Navigation path

Left navigation

Additional tools

IP/09/1552

Brussel, 21 oktober 2009

Een enkele en een eerlijkere asielprocedure voor een uniforme status in de EU: de laatste bouwstenen voor internationale bescherming

De Europese Commissie heeft vandaag voorstellen aangenomen om twee van de bestaande rechtsinstrumenten van het gemeenschappelijk Europees asielstelsel te wijzigen: de richtlijn inzake de erkenning van personen die internationale bescherming behoeven en de richtlijn over asielprocedures.

Deze wijzigingen liggen in het verlengde van de voorstellen die de Commissie in december 2008 en in 2009 heeft gepresenteerd om het Haags programma en het asielbeleidsplan 1 uit te voeren: de richtlijn over de voorwaarden voor de opvang van asielzoekers, de Dublinverordening, de Eurodac‑verordening, de verordening inzake het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken en de gemeenschappelijke EU‑hervestigingsregeling. Met de voorgenomen maatregelen wordt beoogd slachtoffers van vervolging beter te beschermen, zoals gevraagd door de Europese Raad in het migratie‑ en asielpact. Tegelijkertijd zullen de voorstellen naar verwachting leiden tot meer samenhang tussen de EU‑asielinstrumenten en tot een vereenvoudiging en consolidatie van de materiële en procedurele beschermingsnormen in de gehele Unie. Aldus kan fraude worden voorkomen en kunnen asielprocedures doeltreffender worden.

Vicevoorzitter Jacques Barrot, het Commissielid bevoegd voor vrijheid, veiligheid en justitie, verklaarde: "Vandaag legt de Commissie de laatste bouwstenen van het gemeenschappelijk Europees asielstelsel. Hoewel er in de afgelopen jaren veel vooruitgang is geboekt als gevolg van de toepassing van gemeenschappelijke normen, bestaan er tussen de lidstaten nog steeds grote verschillen. Onze voorstellen zijn een belangrijke stap op weg naar betere beschermingsnormen, een gelijke behandeling en een doeltreffender en meer samenhangend systeem."

Erkenningsrichtlijn

Het voorstel moet met name:

  • bepaalde juridische begrippen verduidelijken die worden gebruikt bij de omschrijving van de beschermingsgronden, zoals "actoren van bescherming", "binnenlandse bescherming" of "het behoren tot een bepaalde sociale groep". Er zal bijvoorbeeld bij de behandeling van een verzoek meer rekening worden gehouden met genderaspecten. Door deze verduidelijking kunnen nationale autoriteiten de criteria strikter toepassen en sneller vaststellen wie wel bescherming nodig heeft en wie niet;

  • een einde maken aan onredelijke verschillen in de rechten die worden toegekend aan vluchtelingen en aan personen die subsidiaire bescherming genieten. De wijzigingen hebben betrekking op de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning en op de toegang tot sociale voorzieningen, de gezondheidszorg en de arbeidsmarkt;

  • zorgen dat de rechten die door de richtlijn worden toegekend, beter kunnen worden uitgeoefend. Zo dient meer rekening te worden gehouden met de specifieke integratieproblemen van personen die internationale bescherming genieten. Zij kunnen bijvoorbeeld geen bewijsstukken van hun diploma's en beroepskwalificaties opvragen bij de nationale instanties van hun eigen land. Het voorstel probeert een oplossing te bieden voor dergelijke praktische problemen, door het eenvoudiger te maken beroepskwalificaties te laten erkennen, een beroepsopleiding te volgen en gebruik te maken van integratievoorzieningen.

De richtlijn betreffende asielprocedures

Het voorstel moet met name:

  • een enkele procedure invoeren door een vereenvoudiging en rationalisering van asielprocedures en een terugdringing van de administratieve lasten voor de lidstaten;

  • de toegang tot onderzoeksprocedures vergemakkelijken. Personen die een verzoek om internationale bescherming willen indienen, moeten reeds bij of onmiddellijk na hun binnenkomst op het grondgebied relevante informatie en advies krijgen. Voor grenswachters, politiebeambten en andere asielambtenaren die het eerst in contact komen met personen die bescherming zoeken, zal het duidelijker zijn hoe zij hen moeten behandelen;

  • de behandeling van verzoeken doeltreffender maken. Een belangrijke maatregel is de invoering van een algemene termijn van zes maanden waarbinnen de procedures in eerste aanleg moeten zijn afgerond. Het voorstel voorziet in een overgangsperiode van drie jaar om de lidstaten in staat te stellen deze termijn toe te passen. Ook procedurele begrippen en instrumenten worden vereenvoudigd en verduidelijkt, zoals het begrip "veilig land van herkomst", de verplichting voor asielzoekers om met de nationale autoriteiten samen te werken of versnelde procedures. De wijzigingen moeten er ook voor zorgen dat de personen die werkelijk bescherming behoeven daartoe sneller toegang krijgen;

  • de kwaliteit van asielbeslissingen verbeteren. De procedurele waarborgen worden versterkt, met name voor kwetsbare personen zoals slachtoffers van foltering of niet‑begeleide kinderen. Het personeel dat asielverzoeken behandelt, zal over de nodige deskundigheid moeten beschikken;

  • ervoor zorgen dat asielzoekers toegang hebben tot een daadwerkelijk rechtsmiddel conform de communautaire en internationale verplichtingen van de lidstaten. In het voorstel wordt duidelijk vermeld dat rechterlijke instanties zowel de feitelijke als de juridische gronden van in eerste aanleg genomen beslissingen moeten toetsen. Het voorstel bevat ook duidelijke regels inzake de opschortende werking van beroepsprocedures. De wijzigingen liggen in de lijn van ontwikkelingen in de rechtspraak betreffende het recht van verweer, het beginsel van gelijkheid van wapens en het recht op een effectieve rechterlijke bescherming.

http://www.ec.europa.eu/commission_barroso/barrot/welcome/default_en.htm

1 :

COM(2008) 360.


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website