Het gemeenschappelijk landbouwbeleid van de EU heeft meerdere doelen: het helpt boeren niet alleen voedsel te produceren, maar ook het milieu te beschermen, dierenwelzijn te verbeteren en gezonde plattelandsgemeenschappen te onderhouden.

Echte Parmezaanse kaas heeft een EU-kwaliteitslabel.
Het EU-landbouwbeleid is in de loop der jaren met de omstandigheden in Europa meeveranderd. Dit zijn de huidige aandachtspunten:

Een ruime keuze voor een eerlijke prijs is een van de uitgangspunten van het EU-landbouwbeleid.
Er wachten grote uitdagingen, zoals het verdubbelen van de wereldwijde voedselproductie voor 2050 wegens de bevolkingsgroei en de grotere vleesconsumptie van welvarender consumenten, terwijl ook rekening gehouden moet worden met de gevolgen van klimaatverandering, zoals het verlies aan biodiversiteit en de achteruitgang van bodem- en waterkwaliteit.
Vanwege deze uitdagingen en de wensen van de Europese bevolking zal het EU-landbouwbeleid vanaf 2013 meer aandacht besteden aan:
Het landbouwbeleid wordt, Europees gezien, centraler beheerd dan andere beleidsgebieden. Dit betekent dat het geld dat door de nationale regering aan landbouw besteed zou worden, in plaats daarvan door de EU wordt beheerd.
Desondanks is het aandeel landbouwuitgaven in de EU-begroting sterk afgenomen, van bijna 70% in de jaren '70 naar ongeveer 40% nu. Dit is zowel een gevolg van de uitbreiding van de taken van de EU als van kostenbesparende hervormingen. Sinds 2004 heeft de EU twaalf nieuwe lidstaten verwelkomd zonder een stijging van de landbouwuitgaven.