Navigation path

Left navigation

Additional tools

Nieuwe crisisbeheermaatregelen om toekomstige bail-outs van banken te voorkomen

European Commission - IP/12/570   06/06/2012

Other available languages: EN FR DE DA ES IT SV PT FI EL CS ET HU LT LV MT PL SK SL BG RO

Europese Commissie

Persbericht

Brussel, 6 juni 2012

Nieuwe crisisbeheermaatregelen om toekomstige bail-outs van banken te voorkomen

Door de financiële crisis is de aandacht erop gevestigd dat de autoriteiten slecht toegerust zijn om met noodlijdende banken om te gaan die op de huidige mondiale markten opereren. Om essentiële financiële diensten voor de burgers en ondernemingen in stand te houden, moesten de regeringen op ongekende schaal overheidsgeld in banken injecteren en waarborgen verstrekken: tussen oktober 2008 en oktober 2011 heeft de Europese Commissie voor 4,5 biljoen EUR (of 37% van het bbp van de EU) aan staatssteunmaatregelen voor financiële instellingen goedgekeurd1. Daardoor werden massale bankfaillissementen en economische ontwrichting afgewend, maar werden belastingbetalers opgezadeld met verslechterende overheidsfinanciën en bleef de vraag onopgelost hoe met grote grensoverschrijdende banken in nood diende te worden omgegaan.

De voorstellen voor EU-wijde regels voor bankherstel en –afwikkeling die de Europese Commissie vandaag heeft aangenomen, zullen hierin verandering brengen. Zij zorgen ervoor dat de autoriteiten in de toekomst over de middelen beschikken om zowel voordat er zich problemen voordoen als, wanneer zij zich toch voordoen, in een vroeg stadium afdoende op te treden. Voorts zorgt het voorstel ervoor dat, als de financiële situatie van een bank zo slecht wordt dat de situatie niet meer hersteld kan worden, de kritieke functies van een bank kunnen worden gered terwijl de kosten van herstructurering en afwikkeling van failliete banken op de eigenaars en schuldeisers, en niet op de belastingbetalers worden afgewenteld.

President Barroso zei: "De EU komt komt zijn G20-toezeggingen volledig na. Twee weken vóór de top in Los Cabos dient de Commissie een voorstel in dat zal bijdragen tot de bescherming van onze belastingbetalers en economieën tegen de impact van elk toekomstig bankfaillissement. Het voorstel van vandaag is een essentiële stap naar een bankunie in de EU en zal de banksector verantwoordelijker maken. Dit zal bijdragen tot stabiliteit en vertrouwen in de EU in de toekomst, terwijl wij werken aan een versterking en verdere integratie van onze onderling afhankelijke economieën."

Michel Barnier, commissaris voor Interne Markt en Diensten zei: "De financiële crisis heeft de belastingbetalers veel geld gekost. Het huidige voorstel is de laatste maatregel bij het nakomen van onze G20-toezeggingen voor betere financiële regulering. Wij moeten de autoriteiten toerusten om toekomstige bankcrises bevredigend aan te pakken. Anders betalen de burgers opnieuw de rekening en gaan de geredde banken op de oude voet door in de wetenschap dat zij toch opnieuw financieel gered zullen worden."

Belangrijkste elementen van het voorstel:

Een kader voor afwikkeling

Het kader bouwt voort op recente inspanningen van verschillende lidstaten om nationale afwikkelingssystemen te verbeteren. Het versterkt deze in belangrijke opzichten en zorgt ervoor dat de afwikkelingsinstrumenten op Europa's geïntegreerde financiële markt levensvatbaar zijn.

De voorgestelde instrumenten vallen uiteen in bevoegdheden inzake "preventie", "vroegtijdige interventie" en "afwikkeling", met dien verstande dat de autoriteiten drastischer ingrijpen wanneer de situatie slechter wordt.

1. Voorbereiding en preventie:

  • Allereerst moeten de banken herstelplannen opstellen met maatregelen die bij een verslechtering van hun financiële situatie in werking treden om hen weer levensvatbaar te maken.

  • In de tweede plaats moeten de autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor het afwikkelen van banken afwikkelingsplannen opstellen met opties om met banken om te gaan waarvan de situatie kritiek is en zij niet langer levensvatbaar zijn (zoals nadere regels voor de toepassing van afwikkelingsinstrumenten en methoden om de kritieke functies in gang te houden). Er moeten zowel op groepsniveau als voor de individuele instellingen binnen de groep herstel- en afwikkelingsplannen worden opgesteld.

  • In de derde plaats kunnen de autoriteiten, als zij tijdens dit planningsproces belemmeringen voor de afwikkelbaarheid vaststellen, een bank verplichten haar juridische of operationele structuur te wijzigen zodat zij met de beschikbare instrumenten kan worden geholpen op een wijze dat geen kritieke functies in gevaar komen, de financiële stabiliteit niet wordt bedreigd en de belastingbetaler de rekening niet betaalt.

