Navigation path

Left navigation

Additional tools

Sancties tegen werkgevers van illegale migranten: de Commissie spoort drie lidstaten aan om maatregelen te nemen

European Commission - IP/12/166   27/02/2012

Other available languages: EN FR DE SV

Europese Commissie - Persbericht

Sancties tegen werkgevers van illegale migranten: de Commissie spoort drie lidstaten aan om maatregelen te nemen

Brussel, 27 februari 2012 – Sommige lidstaten passen nog altijd de EU-regels inzake sancties en maatregelen tegen werkgevers die illegale migranten uitbuiten, niet toe. De Commissie heeft vandaag besloten een volgende stap te zetten in de inbreukprocedures tegen België, Luxemburg en Zweden en deze door middel van een met redenen omkleed advies te verzoeken hun wetten aan te passen aan de richtlijn inzake sancties tegen werkgevers (Richtlijn 2009/52/EG), die vóór 20 juli 2011 in de nationale wetgeving had moeten zijn omgezet. De richtlijn is gericht tegen werkgevers die profiteren van de onzekere positie van illegale migranten en hen gewoonlijk in dienst nemen voor laagbetaalde banen met slechte arbeidsomstandigheden. In de richtlijn worden ook de rechten van de individuele migrant versterkt: werkgevers worden namelijk verplicht achterstallig loon te betalen.

De richtlijn is een essentieel onderdeel van de EU-maatregelen tegen illegale migratie. Met de richtlijn wordt de tewerkstelling van illegale migranten van buiten de EU verboden en worden de werkgevers boetes of in de ernstigste gevallen zelfs strafrechtelijke sancties opgelegd. De richtlijn geldt voor alle lidstaten met uitzondering van Denemarken, Ierland en het Verenigd Koninkrijk.

Op 30 september 2011 zijn formele aanmaningen (de eerste stap in de inbreukprocedure) gezonden aan België en Zweden en vervolgens op 4 november aan Luxemburg. Luxemburg heeft nog niet geantwoord, maar België en Zweden hebben meegedeeld dat de maatregelen ter omzetting van de EU-wetgeving waarschijnlijk niet vóór medio 2012 in werking zullen treden. De Commissie heeft daarom besloten met redenen omklede adviezen uit te brengen (artikel 258 VWEU), waarin de desbetreffende lidstaten formeel wordt verzocht het EU-recht na te leven.

Tegelijkertijd heeft de Commissie vandaag besloten de procedures tegen Oostenrijk, Duitsland, Frankrijk en Malta te beëindigen. In deze landen is de richtlijn met vertraging omgezet, waardoor de Commissie gerechtelijke procedures tegen hen moest starten. Nu hebben zij echter de voor de toepassing van de richtlijn noodzakelijke nationale wetgeving in werking doen treden.

Achtergrond

Er werken veel illegaal verblijvende onderdanen van derde landen in de gehele EU in sectoren zoals de bouw, de landbouw, de schoonmaakbranche en de horeca. De wetenschap dat dergelijk werk in de EU voorhanden is, vormt een belangrijke aantrekkende factor voor mensen om illegaal naar de EU te komen of er illegaal te verblijven. Werkgevers profiteren van de onzekere positie van illegale migranten en nemen hen doorgaans in dienst voor laaggeschoolde en laagbetaalde banen. Gezien hun rechtspositie klagen deze werknemers meestal niet over arbeidsomstandigheden of loon. Dit plaatst hen in een uiterst kwetsbare positie.

Met de richtlijn wordt hier verandering in gebracht. In de richtlijn worden voor de gehele EU minimumnormen vastgelegd inzake sancties en maatregelen tegen werkgevers van illegaal verblijvende onderdanen van derde landen.

Volgens de richtlijn moeten werkgevers vóór zij onderdanen van derde landen in dienst nemen, controleren of deze een recht van verblijf hebben, en moeten zij, indien dat niet het geval is, de bevoegde nationale autoriteit daarvan in kennis stellen. Werkgevers die kunnen aantonen dat zij aan deze verplichtingen hebben voldaan en te goeder trouw hebben gehandeld, krijgen geen sancties opgelegd. Aangezien veel illegaal verblijvende migranten in particuliere huishoudens werken, is de richtlijn ook van toepassing op particulieren die deze migranten in dienst nemen.

Werkgevers die dergelijke controles niet hebben uitgevoerd en die illegale migranten in dienst blijken te hebben, kunnen financiële sancties worden opgelegd, die ook de kosten van de terugkeer van illegaal verblijvende onderdanen van derde landen naar hun land van herkomst kunnen omvatten. Deze werkgevers moeten de achterstallige lonen, belastingen en socialezekerheidsbijdragen alsnog betalen. En in de ernstigste gevallen, zoals bij herhaalde inbreuken, de illegale tewerkstelling van kinderen of de tewerkstelling van grote aantallen illegaal verblijvende migranten, kunnen werkgevers strafrechtelijk worden vervolgd.

De richtlijn beschermt migranten door ervoor te zorgen dat zij het volledige nog verschuldigde loon van de werkgever ontvangen en door hen toegang te verschaffen tot steun van derden, bijvoorbeeld vakverenigingen of ngo's.

In de richtlijn wordt sterk de nadruk gelegd op de handhaving van de regels. Veel lidstaten hebben al sancties tegen werkgevers ingevoerd en preventieve maatregelen getroffen, maar in de praktijk lopen deze, zowel wat de reikwijdte als de handhaving ervan betreft, sterk uiteen.

Voor meer informatie

MEMO/12/134

Homepage van EU-commissaris voor Binnenlandse Zaken Cecilia Malmström:

http://ec.europa.eu/commission_2010-2014/malmstrom/welcome/default_en.htm

Homepage van DG Binnenlandse Zaken:

http://ec.europa.eu/dgs/home-affairs/index_en.htm

De portaalsite van de EU over immigratie:

http://ec.europa.eu/immigration/

Contact:

Michele Cercone (+32 2 298 09 63)

Tove Ernst (+32 2 298 67 64)


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website