Navigation path

Left navigation

Additional tools

EU‑Handvest maakt grondrechten tot realiteit voor burgers

European Commission - IP/13/411   08/05/2013

Other available languages: EN FR DE DA ES IT SV PT FI EL CS ET HU LT LV MT PL SK SL BG RO

Europese Commissie

Persbericht

Brussel, 8 mei 2013

EU‑Handvest maakt grondrechten tot realiteit voor burgers

Drie jaar geleden werd het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie juridisch bindend. De impact ervan wordt nu steeds meer zichtbaar. Het Handvest groeit uit tot een referentiepunt voor de EU‑instellingen bij het opstellen van wetgeving en voor de Europese en nationale gerechtelijke instanties, en draagt zo bij tot de verwezenlijking van een grondrechtencultuur voor de Europese burgers. Dit zijn de bevindingen uit het derde jaarverslag over de toepassing van het EU‑Handvest van de grondrechten, voor het jaar 2012. Het verslag illustreert aan de hand van zeer uiteenlopende zaken in verband met de grondrechten hoe de EU blijft werken aan een meer coherent systeem voor de bescherming van de grondrechten van de mens. Het verslag dat vandaag wordt voorgesteld, gaat vergezeld van een nieuw voortgangsverslag over de gelijkheid van vrouwen en mannen in 2012. Tegelijkertijd worden ter bevordering van de rechten van burgers een aantal nieuwe maatregelen genomen die de Commissie heeft voorgesteld in haar verslag over het EU‑burgerschap 2013 (zie IP/13/410 en MEMO/13/409).

Grondrechten vormen de basis van de Europese Unie. Ze moeten voortdurend worden beschermd en versterkt. Dat is ook wat de burgers van ons verwachten”, aldus vicevoorzitter Viviane Reding, Europees commissaris voor Justitie, grondrechten en burgerschap. “De Commissie is vastberaden het goede voorbeeld te geven. We hebben er daarom werk van gemaakt de grondrechten te verwezenlijken op alle bevoegdheidsgebieden van de EU, of het nu gaat om het garanderen van de bescherming van persoonsgegevens, de bevordering van de gelijkheid van mannen en vrouwen of het verzekeren van het recht op een eerlijk proces. Het EU‑Handvest van de grondrechten bestaat niet enkel op papier, maar wordt realiteit voor de 500 miljoen Europese burgers. Dit hebben we ook te danken aan de nationale rechterlijke instanties, die het Handvest steeds vaker in de praktijk brengen.”

Het verslag dat vandaag wordt gepubliceerd, geeft een uitgebreid overzicht van de manier waarop de grondrechten in het afgelopen jaar in de EU zijn verwezenlijkt. Het benadrukt bijvoorbeeld hoe de EU‑instellingen de rechten die in het Handvest verankerd liggen zorgvuldig in aanmerking nemen bij het voorstellen en vaststellen van nieuwe wetgeving, terwijl de lidstaten enkel aan het Handvest gebonden zijn wanneer zij het EU‑beleid en de EU‑wetgeving ten uitvoer brengen. Het verslag bestaat uit zes hoofdstukken die de zes titels van het EU‑Handvest voor de grondrechten weergeven: waardigheid, vrijheden, gelijkheid, solidariteit, burgerschap en rechtspleging (zie MEMO/13/411 voor meer informatie).

Uit het verslag blijkt dat de kwesties die burgers in hun correspondentie met de Commissie over de grondrechten het meeste ter sprake brachten, te maken hadden met de vrijheid van verkeer en van verblijf (18% van de brieven over grondrechten aan de Commissie), de werking van nationale rechtsstelsels (15%), de toegang tot justitie (12,5%), de vrijheid van beroep en het recht om te werken (7,5%), de integratie van personen met een handicap (4,5%) en de bescherming van persoonsgegevens (4%) (zie bijlage voor de volledige verdeling).

