Chemin de navigation

Left navigation

Additional tools

“De lidstaten en de Commissie hebben niet genoeg gedaan om aan te tonen dat het budget van 100 miljard euro voor plattelandsontwikkeling goed is besteed”, aldus de EU‑controleurs

Cour des comptes - ECA/13/40   22/11/2013

Autres langues disponibles: FR EN DE DA ES IT SV PT FI EL CS ET HU LT LV MT PL SK SL BG RO HR


EUROPESE REKENKAMER

PERSBERICHT

ECA/13/40

Luxemburg, 22 november 2013

“De lidstaten en de Commissie hebben niet genoeg gedaan om aan te tonen dat het budget van 100 miljard euro voor plattelandsontwikkeling goed is besteed”, aldus de EU‑controleurs

Uit een verslag dat de Europese Rekenkamer (ERK) vandaag bekendmaakt, blijkt dat de bestaande toezicht- en evaluatieregelingen niet de nodige informatie hebben kunnen opleveren voor een gefundeerde besluitvorming over de meest doeltreffende en doelmatige maatregelen ter voorbereiding van het plattelandsontwikkelingsbeleid in de periode 2014-2020.

De EU heeft bijna 100 miljard euro toegekend om de doelstellingen inzake plattelandsontwikkeling in de financiële periode 2007-2013 te verwezenlijken. De lidstaten hebben ook 58 miljard euro aan nationale middelen uitgetrokken voor de cofinanciering van de programma's voor plattelandsontwikkeling (POP’s). De lidstaten ontwikkelen de POP’s. Nadat die programma’s door de Commissie zijn goedgekeurd, worden zij door de lidstaten uitgevoerd.

De lidstaten en de Commissie legden te zeer de nadruk op het besteden van de begroting voor plattelandsontwikkeling en te weinig op het doelmatig verwezenlijken van resultaten”, aldus Jan Kinšt, het ERK-lid dat verantwoordelijk is voor het verslag.

De Europese Raad heeft benadrukt dat elke euro uit de EU-begroting niet alleen correct, maar ook goed moet worden besteed. Uit de ERK-controle is echter gebleken dat de lidstaten weinig belang stelden in de resultaten die met hun POP’s werden behaald. De Commissie aanvaardde POP’s van lidstaten waarin de doelstellingen vaag en vrijblijvend waren geformuleerd, zonder specifiek te stellen welke doelen de programma’s dienen te behalen.

Tijdens deze controle ontdekten de EU-controleurs dat tekortkomingen op het gebied van toezicht en evaluatie door de lidstaten ertoe leidden dat de verstrekte informatie niet voldoende betrouwbaar, consistent en relevant was om de resultaten af te zetten tegen de gestelde doelen. De verslaglegging over de behaalde resultaten schoot tekort. En de Commissie en de lidstaten hebben de beschikbare informatie over de resultaten niet goed benut om de doeltreffendheid of de doelmatigheid van de bestedingen op het vlak van plattelandsontwikkeling te verbeteren.

Er kunnen – en moeten – verbeteringen worden aangebracht in het toezicht en de evaluatie tijdens de resterende looptijd van de huidige bestedingsperiode (tot einde 2015) om te waarborgen dat de EU-begroting goed wordt besteed. Bovendien biedt de komende programmeringsperiode 2014-2020 de Commissie en de lidstaten een kans om doeltreffendheid en doelmatigheid centraal te stellen in het nieuwe uitgavenbeleid en bijgevolg ook bij de selectie van de te financieren acties en projecten. In dat verband is het essentieel dat de doelen beter worden geformuleerd en dat het toezicht op en de evaluatie van resultaten worden geïntensiveerd. De EU-controleurs formuleren hiertoe enkele aanbevelingen in hun verslag.

Noot voor de redactie:

De speciale verslagen van de Europese Rekenkamer (ERK) worden gepubliceerd gedurende het hele jaar en geven de resultaten weer van geselecteerde controles van specifieke EU-begrotingsterreinen of beheersthema’s.

In dit speciaal verslag (SV nr. 12/2013), getiteld Kunnen de Commissie en de lidstaten aantonen dat het aan plattelandsontwikkelingsbeleid toegewezen EU-budget goed besteed is?”, onderzocht de ERK of er duidelijk is gesteld wat men met de middelen voor plattelandsontwikkeling wil bereiken, of er betrouwbare informatie bestaat die aantoont wat er met de uitgaven is verwezenlijkt en hoe doelmatig dat is gebeurd. Essentieel in dat verband is een toezicht- en evaluatiesysteem, ook bekend als het gemeenschappelijk toezicht- en evaluatiekader.

Het toezicht- en evaluatiesysteem moet informatie verstrekken over de vraag waar de bestedingen al dan niet doeltreffend en doelmatig zijn. Dergelijke informatie is nodig in het kader van de verantwoordingsplicht: om het Europees Parlement, de Raad en de burger te informeren over hetgeen de EU‑begroting heeft opgeleverd en om aan te tonen dat de middelen doelmatig en doeltreffend zijn ingezet, in overeenstemming met de beginselen van goed financieel beheer. Dankzij toezicht en evaluatie kunnen tevens zwakke punten worden opgespoord en veranderingen worden bewerkstelligd, zowel tijdens de zevenjarige programmeringsperiode als bij het ontwerpen van toekomstig beleid, wetgeving en uitgavenprogramma’s.

Uit de controle werd geconcludeerd dat de Commissie en de lidstaten niet voldoende hebben aangetoond wat er is bereikt op het gebied van de doelstellingen voor plattelandsontwikkelingsbeleid en dat de zekerheid ontbreekt dat het EU-budget voor plattelandsontwikkeling goed is besteed.

Op basis van haar bevindingen formuleert de ERK de volgende aanbevelingen:

  • de Commissie en de lidstaten moeten gebruikmaken van toezicht en evaluatie om zich meer te richten op het behalen van resultaten;

  • de Commissie en de lidstaten moeten nu actie ondernemen zodat de evaluaties achteraf van de programmeringsperiode 2007-2013, die in 2015 zullen plaatsvinden, kwalitatief hoogwaardige, vergelijkbare informatie opleveren;

  • de Commissie moet het ontwerp van het gemeenschappelijk toezicht- en evaluatiekader verbeteren om meer tijdige, relevante, betrouwbare en vergelijkbare informatie te genereren, met name over de doeltreffendheid en doelmatigheid van elke maatregel in het behalen van resultaten;

  • de lidstaten en de Commissie moeten ervoor zorgen dat de programma’s voor regionale ontwikkeling 2014-2020 een betere basis bieden voor een deugdelijk financieel beheer, met specifieke, meetbare doelstellingen en plannen voor toezicht en evaluatie van de doelmatigheid en doeltreffendheid van de programma's;

  • de lidstaten moeten doeltreffendheid en doelmatigheid integreren in de uitvoeringssystemen voor de POP's 2014-2020, waarbij de informatie die wordt verzameld voor de aanvraag-, selectie- en betaalprocedures opnieuw wordt gebruikt voor toezicht en evaluatie;

  • de lidstaten en de Commissie moeten hun verslaglegging over de met de EU-begroting behaalde resultaten verbeteren om beter verantwoording te kunnen afleggen. Dit moet een systematischer follow-up van de evaluatiebevindingen omvatten.

Aidas Palubinskas

Persvoorlichter Europese Rekenkamer

Kantoor: +352 4398 45410 Gsm: +352 621 552224

press@eca.europa.eu www.eca.europa.eu Twitter: @EUAuditorsECA


Side Bar

Mon compte

Gérez vos recherches et notifications par email


Aidez-nous à améliorer ce site