Audiovisueel en mediabeleid


Het audiovisuele beleid wordt door de regeringen van de EU-landen zelf bepaald. De rol van de EU beperkt zich tot het vastleggen van grondbeginselen en richtlijnen ter bescherming van het algemeen belang, zoals open EU-markten en eerlijke concurrentie.

Televisie en on-demanddiensten

De EU reguleert sinds 1989 de markt voor grensoverschrijdende televisie. Inmiddels heeft zij de regels aangepast aan de komst van nieuwe tv-diensten (zoals televisie on demand) via een reeks nieuwe apparaten zoals mobiele telefoons en tablets (zie de richtlijn over audiovisuele mediadiensten).

Kind kijkt tv © Shutterstock

De EU beschermt kinderen tegen niet voor hun leeftijd geschikte tv-programma's.

De EU-landen moeten hun beleid zo op elkaar afstemmen dat:

  • televisieprogramma's en on-demanddiensten vrij op de EU-markt verhandeld kunnen worden
  • ten minste de helft van de zendtijd, voor zover haalbaar, wordt gereserveerd voor films en programma's die in Europa zijn geproduceerd (ook bij on-demanddiensten moeten Europese producties worden aangeboden)
  • de culturele diversiteit en andere algemene belangen worden beschermd
  • belangrijke evenementen, zoals de Olymische Spelen of het WK voetbal, voor een groot publiek te bekijken zijn, en niet alleen via betaal-tv
  • kinderen en jongeren worden beschermd tegen gewelddadige of pornografische programma's, door deze programma's laat op de avond uit te zenden en/of via de afstandsbediening te blokkeren
  • wie in een televisie-uitzending bekritiseerd wordt, recht op weerwoord heeft
  • alle audiovisuele media voldoen aan bepaalde basisregels voor reclame (respect voor de menselijke waardigheid, beperkingen voor alcohol, tabak en medicijnen enz.)
  • televisiezenders niet meer dan 12 minuten reclame per uur uitzenden.
Filmstudio © Shutterstock

De EU steunt de Europese film.

Publieke omroepen

De EU-landen willen zich inzettten voor de publieke omroepen. In het Verdrag van Amsterdam van 1999 wordt hun rol erkend in het voorzien in democratische, sociale en culturele behoeften en het voorkomen dat de tv-markt wordt gedomineerd door een of een paar grote spelers.

Iedere regering mag de publieke omroepen financieel ondersteunen, voor zover het geld wordt gebruikt voor diensten die het algemeen belang dienen en niet het normale handelsverkeer belemmert of de concurrentie tussen de omroepen verstoort.

Europese programma's (de "culturele uitzondering")

De richtlijn over audiovisuele media schrijft een minimumaandeel van Europese producties voor, omdat Amerikaanse producties anders het leeuwendeel van de Europese markt zouden veroveren. De Europese bioscopen halen 75% van hun inkomsten uit het vertonen van Amerikaanse films, hoewel in de EU meer films worden gemaakt dan in de Verenigde Staten.

De EU is aangesloten bij het UNESCO-verdrag voor de bescherming en de bevordering van de diversiteit van cultuuruitingen en heeft een uitzondering op de vrijhandelsregels van de Wereldhandelsorganisatie bedongen om de eigen culturele diversiteit te beschermen en lokale producties te stimuleren. Deze zogenoemde "culturele uitzondering" maakt het mogelijk de import van culturele producten zoals films te beperken.

MEDIA 2007-2013

Het MEDIA-programma biedt financiële steun voor de productie en distributie van Europese films en tv-programma's van hoge kwaliteit. Bovendien zorgt het voor de promotie van de Europese film, andere audiovisuele diensten en nieuwe digitale technologie.

Het nieuwe MEDIA mundus-programma (2011-2013) English met een budget van 15 miljoen euro zet in op de toenemende wereldwijde samenwerking in de audiovisuele sector en de daaruit voortvloeiende mogelijkheden. Hierdoor krijgt de consument meer keuze uit cultureel diversere producten zowel op de Europese als op de wereldmarkt. Daarnaast biedt het nieuwe kansen aan mensen die in de EU of elders ter wereld in deze sector werkzaam zijn.

De huidige programma's van Culture DeutschEnglishfrançais en MEDIA zullen in 2014-2020 vervangen worden door het programma Creatief Europa, dat beschikt over:

  • een regeling voor bankgaranties ter waarde van 210 miljoen euro om banken te stimuleren geld te lenen aan kleine ondernemingen in de culturele sector
  • 900 miljoen euro voor de cinematografische en audiovisuele sector (gedekt door het huidige MEDIA-programma)
  • ongeveer 500 miljoen euro voor cultuur.

Naar boven

Naar boven



CONTACT

Algemene inlichtingen

Bel
00 800 6 7 8 9 10 11 Nadere informatie

E-mail ons uw vragen

Contactgegevens instellingen, bezoekersdiensten, persdiensten

Help ons verbeteren

Gevonden wat u zocht?

JaNee

Wat zocht u?

Heeft u nog opmerkingen?