

Brussel, 14 oktober 2013

Vrouwen in raden van bestuur: aandeel van vrouwen 16,6 % terwijl Commissies van het Europees Parlement Commissie-voorstel steunen

De Commissie juridische zaken (JURI) en de Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid (FEMM) van het Europees Parlement hebben vandaag bij stemming hun steun verleend aan een voorstel van de Europese Commissie om de ongelijke man-vrouwverhouding in raden van bestuur van ondernemingen aan te pakken. Met deze stemming bereidt het Europees Parlement (dat op voet van gelijkheid met de Raad van Ministers over dit voorstel besluit) de weg voor verdere stappen in het EU-wetgevingsproces van dit voorstel.

Deze stemming valt samen met een nieuw verslag over vrouwen in besluitvorming, dat de Europese Commissie vandaag heeft gepubliceerd en dat cijfers bevat over vrouwen in raden van bestuur van grote beursgenoteerde ondernemingen in de EU. Uit de meest recente cijfers (van april 2013) blijkt dat het aandeel van vrouwen in raden van bestuur is gestegen tot 16,6 % (tegenover 15,8 % in oktober 2012). Uit de cijfers blijkt ook dat de man-vrouwverhouding onder niet-uitvoerende bestuurders (17,6 % vrouwen tegenover 16,7 % in oktober 2012) verschilt van die bij het hogere kader (11 % tegenover 10,2 %).

“De druk van de regelgeving werpt vruchten af. Het glazen plafond begint barsten te vertonen. Steeds meer ondernemingen concurreren met elkaar om vrouwelijk toptalent aan te trekken. Zij weten dat zij, om concurrerend te kunnen blijven in een geglobaliseerde economie, het zich niet kunnen veroorloven voorbij te gaan aan de vaardigheden en talenten van vrouwen,” aldus vicevoorzitter Viviane Reding, EU-commissaris voor Justitie. “Landen als Frankrijk en Italië hebben het voorbeeld gegeven. Zij hebben wetgeving aangenomen en beginnen nu aanzienlijke vooruitgang te boeken. Ik wil ook de rapporteurs Rodi Kratsa-Tsagaropoulou en Evelyn Regner bedanken voor hun niet-aflatende inspanningen en steun voor het voorstel van de Commissie. Wij hebben de aanzet gegeven. Ik zal blijven samenwerken met het Parlement en de Raad om snel vooruitgang te boeken met de ontwerpwetgeving waarin kwalificaties en verdiensten centraal staan.”

De belangrijkste punten van het vandaag door de Commissies JURI en FEMM goedgekeurde verslag:

  1. Het verslag bevestigt de aanpak van de Commissie om de nadruk te leggen op een transparante en eerlijke selectieprocedure (zogenaamd „procedureel quotum”) in plaats van een vast kwantitatief contingent in te voeren.

  2. Kleine en middelgrote ondernemingen blijven uitgesloten van de werkingssfeer van de richtlijn, maar de lidstaten wordt verzocht de bedrijven te steunen en te stimuleren het evenwicht tussen mannen en vrouwen op alle managementniveaus en in raden van bestuur te verbeteren.

  3. De lidstaten zullen geen ondernemingen van deze richtlijn kunnen vrijstellen wanneer minder dan 10 % van het personeel tot het ondervertegenwoordigde geslacht behoort.

  4. De bepaling over de sancties wordt versterkt door de toevoeging van een aantal sancties die verplicht moeten zijn, en niet indicatief, zoals de Commissie had voorgesteld. Als sancties voor de niet-naleving van de bepalingen betreffende selectieprocedures voor de commissarissen moet onder meer worden voorzien in de uitsluiting van overheidsopdrachten en de gedeeltelijke uitsluiting van de toekenning van financiële middelen uit de Europese structuurfondsen, aldus beide Commissies.

Volgende stappen Om kracht van wet te krijgen, moet het voorstel gezamenlijk worden goedgekeurd door het Europees Parlement en de EU-lidstaten in de Raad (waarin bij gekwalificeerde meerderheid wordt gestemd). De beslissende stemming van vandaag volgt op de positieve adviezen van drie andere Commissies van het Parlement: werkgelegenheid (EMPL), interne markt (IMCO) en economische zaken (ECON) (MEMO/13/672). De Commissies JURI en FEMM, die gezamenlijk het voorstel door het Parlement moeten loodsen, hebben thans hun verslag aangenomen. Dat zal naar verwachting in november ter goedkeuring aan de plenaire vergadering van het Europees Parlement worden voorgelegd.