Twee manieren om het Handvest in de praktijk te brengen

1. Maatregelen van de Commissie ter bevordering van het Handvest

Op de bevoegdheidsgebieden van de EU kan de Commissie EU‑wetgeving voorstellen die concreet gestalte geeft aan de rechten en beginselen van het Handvest.

Enkele voorstellen van de Commissie in 2012:

  1. de geplande grondige hervorming van de EU‑regels inzake de bescherming van persoonsgegevens (IP/13/46);

  2. de proactieve aanpak om sneller tot een evenwichtige man-vrouwverhouding te komen bij de raden van bestuur van Europese beursgenoteerde ondernemingen (IP/12/1205);

  3. de maatregelen om de procedurele rechten en de rechten van slachtoffers veilig te stellen (IP/12/575, IP/12/1200).

Als hoedster van de Verdragen is de Commissie vastberaden indien nodig op te treden, om ervoor te zorgen dat de lidstaten het EU‑recht daadwerkelijk ten uitvoer leggen, met inachtneming van het Handvest.

Enkele inbreukprocedures die in 2012 werden ingeleid:

  1. de maatregelen van de Commissie tegen de vervroegde uittreding van ongeveer 274 rechters en openbare aanklagers in Hongarije, door de plotselinge verlaging van de verplichte pensioenleeftijd voor beoefenaars van deze beroepen van 70 naar 62 jaar. Het Hof bevestigde het standpunt van de Commissie (MEMO/12/832) dat deze verplichting om met pensioen te gaan onverenigbaar is met het EU-recht inzake gelijke behandeling (de richtlijn die discriminatie op grond van leeftijd verbiedt en artikel 21 van het Handvest);

  2. de inbreukprocedure om het recht van echtgenoten van hetzelfde geslacht of geregistreerde partners om zich bij EU‑onderdanen te voegen en met hen in Malta te verblijven (op grond van de EU‑richtlijn inzake vrij verkeer, IP/11/981) te handhaven.

2. Rechterlijke instanties die een beroep doen op het Handvest

Dat de nationale rechterlijke instanties het Handvest slechts drie jaar na de inwerkingtreding ervan als primair recht, toepassen in zaken die verband houden met het EU‑recht, is een goed teken. Het Oostenrijks Grondwettelijk Hof heeft bijvoorbeeld een belangrijke uitspraak gedaan over de toepassing van het Handvest in het kader van een grondwettigheidstoetsing door de nationale rechter. Het oordeelde dat individuen zich kunnen beroepen op de rechten en beginselen van het EU‑Handvest wanneer ze de rechtmatigheid van nationale wetgeving aanvechten.

Het Hof van Justitie van de Europese Unie is in zijn uitspraken ook steeds vaker gaan verwijzen naar het Handvest: het aantal uitspraken waarbij in de redenering naar het Handvest wordt verwezen, verdubbelde bijna, van 43 in 2011 tot 87 in 2012. Nationale rechterlijke instanties hebben bij hun vragen aan het Hof van Justitie (prejudiciële beslissingen) ook steeds vaker naar het Handvest verwezen: in 2012 was er ten opzichte van 2011 een stijging van meer dan 50%, van 27 naar 41.

Het toenemend aantal verwijzingen naar het Handvest is een belangrijke stap in de richting van een meer coherent systeem voor de bescherming van de grondrechten, dat gelijke rechten en een gelijke bescherming in alle lidstaten garandeert bij elke toepassing van het EU‑recht.

Na de toetreding van de EU tot het Europees Verdrag voor de rechten van de mens zullen de grondrechten nog beter beschermd worden. De onderhandelingen over de toetredingsovereenkomst zijn afgerond.

Beter bewustzijn van het Handvest

De Commissie heeft in 2012 meer dan 4 000 brieven, petities en vragen in verband met de grondrechten ontvangen van burgers en Europarlementariërs. De meeste brieven (58%) betroffen situaties waarop het Handvest van toepassing zou kunnen zijn. Dit wijst erop dat de inspanningen van de Commissie voor een beter bewustzijn van hoe en wanneer het Handvest van toepassing is, hun vruchten afwerpen. In 2010 had namelijk nog 69% van de brieven betrekking op situaties die buiten de bevoegdheid van de EU vielen.

