Navigation path

Left navigation

Additional tools

IP/10/1667

Brussel, 6 december 2010

Gezondheid van bijen: Commissie vindt dat binnen de EU meer moet worden ondernomen

Gezonde bijen zijn belangrijk, niet alleen voor de productie van honing, maar ook voor de bestuiving van bijvoorbeeld fruitbomen. De laatste jaren is in tal van landen over de hele wereld melding gemaakt van een hogere bijensterfte. Om een beter inzicht te krijgen in de oorzaken van dit wereldwijd hoge sterftecijfer heeft de Europese Commissie vandaag haar ideeën bekendgemaakt voor een reeks specifieke maatregelen. Tot nu toe hebben wetenschappelijke studies de exacte oorzaak noch de precieze omvang van het probleem kunnen achterhalen. De Commissie heeft al een aantal initiatieven genomen om de problemen in de bijensector aan te pakken en andere initiatieven staan gepland. De bijenteelt is een belangrijke bedrijvigheid in de EU. De Unie telt zo'n 700 000 imkers; voor de meesten onder hen is de bijenteelt een hobby. Het document dat vandaag is goedgekeurd, ondersteunt de inspanningen om oplossingen te vinden voor dit probleem.

Commissaris voor Gezondheid en consumentenbeleid John Dalli zei in dit verband: "De bescherming van de bijengezondheid is voor de EU van groot belang. De EU moet het bestaande kader versterken en de lidstaten en imkers helpen bij hun streven naar een betere en duurzame bijengezondheid, volgens het principe van onze strategie voor diergezondheid, "Voorkomen is beter dan genezen". Tot slot zei hij: "De mededeling die vandaag is goedgekeurd zal de discussie over bijengezondheid met alle belanghebbenden stimuleren en kan zo de weg banen voor meer maatregelen door de EU."

Bijensterfte aanpakken

In de mededeling van de Commissie worden de belangrijkste vraagstukken inzake bijengezondheid verduidelijkt en wordt een overzicht gegeven van de initiatieven de Commissie heeft opgezet om dit probleem aan te pakken, alsmede de reeds genomen maatregelen. De Commissie heeft de volgende specifieke acties gestart, afgesloten dan wel gepland; zij zullen ons een beter inzicht in de bijensterfte geven en derhalve een duidelijker beeld van wat eraan kan worden gedaan:

  • Aanwijzing van een EU‑referentielaboratorium voor bijengezondheid (ANSES - Sophia Antipolis - France)

  • Een proefprogramma voor bijensurveillance om de omvang van de bijensterfte te schatten

  • Herziening van de EU-regelgeving inzake diergezondheid met betrekking tot bijen, met name voor hoofdzaken als de algemene definities, de beginselen voor ziektebestrijdingsmaatregelen en het verkeer van dieren

  • Vaker gebruik maken van richtsnoeren voor kwesties waarvoor EU-wetgeving niet de aangewezen weg is

  • Opleidingen inzake bijengezondheid voor functionarissen van de lidstaten in het kader van het initiatief "Betere opleiding voor veiliger voedsel"

  • De beperkte beschikbaarheid van diergeneesmiddelen voor bijen aan de orde stellen bij de herziening van de EU-wetgeving inzake geneesmiddelen

  • Bestrijdingsmiddelen op EU-niveau alleen goedkeuren als ze veilig zijn voor bijen

  • Bescherming van bijen door behoud van biodiversiteit

  • De EU-bijdrage aan de financiering van de nationale bijenteeltprogramma's voor de periode 2011-2013 met bijna 25 procent verhogen

  • Onderzoeksprojecten inzake bijengezondheid om de achteruitgang van wilde en gedomesticeerde bestuivers, waaronder bijenvolken, in Europa te onderzoeken

  • Verhoogde samenwerking met internationale organisaties (zoals de Wereldorganisatie voor diergezondheid (OIE))

Wat gebeurt er verder?

De mededeling moet als basis dienen voor de verdere discussie met het Europees Parlement, de Raad, de instanties in de lidstaten en belanghebbenden. In dat kader kan worden bepaald welke verdere maatregelen op EU-niveau eventueel noodzakelijk zijn.

Hierbij zal verdere harmonisatie van de EU-maatregelen een belangrijke rol spelen, zonder daarbij de beginselen van evenredigheid en subsidiariteit uit het oog te verliezen. Ook wordt gekeken of niet-wetgevende initiatieven ertoe kunnen bijdragen dat imkers zich meer verantwoordelijk voelen voor en zich bewuster zijn van ziekten.

Probleemstelling

De bijengezondheid wordt beïnvloed door uiteenlopende ziekteverwekkers (van onder meer bacteriële, virale en parasitaire aard). We weten niet veel over de rol van bijenziekten in de toegenomen bijensterfte, noch over de wisselwerking tussen ziekteverwekkers en andere factoren en hoe deze wisselwerking bijdraagt tot de schadelijke gevolgen voor de bijengezondheid.

Andere factoren die de bijengezondheid beïnvloeden zijn de praktijken in de bijenteelt, de beperkte beschikbaarheid van medische behandeling en het milieu zelf. Het gebruik van bestrijdingsmiddelen in de landbouw, de klimaatverandering, een gebrek aan voedsel en het verlies van de habitat kunnen schadelijke milieufactoren zijn.

De sector omvat zeer uiteenlopende soorten bijenteelt (beroepsmatig of als hobby, vaste of mobiele bijenstand, transhumance). De grote verschillen met andere diersoorten zoals runderen en pluimvee op technologisch en gezondheidsgebied vinden hun oorsprong in het feit dat bijen in volken leven en sterker door hun natuurlijke omgeving worden beïnvloed. De verschillende regio's (klimaat, traditionele/lokale productie) en de verspreiding van ziekten zijn ook factoren die bij de bijenteelt een rol spelen.

Dit alles zorgt voor complexe en uiteenlopende behoeften, benaderingen, standpunten en praktijken.

Voor meer informatie kunt u terecht op:

http://ec.europa.eu/food/animal/liveanimals/bees/index_en.htm


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website