Chemin de navigation

Left navigation

Additional tools

Europese Commissie versterkt de bescherming van de euro door strafrechtelijke maatregelen

Commission Européenne - IP/13/88   05/02/2013

Autres langues disponibles: FR EN DE DA ES IT SV PT FI EL CS ET HU LT LV MT PL SK SL BG RO

EUROPESE COMMISSIE

Persbericht

Straatsburg, 5 februari 2013

Europese Commissie versterkt de bescherming van de euro door strafrechtelijke maatregelen

De Europese Commissie heeft vandaag een voorstel op tafel gelegd om criminelen die zich bezig houden met het vervalsen van eurobiljetten en –muntstukken, harder aan te pakken. Geschat wordt dat eurovalsemunterij sedert de invoering van de munt in 2002 al ten minste 500 miljoen euro heeft gekost. Het voorstel wil de euro en andere munten beter beschermen tegen namaak en vervalsing door strafrechtelijke maatregelen in te voeren. Het gaat hierbij onder meer om versterking van grensoverschrijdend onderzoek en invoering van minimumstraffen, met inbegrip van gevangenisstraffen, voor de zwaarste delicten in verband met valsemunterij. Met dit voorstel zal het ook mogelijk worden in beslag genomen vals geld gedurende gerechtelijke procedures te onderzoeken om andere in omloop gebrachte valse euro's te kunnen opsporen.

Viviane Reding, vicevoorzitter en EU-commissaris voor Justitie, zei hierover het volgende: "Europese burgers en bedrijven stellen vertrouwen in de echtheid van biljetten en muntstukken. Maar dat spreekt niet voor zich. Wereldwijd is de euro de op één na belangrijkste munteenheid en wij zullen alle maatregelen nemen die nodig zijn om ervoor te zorgen dat deze munt niet langer het doelwit is van criminelen. Met dit voorstel kunnen wij de strijd tegen valsemunterij beter aanbinden met behulp van afschrikkende strafrechtelijke sancties en doelmatiger onderzoeksmaatregelen. Valsemunterij door georganiseerde criminelen ondermijnt het vertrouwen van het publiek in de munt en heeft zware gevolgen voor zowel regeringen en bedrijven als gewone burgers. Daders mogen niet vrijuit gaan – het is hoog tijd om de mazen in de regelgeving te dichten en een halt toe te roepen aan valsemunterij in de Europese Unie."

Algirdas Šemeta, commissaris voor Belastingen, douane-unie, audit en fraudebestrijding, zei het als volgt:"De euro is een van de meest waardevolle troeven van de EU. Als we echter niet gezamenlijk de strijd aangaan om onze munt te beschermen, zal niemand dat doen. Een munt die de nationale munt is in 17 landen en gebruikt wordt door 330 miljoen mensen, is een aantrekkelijk doelwit voor criminelen. Wij moeten er dus voor zorgen dat misdaad niet loont. Met een meer geharmoniseerde aanpak van sancties en betere grensoverschrijdende samenwerking zullen wij valsemunterij harder kunnen aanpakken."

De richtlijn, een gezamenlijk initiatief van vicevoorzitter Reding, vicevoorzitter Rehn en commissaris Šemeta, zal de lidstaten ertoe verplichten doeltreffende onderzoeksmiddelen, vergelijkbaar met de middelen die worden ingezet bij de bestrijding van georganiseerde of andere zware criminaliteit, beschikbaar te stellen voor de opsporing van valsemunterij. De Commissie stelt voor een minimumstraf van ten minste zes maanden gevangenisstraf in te voeren voor ernstige delicten die verband houden met de vervaardiging en verspreiding van vals geld. Verder zou een maximumstraf worden ingevoerd van ten minste acht jaar voor de verspreiding van vals geld (een strafmaat die overeenkomstig Kaderbesluit 200/383/JBZ van de Raad reeds geldt voor de vervaardiging van vals geld). De euro wordt zo beter beschermd door het sterkere afschrikeffect voor criminele activiteiten in de hele Unie en dankzij een betere samenwerking tussen de gerechtelijke autoriteiten wordt de pakkans bij fraude groter.

Tot slot worden de lidstaten op grond van de richtlijn verplicht de nationale centra voor analyse en de nationale centra voor de analyse van muntstukken in staat te stellen valse of nagemaakte euro's te onderzoeken tijdens gerechtelijke procedures om andere in omloop gebrachte valse euro's te kunnen opsporen.

Achtergrond

De totale waarde van eurobiljetten en –muntstukken die wereldwijd in omloop zijn, bedraagt ongeveer respectievelijk 913 miljard euro en 16 miljard euro.

De euro en andere munten blijven het doelwit van georganiseerde criminele groepen die zich bezig houden met valsemunterij. Sedert de invoering van de euro in 2002 beloopt de financiële schade als gevolg van eurovalsemunterij ten minste 500 miljoen euro. Dit wordt geïllustreerd door de grote hoeveelheden valse eurobiljetten en –muntstukken die in beslag worden genomen en de illegale printshops en munterijen die elk jaar zowel in de Europese Unie als daarbuiten steeds maar worden ontmanteld. Deze ontwikkelingen laten zien dat de huidige maatregelen tegen valsemunterij ontoereikend zijn en dat het dus nodig is de bescherming van de euro op Europees niveau te verbeteren. In de tweede helft van 2012 werden 280 000 valse eurobiljetten uit omloop genomen.

Volgens de meest recente gegevens van de Europese Centrale Bank worden biljetten van 20 en van 50 euro het vaakst vervalst. Het grootste deel (97,5%) van de in de tweede helft van 2012 in beslag genomen valse euro's was afkomstig uit landen van de eurozone en slechts een geringe hoeveelheid uit EU-landen buiten de eurozone (2%) of andere delen van de wereld (0,5%).

De voorgestelde richtlijn bouwt voort op en komt in de plaats van Kaderbesluit 2000/383/JBZ tot versterking, door middel van strafrechtelijke en andere sancties, van de bescherming tegen valsemunterij in verband met het in omloop brengen van de euro. De meeste bepalingen van het kaderbesluit (met name de definities van de delicten) blijven gehandhaafd in de richtlijn terwijl ook rekening wordt gehouden met nieuwe bepalingen die zijn ingevoerd bij het Verdrag van Lissabon, dat de Unie de bevoegdheid heeft gegeven om wetgevende handelingen aan te nemen op strafrechtelijk gebied en haar aldus in staat stelt krachtiger tegen fraude op te treden. Overeenkomstig het Internationale Verdrag ter bestrijding van de valsemunterij van 1929 (het Verdrag van Genève) dient de betere bescherming van de euro ook te gelden voor andere munten. De richtlijn vormt een aanvulling op de bepalingen van het Verdrag van Genève en vergemakkelijkt de toepassing ervan in de Europese Unie.

Op 10 januari 2013 presenteerde de Europese Centrale Bank het nieuwe biljet van 5 euro. Dit biljet van 5 euro is het eerste bankbiljet in de Europa–reeks dat wordt ingevoerd en het zal op 2 mei 2013 in de hele eurozone worden uitgegeven. De eurobiljetten en –muntstukken zijn sedert hun invoering in 2002 een tastbaar symbool geworden van Europese integratie.

Verdere informatie

Homepage van Viviane Reding, vicevoorzitter en EU-commissaris voor Justitie:

http://ec.europa.eu/reding

Homepage van Commissaris Algirdas Šemeta:

http://ec.europa.eu/commission_2010-2014/semeta/index_en.htm

Europese Commissie - strafrechtbeleid:

http://ec.europa.eu/justice/criminal/criminal-law-policy/index_en.htm

Memo/13/63

Voor de wettekst zie:

http://ec.europa.eu/anti_fraud/euro-protection/legislation/index_en.htm

Contacts :

Emer Traynor (+32 2 292 15 48)

Mina Andreeva (+32 2 299 13 82)

Natasja Bohez Rubiano (+32 2 296 64 70)

Natasha Bertaud (+32 2 296 74 56)


Side Bar

Mon compte

Gérez vos recherches et notifications par email


Aidez-nous à améliorer ce site