Navigation path

Left navigation

Additional tools

IP/11/355

Brussel, 23 maart 2011

EU versterkt het recht van de burgers op consulaire bescherming en bijstand in derde landen

Wanneer zich in het buitenland rampen en crisissituaties voordoen, zoals in Japan, Libië of Egypte, hebben EU-burgers het recht bij de consulaten en ambassades van alle EU‑lidstaten bijstand te vragen, wanneer hun lidstaat niet in het land vertegenwoordigd is. De EU‑lidstaten moeten ook helpen burgers te evacueren, alsof het ging om hun eigen onderdanen. Dit recht, dat een belangrijk onderdeel is van het EU‑burgerschap, wordt gegarandeerd door de EU‑Verdragen en het EU‑Handvest van de grondrechten. De bescherming geldt ook in alledaagse situaties, zoals een gestolen paspoort, een ernstig ongeval of een ernstige ziekte. Veel Europeanen zijn echter niet op de hoogte van dit recht. Nu steeds meer EU-burgers in het buitenland wonen of werken of een reis naar het buitenland maken - Europeanen maken jaarlijks ongeveer 90 miljoen reizen buiten de EU en ongeveer 30 miljoen Europeanen wonen in niet‑EU‑landen – is het belangrijker dan ooit om de bekendheid te vergroten. In het beleidsdocument betreffende de consulaire bescherming in derde landen van vandaag stelt de Europese Commissie concrete maatregelen voor om de EU‑burgers beter bekend te maken met hun rechten. In de loop van volgend jaar zal de Commissie coördinatiemaatregelen voorstellen om de gewone consulaire bescherming van burgers te verbeteren. Daarnaast start de Commissie een speciale website over de consulaire bescherming. Op die website zullen alle adressen van de consulaire of diplomatieke missies in landen buiten de EU en links naar de reisadviesdiensten van alle lidstaten te vinden zijn.

„De Japanners en Libiërs worden in deze nationale crisissituaties krachtdadig door de Europeanen gesteund,” aldus vicevoorzitter Viviane Reding, de EU‑commissaris voor Justitie. „Bij al die problemen zien we de Europese solidariteit in de praktijk. De lidstaten proberen met vereende krachten elkaars onderdanen te evacueren. Nu meer EU‑burgers een reis naar het buitenland maken of er werken, is het uiterst belangrijk dat iedereen waar ook ter wereld en ongeacht zijn nationaliteit weet waar en hoe hij in een crisissituatie een helpende hand kan krijgen.”

Steeds meer EU‑burgers maken een reis naar derde landen. In 2005 ging het om 80 miljoen reizen, in 2008 al om 90 miljoen. Meer dan 30 miljoen EU‑burgers wonen permanent in een derde land, maar slechts in drie landen (Verenigde Staten, China en Rusland) zijn alle 27 lidstaten diplomatiek vertegenwoordigd.

Uit enquêtes blijkt dat de Europeanen hoge verwachtingen hebben rond bijstand in het buitenland. 62% verwacht van de ambassade van een ander EU‑land hetzelfde soort hulp als zij van hun eigen ambassade zouden krijgen (zie bijlage). Niettemin zijn veel Europeanen en consulaire ambtenaren niet bekend met dit recht op bescherming als EU‑burger. De Commissie zal ervoor zorgen dat de EU-burgers en consulaire ambtenaren beter bekend raken met het recht zich te wenden tot de ambassade of het consulaat van een andere lidstaat dan de eigen lidstaat, en weten hoe die consulaten en ambassades kunnen worden bereikt en welke hulp kan worden geboden. De lidstaten kunnen hun burgers over dit recht informeren bij de afgifte van nieuwe paspoorten. Deze aanpak wordt al gevolgd door 20 lidstaten1.

