Chemin de navigation

Left navigation

Additional tools

Hervorming van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB): politiek akkoord over de laatste resterende punten

Commission Européenne - IP/13/864   24/09/2013

Autres langues disponibles: FR EN DE DA ES IT SV PT FI EL CS ET HU LT LV MT PL SK SL BG RO HR

Europese Commissie

Persbericht

Brussel, 24 september 2013

Hervorming van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB): politiek akkoord over de laatste resterende punten

Het Europees Parlement, de Raad en de Europese Commissie hebben een politiek akkoord bereikt over enkele punten in de hervorming van het GLB (in de context van het meerjarig financieel kader 2014-2020) die nog overbleven na het politiek hervormingsakkoord van 26 juni (zie IP/13/613 en MEMO/13/621).

"In juni hadden we al een akkoord over het grootste deel van de hervorming van het GLB. Ik ben blij dat we nu de hele hervorming hebben kunnen afronden," aldus EU-commissaris van Landbouw Dacian Cioloș. "Ik wil hulde brengen aan de ministers en de leden van het Europees Parlement voor de manier waarop zij met respect voor de medebeslissingsprocedure een compromis over deze punten hebben bereikt. Na dit akkoord hoop ik dat we snel kunnen overgaan tot een formele stemming in het Europees Parlement en de Raad. Daardoor kunnen we de wetgevingsteksten en de overgangsregelingen voor 2014 vóór het einde van dit jaar formeel goedkeuren en ze vanaf 1 januari 2014 toepassen. Dit is belangrijk voor de Europese landbouwers, omdat het hen meer zekerheid biedt voor het komende jaar."

Het akkoord moet nog formeel door beide instellingen worden goedgekeurd en de besluiten over de algemene begroting van de EU voor 2014-2020 moeten nog worden vastgesteld. Het akkoord vormt het laatste onderdeel van een algemene overeenkomst over een nieuwe richting voor het gemeenschappelijk landbouwbeleid, waarbij meer rekening wordt gehouden met de verwachtingen van de samenleving.

Hieronder volgen de belangrijkste aspecten van het akkoord. Ze vormen een aanvulling op het akkoord van juni - zie MEMO/13/621. (Een geconsolideerde versie van de nota over het volledige hervormingspakket volgt binnenkort.)

Rechtstreekse betalingen

"Plafonnering" en "degressiviteit": Er is een akkoord over verplichte "degressiviteit" en vrijwillige "plafonnering". In de praktijk betekent dit dat de rechtstreekse betalingen aan een individueel landbouwbedrijf [met uitzondering van de vergroeningssteun] met ten minste 5 % zullen worden verlaagd voor bedragen vanaf EUR 150 000. Om rekening te houden met de werkgelegenheid, kan de loonkost worden afgetrokken voordat de berekening wordt gemaakt. Deze verlaging is niet van toepassing op de lidstaten die de "herverdelingstoeslag" toepassen, op grond waarvan ten minste 5 % van de nationale enveloppe wordt besteed aan een herverdeling voor de eerste hectaren van alle landbouwbedrijven. NB: de middelen die in het kader van dit mechanisme worden "bespaard", blijven in de betrokken lidstaat/regio en worden overgeheveld naar de enveloppe voor plattelandsontwikkeling. Ze kunnen worden gebruikt zonder medefinancieringsvereisten.

Externe convergentie: Voor elke lidstaat zal de nationale enveloppe voor rechtstreekse betalingen geleidelijk worden aangepast, zodat de lidstaten waar de gemiddelde betaling (in euro per hectare) momenteel minder dan 90 % van het EU-gemiddelde bedraagt, hun betaling geleidelijk zien stijgen (met eenderde van het verschil tussen hun huidige percentage en 90 % van het EU-gemiddelde). Bovendien wordt gegarandeerd dat elke lidstaat tegen 2019 een minimumpercentage krijgt. De bedragen voor de andere lidstaten die meer dan het gemiddelde ontvangen, zullen evenredig worden aangepast.

Overheveling van de ene naar de andere pijler: De lidstaten zullen maximaal 15 % van hun nationale enveloppe voor rechtstreekse betalingen (eerste pijler) kunnen overhevelen naar hun enveloppe voor plattelandsontwikkeling. Voor deze bedragen zal geen medefinanciering nodig zijn. De lidstaten zullen ook tot 15 % van hun nationale enveloppe voor plattelandsontwikkeling kunnen overhevelen naar hun enveloppe voor rechtstreekse betalingen. Voor de lidstaten die minder dan 90 % van het EU-gemiddelde voor rechtstreekse betalingen ontvangen, loopt dit op tot 25 %.

Plattelandsontwikkeling

Nationale toelagen: Toelagen voor plattelandsontwikkeling per lidstaat zijn opgenomen in de basisverordening, maar deze bedragen kunnen door een gedelegeerde handeling worden aangepast als dat technisch noodzakelijk is of als daarin wordt voorzien door een wetgevingsbesluit.

Medefinancieringspercentages: De EU zal voor de meeste betalingen een deel voor haar rekening nemen: maximaal 85 % voor minder ontwikkelde gebieden, de ultraperifere gebieden en de kleinere eilanden in de Egeïsche Zee, maximaal 75 % voor overgangsgebieden, 63 % voor andere overgangsgebieden en 53 % voor andere gebieden. Dit percentage kan hoger liggen voor maatregelen die betrekking hebben op kennisoverdracht, samenwerking, de oprichting van producentengroeperingen en subsidies voor de vestiging van jonge landbouwers, alsook voor LEADER-projecten en voor uitgaven inzake milieu en klimaatverandering in het kader van verscheidene maatregelen.

Meer informatie

IP/13/613

MEMO/13/621

Contact:

Fanny Dabertrand (+32 2 299 06 25)

Roger Waite (+32 2 296 14 04)


Side Bar

Mon compte

Gérez vos recherches et notifications par email


Aidez-nous à améliorer ce site