Algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan
Deze richtlijn legt een algemene regeling voor aan accijns onderworpen producten op om hun vrij verkeer te garanderen en zodoende de behoorlijke werking van de interne markt in de Europese Unie (EU) te vrijwaren.
BESLUIT
Richtlijn 2008/118/EG van de Raad van 16 december 2008 houdende een algemene regeling inzake accijns en houdende intrekking van Richtlijn 92/12/EEG [Zie wijzigingsbesluit(en)].
SAMENVATTING
Bij deze richtlijn wordt de algemene regeling vastgesteld voor accijnzen die een impact hebben op het verbruik van:
- energieproducten en elektriciteit vallende onder Richtlijn 2003/96/EG;
- alcohol en alcoholische dranken vallende onder de Richtlijnen 92/83/EEG en 92/84/EEG;
- tabaksfabricaten vallende onder Richtlijn 95/59/EG, Richtlijn 92/79/EEG en Richtlijn 92/80/EEG.
Deze producten worden onderworpen aan accijnzen op het tijdstip van:
- hun productie, daaronder begrepen hun winning, indien van toepassing, binnen de Europese Unie (EU);
- hun invoer in de EU.
Op voorwaarde dat ze geen aanleiding geven tot formaliteiten in verband met het overschrijden van een grens binnen de EU, mogen de lidstaten ook belastingen heffen op:
- andere producten dan accijnsgoederen;
- diensten, daaronder begrepen diensten die betrekking hebben op accijnsgoederen, mits die belastingen niet het karakter van een omzetbelasting hebben.
Deze richtlijn is van toepassing op het grondgebied van de EU, met uitzondering van bepaalde gebieden, zoals:
- de Canarische Eilanden;
- de Franse overzeese departementen;
- de Ålandeilanden;
- de Kanaaleilanden.
Verschuldigdheid, teruggaaf, vrijstelling van accijns
Accijnzen worden verschuldigd op het tijdstip van de uitslag tot verbruik in de desbetreffende lidstaat. De tot voldoening van de verschuldigd geworden accijns gehouden persoon is doorgaans de erkende entrepothouder of de geregistreerde geadresseerde.
Lidstaten kunnen accijns op accijnsgoederen die werden uitgeslagen tot verbruik, kwijtschelden of terugbetalen. Het staat de lidstaten vrij om de relevante voorwaarden te bepalen, zolang het resultaat geen nieuwe klasse van vrijstelling creëert (zie volgende paragraaf).
Accijnsgoederen zijn vrijgesteld van de betaling van accijns wanneer zij bestemd zijn om te worden gebruikt:
- in het kader van diplomatieke of consulaire betrekkingen;
- door internationale instellingen;
- door de strijdkrachten van een staat;
- door de strijdkrachten van het Verenigd Koninkrijk die op Cyprus zijn gestationeerd;
- in het kader van een met derde landen of internationale instellingen gesloten overeenkomst.
De lidstaten kunnen vrijstelling van de betaling van accijns verlenen voor de accijnsgoederen die door taxfreeshops * zijn geleverd en worden meegevoerd in de persoonlijke bagage van reizigers die zich door de lucht of over zee naar een derde land begeven.
Productie, verwerking en voorhanden hebben
Elke lidstaat stelt zijn voorschriften inzake de productie, de verwerking en het voorhanden hebben van accijnsgoederen vast. Deze verrichtingen, waarbij de accijns nog niet betaald werd, dienen in een belastingentrepot plaats te vinden *.
Overbrenging van accijnsgoederen onder schorsing van accijns
Accijnsgoederen kunnen onder een accijnsschorsingsregeling binnen de EU worden overgebracht van een belastingentrepot of van een plaats van invoer naar een ander belastingentrepot, een geregistreerde geadresseerde *, een plaats waar de goederen de EU verlaten of een begunstigde van voormelde vrijstelling (diplomatieke of consulaire betrekkingen, internationale organisaties, strijdkrachten, enz.). Een overbrenging van accijnsgoederen dient in principe te geschieden onder dekking van een elektronisch administratief document.
De bevoegde autoriteiten van de lidstaat van verzending kunnen van de erkende entrepothouder of geregistreerde geadresseerde * de stelling van een zekerheid eisen, die het risico dekt, dat verbonden is aan overbrenging onder schorsing van accijns. In principe kan de zekerheid door een andere partij worden verstrekt
Overbrenging van accijnsgoederen en accijnsheffing na uitslag tot verbruik
De accijns ter zake van door particulieren voor eigen behoeften verkregen en door henzelf naar een andere lidstaat vervoerde accijnsgoederen wordt uitsluitend geheven in de lidstaat van verkrijging. Om vast te stellen of de accijnsgoederen voor eigen behoeften van particulieren bestemd zijn, houden de lidstaten rekening met:
- de commerciële status van degene die de goederen voorhanden heeft;
- de plaats waar de goederen zich bevinden;
- elk document betreffende de goederen;
- de aard van de goederen;
- de hoeveelheid goederen.
Waar accijnsgoederen bestemd voor commerciële doeleinden in een lidstaat voorhanden worden gehouden in een andere lidstaat, zijn de goederen onderworpen aan de accijnzen van het laatstgenoemde land. In de eerste lidstaat betaalde accijnzen kunnen terugbetaald worden.
Bij afstandsverkopen van één lidstaat naar een andere dient de verkoper of zijn agent de accijns te betalen in de lidstaat van bestemming.
Lidstaten kunnen eisen dat accijnsgoederen voorzien moeten zijn van fiscale merktekens of nationale herkenningstekens.
Met ingang vanaf 1 april 2010 wordt Richtlijn 92/12/EEG ingetrokken door Richtlijn 2008/118/EG.
REFERENTIES
| Besluit | Inwerkingtreding | Uiterste datum voor omzetting in de lidstaten | Publicatieblad |
|---|---|---|---|
|
Richtlijn 2008/118/EG |
15.1.2009 |
1.4.2010 |
PB L 9 van 14.1.2009 |
| Wijzigingsbesluit(en) | Inwerkingtreding | Uiterste datum voor omzetting in de lidstaten | Publicatieblad |
|---|---|---|---|
| Richtlijn 2010/12/EU |
27.2.2010 |
1.1.2011 |
PB L 50 van 27.2.2010 |



