Navigation path

Left navigation

Additional tools

IP/08/313

Brussel, 27 februari 2008

Staatsinvesteringsfondsen en financiële stabiliteit: voorstellen van de Commissie aan de Europese Raad

Vandaag is de Europese Commissie gekomen met een mededeling over staatsinvesteringsfondsen en een mededeling over een aanpassing van de Europese en mondiale financiële systemen om de financiële stabiliteit te bevorderen. Deze mededelingen vormen de inbreng van de Commissie in het overleg van de EU-leiders over deze zaken tijdens hun voorjaarsbijeenkomst op 13 en 14 maart. Wat betreft staatsinvesteringsfondsen, stelt de Commissie de EU-leiders een gemeenschappelijke EU-aanpak voor om de transparantie, voorspelbaarheid en verantwoordingsplicht van deze fondsen te vergroten. Met zo´n aanpak zal Europa een duidelijker stempel drukken op het internationale overleg over een gedragscode met daarin onder meer normen voor transparantie en governance. Wat de financiële stabiliteit betreft, wil de Commissie dat de Europese Raad de uitgangspunten bekrachtigt waardoor de EU zich zal laten leiden bij haar inspanningen om de transparantie op de financiële markt te vergroten en het prudentiële toezicht en het risicobeheer te versterken. Voorts moet de Europese Raad de grote lijnen uitzetten voor de vereiste maatregelen.

De voorzitter van de Commissie, José Manuel Barroso, zei hierover: "Europa moet open blijven voor investeerders van buitenaf, daarover bestaat geen twijfel. Een staatsinvesteringsfonds is geen boze wolf die op de deur klopt. Dergelijke fondsen voorzien de financiële markten van vers kapitaal en zijn daarmee een stabiliserende factor. Ze kunnen betrouwbare kapitaalverstrekkers zijn voor ondernemingen die behoefte hebben aan langetermijninvesteringen. Daarom moet er een mondiale vrijwillige gedragscode komen. De mededeling van vandaag is onze inbreng in de discussie daarover. Voorkomen moet worden dat onduidelijk blijft hoe staatsinvesteringsfondsen opereren, of dat ze gebruikt worden voor niet-commerciële doeleinden. De EU-lidstaten moeten met een gemeenschappelijke aanpak komen. Als elke lidstaat op zijn eigen manier reageert, kan de interne markt versnipperd raken. Ik heb al duidelijk gemaakt dat we eventueel toch met Europese wetgeving komen als op vrijwillige basis niets bereikt wordt. Wat de internationale financiële markten betreft, vragen we de EU-leiders duidelijk te maken dat de Europese landen gezamenlijk iets gaan doen aan de zwakke punten die tijdens de recente onrust aan het licht zijn gekomen."

Staatsinvesteringsfondsen

In de mededeling van de Commissie over staatsinvesteringsfondsen wordt de EU-leiders een evenwichtige en evenredige gezamenlijke EU-aanpak voorgesteld om legitieme beleidsdoelstellingen te beschermen zonder in de val van protectionisme te lopen.

Het is de bedoeling dat het investeringsklimaat open blijft, maar dat de investeringen van de fondsen een transparanter en voorspelbaarder karakter krijgen en daarbij meer verantwoording wordt afgelegd. Daarvoor is het nodig dat grotere duidelijkheid wordt verkregen over en inzicht wordt verkregen in hun governance en dat zij de markten betere informatie verstrekken over hun omvang, investeringsdoelstellingen, strategieën en over de herkomst van hun middelen.

De EU moet een drijvende kracht worden achter het internationale werk op dit gebied. In oktober 2007 hebben de ministers van Financiën van de G-7 internationale organisaties, en met name het IMF en de OESO, verzocht zich te bezinnen op de rol van staatsinvesteringsfondsen. Het IMF werkt momenteel samen met de eigenaars van deze fondsen aan een gedragscode. De OESO brengt de best practices in kaart voor de landen waar de fondsen investeren. De gemeenschappelijke aanpak die in de mededeling uiteen wordt bepleit, moet de inbreng van de EU op dit internationale podium worden.

De mededeling noemt vijf uitgangspunten:

  • het investeringsklimaat moet open blijven, zowel in de EU als elders, en dus ook in de landen waaruit de fondsen afkomstig zijn;
  • multilaterale werkzaamheden in internationale organisaties zoals het IMF en de OESO, worden gesteund;
  • er wordt gebruikgemaakt van bestaande nationale en EU-instrumenten;
  • het EG-Verdrag en internationale verplichtingen (bijvoorbeeld de verplichtingen in het kader van de WTO) worden nageleefd;
  • evenredigheid en transparantie.

Verder worden in de mededeling een aantal essentiële governance- en transparantienormen genoemd die opgenomen moeten worden in een internationaal vast te stellen vrijwillige gedragscode voor staatsinvesteringsfondsen en die aansluiten bij de lopende werkzaamheden van het IMF. Een internationale vrijwillige gedragscode is het meest effectieve en evenredige instrument om te voorkomen dat staatsinvesteringsfondsen met hun transacties de werking van de markteconomie kunnen verstoren.