  • Tot slot kunnen financiële groepen binnen de groep overeenkomsten voor financiële steun aangaan om de ontwikkeling van een crisis te beperken en de financiële stabiliteit van de hele groep snel te ondersteunen. Behoudens goedkeuring door de toezichthoudende autoriteiten en de aandeelhouders van elke entiteit die partij is bij de overeenkomst, zouden instellingen die in een groepsstructuur functioneren zo in staat zijn financiële steun te verstrekken (in de vorm van leningen, borgstelling of de terbeschikkingstelling van activa voor gebruik als zekerheid bij transacties) aan andere entiteiten binnen de groep die financiële problemen ondervinden.

2. Vroegtijdige interventie

Dankzij toezichthoudende interventie zullen financiële moeilijkheden worden aangepakt zodra zij zich voordoen. Vroegtijdige-interventiebevoegdheden treden in werking wanneer een instelling niet aan de vereisten inzake toetsingsvermogen voldoet of dreigt te voldoen. De autoriteiten kunnen de instelling verplichten elk van de maatregelen in het herstelplan uit te voeren, een actieprogramma en een tijdschema voor de uitvoering ervan op te stellen, een vergadering van aandeelhouders bijeen te roepen om dringende beslissingen te nemen en een schuldherstructureringsplan met haar schuldeisers op te stellen.

Bovendien zullen de toezichthouders bevoegd zijn om gedurende een beperkte periode bij een bank een bijzonder manager aan te stellen wanneer haar financiële situatie significant verslechtert en de hierboven beschreven instrumenten niet volstaan om de situatie te keren. De bijzonder manager heeft als eerste taak de financiële positie van de bank te herstellen en te zorgen voor een gezond en prudent beheer van haar bedrijfsactiviteiten.

3. Afwikkelingsbevoegdheden en -instrumenten

Afwikkeling vindt plaats als de preventieve en vroegtijdige-interventiemaatregelen niet kunnen verhinderen dat de situatie zo verslechtert dat de bank failliet gaat of waarschijnlijk failliet zal gaan. Als de autoriteit bepaalt dat met geen andere maatregelen voorkomen kan worden dat de bank failliet gaat, en dat het algemeen belang (van toegang tot kritieke bankfuncties, financiële stabiliteit, integriteit van de overheidsfinanciën, enz.) op het spel staat, moeten de autoriteiten de situatie in handen nemen en afdoende afwikkelingsmaatregelen in werking stellen.

Dankzij geharmoniseerde afwikkelingsinstrumenten en bevoegdheden alsook voor zowel nationaal actieve als grensoverschrijdende banken vooraf opgestelde afwikkelingsplannen zullen de nationale autoriteiten in alle lidstaten over een gemeenschappelijk instrumentarium en een gemeenschappelijke routekaart beschikken om het faillissement van banken te beheren. De inmenging in de rechten van aandeelhouders en schuldeisers die de instrumenten inhouden, is gerechtvaardigd gezien de doorslaggevende noodzaak om de financiële stabiliteit, de depositohouders en de belastingbetalers te beschermen en steunt op waarborgen opdat de afwikkelingsinstrumenten niet onjuist worden gebruikt.

De voornaamste afwikkelingsinstrumenten zijn:

  • het instrument van verkoop van de onderneming, waarbij de autoriteiten de failliet gaande bank geheel of gedeeltelijk aan een andere bank verkopen;

  • het instrument van de bruginstelling waarbij de goede activa of essentiële functies van de bank worden geïdentificeerd en afzonderlijk in een nieuwe bank (brugbank) worden ondergebracht, die aan een andere entiteit wordt verkocht. De oude bank met de slechte of niet-essentiële functies wordt dan ingevolge de normale insolventieprocedure geliquideerd;

  • het instrument van afsplitsing van activa waarbij de slechte activa van de bank in een vehikel voor activabeheer worden ondergebracht. Met dit instrument wordt de balans van een bank opgeschoond. Om te voorkomen dat dit instrument alleen als staatssteunmaatregel wordt gebruikt, schrijft het kader voor dat het alleen in combinatie met een ander instrument (brugbank, verkoop van de onderneming of afschrijving) mag worden gebruikt. Daardoor wordt de steun ontvangende bank ook geherstructureerd;

  • het instrument van de inbreng van de particuliere sector (bail-in), waarbij de bank wordt geherkapitaliseerd, de aandeelhouders alles verliezen of worden verwaterd en de vorderingen van de schuldeisers worden verminderd of in aandelen omgezet. Een instelling waarvoor geen private overnemer kon worden gevonden of die te moeilijk te spitsen is, zou zo essentiële diensten kunnen blijven verlenen zonder dat een financiële reddingsoperatie met overheidsgeld nodig is, en de autoriteiten zouden de tijd hebben om de instelling te saneren of onderdelen van haar bedrijfsactiviteiten op ordelijke wijze af te bouwen. Daartoe zouden de banken een minimumpercentage van hun totale passiva moeten aanhouden in de vorm van instrumenten die in aanmerking komen voor een bail-in. Als de bail-in in werking treedt, zouden die instrumenten in vooraf vastgelegde volgorde volgens de voorrang van de vorderingen afgeschreven worden om de instelling weer levensvatbaar te maken.

