Navigation path

Left navigation

Additional tools

Other available languages: EN FR DE ES IT SV

IP/02/1744

Brussel, 27 november 2002

De Commissie legt vier ondernemingen een zware sanctie op wegens hun deelname aan een gipsplaatkartel

De Europese Commissie heeft vandaag een geldboete voor een totaalbedrag van 478 miljoen EUR opgelegd aan vier ondernemingen, omdat zij gedurende lange tijd een kartel hebben georganiseerd op de markt voor gipsplaten, een product dat veel wordt gebruikt in de bouwsector en welbekend is bij doe-het-zelvers. De betrokken markt, die in 1997 (het laatste volledige jaar waarin de inbreuk plaatshad) een omzet van meer dan 1,2 miljard vertegenwoordigde, is uit het oogpunt van de waarde de belangrijkste van de voorbije tien jaar waarop een kartelbeschikking van de Commissie betrekking heeft. Het kartel heeft ook gevolgen gehad voor 80% van de consumenten van de Europese Unie, met name in Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en de Benelux. Voor twee van de betrokken ondernemingen, Lafarge en BBP, ging het niet om de eerste schending van het Europese mededingingsrecht, aangezien zij reeds een eerste keer een sanctie kregen opgelegd in 1994. "De bouwsector is de polsslag van de economie. De omvang van de geldboete is een afspiegeling van de omvang van de markt, van de gevolgen van het onrechtmatige kartel voor de consument en van het feit dat er sprake is van herhaling van de concurrentiebeperkende gedragingen van twee van de ondernemingen. De Commissie besteedt bij de bestrijding van kartels bij voorrang aandacht aan de belangrijke sectoren van de Europese economie, waarin haar optreden rechtstreeks kan bijdragen tot de verbetering van het welzijn van de consument, zoals hier het geval is.", onderstreepte Mario Monti, die binnen de Commissie bevoegd is voor concurrentie, bij deze gelegenheid.

Na een grondig onderzoek tijdens hetwelk de Commissie verrassingsinspecties heeft uitgevoerd in 1998, heeft de Commissie geconcludeerd dat de ondernemingen BPB PLC (Verenigd Koninkrijk), Gebrüder Knauf Westdeutsche Gipswerke KG (Duitsland) en de Société Lafarge SA (Frankrijk) tussen 1992 en 1998 hebben deelgenomen aan een gipsplaatkartel in het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Frankrijk en de Beneluxlanden. Gyproc Benelux SA/NV (België) heeft zich in 1996 bij dit kartel aangesloten.

Gipsplaat is een fabrikaat dat meestal bestaat uit een laag gips tussen twee vellen papier en dat als geprefabriceerd bouwmateriaal of rechtstreeks door doe-het-zelvers wordt gebruikt.

De ondernemingen waarop de beschikking betrekking heeft, produceren vrijwel de totale hoeveelheid platen in de betrokken landen, waar de naam van de producten in sommige gevallen de waarde van een eigennaam heeft gekregen ("gyproc" in België, "placoplâtre" in Frankrijk) en waar de naam van de ondernemingen door de consumenten zeer duidelijk als een merknaam wordt beschouwd (Rigips/BPB of Knauf in Duitsland, Lafarge in Frankrijk).

Het kartel begon met een bijeenkomst te Londen begin 1992 tijdens welke de vertegenwoordigers van BPB en Knauf beslisten een einde te maken aan wat zij de "prijzenoorlog" noemden, en uitdrukking gaven aan de gemeenschappelijke wil om de concurrentie te beperken tot een niveau dat in overeenstemming was met hun belang op de Duitse, de Franse, de Britse en de Beneluxmarkt. De jaren voordien was de prijs van gipsplaten sterk gedaald als gevolg van de hevige concurrentie, die rechtstreeks ten goede kwam aan de consumenten.

Na de bijeenkomst van Londen werd een heimelijk informatie-uitwisselingssysteem opgezet, dat ten doel had toe te zien op de ontwikkeling van de markt en een te agressieve concurrentie te voorkomen. Lafarge, en vervolgens Gyproc, zijn respectievelijk medio 1992 en in juni 1996 tot dit systeem toegetreden.

Uit de door de Commissie bijeengebrachte informatie blijkt met name dat BPB, Knauf en Lafarge elkaar herhaaldelijk en op hoog niveau op de hoogte hebben gebracht van hun verkoopvolumes, teneinde elkaar te garanderen dat de prijzenoorlog was geëindigd. Voorts hebben zij elkaar verscheidene keren vooraf op de hoogte gebracht van prijsverhogingen.

