RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 9 talen

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Tsjechische Republiek

Archief

1) REFERENTIES

Advies van de Commissie [COM(97) 2009 def. - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verslag van de Commissie [COM(98) 708 def. - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verslag van de Commissie [COM(1999) 503 def. - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verslag van de Commissie [COM(2000) 703 def. - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verslag van de Commissie [COM(2001) 700 def. - SEC(2001) 1746 - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verslag van de Commissie [COM(2002) 700 def. - SEC(2002) 1402 - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verslag van de Commissie [COM(2003) 675 def. - SEC(2003) 1200 - Niet verschenen in het Publicatieblad]
Verdrag betreffende de toetreding tot de Europese Unie [Publicatieblad L 236 van 23.9.2003]

2) SAMENVATTING

In haar advies van juli 1997 stelde de Europese Commissie dat de Tsjechische Republiek reeds aanzienlijke vooruitgang heeft geboekt bij de overname van het vervoersacquis en dat de overname van het acquis van de interne markt in de desbetreffende sector geen onoverkomelijke problemen zal opleveren. In dat verband is het dan echter wel nodig dat voldoende middelen worden vrijgemaakt voor de totstandbrenging van de basis van het toekomstige tot de nieuwe lidstaten uitgebreide trans-Europese vervoersnetwerk. De Commissie wees er voorts op dat de Tsjechische administratie, inclusief de controle-instanties, moet worden versterkt.

In het verslag van november 1998 werd de noodzaak onderstreept van grotere inspanningen op het gebied van het wegvervoer en de burgerluchtvaart. Bovendien werd gesteld dat er aanzienlijke investeringen nodig zijn om de vervoersinfrastructuur te verbeteren.

In het verslag van oktober 1999 werd gevraagd de inspanningen op praktisch alle terreinen op te voeren, vooral wat betreft het vervoer over de weg en per spoor (meer bepaald de herstructurering van de Tsjechische spoorwegen). Ook moest verder worden gewerkt aan verbetering van de administratieve structuren, vooral op het gebied van de veiligheid op de weg. De modernisering van de transportinfrastructuur leek goed te vorderen.

In het verslag van november 2000 werd onderstreept dat Tsjechië vorderingen heeft gemaakt op diverse punten van het acquis met betrekking tot vervoer. De middellangetermijnstrategie voor de vervoer-, telecommunicatie- en postsector werd in februari 2000 door de regering goedgekeurd. Enkele belangrijke stappen met betrekking tot de wetgeving en de bestuursorganen moesten echter nog worden gezet.

In haar verslag van november 2001 merkte de Commissie op dat de Tsjechische Republiek reeds een groot deel van het communautair acquis in nationale wetgeving heeft omgezet, met name wat het wegvervoer betreft. Voor het spoorvervoer was een grondige hervorming van de wetgeving noodzakelijk, in het bijzonder wat de railinfrastructuur zelf betreft. Boven alles moest de bestuurlijke capaciteit worden versterkt.

In het verslag van oktober 2002 wordt de voortgang onderstreept die de Tsjechische Republiek heeft gemaakt op het gebied van het vervoer over land. Toch moet ervoor worden gezorgd dat functionering van de binnenlandse markt voor vrachtvervoer (met name op het gebied van de markttoegang, veiligheidsvoorschriften en fiscaliteit) wordt verbeterd en dat de financiële transparantie van de spoorwegsector wordt versterkt.

In het verslag van 2003 wordt geconcludeerd dat de Tsjechische Republiek haar uit de toetredingsonderhandelingen voortvloeiende verplichtingen en verbintenissen op het gebied van trans-Europese vervoersnetwerken, het railvervoer, het luchtvervoer, het zeevervoer en het vervoer over de binnenwateren voor het grootste deel nakomt. Het land moet echter nog dringend maatregelen treffen om de tenuitvoerlegging van het sociaal en technisch acquis te verbeteren.
Het toetredingsverdrag is ondertekend op 16 april 2003 en de toetreding vond plaats op 1 mei 2004.

ACQUIS COMMUNAUTAIRE

Het vervoerbeleid van de Gemeenschap omvat beleidsmaatregelen op drie hoofdgebieden.

De Europa-Overeenkomst voorziet in aanpassing van de wetgeving aan het Gemeenschapsrecht en samenwerking met het doel de vervoersector te herstructureren en te moderniseren, de toegang tot de vervoersmarkt te verbeteren, het transitvervoer te vergemakkelijken en de exploitatie op een niveau te brengen dat vergelijkbaar is met dat in de Gemeenschap. Het Witboek is toegespitst op maatregelen om de vervoersector te laten functioneren volgens de op de interne markt geldende voorwaarden, onder andere wat concurrentie, harmonisatie van de wetgeving en normalisatie betreft.

EVALUATIE

Wat de horizontale wetgeving betreft, heeft de regering goedkeuring verleend aan het 'Voorstel inzake de ontwikkeling van vervoersnetwerken in Tsjechië tot 2010'. De investeringen in de modernisering van de vervoersinfrastructuur leveren weliswaar gunstige resultaten op, maar de inspanningen kunnen verder worden opgevoerd, vooral wat betreft de kaderpartnerschappen tussen de openbare en de particuliere sector. In juli 2000 is het rijksfonds voor de vervoersinfrastructuur opgericht, op basis van een door het parlement aangenomen wet. Het fonds vormt de basis voor deelname aan de structurele hulp van de EU en moet de financiering van de vervoersinfrastructuur verbeteren.