Verslag over de voortgang op het gebied van gendergelijkheid in 2012

Om de voortgang op het gebied van het grondrecht van gelijkheid te evalueren, is vandaag ook een afzonderlijk verslag gepubliceerd over de verdere tenuitvoerlegging van de Europese strategie inzake gendergelijkheid. Volgens het verslag maken vrouwen een steeds groter deel uit van de beroepsbevolking in de EU en zijn ze steeds vaker de belangrijkste kostwinner van het gezin. Het percentage werkende vrouwen steeg van 55% in 1997 naar 62,4% op dit moment. Toch ligt het nog veel lager dan het percentage werkende mannen (74,6%). Voor het begin van de crisis waren vrouwen in alle Europese landen bezig aan een langzame inhaalbeweging op de arbeidsmarkt, maar de crisis heeft een einde gemaakt aan deze positieve tendens. De werkgelegenheid voor mannen is sneller en veel sterker gedaald dan voor vrouwen. Dit vormt de echte reden voor de kleiner wordende genderkloof op de arbeidsmarkt.

Vrouwen hebben nog steeds te maken met hoge belemmeringen om door te groeien naar de hoogste besluitvormingsniveaus. Het voorstel van de Commissie voor een evenwichtige man‑vrouwverhouding in de raden van bestuur van beursgenoteerde ondernemingen is een mijlpaal op het gebied van gendergelijkheid. Een intensief openbaar debat en regelgevende maatregelen hebben bijgedragen tot een beter evenwicht tussen mannen en vrouwen op besluitvormingsniveaus. Voorts werd er nog nooit eerder een grotere jaarlijkse toename van het aantal vrouwen in raden van bestuur geregistreerd (IP/13/51).

Hoewel uit het verslag blijkt dat er enige vooruitgang is geboekt, zijn er op de meeste terreinen nog significante uitdagingen. Om de doelstellingen van de Europa 2020‑strategie en van de strategie voor de gelijkheid van vrouwen en mannen te verwezenlijken, moeten de lidstaten verdere inspanningen leveren.

Achtergrond

Met de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon op 1 december 2009 werd het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie juridisch bindend. In het Handvest staan grondrechten – zoals de vrijheid van meningsuiting en de bescherming van persoonsgegevens – die uitdrukking geven aan de gemeenschappelijke waarden en het grondwettelijke erfgoed van Europa.

In oktober 2010 heeft de Commissie haar goedkeuring gehecht aan een strategie die ervoor moet zorgen dat het Handvest daadwerkelijk wordt uitgevoerd. Ze heeft ook een "grondrechtenchecklist" opgesteld om de evaluatie van de effecten van haar wetgevingsvoorstellen op de grondrechten te verbeteren. De Commissie heeft zich er ook toe verbonden burgers informatie te verstrekken over wanneer ze kan optreden op het gebied van de grondrechten. Voorts zal zij op verzoek van het Europees Parlement een jaarlijks verslag publiceren over de toepassing van het Handvest, om toezicht te houden op de geboekte vooruitgang. Op het Europees e-justitieportaal is praktische informatie beschikbaar over de handhaving van de rechten.

Verdere informatie

MEMO/13/411

Persdossier:

http://ec.europa.eu/justice/newsroom/citizen/news/130508_en.htm

Europese Commissie – Grondrechten:

http://ec.europa.eu/justice/fundamental-rights/index_nl.htm

Europese Commissie – Gelijke behandeling van mannen en vrouwen:

http://ec.europa.eu/justice/gender-equality/index_nl.htm

Website van vicevoorzitter Viviane Reding, Europees commissaris voor Justitie, grondrechten en burgerschap:

http://ec.europa.eu/reding

Volg de vicevoorzitter op Twitter: @VivianeRedingEU

Contact:

Mina Andreeva (+32 2 299 13 82)

Natasha Bertaud (+32 2 296 74 56)

BIJLAGE


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website