Hoe modern en succesvol Europese bedrijven ook zijn, gezien de snelle technologische veranderingen en de steeds sterkere internationale concurrentie mogen zij niet op hun lauweren rusten.
Het EU-ondernemingenbeleid moet ervoor zorgen dat zij hun rivalen het hoofd kunnen blijven bieden en nieuwe banen kunnen scheppen. Bij dat beleid gaat de aandacht vooral uit naar de behoeften van de industrie en kleine ondernemingen.
Ondanks de snelle groei van de dienstensector de voorbije decennia, blijft de industrie de hoeksteen van de Europese economie, goed voor zo'n 75% van alle EU-export.
Het EU-ondernemingenbeleid is vooral gericht op het scheppen van een gunstig klimaat voor investeringen, niet alleen voor strategisch belangrijke sectoren zoals de luchtvaart en de biotechnologie, maar ook voor meer traditionele sectoren zoals de textiel en de autobouw.

Hightech is essentieel voor de handel en de industrie
Groei kan de EU vooral scheppen in sectoren waar het op kennis en innovatie aankomt, maar die vergen een degelijk industrieel weefsel en middelen om nieuwe technologieën te laten renderen.
De EU moet de kloof tussen wetenschap en bedrijfsleven overbruggen zodat goede ideeën uit het laboratorium ook wereldwijde bestsellers worden.
Het Europees instituut voor innovatie en technologie
doet dit door “knowledge and innovation communities” te creëren: hechte publiek-private netwerken van universiteiten, onderzoeksinstituten en bedrijven van allerlei omvang.
Hoewel veel mensen bij "bedrijfsleven" aan de bekende multinationals denken, zijn in werkelijkheid bijna alle bedrijven in de EU (92%) kleine firma's met minder dan 10 personeelsleden.
Die kleine bedrijven zijn ook nog eens goed voor twee derde van alle arbeidsplaatsen in de EU. Daarom krijgen ze veel aandacht bij de EU-programma's en -subsidies voor ondernemingen, zoals:
Het doel is ondernemerschap en vaardigheden te promoten en, kleine ondernemingen meer afzetmogelijkheden en O&O-mogelijkheden te geven.
Kleine ondernemingen kunnen informatie en advies krijgen van het Enterprise Europe Network: zo'n 500, door de EU medegefinancierde centra in heel Europa.

Minder administratieve rompslomp staat hoog op de EU-agenda
Een van de geheimen van het succes van dit beleid is de EU-markt zonder grenzen, met name het vrij verkeer van goederen over de grenzen heen.
Voor bedrijven betekent dit toegang tot meer klanten en meer groeikansen, en tegelijkertijd meer concurrentie.
Er is echter nog veel werk aan de winkel om te beschermen wat is bereikt en te zorgen dat meer sectoren kunnen profiteren.
De EU-wetten achter de vrije markt moeten voortdurend bijgesteld worden om de technologische vooruitgang bij te houden en te voorkomen dat landen terugvallen in protectionisme.
Er is ook nog veel te doen aan de marktintegratie van essentiële ondersteunende diensten zoals communicatie, transport en energievoorziening. Concurrentie en lagere prijzen voor deze diensten leiden tot lagere prijzen van producten die het bedrijfsleven op de markt brengt.
Het is zaak om een goed evenwicht te vinden tussen de regels die nodig zijn (om de vrije markt, de consument, het milieu, de werknemer enz. te beschermen) en beperkingen voor het bedrijfsleven.
Die balans is er momenteel nog niet, maar de Europese Commissie is van plan de administratieve lasten voor 2012 met 25% terug te brengen.
Regels die overal in de EU gelden, hebben voor bedrijven het voordeel dat ze niet in ieder land aparte procedures moeten volgen. Een goed voorbeeld is REACH
, het systeem waarmee bedrijven in een keer alle nodige gegevens over het gebruik van chemicaliën kunnen registreren.