De vertegenwoordigers op hoog niveau zijn ook in 1996, ter gelegenheid van een vakcongres, bijeengekomen in een hotel te Versailles, teneinde een nieuwe prijzenoorlog in Duitsland te voorkomen in het midden van de jaren negentig, toen de vier ondernemingen hun productiecapaciteit in Duitsland tegelijkertijd verhoogden en de invoer uit Oost-Europa, en met name Polen, toenam. Daarna hadden bijeenkomsten plaats in Brussel, in 1997, en in Den Haag, in 1998, teneinde de Duitse markt onderling te verdelen of althans hun aandelen op deze markt te stabiliseren.

Deze bijeenkomsten op hoog niveau werden bij verschillende gelegenheden op een lager niveau gevolgd door overleg tussen BPB, Knauf, Lafarge en Gyproc over de toepassing van prijsverhogingen op de Duitse markt in de periode 1996-1998. Aan dit overleg werd concrete vorm gegeven door besprekingen ter gelegenheid van vakbijeenkomsten, door de toezending aan de concurrenten van brieven waarin prijsverhogingen aan de klanten werden aangekondigd, of zelfs door het sturen van de aan het commerciële personeel gegeven instructies naar het privé-adres van de managers van de Duitse dochterondernemingen.

Deze gedragingen vormen overeenkomstig artikel 81 van het EG-Verdrag een zeer ernstige inbreuk op de mededingingsregels.

Bedrag van de afzonderlijke geldboeten

De Commissie heeft bijgevolg besloten de volgende geldboeten op te leggen (in miljoen EUR):

  • Lafarge: 249.60

  • BPB: 138.60

  • Knauf : 85.80

  • Gyproc Benelux : 4.32

Het bedrag van de geldboeten wordt verklaard door de hoge waarde van de markt voor gipsplaten, die in 1997, het laatste volledige jaar waarin de inbreuk plaatshad, meer bedroeg dan 1.200 miljoen, en door de lange duur van het kartel - meer dan zes en een half jaar.

In het geval van Lafarge heeft de Commissie, teneinde een werkelijk afschrikkende werking te garanderen, tevens rekening gehouden met de totale omvang van deze onderneming, welke die van de andere ondernemingen ver overschrijdt. Lafarge is de belangrijkste cementonderneming ter wereld en haar omzet ligt vijf keer hoger dan die van BPB of Knauf. Gyproc is nog veel kleiner.

Voorts heeft de Commissie voor BPB en Lafarge ook het feit dat beide ondernemingen reeds een dergelijke inbreuk hadden gepleegd, als verzwarende omstandigheid in aanmerking genomen. Lafarge kreeg in 1994 een geldboete opgelegd in het kader van het cementkartel en BPB was, via haar BPB-filiaal De Eendracht, een van de adressaten van de kartonbeschikking, eveneens in 1994. Dat wil zeggen dat de twee ondernemingen op het ogenblik waarop deze beschikkingen te hunner kennis werden gebracht, aan een ander kartel deelnamen en dat zij daarmee zijn doorgegaan.

Ten slotte moet worden onderstreept dat er geen factoren aanwezig waren die tot een vermindering van de aan Knauf en Lafarge opgelegde boete hadden kunnen leiden. In tegenstelling tot BPB en Gyproc hebben deze beide ondernemingen immers niet meegewerkt aan het onderzoek van de Commissie. Volgens de clementiebeleid dat in 1996 werd ingevoerd (zie hierna), kan de Commissie, zelfs in geval van herhaalde inbreuken, een vermindering van de boete toestaan, maar daarvoor is het nodig dat de ondernemingen hun medewerking verlenen bij het aan het licht brengen van het kartel.

Verloop van het onderzoek

Het onderzoek van de Commissie is in november 1998 begonnen met verificaties in de bedrijfslokalen van verscheidene producenten. Naar aanleiding van deze verificaties en van de in 1999 en 2000 tot de ondernemingen gerichte verzoeken om informatie, hebben BPB en Gyproc Benelux hun medewerking verleend aan het onderzoek en bepaalde bewijsstukken verstrekt.

In april 2001 richtte de Commissie een mededeling van punten van bezwaar aan de vier ondernemingen en aan Etex SA, een Belgische financiële holding waartegen het onderzoek eveneens liep, maar ten aanzien waarvan de Commissie de procedure vandaag beëindigt.