Samenwerking tussen nationale autoriteiten

Om met EU-banken of -groepen met grensoverschrijdende activiteiten om te gaan, bevordert het kader samenwerking tussen nationale autoriteiten in alle fasen van de voorbereiding, interventie en afwikkeling. Er worden onder leiding van de afwikkelingsautoriteit op groepsniveau en met deelname van de Europese Bankautoriteit (EBA) afwikkelingscolleges opgericht. De EBA bevordert gezamenlijke maatregelen en handelt als bindend bemiddelaar indien dit noodzakelijk is. Hiermee wordt de basis gelegd van in toenemende mate geïntegreerd toezicht op grensoverschrijdende entiteiten op EU-niveau, iets dat in de context van de toetsing van Europa's toezichtarchitectuur de komende jaren verder zal worden verkend.

Financiering van afwikkeling

Om effectief te zijn, zullen de afwikkelingsinstrumenten tot op zekere hoogte moeten worden gefinancierd. Als bijvoorbeeld de autoriteiten een brugbank oprichten, zal deze voor haar werking kapitaal of kortetermijnleningen nodig hebben. Als marktfinanciering niet beschikbaar is en om te vermijden dat afwikkelingsmaatregelen door de staat worden gefinancierd, zal aanvullende financiering worden verstrekt door afwikkelingsfondsen die van banken bijdragen zullen heffen die evenredig zijn met hun verplichtingen en risicoprofiel. De fondsen zullen voldoende capaciteit moeten opbouwen om in 10 jaar 1% van de gedekte deposito's te bereiken. Deze zullen uitsluitend voor het ondersteunen van ordelijke sanering en afwikkeling, nooit voor het financieel redden van een bank worden gebruikt. Nationale afwikkelingsfondsen zullen samenwerken, met name om financiering voor de afwikkeling van grensoverschrijdende banken te verstrekken.

Voor een optimaal gebruik van de middelen wordt in de afwikkelingsrichtlijn ook profijt getrokken van de financiering die in de 27 depositogarantiestelsels reeds beschikbaar is. Het depositogarantiestelsel zal naast het afwikkelingsfonds financiering verstrekken voor de bescherming van kleine depositohouders. Voor maximale synergie zullen de lidstaten het depositogarantiestelsel en het afwikkelingsfonds zelfs mogen fuseren, mits alle waarborgen voorhanden zijn dat bij een faillissement de depositohouders op basis van de regeling kunnen worden vergoed.

Achtergrond

De crisis heeft onmiskenbaar aangetoond dat wanneer één bank in de problemen komt, deze zich al snel over de hele financiële sector en tot ver buiten de landsgrenzen kunnen verspreiden. Het is ook duidelijk geworden dat er geen systemen voorhanden waren voor financiële instellingen in nood. Er bestaan slechts zeer weinig regels over welke maatregelen de autoriteiten moeten nemen bij een bankencrisis. Om die reden heeft de G20 besloten dat er kaders voor crisispreventie- en crisisbeheer moesten worden opgezet2.

De financiële crisis heeft duidelijk gemaakt dat er op nationaal niveau robuustere regelingen voor crisisbeheer moeten komen en dat er regelingen moeten worden opgezet om beter met grensoverschrijdende bankfaillissementen te kunnen omgaan. Tijdens de crisis hebben zich een paar in het oog springende bankfaillissementen voorgedaan (Fortis, Lehman Brothers, IJslandse banken, Anglo Irish Bank, Dexia), die ernstige tekortkomingen in de bestaande regelingen aan het licht hebben gebracht. Doordat er geen mechanismen bestonden om een ordelijke afbouw te organiseren, hadden de EU-lidstaten geen andere keuze dan een bail-out van hun bankensector. De Commissie heeft in 2010 al een mededeling gepubliceerd over verdere stappen ter zake (IP/10/1353).

Meer informatie

http://ec.europa.eu/internal_market/bank/crisis_management/index_en.htm

MEMO/12/416

Contact :

Stefaan De Rynck (+32 2 296 34 25)

Carmel Dunne (+32 2 299 88 94)

Audrey Augier (+32 2 297 16 07)

1 :

Bron: Europese Commissie


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website