Navigation path

Left navigation

Additional tools

Interne markt: het scorebord wijst uit dat de lidstaten verschillend presteren

European Commission - IP/01/750   28/05/2001

Other available languages: EN FR DE DA ES IT SV PT FI EL

IP/01/750

Brussel, 28 mei 2001

Interne markt: het scorebord wijst uit dat de lidstaten verschillend presteren

Uit de jongste uitgave van het Scorebord van de interne markt dat de Europese Commissie vandaag heeft gepubliceerd, blijkt dat de achterstand in de EU bij de omzetting van de internemarktrichtlijnen gemiddeld tot 2,5% is geslonken, tegenover 3% zes maanden geleden. Er zijn echter slechts drie lidstaten (Zweden, Denemarken en Finland) die voldoen aan het omzettingspercentage van 98,5% dat de Europese Raad in Stockholm als doel heeft gesteld. Sinds de publicatie van het vorige scorebord in november 2000 hebben Portugal en Luxemburg grote vooruitgang geboekt en zijn beide landen in de algemene rangschikking vier plaatsen opgeklommen. Zweden staat als eerste en is erin geslaagd zijn toch al kleine achterstand nog met de helft te verminderen tot 0,5%. Zorgwekkend is dat Oostenrijk en het Verenigd Koninkrijk, die al tot de landen met de grootste achterstand behoorden, verder achteruitgaan. Het scorebord neemt ook de milieurichtlijnen onder ogen, waar de gemiddelde achterstand met 7,1% alarmerend hoog ligt. Het aantal beweerde inbreuken op de internemarktregels blijft toenemen en bedraagt nu bijna 1 800, een stijging met 7% sinds november vorig jaar. Het scorebord bevat ook de resultaten van een prijsenquête over consumentenelektronica en verse levensmiddelen, waaruit blijkt dat er tussen de lidstaten nog steeds grote prijsverschillen bestaan.

Frits Bolkestein, Commissielid voor de interne markt, verheugde zich over de positieve trend bij de omzetting van de rechtlijnen: "Dit betekent dat onze benadering waarbij de slechte leerlingen bij naam worden genoemd, vruchten afwerpt. Ik wil in het bijzonder Zweden, Portugal en Luxemburg feliciteren die het de laatste zes maanden beter hebben gedaan dan alle andere landen. Maar er is niet alleen goed nieuws: sommige lidstaten, zoals het Verenigd Koninkrijk en Oostenrijk, lijken minder gemotiveerd en lopen zelfs nog meer achterstand op. Als Griekenland, Frankrijk, Ierland, het Verenigd Koninkrijk, Oostenrijk en Duitsland geen grote extra inspanningen leveren, bestaat het gevaar dat zij het door de Europese Raad gestelde doel van 98,5% omgezette richtlijnen tegen de Europese Raad van Barcelona in maart 2002 niet halen."

De interne markt speelt een sleutelrol voor het bereiken van de EU-doelstelling om tegen 2010 de meest dynamische economie ter wereld te worden. Zij biedt de EU-burgers een ruimere keuze aan kwaliteitsgoederen en -diensten en een grotere vrijheid om in andere EU-landen te reizen, te werken, te studeren en te wonen en zij biedt ook onze bedrijven grotere handelsmogelijkheden.

Maar de mogelijkheden van de interne markt kunnen alleen ten volle worden benut indien de lidstaten goedgekeurde richtlijnen ook daadwerkelijk omzetten. Het Scorebord van de interne markt blijft op de lidstaten druk uitoefenen door hun prestaties bij de omzetting van deze wetgeving met die van de andere lidstaten te vergelijken. Deze aanpak heeft tot resultaten geleid aangezien de gemiddelde EU-achterstand voortdurend is gedaald, van 6,3% in 1997 tot 2,5% nu.