Uit de recente gebeurtenissen in Japan, Libië en Haïti is gebleken dat consulaire bijstand belangrijk is voor onderdanen van een andere lidstaat die in een crisissituatie stranden. Toen de crisis in Libië uitbrak, waren er ongeveer 6 000 EU‑burgers aanwezig, maar slechts acht lidstaten hadden er een vertegenwoordiging. Op 9 maart 2011 waren er nog 1 345 EU‑burgers aanwezig. De hulp werd via teleconferenties en de beveiligde website van het gemeenschappelijk situatiecentrum van de EU gecoördineerd. De lidstaten verstrekten elkaars burgers noodreisdocumenten en stelden plaatsen op de evacuatievliegtuigen ter beschikking van niet‑EU‑burgers. In Haïti werden in 2010 ongeveer 2 700 EU‑burgers getroffen door de aardbeving, maar slechts de helft van de EU-lidstaten had er een diplomatieke vertegenwoordiging. In Japan, waar alleen Malta en Cyprus niet vertegenwoordigd waren, werden de nationale consulaire diensten gecontacteerd door ongeveer 1 000 burgers met een verzoek om bijstand om Japan te verlaten. Duitsland hielp Duitse onderdanen en ten minste 18 andere EU‑burgers Sendai te verlaten met een gecharterde bus.

Bij deze rampen was de Europese solidariteit van groot belang. In Libië ondernam de EU snel actie door het mechanisme voor civiele bescherming in werking te stellen, dat hielp met de coördinatie van de evacuatie en de financiering van de vervoerskosten. Zo kon bijvoorbeeld Hongarije 29 Roemenen, 27 Hongaren, 20 Bulgaren, acht Duitsers, zes Tsjechen en zes andere EU‑burgers en niet‑EU‑burgers per vliegtuig uit Tripoli weghalen. Er zou geen enkele EU‑burger mogen achterblijven. Ook de EU-delegaties, die deel uitmaken van de Europese Dienst voor extern optreden, kunnen de burgers beter bekend maken met de bescherming van de lidstaten en steun verlenen. Dit hebben zij reeds gedaan tijdens de crisis in de Gazastrook in 2009, toen met steun van de EU-delegatie ongeveer 100 personen met gepantserde bussen geëvacueerd werden.

Consulaire bescherming is belangrijk in crisissituaties, maar ook in meer alledaagse situaties, zoals een verloren of gestolen paspoort, een ernstig ongeval of een ernstige ziekte of een geweldmisdrijf kunnen de EU‑burgers er aanspraak op maken. De consulaire wetten van de lidstaten lopen echter uiteen. Afhankelijk van het land waartoe een EU-burger zich wendt, kan de hulp verschillende vormen aannemen. Voor kleine bedragen (zoals een retourvlucht of een hotel) kunnen de lidstaten financiële voorschotten verlenen. Een lidstaat die bijstand verleent, moet voorafgaandelijk toestemming vragen aan het thuisland van de burger, dat vervolgens die lidstaat vergoedt. Het thuisland kan vervolgens die uitgave op de burger verhalen.

De lidstaten worden ook gecompenseerd wanneer zij niet‑vertegenwoordigde EU‑burgers evacueren. In de praktijk worden de huidige regels inzake vergoeding vaak niet toegepast. Om te garanderen dat niet‑vertegenwoordigde EU‑burgers gelijk worden behandeld en de lidstaten aan te moedigen actief op te treden in crisissituaties waarbij geen van hun eigen onderdanen betrokken zijn, onderzoekt de Commissie hoe de procedures voor vergoeding verder kunnen worden vereenvoudigd.

In de komende 12 maanden zal de Commissie wetgevingsvoorstellen indienen om:

  • de rechtszekerheid over de draagwijdte, de voorwaarden en de procedures van consulaire bescherming te verbeteren en de middelen optimaal te gebruiken, onder meer in crisissituaties;

  • de coördinatie‑ en samenwerkingsmaatregelen vast te stellen die nodig zijn voor de dagelijkse consulaire bescherming van niet‑vertegenwoordigde EU‑burgers en de kwestie van de financiële vergoeding van consulaire bescherming in crisissituaties te regelen.

