Navigation path

Left navigation

Additional tools

IP/10/907

Brussel, 7 juli 2010

Nieuw EU-investeringspakket om de handel te stimuleren en de rechten van investeerders te versterken

Met twee initiatieven heeft de Europese Commissie vandaag de eerste stap gezet op weg naar een algemeen Europees internationaal investeringsbeleid. Een beleidsstuk zet uiteen hoe de EU haar nieuwe bevoegdheid op het gebied van buitenlandse directe investeringen kan aanwenden om concurrentievermogen en handel te stimuleren en daardoor groei en banen te creëren. Tegelijk worden in een ontwerpverordening overgangsregelingen vastgesteld die garanties moeten bieden voor bestaande of op handen zijnde bilaterale investeringsovereenkomsten tussen EU-lidstaten en derde landen. Het Verdrag van Lissabon bepaalt dat het investeringsbeleid voortaan op Europees niveau wordt ontwikkeld en beheerd. Hierdoor heeft de EU bij onderhandelingen meer troeven in handen om een betere investeringsbescherming voor het Europese bedrijfsleven te bereiken.

Karel De Gucht, EU-commissaris voor Handel zegt hierover het volgende: "Europese investeerders kunnen alleen gedijen in een open, deugdelijk en voorspelbaar ondernemingsklimaat. Deze voorstellen moeten de EU beter in staat stellen om voor hen een gelijk speelveld tot stand te brengen. Op lange termijn zal een breed investeringsbeleid ervoor zorgen dat Europa zijn koppositie op het gebied van buitenlandse directe investeringen kan behouden, dat alle Europese ondernemingen optimaal zaken kunnen doen en dat in deze moeilijke tijden de groei wordt versterkt en banen worden geschapen."

Het investeringspakket omvat twee documenten. Het eerste is een beleidsstuk met de titel "Naar een algemeen Europees internationaal investeringsbeleid". Hierin wordt nagegaan hoe het investeringsbeleid het best kan bijdragen aan een slimme, duurzame en inclusieve groei – de doelstellingen van de Europa 2020-strategie. Het tweede document is een voorstel voor een verordening die overgangsregelingen vaststelt voor bilaterale investeringsovereenkomsten die de EU-landen vóór het Verdrag van Lissabon al met andere delen van de wereld hadden gesloten. Met deze verordening zorgt de Commissie voor rechtszekerheid voor investeerders uit de EU en het buitenland, terwijl de EU kan onderhandelen over nieuwe investeringsovereenkomsten op EU-niveau.

Achtergrond

Buitenlandse directe investeringen dragen in belangrijke mate aan de economische groei bij. Zij scheppen banen, optimaliseren de toewijzing van middelen, maken de overdracht van technologie mogelijk en stimuleren de handel. De EU neemt op het gebied van buitenlandse directe investeringen (BDI) een koppositie in. In 2008 waren de uitgaande BDI goed voor 3,3 biljoen euro, terwijl de inkomende BDI 2,4 biljoen euro bedroegen.

De buitenlandse directe investeringen worden gegarandeerd via bilaterale investeringsovereenkomsten. Die overeenkomsten leggen de voorwaarden voor investeringen door onderdanen en ondernemingen van het ene in het andere land vast. Ook bevatten zij de verplichting een bepaald beschermingsniveau te bieden. Op die manier stimuleren zij de investeringsstromen tussen twee landen. Bilaterale investeringsovereenkomsten bieden investeerders onder meer een eerlijke en billijke behandeling vrij van discriminatie, alsmede bescherming tegen onrechtmatige onteigening en een directe toegang tot internationale arbitrage bij geschillen. De EU-landen zijn wereldwijd de grootste gebruikers van bilaterale investeringsovereenkomsten en hebben in totaal al ongeveer 1200 van dergelijke overeenkomsten gesloten.

Meer informatie:

Voor een blad met vragen en antwoorden zie:

http://trade.ec.europa.eu/doclib/press/index.cfm?id=590

Het beleidsstuk / de ontwerpverordening:

http://trade.ec.europa.eu/doclib/press/index.cfm?id=591


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website