Navigation path

Left navigation

Additional tools

Commissie leidt inbreukprocedure in tegen negen lidstaten wegens niet omzetting van nieuwe privacyregels voor digitale netwerken en diensten

European Commission - IP/03/1663   05/12/2003

Other available languages: EN FR DE SV PT FI EL

IP/03/1663

Brussel, 5 december 2003

Commissie leidt inbreukprocedure in tegen negen lidstaten wegens niet omzetting van nieuwe privacyregels voor digitale netwerken en diensten

Nadat de termijn voor omzetting van de richtlijn betreffende privacy en elektronische communicatie in nationaal recht op 31 oktober 2003 was verlopen, heeft de Commissie inbreukprocedures ingeleid tegen België, Duitsland, Griekenland, Frankrijk, Luxemburg, Nederland, Portugal, Finland en Zweden omdat ze nog geen omzettingsmaatregelen hadden aangemeld.

"De e-Privacy-richtlijn is een essentieel element in het nieuwe regelgevingskader inzake elektronische communicatie. De lidstaten moeten dringend een consistente wetgevende aanpak hanteren voor zaken als ongewenste post ('spam'), het gebruik van locatiegegevens of 'cookies'. Zo wordt het consumentenvertrouwen in e-commerce en elektronische diensten groter, een voorwaarde voor duurzame groei in de sector," zei Erkki Liikanen, Commissaris voor Ondernemingen en Informatiemaatschappij. "Ik spoor de lidstaten die deze richtlijn nog niet hebben omgezet aan om dit zo snel mogelijk te doen."

De richtlijn betreffende privacy en elektronische communicatie (e-Privacy-richtlijn), is in juli 2002 door het Europees Parlement en de Raad vastgesteld als aanvulling op het nieuwe regelgevingskader voor elektronische communicatie(1). De richtlijn legt voor de gehele EU geldende regels vast inzake de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en persoonsgegevens bij mobiele en vaste communicatie en op het internet. Zo verbiedt de richtlijn bijvoorbeeld ongewenste post binnen de EU en bepaalt ze ook de specifieke voorwaarden voor het gebruik van locatiegegevens afkomstig van mobiele telefoons of voor de installatie van zogeheten "cookies" op PC's (zie IP/03/1492).

De richtlijn moest uiterlijk op 31 oktober 2003 in nationaal recht zijn omgezet. Op die datum hadden slechts zes landen omzettingsmaatregelen genomen. Sindsdien heeft ook Ierland de nodige maatregelen genomen. De Commissie heeft een schriftelijke aanmaning, de eerste fase van de inbreukprocedure, doen toekomen aan de volgende lidstaten: België, Duitsland, Griekenland, Frankrijk, Luxemburg, Nederland, Portugal, Finland en Zweden. In het geval van Zweden gaat het enkel om artikel 13 van de richtlijn (inzake ongewenste communicatie), aangezien de rest van de richtlijn wel was opgenomen in de omzettingsmaatregelen, waarvan tijdig kennisgeving is gedaan. De lidstaten worden verzocht binnen twee maanden te reageren.

Op het belang van een volledige, doeltreffende en tijdige tenuitvoerlegging van het nieuwe regelgevingskader voor elektronische communicatie is door de Commissie gewezen in haar mededeling "Elektronische communicatie:

De weg naar de kenniseconomie"(2). Dit standpunt kreeg de volledige steun van zowel de Europese Raad van dit voorjaar als de daaropvolgende Telecomraad in maart 2003. Op 18 november 2003 vroeg het Europees Parlement dat de inbreukprocedures tegen de lidstaten die het nieuwe regelgevingspakket nog niet in hun wetgeving hadden omgezet, zo snel mogelijk zouden worden afgerond(3).

Achtergrondinformatie

Richtlijn 2002/58/EG betreffende privacy en elektronische communicatie (e-Privacy-richtlijn), die in juli 2002 door het Europees Parlement en de Raad is vastgesteld, legt EU-regels vast voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en persoonsgegevens in elektronische communicatie. Deze richtlijn moest ten laatste op 31 oktober 2003 in nationaal recht zijn omgezet en vervangt de vorige richtlijn betreffende gegevensbescherming in de telecommunicatiesector (Richtlijn 97/66/EG).

In de e-Privacy-richtlijn staan voorschriften inzake de veiligheid van netwerken en diensten, het vertrouwelijk karakter van de communicatie, toegang tot informatie op eindapparatuur, verwerking van verkeers- en locatiegegevens, identificatie van de oproepende lijn, openbare abonneelijsten en ongewenste commerciële communicatie. De richtlijn bevat geen wettelijk afdwingbare voorschriften die het instellen van nationale maatregelen omtrent de noodzaak tot het bewaren van verkeers- of locatiegegevens voor ordehandhaving toestaat of verbiedt, aangezien dit niet tot de werkingssfeer ervan behoort.

Achtergrondinformatie over de nieuwe regels inzake bescherming van de persoonlijke levenssfeer en persoonsgegevens is beschikbaar op de Europa-website van de Commissie.

Deze richtlijn maakt deel uit van een nieuw, ruimer regelgevingspakket dat bedoeld is om een meer concurrerende markt te creëren op basis van het op elkaar afstemmen van elektronische communicatietechnologieën. De richtlijnen die uit hoofde van artikel 95 van het Verdrag zijn vastgesteld, moesten vóór 24 juli 2003 in nationaal recht zijn omgezet. De Commissie volgt het omzettingsproces op de voet en heeft al inbreukprocedures ingeleid tegen de lidstaten die de kaderrichtlijn en de machtigings-, toegangs- en universele-dienstrichtlijnen niet tijdig in hun wetgeving hebben omgezet (zie IP/03/1356).

Krachtens artikel 226 van het Verdrag zijn schriftelijke aanmaningen de eerste fase van de inbreukprocedure. Hierin worden de lidstaten verzocht om binnen twee maanden op de opmerkingen van de Commissie te reageren.

Het negende tenuitvoerleggingsverslag van de Commissie(4) geeft de stand van zaken weer met betrekking tot de omzetting van het nieuwe regelgevingskader voor elektronische communicatie in de lidstaten en geeft aan welke belangrijke elementen nog moeten worden omgezet. Bovendien geeft het verslag een overzicht van de marktontwikkelingen (zie IP/03/1572).

Zie ook:

Achtergrondinformatie over de nieuwe regels betreffende bescherming van persoonlijke levenssfeer en persoonsgegevens:

http://ec.europa.eu/information_society/topics/ecomm/all_about/todays_framework/privacy_protection/index_en.htm

De richtlijn:

http://ec.europa.eu/information_society/topics/telecoms/regulatory/new_rf/index_en.htm

(1) Richtlijn 2002/58/EG, PB L 201 van 31 juli 2002, blz. 37.

(2) COM(2003) 65 van 11 februari 2003.

(3) Resolutie van het Europees Parlement inzake het Achtste verslag van de Commissie over de tenuitvoerlegging van het pakket telecommunicatieregelgeving, aangenomen op 18 november 2003, A5-0376/2003.

(4) Verslag van de Commissie over de tenuitvoerlegging van het pakket elektronische communicatieregelgeving - Europese elektronische communicatieverordening en markten 2003, COM(2003) 715 van 19 november 2003.


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website