Op de bijeenkomst van de ministers van Werkgelegenheid en Sociale Zaken (EPSCO-Raad) van 20 juni 2013 (MEMO/13/584) heeft de Raad, die op gelijke voet met het Europees Parlement over dit voorstel besluit, de balans opgemaakt van de vooruitgang die onder het Ierse voorzitterschap is geboekt. Het Litouwse voorzitterschap zet inmiddels de besprekingen verder.

Vandaag gepubliceerd nieuw verslag over vrouwen in besluitvorming

Het verslag over vrouwen en mannen in leidinggevende posities dat vandaag is gepubliceerd, heeft betrekking op zes maanden (oktober 2012-april 2013). In die periode was er in 20 lidstaten sprake van een toename van het aandeel van vrouwen in raden van bestuur van ondernemingen. De grootste toenames deden zich voor in Slowakije, Hongarije en Bulgarije. Het aandeel van vrouwen in raden van bestuur daalde in Roemenië, Litouwen, Polen, Malta, Griekenland, Portugal en het Verenigd Koninkrijk (zie bijlage 2).

Het meest recente cijfer voor de hele EU, 16,6 %, betekent een toename van 0,9 procentpunt (pp) in de zes maanden na oktober 2012 of een jaarlijks equivalent tempo van 1,7 procentpunt, tegenover 2,2 procentpunt tussen 2011 en 2012.

In feite is sinds 2010, toen de Europese Commissie haar Strategie voor de gelijkheid van vrouwen en mannen (2010-2015) bekendmaakte en voor het eerst gerichte initiatieven in het vooruitzicht stelde om de ondervertegenwoordiging van vrouwen in leidinggevende posities aan te pakken, het aandeel van vrouwen in raden van bestuur gestegen met 4,8 pp; dat is gemiddeld 1,9 pp per jaar en bijna vier keer sneller dan de vorderingen tussen 2003 en 2010 (0,5 pp/jaar). Deze versnelling (zie bijlage 3) werd verder aangewakkerd door het voorstel van de Commissie over vrouwen in raden van bestuur van 14 november 2012 (IP/12/1205 en MEMO/12/860), waarin als doel 40% vrouwen in raden van bestuur werd opgenomen. De recente ontwikkelingen weerspiegelen ook de resultaten van debatten in de hele EU over de noodzaak van een gerichte ingreep om meer vrouwen in de raden van bestuur te krijgen.

Er zij op gewezen dat de meest significante ontwikkelingen sinds 2010 grotendeels hebben plaatsgevonden in landen die reeds bindende wetgeving hebben aangenomen, zoals Frankrijk (toename met 14,4 pp tot 26,8 %), Nederland (toename met 8,7 pp tot 23,6 %) en Italië (toename met 8,4 pp tot 12,9 %). Hieruit blijkt eens te meer hoe belangrijk regelgeving is om tot resultaten te komen.

Het verslag van vandaag bevat ook een overzicht van de huidige situatie en de trends inzake de vertegenwoordiging van vrouwen en mannen in de politiek, in het openbaar bestuur en bij justitie (zie MEMO/13/882). Hoewel de vertegenwoordiging van vrouwen en mannen op leidinggevende posities op deze gebieden evenwichtiger is dan in het bedrijfsleven en in de financiële sector, is de situatie in een aantal lidstaten beslist voor verbetering vatbaar.

De tussentijdse cijfers over vrouwen in raden van bestuur, die vandaag zijn bekendgemaakt, dateren van april 2013 en worden vergeleken met de gegevens van oktober 2012. De volledige gegevens staan online.

Tussentijdse evaluatie gendergelijkheid

De Commissie heeft ook een tussentijdse evaluatie gepubliceerd van haar bredere strategie voor gelijkheid van vrouwen en mannen (2010-2015). Deze strategie bevat 24 kernmaatregelen, ingedeeld in vijf rubrieken: gelijke economische onafhankelijkheid voor vrouwen en mannen, gelijke beloning voor gelijkwaardig werk, gelijkheid in besluitvorming, waardigheid, integriteit en bestrijding van gendergerelateerd geweld, en bevordering van gendergelijkheid buiten de EU (zie MEMO/13/882).