Op het gebied van de wegeninfrastructuur is enige vooruitgang geboekt bij het aansluiten van Tsjechië op het trans-Europese netwerk door de snellere aanleg van snelweg D5 (van Praag naar Neurenberg) en de aanleg van snelweg D8 (die Praag verbindt met Dresden en Berlijn). Het eindrapport van de 'behoeftenevaluatie vervoersinfrastructuur' (Transport Infrastructure Needs Assessment, TINA) van oktober 1999 is door Tsjechië aanvaard, en moet de basis vormen voor uitbreiding van de trans-Europese netwerken naar Tsjechië.

Met betrekking tot de interoperabiliteit van hogesnelheidstreinen zal aan de relevante EG-richtlijn voldaan worden door amendering van de spoorwegenwet, die in april 2000 van kracht is geworden, alsmede door een toekomstig uitvoeringsbesluit.

In januari en juli 2000 zijn nieuwe amendementen op de wet op het wegvervoer van kracht geworden, met het doel de Tsjechische bepalingen inzake de toegang tot het beroep aan te passen aan die van het acquis. Op het gebied van de wegenbelasting is in januari 2000 een nieuw systeem van heffingen voor weggebruikers van kracht geworden, dat werkt met vignetten voor een jaar, een maand of 10 dagen. In april 2001 heeft de regering de INTERBUS-overeenkomst betreffende ongeregelde busdiensten goedgekeurd. Tenuitvoerlegging hiervan houdt gedeeltelijke harmonisering in met het acquis inzake het passagiersvervoer over de weg. De wet op het wegvervoer moet echter nog worden aangepast, vooral wat betreft fiscale en sociale regelingen en veiligheidsvoorschriften.
Voorts zijn in 2001 nieuwe wetten inzake wegverbindingen, waarbij de rechten en plichten van de verschillende betrokken partijen worden geregeld, en inzake de opleiding en bijscholing van professionele bestuurders van motorvoertuigen in werking getreden.

Voor de heffingen voor het gebruik van de infrastructuur is de aanpassing aan het fiscaal acquis nog niet voltooid. Wat het sociaal acquis betreft, is de wetgeving nu in overeenstemming met de verbintenissen van het land, maar zijn er leemten bij de tenuitvoerlegging. Op technisch gebied moet de uitvoeringswetgeving nog worden aangenomen, met name wat de snelheidsbegrenzers, de rijbewijzen, de veiligheidsadviseurs voor het vervoer van gevaarlijke goederen, de inschrijvingsdocumenten van voertuigen en de technische controles langs de weg betreft.

Op het gebied van het spoorwegvervoer wordt door het amendement op de spoorwegenwet het wettelijke kader vastgelegd voor een nieuw systeem voor de financiering van de spoorweginfrastructuur en het openbaar passagiersvervoer per spoor, alsmede de voorwaarden voor toegang tot de markt. Deze bepalingen kunnen echter pas ingevoerd worden wanneer de in voorbereiding zijnde wet op de hervorming van de Tsjechische spoorwegen van kracht is geworden. De zeer geringe vooruitgang, zowel qua wetgeving als in institutionele zin, bij de herstructurering van de Tsjechische spoorwegen blijft een groot probleem. Dientengevolge blijven er belemmeringen bestaan voor de aanpassing aan het spoorwegacquis en hetzelfde geldt voor de versterking van bestuursorganen en verbetering van het concurrentievermogen. In 2002 is de wet op de herstructurering van de Tsjechische spoorwegen aangenomen. Krachtens deze wet wordt de huidige spoorwegexploitant, de Tsjechische spoorwegmaatschappij, in twee onderdelen gesplitst, namelijk een aandelenmaatschappij en een Regie van het spoorwegnet.

Op het gebied van het luchtvervoer is in juni 2000 een amendement op de wet op de burgerluchtvaart van kracht geworden waarmee naar verwachting zowel de gezamenlijke luchtvaartvoorschriften (JAR) als de Eurocontrol-normen ten uitvoer worden gelegd. In april 2000 is een begin gemaakt met de reorganisatie van de Tsjechische luchtvaartdienst en de luchtverkeersleiding. De onderhandelingen tussen de EU en Tsjechië betreffende de multilaterale Overeenkomst inzake de oprichting van de Europese Gemeenschappelijke Luchtvaartruimte zijn eind 1999 afgerond, waarbij een bilateraal protocol is ondertekend. Er moeten echter nog onafhankelijke instanties voor het onderzoeken van vliegongelukken en de toewijzing van slots worden opgericht. De Tsjechische Republiek is in 2000 volwaardig lid geworden van de gemeenschappelijke luchtvaartautoriteit. In die context is de administratieve capaciteit versterkt en de controle op het luchtverkeer gereorganiseerd.
In 2002 is een wijziging aangenomen van de burgerluchtvaartwet. De nieuwe wet voorziet in de oprichting van een onafhankelijke instantie die vliegtuigongevallen moet onderzoeken.

Wat het vervoer over de binnenwateren betreft, is in januari 2000 een amendement op de wet op de binnenvaart aangenomen, waarmee de omzetting wordt beoogd van het acquis inzake de toegang tot het beroep van binnenvaartschipper.
Met uitzondering van het Fonds voor de binnenvaart, dat nog is de steigers staat, zijn de vereiste administratieve structuren opgericht en blijken die structuren op bevredigende wijze te functioneren.

Met betrekking tot het vervoer over zee is in juli 2000 een nieuwe zeevaartwet van kracht geworden. Deze wet voorziet in verdere harmonisering met het acquis op terreinen zoals de cabotage, het onderzoeken van scheepvaartongelukken en de vakbekwaamheid van bemanningen van zeeschepen. De inwerkingtreding van deze wet moet echter worden gevolgd door de afkondiging van afgeleide wetgeving. De vaststelling van uitvoeringswetgeving moest in 2003 nog worden voltooid, met name wat het acquis met betrekking tot het Erika-pakket voor de Tsjechische Republiek betreft.

 
Laatste wijziging: 08.03.2004
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven