Navigation path

Left navigation

Additional tools

Kinderopvang: Commissie vraagt lidstaten meer te doen

European Commission - IP/13/495   03/06/2013

Other available languages: EN FR DE DA ES IT SV PT FI EL CS ET HU LT LV MT PL SK SL BG RO

Europese Commissie

Persbericht

Brussel, 3 juni 2013

Kinderopvang: Commissie vraagt lidstaten meer te doen

De lidstaten moeten meer doen om het aanbod van kinderopvang te verbeteren, anders haalt de EU de arbeidsparticipatiegraad van 75% in 2020 niet. Dat zegt de Europese Commissie in een verslag dat vandaag is verschenen. Op EU-niveau zijn in 2002 doelstellingen vastgesteld voor de beschikbaarheid en de toegankelijkheid van kinderopvangvoorzieningen. Het verslag wijst uit dat slechts acht landen beide doelstellingen hebben gehaald (zie bijlage). Volgens deze zogeheten “Barcelona-doelstellingen” moet 90% van de kinderen tussen 3 jaar en de leerplichtige leeftijd en 33% van de kinderen onder 3 jaar terecht kunnen in de kinderopvang. Tegelijkertijd wijst een eveneens vandaag gepubliceerde studie over de pensioenkloof tussen mannen en vrouwen uit dat het pensioen van vrouwen in de EU gemiddeld 39% lager is dan dat van mannen.

"Elke ouder weet maar al te goed hoe belangrijk betaalbare en toegankelijke kinderopvang is. Niet alleen voor de ontwikkeling van het kind, maar ook voor werkende ouders. Toch voldoet amper één op de drie lidstaten aan zijn eigen kinderopvangdoelstellingen", aldus vicevoorzitter Viviane Reding, commissaris voor Justitie, Grondrechten en Burgerschap. "De lidstaten moeten echt aan de slag als ze de afgesproken arbeidsparticipatiegraad van 75% willen halen. Kinderopvang moet niet als een kostenpost worden beschouwd, maar als een investering in de toekomst.”

De cijfers voor 2010 laten zien dat de meeste EU-landen hun eigen doelstellingen op het gebied van kinderopvang niet hebben gehaald: slechts acht landen hebben de streefcijfers voor beide categorieën gehaald (0-3 jaar en 3 jaar tot leerplichtige leeftijd): België, Denemarken, Spanje, Frankrijk, Nederland, Zweden, Slovenië en het Verenigd Koninkrijk. Slechts tien lidstaten hebben de doelstellingen voor de eerste categorie (0-3 jaar) gehaald en elf die voor de tweede (3 jaar tot leerplichtige leeftijd) (zie bijlage).

Maar uit de zojuist bekendgemaakte cijfers blijkt dat de opvangcapaciteit voor oudere kinderen in 2011 is teruggelopen, waardoor sommige landen die in 2010 wel aan de doelstelling voldeden, de 90%-drempel nu niet meer halen (Spanje, Nederland en Ierland).

Betere mogelijkheden om werk en gezin te combineren, met name in de vorm van kinderopvang, zijn essentieel voor het bevorderen van de arbeidsparticipatie van vrouwen. Die vrouwen zijn nodig om aan de arbeidsparticipatiedoelstellingen van de EU te voldoen en de algemene economische situatie te verbeteren. Daarom heeft de Commissie op 29 mei voor elke lidstaat aanbevelingen voorgesteld aan de Raad in het kader van het Europees semester voor 2013 (zie IP/13/463). Aan elf lidstaten1 zijn aanbevelingen gedaan over de arbeidsparticipatie van vrouwen, de beschikbaarheid en de kwaliteit van kinderopvang en/of plaatsen in voor- en naschoolse opvang, en over opvangdiensten.

Nieuwe studie over de pensioenkloof tussen mannen en vrouwen

De Commissie heeft vandaag ook de allereerste studie gepubliceerd over de verschillen tussen de pensioenen van mannen en vrouwen in Europa. De studie wijst uit dat de geringere arbeidsparticipatie van vrouwen doorwerkt in de pensioenen: het gemiddelde pensioen van vrouwen ligt 39% lager dan dat van mannen. Deze pensioenkloof is het gevolg van drie factoren: 1) vrouwen hebben minder vaak een baan dan mannen; 2) zij werken minder uren en/of jaren; en 3) zij verdienen gemiddeld minder. Pensioenen zijn geen neutrale weergave van het arbeidsverleden. De ongelijkheid tussen vrouwen en mannen op de arbeidsmarkt en bij de verdeling van zorgtaken kan in lichtere, dezelfde of zelfs zwaardere vorm tot uiting komen in het pensioen.

Met de nieuwe indicator voor gendergelijkheid, de pensioenkloof tussen mannen en vrouwen, kan de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen in de loop van het leven worden gemeten. De situatie in de EU is zeer divers (zie bijlage). In veel lidstaten is sprake van een grote pensioenkloof: in 17 landen is de kloof 30% of meer. In Luxemburg (47%) en Duitsland (44%) is de kloof het grootst, in Estland (4%) en Slowakije (8%) het kleinst.

Huwelijk en moederschap leiden tot een grotere pensioenkloof. Maar hoewel de kloof kleiner is voor alleenstaande vrouwen, blijft hij aanzienlijk (17%). Uit de gegevens spreekt een duidelijke "moederschapssanctie": in bijna alle lidstaten heeft kinderen krijgen voor vrouwen nadelige gevolgen voor hun pensioen. In de meeste gevallen geldt: hoe meer kinderen, hoe groter de pensioengevolgen (zie bijlage).

Achtergrond

In 2002 hebben de staatshoofden en regeringsleiders van de EU-landen in de conclusies van de Europese Raad van Barcelona het volgende afgesproken:

"De lidstaten moeten hindernissen voor de deelneming van vrouwen aan de arbeidsmarkt uit de weg ruimen en ernaar streven, rekening houdend met de vraag naar kinderopvangfaciliteiten en met inachtneming van hun nationale regelingen ter zake, voor 2010 te voorzien in kinderopvang voor ten minste 90% van de kinderen tussen 3 jaar en de leerplichtige leeftijd en voor ten minste 33% van de kinderen onder 3 jaar".

Sindsdien zijn deze “Barcelona-doelstellingen” voor kinderopvangvoorzieningen het uitgangspunt voor het beleid waarmee de EU en de lidstaten proberen betere mogelijkheden te scheppen om werk en privéleven te combineren.

Kinderopvangvoorzieningen zijn ook een belangrijk punt in de strategieën van de Commissie op het gebied van gendergelijkheid, en uit de structuurfondsen (met name het Europees Sociaal Fonds) is hiervoor financiële steun verleend.

Hoewel sinds 2002 enige vooruitgang is geboekt en de lidstaten de nodige toezeggingen hebben gedaan, voldoen de huidige kinderopvangvoorzieningen in de EU nog niet aan de doelstellingen.

Meer informatie

EU Childcare report:

http://ec.europa.eu/justice/gender-equality/files/documents/130531_barcelona_en.pdf

Study on the Gender Gap in Pensions:

http://ec.europa.eu/justice/gender-equality/files/documents/130530_pensions_en.pdf

Europese Commissie – Gelijke behandeling van mannen en vrouwen:

http://ec.europa.eu/justice/gender-equality/index_nl.htm

Homepage van vicevoorzitter Viviane Reding, EU-commissaris voor justitie:

http://ec.europa.eu/reding

Volg Viviane Reding op Twitter: @VivianeRedingEU

Contact:

Mina Andreeva (+32 2 299 13 82)

Natasha Bertaud (+32 2 296 74 56)

BIJLAGE:

Figuur 1: Percentage kinderen onder de drie jaar in officiële kinderopvang
(met het aantal uren in de opvang per week) 2010-11

Figuur 2: Percentage kinderen tussen 3 jaar en de leerplichtige leeftijd in officiële kinderopvang (met het aantal uren in de opvang per week) 2010-11

Figuur 3: Pensioenkloof tussen mannen en vrouwen (in %), 65-plussers

Figuur 4: Pensioenkloof tussen mannen en vrouwen (in %) naar aantal kinderen

1 :

Duitsland, Estland, Hongarije, Italië, Malta, Oostenrijk, Polen, Slowakije, Spanje, Tsjechië en het Verenigd Koninkrijk.


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website