Juridische mededeling | Cookies | Over de EUROPA-website | Zoeken | Contact
Verdrag van LissabonSla taalkeuzebalk over (sneltoets: 2)
EUROPA > Verdrag van Lissabon > Het verdrag in het kort > Moderne en efficiënte instellingen
HomeHome

Moderne en efficiënte instellingen

Het Verdrag van Lissabon verandert niets wezenlijks aan de structuur van de Europese Unie. Die blijft gebaseerd op de drie grote instellingen, Parlement, Raad en Commissie. Toch komen er een paar nieuwe elementen bij die moeten zorgen voor meer efficiëntie, samenhang en transparantie van de instellingen, wat ook in het belang van de Europese burger is.

Er zijn nu in totaal zeven EU-instellingen: het Europees Parlement, de Europese Raad, de Raad van ministers, de Europese Commissie, het Hof van Justitie, de Europese Centrale Bank en de Rekenkamer. Maar waarin zit hem dan de vernieuwing bij het Verdrag van Lissabon?

Het Europees Parlement

Het Europees Parlement vertegenwoordigt de burgers van de EU-landen. Dankzij het Verdrag van Lissabon heeft het Parlement meer wettelijke en budgettaire bevoegdheden, en meer inspraak bij internationale overeenkomsten. Het aantal Europese Parlementsleden is beperkt tot 751 (750 plus de voorzitter) en de zetels zijn "degressief proportioneel" over de EU-landen verdeeld. Dit betekent dat een parlementslid uit een land met veel inwoners meer burgers vertegenwoordigt dan een verkozene uit een land met een kleiner aantal inwoners. In het Verdrag staat ook dat een land nu nooit minder dan 6 of meer dan 96 volksvertegenwoordigers mag hebben.

De Europese Raad

De Europese Raad, die een stimulerende politieke rol heeft, is nu een volwaardige instelling van de EU, al komen er geen bevoegdheden bij. Er wordt wel een nieuwe functie ingevoerd, die van voorzitter van de Europese Raad. Die persoon wordt steeds voor tweeënhalf jaar benoemd en moet vooral het werk van de Raad voorbereiden en in goede banen leiden, en zoveel mogelijk bijdragen tot een consensus. Hij kan niet tegelijkertijd ook een nationale functie hebben.

De Raad

De Raad van ministers, kortweg de Raad, vertegenwoordigt de regeringen van de lidstaten. Zijn rol is grotendeels hetzelfde gebleven. Hij is, samen met het Parlement, verantwoordelijk voor de wetgeving en de begroting en heeft een centrale rol in het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid en in de coördinatie van het economisch beleid.

De belangrijkste verandering die het Verdrag van Lissabon heeft gebracht, zit in de besluitvorming. Om te beginnen zal de Raad voortaan altijd stemmen met gekwalificeerde meerderheid, tenzij er uitdrukkelijk een andere procedure geldt, bijvoorbeeld met unanimiteit. In de praktijk zal op erg veel terreinen met gekwalificeerde meerderheid worden gestemd, ook voor immigratie en cultuur om er maar een paar te noemen.

Verder is vanaf 2014 voor alle besluiten een dubbele meerderheid vereist van landen (55%) en bevolking (65%). Dat versterkt de legitimiteit van de EU en tegelijkertijd de transparantie en efficiëntie. Naast die nieuwe berekeningsmethode wordt er een mechanisme gebruikt dat is geïnspireerd op het "compromis van Ioannina", waardoor een kleine groep landen (in de buurt van de blokkerende minderheid) hun bezwaren tegen een besluit kenbaar kunnen maken.In zo'n geval moet de Raad alles doen wat in zijn vermogen ligt om binnen een redelijke termijn een voor alle partijen bevredigende oplossing te vinden.

De Europese Commissie

De Commissie zet zich in voor het Europees algemeen belang. Het Lissabonverdrag zorgt ervoor dat elk EU-land een eurocommissaris kan blijven sturen. Met de eerdere verdragen zou dat op termijn niet meer mogelijk zijn.

Nog een belangrijke vernieuwing: het Verdrag van Lissabon legt een rechtstreeks verband tussen de resultaten van de verkiezingen voor het Europees Parlement en de keuze van een kandidaat-voorzitter van de Commissie.

Opmerkelijk is ook dat de rol van Commissievoorzitter wordt versterkt. De voorzitter kan voortaan namelijk afzonderlijke leden van de Commissie ontslaan.

De hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, tevens vicevoorzitter van de Europese Commissie

Een van de grootste institutionele vernieuwingen van het Verdrag van Lissabon is het ambt van hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid. Dit moet de samenhang in het buitenlands optreden van de EU flink ten goede komen.

Die hoge vertegenwoordiger krijgt trouwens twee petten: deze persoon is namens de Raad belast met het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid, en tegelijkertijd vicevoorzitter van de Commissie met verantwoordelijkheid voor de buitenlandse betrekkingen. Met zijn bevoegdheden voor zowel het buitenlands beleid als het gemeenschappelijk defensiebeleid, is hij of zij ook voorzitter van de vergaderingen van de Raad van ministers voor buitenlandse zaken. Bovendien is deze persoon het gezicht van de EU op het internationale toneel als het gaat om het buitenlands en veiligheidsbeleid en daarin wordt hij of zij ondersteund door een nieuwe Europese dienst voor extern optreden. Die bestaat uit ambtenaren van de Raad en de Commissie en diplomaten uit de EU-landen.

De overige instellingen

De bepalingen van de vorige verdragen over de Europese Centrale Bank en de Europese Rekenkamer worden niet noemenswaardig gewijzigd. Het Hof van Justitie krijgt door het Verdrag van Lissabon iets meer bevoegdheden, met name op het gebied van de samenwerking tussen justitie- en politiediensten, en de procedures worden licht gewijzigd.

De nationale parlementen

De nationale parlementen maken natuurlijk geen deel uit van de EU-instellingen, maar spelen wel een belangrijke rol bij de werking van de EU. Het Verdrag van Lissabon onderkent dit belang en versterkt de rol van de nationale parlementen. Als voldoende nationale parlementen vinden dat een wetgevingsinitiatief beter op lokaal, regionaal of nationaal niveau genomen kan worden, dan dient de Commissie haar voorstel in te trekken, of afdoende te verklaren waarom haar initiatief niet in strijd is met het subsidiariteitsbeginsel.

Juridische mededeling | Cookies | Over de EUROPA-website | Zoeken | Contact | Naar boven