Etex heeft een belang van 54% in Gyproc Benelux, de andere moedermaatschappij van deze onderneming - BPB - een van 46%. De Commissie heeft niettemin geconcludeerd dat er niet voldoende elementen aanwezig zijn om te bewijzen dat Etex aan de inbreuk heeft deelgenomen of om haar verantwoordelijk te houden voor de gedragingen van Gyproc.

Berekening van de geldboeten

Bij de berekening van de geldboeten in geval van kartelvorming houdt de Commissie rekening met de zwaarte van de inbreuk, de duur ervan en het bestaan van eventuele verzwarende of verzachtende omstandigheden. Voorts houdt zij rekening met het aandeel dat de onderneming heeft in de betrokken markt en met haar totale omvang, teneinde ervoor te zorgen dat de strafmaatregel een afspiegeling is van de deelneming van elke onderneming aan de inbreuk en van haar vermogen de andere marktdeelnemers, in het bijzonder de consumenten, nadeel te berokkenen, en teneinde te garanderen dat de boete een afschrikkende werking heeft. De boete wordt bijgevolg niet in de eerste plaats in verhouding tot de omzet van de onderneming vastgesteld, hoewel zij, overeenkomstig de ter zake geldende wetgeving, nooit meer kan bedragen dan 10% van de jaaromzet van de onderneming.

De aldus vastgestelde boeten kunnen worden verlaagd om rekening te houden met de medewerking die de ondernemingen de Commissie in de loop van het onderzoek hebben verleend, in overeenstemming met het beleid van de Commissie betreffende het niet-opleggen of de vermindering van boeten in geval van kartelvorming.

Zo heeft de Commissie een vermindering van de geldboete met 30 % toegestaan aan BPB en met 40% aan Gyproc, omdat deze ondernemingen haar - vóór de verzending van de mededeling van punten van bezwaar - inlichtingen hebben verstrekt waarmee haar informatie over de onwettige praktijk kon worden vervolledigd. Knauf en Lafarge daarentegen hebben geen medewerking verleend bij het onderzoek van de Commissie en hebben bijgevolg geen vermindering van de geldboete verkregen.

Er zij op gewezen dat in februari 2002 een nieuwe mededeling over de "clementieregeling" is goedgekeurd, maar dat in dit geval de oude bepalingen van toepassing zijn (mededeling van 18 juli 1996). De samenwerking heeft immers plaatsgehad vóór februari 2002. Voor meer informatie over de nieuwe mededeling van 2002, zie

http://europa.eu.int/comm/competition/antitrust/leniency

Algemene informatie

De ondernemingen beschikken over drie maanden om de geldboete te betalen. Geldboeten worden, zodra zij definitief zijn geworden, opgenomen in de algemene begroting van de Europese Unie. Aangezien de totale begroting van de Unie van tevoren is vastgesteld, worden onvoorziene ontvangsten afgetrokken van de bijdragen van de lidstaten aan de communautaire begroting, hetgeen uiteindelijk aan de Europese belastingbetaler ten goede komt.

Het totaalbedrag van de geldboeten die vandaag in de zaak gipsplaten zijn opgelegd, is het op één na hoogste dat ooit door de Commissie is opgelegd, na dat in de zaak van de vitaminekartels (855 miljoen EUR in december 2001). De aan Lafarge opgelegde boete is ook de op derde na hoogste die ooit in een zaak aan één enkele onderneming is opgelegd.

De beschikking van vandaag is voorts de zesde kartelbeschikking sinds het begin van het jaar. De andere zaken hadden betrekking op de Oostenrijkste banken (IP/02/844), methionine (IP/02/976), industriële gassen (IP/02/1139) en de veilinghuizen Christie's en Sotheby's (IP/02/1585), alsmede de beschikking van vandaag over methylglucamine (IP/02/1746).

In 2001 heeft de Commissie tien kartelbeschikkingen gegeven, in het kader waarvan aan 56 ondernemingen strafmaatregelen werden opgelegd voor een totaalbedrag aan boeten van 1 836 miljoen EUR.

Kartelzaken die tot het hoogste totaalbedrag aan boeten hebben geleid:

Jaar

ZaakTotaalbedrag per zaak (miljoen EUR)
2001Vitamines855,23
2002Gipsplaat478.32
2001Zelfkopiërend papier313,69
1998TACA272,94
2001Grafietelektroden 218,8
2001Citroenzuur135,22
2002Methionine127
2002Club Lombard/ Oostenrijkse banken124,26
1994Karton*119,38
2000Lysine109,990

*boeten die werden verminderd bij arrest van het Gerecht van eerste aanleg of van het Hof van Justitie.

Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website