Uit het verslag komt naar voren dat, halverwege de uitvoeringsperiode van de strategie, de Commissie goed op schema ligt. Zij heeft maatregelen genomen op de meeste van de bestreken gebieden, in het bijzonder de verbetering van het evenwicht tussen mannen en vrouwen in de economische besluitvorming, de strijd tegen genitale verminking van vrouwen, het stimuleren van gelijke betaling en de bevordering van gelijkheid in de algemene economische strategie van de EU.

Achtergrond

Op 14 november 2012 keurde de Commissie een voorstel voor een richtlijn goed op grond waarvan 40 % van de niet-uitvoerende bestuurders in Europa van het ondervertegenwoordigde geslacht moet zijn. Beursgenoteerde ondernemingen moeten in 2020 aan deze norm voldoen, beursgenoteerde overheidsbedrijven in 2018 (zie IP/12/1205 en MEMO/12/860).

Belangrijkste elementen van het voorstel:

  1. Als de niet-uitvoerende bestuurders van een beursgenoteerde onderneming in Europa niet voor 40% uit vrouwen bestaat, dient die onderneming op grond van de nieuwe wetgeving een nieuwe selectieprocedure voor bestuurders te houden waarbij de voorkeur uitgaat naar vrouwelijke kandidaten met de nodige kwalificaties.

  2. De voorgestelde wetgeving stelt kwalificaties duidelijk voorop. Vrouwen zullen niet qualitate qua worden aangenomen, maar vrouwen zullen ook niet meer worden gepasseerd, alleen omdat zij vrouw zijn.

  3. De wetgeving geldt alleen voor commissarissen of niet-uitvoerende bestuurders van beursgenoteerde ondernemingen, vanwege hun economisch belang en grote zichtbaarheid. Het voorstel geldt niet voor kleine en middelgrote ondernemingen.

  4. De EU-lidstaten moeten zelf passende en afschrikkende sancties vaststellen voor ondernemingen die de richtlijn overtreden.

  5. Deze wetgeving is een tijdelijke maatregel. Zij verstrijkt automatisch in 2028.

  6. De wetgeving bevat ook als aanvullende maatregel "flexquota": een verplichting voor beursgenoteerde bedrijven om zelf zelfreguleringsdoelstellingen vast te stellen voor de gelijke vertegenwoordiging van mannen en vrouwen als uitvoerende bestuurders. Deze zelfreguleringsdoelstellingen moeten in 2020 zijn bereikt (2018 voor overheidsbedrijven). Bedrijven moeten jaarlijks verslag uitbrengen over de vooruitgang.

Meer informatie

Vrouwen en mannen op leidinggevende posities in de Europese Unie, 2013, een evaluatie van de situatie en de recente vorderingen:

http://ec.europa.eu/justice/gender-equality/gender-decision-making/index_en.htm

Databank van de Europese Commissie over vrouwen en mannen in de besluitvorming:

http://ec.europa.eu/justice/gender-equality/gender-decision-making/database/index_en.htm

Persdossier – Vrouwen in raden van bestuur:

http://ec.europa.eu/justice/newsroom/gender-equality/news/121114_en.htm

Homepage van vicevoorzitter Viviane Reding, EU-commissaris voor Justitie:

http://ec.europa.eu/reding

Volg vicevoorzitter op Twitter

@VivianeRedingEU

Contacts :

Mina Andreeva (+32 2 299 13 82)

Natasha Bertaud (+32 2 296 74 56)

Bijlage 1 - Vertegenwoordiging van vrouwen en mannen in de raden van bestuur van grote beursgenoteerde ondernemingen, april 2013

Bron: Europese Commissie, Databank over vrouwen en mannen in de besluitvorming.

Bijlage 2 - Veranderingen in het aandeel van vrouwen in raden van bestuur volgens land, oktober 2012 - april 2013

Bron: Europese Commissie, Databank over vrouwen en mannen in de besluitvorming.

Bijlage 3 - Aandeel van vrouwen in de raden van bestuur van grote beursgenoteerde ondernemingen, EU-27, 2010-2013: aanhoudende vorderingen


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website