Navigation path

Left navigation

Additional tools

Other available languages: EN FR DE

Europese Commissie – Persbericht

Belastingen: Commissie verzoekt België twee discriminerende fiscale bepalingen te wijzigen

Brussel, 26 april 2012 – De Europese Commissie heeft België formeel verzocht om discriminerende bepalingen op het gebied van successiebelasting en vennootschapsbelasting te schrappen.

Successiebelasting

De wetgeving van het Brussels Hoofdstedelijk en het Waalse Gewest inzake successierechten voorziet in een keuze tussen verschillende koerswaarden van effecten om de heffingsgrondslag voor successiebelastingdoeleinden te bepalen. Deze keuze geldt echter alleen voor effecten die aan de Belgische beurs zijn genoteerd. Omgekeerd kunnen effecten die aan beurzen buiten België zijn genoteerd, alleen worden gewaardeerd tegen hun verkoopwaarde aan de buitenlandse beurs op de datum van overlijden, zonder enige keuze tussen koerswaarden. De Commissie is van mening dat het niet verlenen van een keuzemogelijkheid voor de effecten die aan de beurzen van andere EU- en EER-landen zijn genoteerd, discriminerend is en een ongerechtvaardigde beperking vormt van het vrije verkeer van kapitaal. Deze verschillende behandeling kan bij een erfenis leiden tot een hogere belasting op effecten die buiten België zijn genoteerd.

Vennootschapsbelasting

De Belgische wetgeving kent een belastingkrediet voor ondernemingswinst toe tot ten hoogste 3750 euro per jaar. Dit krediet is gelijk aan 10% van het hoogste bedrag van het positieve verschil in de drie voorafgaande belastbare tijdperken tussen de fiscale waarde van de vaste activa aan het eind van het jaar en het totaalbedrag aan uitstaande langetermijnschuld van de onderneming. Niet-ingezetenen die winst verkrijgen uit een Belgische vaste inrichting, zijn uitgesloten van dit belastingkrediet. De Commissie is van mening dat deze uitsluiting discriminerend is en een ongerechtvaardigde beperking inhoudt van de vrijheid van vestiging. Deze situatie kan ertoe leiden dat buitenlandse bedrijven die winst maken in België via een vaste inrichting, zwaarder worden belast dan Belgische bedrijven.

De Commissie ziet voor geen van beide discriminerende bepalingen een rechtvaardiging.

De verzoeken van de Commissie nemen de vorm aan van met redenen omklede adviezen (de tweede stap in de EU-inbreukprocedure). In beide gevallen kan de Commissie, als zij binnen twee maanden geen bevredigend antwoord ontvangt, België voor het Hof van Justitie van de Europese Unie brengen.

Achtergrond

Voor persmededelingen over inbreukprocedures op het gebied van belastingen en douane:

http://ec.europa.eu/taxation_customs/common/infringements/infringement_cases/index_en.htm

Voor meer informatie over EU-inbreukprocedures: MEMO/12/279

Voor de laatste algemene informatie over inbreukmaatregelen tegen lidstaten:

http://ec.europa.eu/eu_law/infringements/infringements_nl.htm

Contacts :

Emer Traynor (+32 2 292 15 48)

Natasja Bohez Rubiano (+32 2 296 64 70)


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website