Achtergrond

De EU‑Verdragen garanderen alle EU‑burgers het recht op gelijke behandeling in verband met bescherming door de diplomatieke en consulaire instanties van een lidstaat wanneer zij buiten de EU een reis maken of wonen en hun eigen land niet vertegenwoordigd is (zie artikel 20, lid 2, onder c), en artikel 23 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie; artikel 46 van het EU‑Handvest van de grondrechten). In bijna alle landen van de wereld is er ten minste één EU‑lidstaat niet vertegenwoordigd.

In haar Verslag over het EU-burgerschap van oktober 2010 (zie IP/10/1390 en MEMO/10/525) heeft de Commissie er zich toe verbonden de doeltreffendheid van het recht van de EU-burgers op bescherming door de diplomatieke en consulaire instanties van alle lidstaten in derde landen, onder meer in crisissituaties, te verhogen, door wetgevende maatregelen voor te stellen en de burgers beter te informeren via een speciale website en met doelgerichte voorlichting.

Verdere informatie

Website van de Europese Commissie over consulaire bescherming:

http://ec.europa.eu/consularprotection

Homepage van vicevoorzitter Viviane Reding, EU‑commissaris voor Justitie:

http://ec.europa.eu/commission_2010-2014/reding/index_en.htm

BIJLAGE

Verwachting van de EU-burgers in verband met consulaire bescherming

Relevante Verdragsbepalingen

Artikel 20 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie

1. Er wordt een burgerschap van de Unie ingesteld. Burger van de Unie is een ieder die de nationaliteit van een lidstaat bezit. Het burgerschap van de Unie komt naast het nationale burgerschap doch komt niet in de plaats daarvan.

2. De burgers van de Unie genieten de rechten en hebben de plichten die bij de Verdragen zijn bepaald.

Zij hebben, onder andere:

(…)

(c) het recht op bescherming van de diplomatieke en consulaire instanties van iedere andere lidstaat op het grondgebied van derde landen waar de lidstaat waarvan zij onderdaan zijn, niet vertegenwoordigd is, onder dezelfde voorwaarden als de onderdanen van die lidstaat;

(…)

Deze rechten worden uitgeoefend onder de voorwaarden en binnen de grenzen welke bij de Verdragen en de maatregelen ter uitvoering daarvan zijn vastgesteld.

Artikel 23 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie

Iedere burger van de Unie geniet op het grondgebied van derde landen waar de lidstaat waarvan hij onderdaan is, niet vertegenwoordigd is, de bescherming van de diplomatieke en consulaire instanties van iedere andere lidstaat, onder dezelfde voorwaarden als de onderdanen van die lidstaat. De lidstaten treffen de nodige voorzieningen en beginnen de internationale onderhandelingen die met het oog op deze bescherming vereist zijn.

De Raad kan, volgens een bijzondere wetgevingsprocedure en na raadpleging van het Europees Parlement, richtlijnen aannemen tot vaststelling van coördinatie- en samenwerkingsmaatregelen die nodig zijn om die bescherming te vergemakkelijken.

Artikel 46 van het EU‑Handvest van de grondrechten

Diplomatieke en consulaire bescherming

Iedere burger van de Unie geniet op het grondgebied van derde landen waar de lidstaat waarvan hij onderdaan is, niet vertegenwoordigd is, de bescherming van de diplomatieke en consulaire instanties van de andere lidstaten, onder dezelfde voorwaarden als de onderdanen van die lidstaat.

1 :

België, Bulgarije, Duitsland, Griekenland, Spanje, Frankrijk, Italië, Cyprus, Letland, Litouwen, Luxemburg, Hongarije, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Roemenië, Slovenië, Zweden, het Verenigd Koninkrijk.


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website