Navigation path

Left navigation

Additional tools

Staatssteun: Commissie stelt een pakket van vier besluiten vast met betrekking tot de gevestigde postexploitanten in Duitsland, België, Frankrijk en Griekenland

European Commission - IP/12/45   25/01/2012

Other available languages: EN FR DE EL

Europese Commissie — Persbericht

Staatssteun: Commissie stelt een pakket van vier besluiten vast met betrekking tot de gevestigde postexploitanten in Duitsland, België, Frankrijk en Griekenland

Brussel, 25 januari 2012 – De Europese Commissie heeft een pakket van vier besluiten vastgesteld met betrekking tot staatssteun die door Duitsland, België, Frankrijk en Griekenland werd verleend aan de respectieve gevestigde postexploitanten in die landen. In twee van de zaken – bpost en Deutsche Post – heeft de Commissie de opdracht gegeven onverenigbare steun terug te vorderen.

Joaquín Almunia, vicevoorzitter van de Commissie en belast met het mededingingsbeleid, verklaarde: "Deze besluiten geven verder gestalte aan het beleid van de Commissie inzake staatssteun binnen de postsector. Ons ultieme doel is het voorkomen van concurrentievervalsing die burgers en ondernemingen ervan zou weerhouden de voordelen te genieten van de volledige openstelling van de markten die binnenkort in alle lidstaten zal zijn voltooid."

De Commissie heeft in deze vier besluiten dezelfde regels en beginselen toegepast.

Deutsche Post

De Commissie keurde een compensatie van 5,6 miljard EUR goed die Duitsland tussen 1990 en 1995 aan Deutsche Post verleende om de kosten van de universele postdienst te dekken. De Commissie heeft Duitsland evenwel opgedragen onverenigbare steun, voor een bedrag tussen 500 miljoen EUR en 1 miljard EUR, van Deutsche Post terug te vorderen die voortkwam uit de combinatie van hoge gereguleerde prijzen en pensioensteun. Deze steun bezorgde Deutsche Post een betere positie dan haar concurrenten (zie MEMO/12/37).

Bpost

De Commissie keurde pensioensteun voor een bedrag van 3,8 miljard EUR goed die De Post-La Poste (nu bpost) genoot via de Belgische pensioenhervorming van 1997 en waarbij de sociale bijdragen die bpost voor haar statutaire personeel betaalt, op de privésector werden afgesteld. De Commissie droeg België evenwel op om onverenigbare steun ten bedrage van 417 miljoen EUR van bpost terug te vorderen, omdat de tijdens de periode 1992-2010 voor publieke diensten ontvangen jaarlijkse compensaties tot overcompensatie leidden (zie MEMO/12/38).

La Poste

De Commissie heeft opnieuw haar doelstelling bevestigd om openbare diensten van hoge kwaliteit aan te bieden door steun voor een bedrag van 1,9 miljard EUR goed te keuren die Frankrijk aan La Poste heeft betaald ter gedeeltelijke financiering van de openbare dienst die erin bestaat persartikelen aan burgers te bezorgen en in afgelegen gebieden vertegenwoordigd te zijn gedurende de periode 2008-2012 (zie MEMO/12/36).

Hellenic Post

De Commissie keurde ten slotte 52 miljoen EUR steun goed die Griekenland aan Hellenic Post (ELTA) heeft verleend om de modernisering van haar openbare postdiensten te helpen financieren waarmee tegen 2021 het dienstenaanbod binnen het hele Griekse grondgebied en in het bijzonder in de perifere gebieden zal worden uitgebreid (zie MEMO/12/39).

Achtergrond

Het doel van het toezicht op staatssteun in de postsector is het verduurzamen en versterken van de voordelen van het openstellen van de markt voor burgers en ondernemingen.

In 2009 stond de EU-postsector voor een jaarlijkse omzet van 72 miljard EUR en vertegenwoordigde daarbij 0,62% van het EU-BBP en zowat 1,5 miljoen banen in de EU. Het mogelijk maken van concurrentie in deze sector door hervorming van de regelgeving en een concurrentiebeleid draagt bij tot het halen van de doelstellingen van de Europa 2020-strategie voor duurzame groei in een zuinigere en concurrentiëlere economie (zie MEMO/12/43).

EU-richtlijnen hebben de postmarkt geleidelijk voor concurrentie opengesteld. Bij dat proces werd voldoende rekening gehouden met de vereisten van een universele postdienst en van andere openbare diensten die de lidstaten eventueel wensen te definiëren. Eind 2010 was een volledige liberalisering bereikt in 16 lidstaten; de resterende 11 zullen tegen eind 2012 volgen. Dat maakt de opkomst van nieuwe exploitanten en innovatieve diensten mogelijk, waardoor de concurrentie wordt aangewakkerd wat betreft de kwaliteit en prijs van postdiensten (zie MEMO/12/43).

Om tot gelijke mededingingsvoorwaarden op de interne markt te komen, is het van het grootste belang dat postexploitanten, in het bijzonder de reeds gevestigde, geen onterechte voor- of nadelen ondervinden in vergelijking met de concurrenten.

Het EU-toezicht op staatssteun laat de lidstaten toe postexploitanten te compenseren, maar niet te overcompenseren, voor de nettokosten van openbare dienstverlening. Ook wanneer gevestigde postexploitanten - ten gevolge van hun verleden als overheidsbedrijven - benadeeld zijn door hogere pensioenkosten voor ambtenaren die hun concurrenten niet hebben, kunnen lidstaten steun verlenen, voor zover de gevestigde postexploitanten daardoor geen voordeel verkrijgen.

Het toezicht op de staatssteun in de postsector dient een drieledig doel: gelijke mededingingsvoorwaarden garanderen voor postexploitanten, de concurrentie tussen hen bevorderen en garanderen dat blijvend postdiensten van hoge kwaliteit kunnen worden geleverd tegen betaalbare prijzen.

Contacts :

Antoine Colombani (+32 2 297 45 13)

Maria Madrid Pina (+32 2 295 45 30)


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website