Bezorgdheid bestaat onder meer over de ondoorzichtige werkwijze van een aantal staatsinvesteringsfondsen, die niet bekendmaken wat de waarde van hun activa is, wat de investeringsdoelstellingen zijn en wat voor risicobeheersystemen ze hebben. Verder wordt gevreesd dat eigenaars van staatsinvesteringsfondsen deze fondsen kunnen gebruiken voor strategische belangen, en niet gewoon voor commerciële doeleinden. Daarmee verstoren ze de markten en kan de veiligheid in de EU en haar lidstaten in het gedrang komen.

Met de gemeenschappelijke aanpak die de Commissie voorstelt, worden ongecoördineerde, nationale reacties voorkomen. Die zouden alleen maar leiden tot een versnippering van de interne markt en schadelijk zijn voor de Europese economie als geheel. Ook is deze aanpak in het belang van het EU-handelsbeleid. Dit is er immers op gericht de markten van derde landen open te breken voor investeerders uit de EU. Dit zou alleen maar moeilijker worden als de EU de indruk zou wekken dat zij zelf onnodige belemmeringen in Europa opwerpt. De Commissie vraagt de Europese Raad in te stemmen met deze aanpak. Op basis daarvan kunnen de landen waarin staatsinvesteringsfondsen investeren, hun markt openhouden, investeringen toetsen aan duidelijke richtsnoeren en (het liefst voor eind 2008) samen met de eigenaars van staatsinvesteringsfondsen een gedragscode vaststellen.

Financiële stabiliteit

In oktober 2007 is de Raad (Ecofin) gekomen met een stappenplan om de financiële reglementering en het financiële toezicht in Europa en de wereld te verbeteren. Door de financiële onrust als gevolg van de crisis op de Amerikaanse markt voor risicovolle hypotheekleningen waren namelijk bepaalde lacunes aan het licht gekomen. Het stappenplan heeft vier pijlers: vergroting van de transparantie, een betere waardering van financiële producten, aanscherping van de prudentiële regelgeving en een betere werking van de markten.

In haar mededeling van vandaag over de financiële stabiliteit vraagt de Commissie de EU-leiders om op dit stappenplan voort te bouwen en nog een stap verder te gaan door zich te scharen achter de uitgangspunten waardoor de EU zich intern en in internationale fora zal laten leiden: de afzonderlijke financiële instellingen en investeerders moeten primair verantwoordelijk blijven voor het risicobeheer, de nationale toezicht- en reglementeringskaders moeten gelijke tred kunnen houden met de snelle veranderingen en innovaties van financiële producten en de samenwerking tussen EU-toezichthouders moet worden geïntensiveerd.

Ook wil de Commissie dat de Europese Raad een reeks lijnen uitzet die bij het interne beleid en in internationale fora gevolgd moeten worden:

  • de informatie van ratingbureaus moet verbeteren. Als de bureaus niet zelf actie ondernemen, moet worden ingegrepen;
  • de financiële verslagleggings- en waarderingsregels moeten zodanig worden aangepast dat iedereen kan achterhalen welke vorderingen banken en andere financiële instellingen hebben op vehikels die niet op de balans staan;
  • financiële instellingen moeten al hun verliezen snel bekendmaken;
  • de systemen voor vroegtijdige waarschuwing inzake de financiële stabiliteit moeten verbeteren;
  • financiële toezichthouders moeten in EU-verband effectiever samenwerken en er moet streng en effectief toezicht worden gehouden op internationale groepen;
  • er moet gewerkt worden aan een gemeenschappelijk toetsingskader voor de systeemgevolgen van een mogelijke crisis.

De Commissie wenst een politiek akkoord met de Raad en het Europees Parlement om nog voor april 2009 met de nodige wetgevingswijzigingen te kunnen komen.

In de mededeling wordt benadrukt dat dringend actie nodig is op de bovengenoemde gebieden, maar dat dit niet wegneemt dat de Europese economie de financiële onrust, de vertraging in Amerika en de hoge energie- en grondstoffenprijzen relatief goed heeft weten op te vangen. De EU-groei komt in de recente voorlopige economische prognoses van de Commissie ondanks een geringe neerwaartse bijstelling ervan nog altijd uit op 2%. Dankzij de hervormingen in het kader van de Lissabon-strategie voor groei en werkgelegenheid zijn de Europese economieën veerkrachtiger geworden. De volgende cyclus van de strategie, waarmee de Europese Raad waarschijnlijk zal instemmen, zal een nog betere bescherming bieden, mocht in de toekomst weer onrust op de internationale markten uitbreken.

Meer informatie over de mededelingen is te vinden in de MEMO´s 08/123 en 08/126. De mededelingen zelf zullen zo spoedig mogelijk op internet worden gepubliceerd onder: http://ec.europa.eu/commission_barroso/president/index_en.htm.


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website