Omzetting van de internemarktrichtlijnen door de lidstaten

De meeste lidstaten hebben de laatste zes maanden goede vooruitgang geboekt. Met name Zweden, Portugal en Luxemburg hebben hun achterstand sinds het laatste scorebord in november 2000 sterk verminderd. Griekenland en Frankrijk zijn er ook redelijk op vooruitgegaan en hebben hun achterstand met ongeveer eenvierde verminderd, hoewel beide landen nog steeds achteraan in de rangschikking staan. Helaas is de situatie er in sommige lidstaten daarentegen op achteruitgegaan. Dit is vooral zorgwekkend in het geval van het Verenigd Koninkrijk en Oostenrijk, die nu nog verder van de beoogde 1,5% achterstand verwijderd zijn. Het feit dat Duitsland en Ierland slechts geringe vooruitgang hebben geboekt, is eveneens teleurstellend.

Achterstand bij de omzetting op 30 april 2001 (in %)

ELF IRLUKA DPIBLNLEFINDK S
4,83,53,33,33,22,82,72,62,42,02,01,81,41,20,5

Percentage verbetering sinds november 2000

UKEADKFINIRLDBINLFELLPS
-22-13-10-9-88101719202226383958

Als Griekenland, Frankrijk, Ierland, het Verenigd Koninkrijk, Oostenrijk en Duitsland niet beter presteren dan nu het geval is, zullen zij tegen de Europese Raad in het voorjaar 2002 het gestelde doel van een maximale achterstand van 1,5% niet halen. Frankrijk zou er tegen het huidige tempo tot 2003, Duitsland tot 2004 en Ierland tot 2006 over doen om de eindstreep te halen. En dit is zelfs nog een optimistisch scenario, daar het ervan uitgaat dat deze lidstaten alle toekomstige richtlijnen op tijd zullen omzetten.

Het omzettingsproces is een continu proces en talrijke nieuwe richtlijnen, of wijzigingen van bestaande richtlijnen, zullen tegen het voorjaar 2002 de door de Europese Raad gestelde termijn - omgezet moeten zijn. Om tegen de gestelde termijn volledig met de EU-wetgeving in orde te zijn zou Griekenland bijvoorbeeld in totaal 114 richtlijnen moeten omzetten en Frankrijk 92. De onderstaande laat zien hoeveel internemarktrichtlijnen elke lidstaat tegen het voorjaar 2002 nog moet omzetten om tegen dan ofwel de achterstand volledig weg te werken ofwel 1,5% achterstand te hebben.

B

DKDELEFIRLILNLAPFINSUK
Geen achterstand7961751145792848066688882603990
1,5% achterstand

57

3953923570625844466660381768

De interne markt blijft sterk versnipperd aangezien meer dan 11% van de wetgeving nog niet in alle lidstaten is omgezet. Daardoor worden de mogelijkheden van de interne markt om groei en werkgelegenheid te creëren, drastisch beknot. Dit percentage is sinds 1999 nauwelijks veranderd. Op het gebied van vervoer en overheidsopdrachten is meer dan 30% van de wetgeving nog niet in alle lidstaten omgezet.

De omzetting van de milieurichtlijnen die met de interne markt te maken hebben, laat veel te wensen over. Op dit gebied is de achterstand (7,1%) bijna drie keer zo groot als voor de wetgeving inzake de interne markt in haar geheel (2,5%). Duitsland, België en Spanje hebben een achterstand van meer dan 10%. Dit is geen goede prestatie, juist nu de Europese Raad van Göteborg zich opmaakt om een Europese strategie voor duurzame ontwikkeling goed te keuren.

Achterstand bij de omzetting van milieurichtlijnen

DBEELUKAPFDKILIRLNLFINS
12,210,210,29,29,28,28,27,16,16,16,15,15,122

Inbreuken

De Commissie behandelt momenteel 1 800 gevallen van inbreuken in verband met beweerde schendingen van de wetgeving inzake de interne markt. Dit aantal is tegenover november 2000 met 7% gestegen. Frankrijk, Italië en Spanje nemen het grootste deel van deze gevallen voor hun rekening. Het scorebord laat ook zien dat over zaken die bij het Hof van Justitie aanhangig worden gemaakt pas na vele jaren een uitspraak wordt gedaan. In ongeveer 80% van de zaken doet het Hof niet eerder een uitspraak dan drie jaar nadat een zaak is geopend. Uiteraard moeten de lidstaten inbreuken in ieder geval vermijden, maar als deze zich toch voordoen, zouden ze in een vroeg stadium moeten worden geregeld. Sommige lidstaten slagen er beter dan andere in om geschillen bij te leggen. Finland en Denemarken doen dat in meer dan de helft van de gevallen, terwijl Griekenland, Italië, België, Duitsland, Luxemburg en Nederland hier in minder dan eenderde van de gevallen in slagen.

