Navigation path

Left navigation

Additional tools


EUROPESE REKENKAMER

PERSBERICHT

ECA/13/27

Luxemburg, 19 september 2013

De EU‑steun voor bossen in particulier eigendom levert volgens EU‑controleurs geen tastbare resultaten op

Volgens een vandaag uitgebracht verslag van de Europese Rekenkamer (ERK) is de situatie in de bosbouwsector in de EU niet specifiek geanalyseerd om specifieke financiële steun ter verbetering van de economische waarde van bossen te onderbouwen. De lidstaten gebruikten de maatregel om acties te ondersteunen die niet overeenkwamen met de doelstellingen van het programma en die beter gefinancierd kunnen worden uit andere maatregelen met andere subsidiabiliteitsvoorwaarden en andere – doorgaans lagere – steunpercentages.

De specifieke Maatregel 122 “Verbetering van de economische waarde van bossen" werd voor het eerst geïntroduceerd voor de EU-begrotingsperiode 2007‑2013. De totale aan de maatregel toegewezen steun beliep in de periode 2007-2013 535 miljoen euro. De controle van de Rekenkamer bracht over de hele linie tekortkomingen aan het licht: het ontwerp, de uitvoering en de monitoring van de maatregel. De EU-controleurs concluderen dat de Commissie en de lidstaten de gecontroleerde aspecten van de steun voor de verbetering van de economische waarde van bossen niet efficiënt en doeltreffend beheerden. Aangezien wordt voorgesteld dat het steunprogramma voor de volgende begrotingsperiode 2014-2020 wordt gehandhaafd, heeft de Rekenkamer een aantal verbeteringen aanbevolen om ervoor te zorgen dat het programma EU-meerwaarde oplevert.

De Rekenkamer constateerde dat slechts een klein aantal van de gecontroleerde projecten een significanteverbetering van de economische waarde van bossen bewerkstelligde, door ofwel de waarde van de grond te verhogen (aanleg van bospaden en –wegen), ofwel de waarde van de bestanden (bosbouwkundige activiteiten zoals snoeien en uitdunnen). Er werden ook gevallen aangetroffen waarin de overheidssteun onevenredig hoog was.

Gezien de resultaten van het huidige programma beveelt de Rekenkamer aan dat de Commissie de maatregel grondig herziet door ten eerste te definiëren waar de economische waarde van bossen uit bestaat, en door te beoordelen wat de EU-behoeften zijn wat betreft ondersteuning van toenemende economische waarde, en daarnaast moet de Commissie duidelijk de essentiële kenmerken definiëren die ervoor kunnen zorgen dat de EU-steun op die behoeften wordt gericht. De ERK roept de lidstaten ook op om adequate procedures in te voeren om ervoor te zorgen dat de steun doeltreffend is in die zin dat de economische waarde van de bosgebieden waar de investeringen plaatsvinden er ook echt door toeneemt.

De Rekenkamer constateerde dat de lidstaten verzuimden de waarde van de bosgebieden voorafgaand aan en na afloop van de investeringen te bepalen, en zij verplichtten de begunstigden evenmin dit te doen; dit maakt het zeer lastig om vast te stellen of EU‑steun meerwaarde heeft opgeleverd.

Noot voor de redactie:

De speciale verslagen van de Europese Rekenkamer (ERK) worden gepubliceerd gedurende het hele jaar en geven de resultaten weer van geselecteerde controles van specifieke EU-begrotingsterreinen of beheersthema’s.

In dit speciaal verslag (SV 8/2013) getiteld ”Steun voor de verbetering van de economische waarde van bossen uit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling” heeft de ERK beoordeeld of plattelandsontwikkelingssteun voor de verbetering van de economische waarde van bossen doelmatig en doeltreffend wordt beheerd. De controle bestreek zowel de Commissie als geselecteerde lidstaten (Spanje (Galicië), Italië (Toscane), Hongarije, Oostenrijk en Slovenië) welke goed waren voor meer dan 50 % van de in totaal gedeclareerde uitgaven.

De controle van de Rekenkamer bracht tekortkomingen in het ontwerp van de maatregel aan het licht, die de succesvolle uitvoering ervan belemmeren: op het niveau van de Commissie was de situatie in de bosbouwsector in de EU niet specifiek geanalyseerd waarmee het voorstel voor specifieke financiële steun ter verbetering van de economische waarde van bossen van particuliere eigenaren of gemeenten had kunnen worden onderbouwd. Essentiële kenmerken van de maatregel werden bovendien niet beschreven in de wettelijke bepalingen, in het bijzonder de betekenis van de “economische waarde van bossen” en van een “bosbouwbedrijf”. Voorts loopt de door de lidstaten vastgestelde omvang van landbouwbedrijven waarboven een bosbeheersplan verplicht is nogal uiteen.

De Rekenkamer constateerde dat slechts een klein aantal een verbetering van de economische waarde van bossen verwezenlijkte, door ofwel de waarde van de grond te verhogen (aanleg van bospaden en –wegen) ofwel de waarde van de bestanden (bosbouwkundige activiteiten zoals snoeien en uitdunnen).

Gezien de resultaten van de huidige maatregel beveelt de Rekenkamer aan dat:

De Commissie moet: de EU-behoeften wat betreft het verbeteren van de economische waarde van bossen definiëren en beoordelen, en duidelijk de essentiële kenmerken definiëren die ervoor kunnen zorgen dat de EU steun op die behoeften wordt gericht, waardoor er een EU meerwaarde ontstaat.

De lidstaten moeten: in hun plattelandsontwikkelingsplannen een adequate beschrijving geven van de specifieke economische behoeften en kansen van de verschillende soorten bosgebieden en begunstigden, en het bosbeheer versterken door ervoor te zorgen dat voor het merendeel van de bosbedrijven bosbeheersplannen worden uitgewerkt alsmede door de certificering van bosgebieden te bevorderen; adequate voorschriften bepalen om ervoor te zorgen dat de steun voor bosbouw binnen het plattelandsontwikkelingsbeleid coherent is, strookt met de bepalingen voor staatssteun en de doeltreffendheid van het beleid optimaliseert; adequate procedures invoeren om ervoor te zorgen dat de steun doeltreffend is en de economische waarde van de bosgebieden waar de investeringen plaatsvinden ook echt verhoogt.

De Commissie moet haar monitoring van de maatregel verbeteren om ervoor te zorgen dat de lidstaten deze uitvoeren overeenkomstig de specifieke bepaalde doelstellingen. Dit betekent concreet dat de lidstaten de begunstigden moeten verplichten om informatie te verschaffen over de waarde van hun bosgebieden, zowel voorafgaand als na afloop van de gesteunde investeringen, en dat de beheersinstanties verplicht moeten worden om deze waarden te valideren.

Contact:

Aidas Palubinskas

Persvoorlichter Europese Rekenkamer

Kantoor: +352 4398 45410 GSM: +352 621 552224

press@eca.europa.eu www.eca.europa.eu Twitter: @EUAuditorsECA


Side Bar

My account

Manage your searches and email notifications


Help us improve our website