
Europese Commissie
Persbericht
Brussel, 20 juli 2012
De Commissie stelt de landen voor die na 2019 gastheer zijn voor de Culturele Hoofdsteden van Europa
De Europese Commissie heeft vandaag een voorstel goedgekeurd tot voortzetting van het initiatief "Culturele Hoofdsteden van Europa". Het huidige programma loopt tot 2019 en het nieuwe voorstel geeft tot en met 2033 de volgorde aan waarin landen steden zullen voordragen om Culturele Hoofdstad van Europa te worden. Het voorstel stelt dat naast de twee lidstaten die elk jaar de titel delen, ook kandidaat-lidstaten of potentiële kandidaat-lidstaten om de drie jaar een Culturele Hoofdstad van Europa mogen voordragen. Het voorstel zal nu worden besproken in het Europees Parlement en de Raad. Zij moeten voor eind 2013 een eindbeslissing nemen over de toekomstige regelingen.
Androulla Vassiliou, Europees Commissaris voor Onderwijs, Cultuur, Meertaligheid en Jeugdzaken, zei hierover: "Het evenement Culturele Hoofdsteden van Europa is een van de meest zichtbare en succesvolle EU-initiatieven. Het promoot niet alleen de prachtige culturele rijkdom en diversiteit van de Europese Unie, maar het is ook een katalysator voor de transformatie van steden, wat zowel de inwoners als de bezoekers ten goede komt. In de lidstaten wordt meer dan ooit om de titel gestreden – en dit is een bewijs van de blijvende waarde en aantrekkingskracht ervan."
Het voorstel van de Commissie behoudt de belangrijkste kenmerken en structuur van het huidige programma. Het stelt met name voor om de titel te blijven toekennen op basis van een toerbeurtsysteem tussen de lidstaten (zie bijlage). De selectiecriteria zijn gewijzigd, zodat de potentiële Hoofdsteden over meer gedetailleerde aanwijzingen beschikken, en dit zal ook het algemene selectie- en controleproces van de betrokken steden verbeteren. Er zal meer worden gefocust op het hefboomeffect van het initiatief door groei op lange termijn en stadsontwikkeling te stimuleren, op de Europese dimensie van het evenement en op de kwaliteit van de culturele en artistieke inhoud voor het jaar.
Achtergrond
De huidige "Culturele Hoofdsteden van Europa"-cyclus (Besluit nr. 1622/2006/EG) loopt tot 2019. Omdat de wedstrijd voor de titel zes jaar op voorhand wordt georganiseerd – zodat de steden genoeg voorbereidingstijd hebben – moet het besluit over de nieuwe cyclus in 2013 door het Parlement en de Raad worden goedgekeurd.
Het voorstel van de Commissie komt er na verscheidene evaluaties van het huidige programma en een openbare raadpleging die plaatsvond van oktober 2010 tot januari 2011, gevolgd door een openbare vergadering in Brussel in maart 2011. Deze tonen duidelijk aan dat de Culturele Hoofdstad van Europa steden en regio's veel voordelen oplevert: hoewel het in de eerste plaats een cultureel evenement blijft, heeft het een blijvend effect op sociaal en economisch vlak, met name wanneer het evenement is ingebed in een culturele ontwikkelingsstrategie op lange termijn.
Sinds het ontstaan van de titel in 1985 zijn al 46 steden Culturele Hoofdstad van Europa geweest. De Culturele Hoofdsteden van Europa voor 2012 zijn Guimarães (Portugal) en Maribor (Slovenië).
Voor meer informatie:
De Culturele hoofdsteden van Europa:
http://ec.europa.eu/culture/news/201207201-capitals-beyond-2019_en.htm
Europese Commissie: Onderwijs en Opleiding
Website van Androulla Vassiliou
Volg Androulla Vassiliou op Twitter @VassiliouEU
Contact: Dennis Abbott (+32 22959258); Twitter: @DennisAbbott Dina Avraam (+32 22959667) |
BIJLAGE
Toekomstige Culturele Hoofdsteden van Europa (2013-2019)
2013: Marseille (Frankrijk) en Košice (Slowakije)
2014: Umeå (Zweden) en Riga (Letland)
2015: Bergen (België) en Plzeň (Tsjechië)
2016: Donostia-San Sebastian (Spanje) en Wroclaw (Polen) (zie ook IP/11/800 en IP/11/766)
2017: In Denemarken zijn Aarhus en Sønderborg nog steeds in de running.
In Cyprus zijn Nicosia en Paphos nog steeds in de running.
2018: Nederland en Malta
2019: Italië en Bulgarije
Voorgestelde volgorde van landen die een Culturele Hoofdstad van Europa mogen voordragen (2020-2033)
2020 | Kroatië1 | Ierland | Kandidaat- of potentiële kandidaat-lidstaat |
2021 | Roemenië | Griekenland | |
2022 | Litouwen | Luxemburg | |
2023 | Hongarije | Verenigd Koninkrijk | Kandidaat- of potentiële kandidaat-lidstaat |
2024 | Estland | Oostenrijk | |
2025 | Slovenië | Duitsland | |
2026 | Slowakije | Finland | Kandidaat- of potentiële kandidaat-lidstaat |
2027 | Letland | Portugal | |
2028 | Tsjechië | Frankrijk | |
2029 | Polen | Zweden | Kandidaat- of potentiële kandidaat-lidstaat |
2030 | Cyprus | België | |
2031 | Malta | Spanje | |
2032 | Bulgarije | Denemarken | Kandidaat- of potentiële kandidaat-lidstaat |
2033 | Nederland | Italië |
Afhankelijk van zijn toetreding in 2013.