Niet geregelde gevallen van inbreuken per lidstaat

FIEDELBIRLUKAPNLSFINDKL
2542512081851511231199390787046433735

Commissielid Bolkestein zei hierover: "Ik betreur dat het aantal gevallen van inbreuken in de interne markt blijft stijgen. Wanneer ondernemingen of burgers jaren moeten wachten alvorens een zaak is geregeld, lijdt de geloofwaardigheid van de interne markt en van de EU als zodanig daaronder. Het kan zijn dat een onderneming zelfs al niet meer bestaat tegen de tijd dat een zaak is geregeld of dat een burger het bijvoorbeeld opgegeven heeft om in een andere lidstaat als ingenieur of architect te willen werken. Ik dring er bij de lidstaten op aan om probleemgevallen in een vroeg stadium op te lossen en slepende zaken voor het Hof te vermijden. En dat niet alleen in het belang van goed bestuur, wat belangrijk is, maar ook van onze kleine ondernemingen en van onze burgers."

Normalisatie

Vele productrichtlijnen kunnen alleen maar goed werken als er geharmoniseerde normen zijn. Hoewel de Europese normalisatieorganisaties in de loop der jaren nuttige vooruitgang hebben geboekt, blijft de situatie in een aantal belangrijke industriesectoren onbevredigend. In de sector bouwproducten is bijvoorbeeld minder dan 10% van de normen goedgekeurd die voor de goede werking van de interne markt vereist zijn. In de sector werktuigbouw is minder dan de helft van de vereiste normen goedgekeurd. De Commissie heeft de laatste twaalf maanden via haar feedbackmechanisme voor het bedrijfsleven ongeveer 12 000 vragen ontvangen. Eenderde daarvan heeft betrekking op problemen met de technische harmonisatie.

Prijsconvergentie

Prijsvergelijkingen zijn goede graadmeters voor de economische integratie en de marktprestaties. Uit de prijsenquêtes van de Commissie voor consumentenelektronica en verse levensmiddelen blijkt dat er nog steeds grote prijsverschillen bestaan. De prijs voor een televisietoestel of een dvd-speler kan in een lidstaat soms tot 40% hoger liggen dan in een andere lidstaat. De levensmiddelenprijzen lopen nog meer uiteen en kunnen in een lidstaat zelfs drie keer zo hoog liggen als in een andere. Geen land is steeds het goedkoopst of het duurst. Bovendien liggen de prijzen niet noodzakelijkerwijs hoger in lidstaten met hoge inkomensniveaus. De uiteenlopende prijzen worden ook niet veroorzaakt door de verschillende BTW-tarieven. Er zou heel wat kunnen worden bespaard als meer concurrentie en marktintegratie de prijzen zodanig zouden drukken dat deze voor elk product de laagste prijs in de EU zo dicht mogelijk benaderden. Gemiddeld zouden de EU-consumenten ongeveer 12% op consumentenelektronica kunnen besparen. Voor nadere details over de prijsenquêtes verwijzen wij naar MEMO/01/196.

Commissielid Bolkestein merkte in dit verband op: "Wij moeten de oorzaken van deze grote prijsverschillen bepalen om te zien of het gaat om tekortkomingen in de concurrentie of om hinderpalen bij de distributie en de afzet, en wij moeten deze problemen dringend aanpakken. De Europese burgers hebben het recht om van de voordelen van concurrerende prijzen op de interne markt te profiteren."

Het laatste scorebord is beschikbaar op de website Europa:

http://ec.europa.eu/internal_market


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website