Navigation path

Left navigation

Additional tools

Europese Commissie - Persbericht

Mobiliteit van Bulgaarse en Roemeense werknemers over het algemeen positief voor EU-economie

Brussel, 11 november 2011 – De Europese Commissie publiceert vandaag een verslag waaruit blijkt dat mobiele werknemers uit Bulgarije en Roemenië (de zogenaamde "EU-2-landen") een overwegend positief effect hebben op de economieën van de landen waar zij gaan werken. Deze werknemers dragen bij tot de vaardigheidsmix, en helpen vacatures in knelpuntsectoren en –banen zoals de bouwsector, particuliere huishoudens, alsmede hotels en restaurants, te vervullen. Volgens ramingen heeft het vrij verkeer van Roemeense en Bulgaarse werknemers een lange-termijn BBP-groei-effect van ongeveer 0,3% voor de EU-27 (0,4% voor de EU-15). Verder blijkt uit studies dat de instroom geen invloed van betekenis heeft gehad op de werkloosheid of de lonen van de plaatselijke werknemers in de ontvangende landen: uit studies in de EU-15 blijkt dat de lonen gemiddeld slechts 0,28% lager zijn dan zij zonder mobiliteit uit de EU-2 waren geweest. Het verslag benadrukt tevens dat er geen aanwijzingen zijn dat mobiele burgers binnen de EU onevenredig vaak aanspraak zouden maken op uitkeringen, en dat het effect van de recente mobiliteitsstromen op de overheidsfinanciën verwaarloosbaar dan wel positief is.

In een gesprek met journalisten in de marge van een conferentie in Wenen benadrukte László Andor, EU-commissaris voor Werkgelegenheid, sociale zaken en inclusie, het positieve effect van mobiliteit: "Als burgers van het ene land naar het andere gaan, biedt dat kansen en economisch voordeel voor de gastlanden, maar ook voor de EU in haar geheel. Wij zien dat geografische mobiliteit zeer sterk afhangt van de economische trends, en van waar de banen te vinden zijn". Hij gaf ook uiting aan zijn sterke wens alle arbeidsmarktbeperkingen op te heffen: "Het vrij verkeer van werknemers in Europa inperken is geen antwoord op hoge werkloosheidscijfers. Wat we moeten doen, is onze inspanningen richten op het scheppen van nieuwe banen."

De mobiliteit na de uitbreiding heeft wellicht economische en sociale kosten met zich gebracht, zowel voor de ontvangende landen, als voor de landen van herkomst, die productiecapaciteit verliezen. Desondanks is de Commissie van mening dat, hoewel een deel van deze kosten tijdelijk kan worden verminderd door de arbeidsmobiliteit in te perken, de onevenwichtigheden op de arbeidsmarkt op lange termijn via specifiek beleid moeten worden aangepakt. Uit de gegevens blijkt dat de overgangsmaatregelen een beperkt effect op de spreiding van de mobiliteit binnen de EU hebben gehad, en dat de mobiliteitsstromen meer worden beïnvloed door factoren als de vraag naar arbeidskrachten of taalvaardigheid. De ervaring met de uitbreiding van 2004 leert ons ook dat inperking van het vrij verkeer van werknemers negatieve effecten kan hebben, zoals een toename van zwartwerk.

De instroom uit Bulgarije en Roemenie is vooral naar Italië en Spanje gegaan, en uit de gegevens blijkt dat eind 2010 twee keer (2,9 miljoen) zoveel Bulgaren en Roemenen in de EU-25 verbleven als in 2006. Anderzijds maken EU-2-burgers die in een van de EU-25-landen wonen slechts 0,6% van de bevolking van de EU-25 uit. Het hoogste percentage vinden we in Cyprus (4,1%), Spanje (2,2%) en Italië (1,8%). Daarnaast ligt de arbeidsparticipatie van burgers uit de EU-2 (63%) dicht bij die van de EU-25 (65%). Sinds de economische recessie vinden recentelijk aangekomen EU-2-burgers moeilijker werk: in 2010 was 16% onder hen werkloos, tegen 9% in 2007. Wel is het duidelijk dat recent aangekomen EU-2-burgers een zeer bescheiden rol hebben gespeeld in de crisis op de arbeidsmarkt, die een direct gevolg is van de financiële en economische crisis en van structurele arbeidsmarktproblemen.

Het verslag van de Commissie zal als basis dienen voor een evaluatie door de Raad van de hoe de overgangsmaatregelen inzake het vrij verkeer van Bulgaarse en Roemeense werknemers in de praktijk hebben gefunctioneerd.

Achtergrond

Krachtens het Toetredingsverdrag uit 2005 mogen de EU-25-lidstaten de vrije toegang tot hun arbeidsmarkten tijdelijk beperken voor werknemers uit Bulgarije en Roemenië als voorbereiding op volledige arbeidsmobiliteit in de EU. De totale overgangsperiode van zeven jaar is verdeeld in drie fasen:

Eerste twee jaar: de toegang van werknemers uit Bulgarije en Roemenië tot de arbeidsmarkten van de andere lidstaten wordt geregeld door de nationale wetgeving van die lidstaten.

Volgende drie jaar: de lidstaten kunnen hun nationale maatregelen verlengen voor een tweede fase van nog eens drie jaar, mits zij de Commissie daarvan voor het einde van de eerste fase in kennis hebben gesteld. Anders is het EU-recht dat vrij verkeer van werknemers garandeert van toepassing.

Laatste twee jaar: een lidstaat die aan het einde van de tweede periode de nationale maatregelen handhaaft, mag in geval van ernstige verstoringen van zijn arbeidsmarkt of het dreigen daarvan en na kennisgeving aan de Commissie deze maatregelen tot aan het einde van het zevende jaar na de datum van toetreding blijven toepassen.

Tijdens de periode van zeven jaar biedt een vrijwaringsclausule een lidstaat de mogelijkheid opnieuw beperkingen in te voeren in geval van ernstige of dreigende verstoringen van de arbeidsmarkt.

De huidige tweede fase van de overgangsmaatregelen eindigt in december 2011. Tien lidstaten (BE, DE, IRL, FR, IT, MT, NL, AT, LU, UK) beperken momenteel nog steeds de toegang van werknemers uit Bulgarije en Roemenië. Zij kunnen deze beperkingen na 31 december 2011 alleen handhaven als zij de Commissie uiterlijk op 31 december 2011 op de hoogte stellen van een ernstige verstoring (of het dreigen daarvan) van de arbeidsmarkt. De Commissie heeft ingestemd met het Spaanse verzoek om de toegang tot zijn arbeidsmarkt wegens ernstige verstoring ervan tot en met 31 december 2012 voor Roemeense werknemers te beperken. (IP/11/960)

De overgangsmaatregelen eindigen onherroepelijk op 31 december 2013.

Link naar het EG-verslag over de werking van de overgangsmaatregelen inzake het vrij verkeer van werknemers uit Bulgarije en Roemenië: http://ec.europa.eu/social/BlobServlet?docId=7204&langId=en

Voor meer informatie: http://ec.europa.eu/social/free-movement-of-workers

Zie ook MEMO/11/773

Contact :

Cristina Arigho (+32 2 298 53 99)

Maria Javorova (+32 2 299 89 03)


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website