RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 10 talen

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Financiële bijstand van de Gemeenschap aan trans-Europese netwerken

Archief

Om de trans-Europese netwerken te kunnen ontwikkelen moeten er financiële instrumenten worden opgericht om de projecten met de grootste Europese toegevoegde waarde te kunnen ondersteunen.

BESLUIT

Verordening (EG) nr. 2236/95 van de Raad van 18 september 1995 tot vaststelling van de algemene regels voor het verlenen van financiële bijstand van de Gemeenschap op het gebied van de trans-Europese netwerken [Zie wijzigingsbesluiten].

SAMENVATTING

In deze verordening worden de voorwaarden, modaliteiten en procedures beschreven voor de verlening van communautaire bijstand aan projecten van gemeenschappelijk belang op het gebied van de trans-Europese infrastructuurnetwerken voor vervoer, energie en telecommunicatie. De verordening doet geen afbreuk aan de specifieke bepalingen in het voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de trans-Europese telematicanetwerken tussen overheidsdiensten (IDA).

Projecten die in aanmerking komen:

  • projecten van gemeenschappelijk belang die in het kader van de in artikel 155 van het Verdrag van Amsterdam bedoelde richtsnoeren als zodanig zijn aangegeven;
  • projecten die worden gefinancierd door instanties die wettelijk of bestuursrechtelijk gezien met overheidsinstanties kunnen worden gelijkgesteld.

Het begrip "project" omvat de technisch en financieel losstaande projectstadia die een geheel vormen dat bestemd is om een economische en technische functie te vervullen.

De Gemeenschap kan bijstand verlenen in de vorm van:

  • cofinanciering van studies betreffende de projecten, met inbegrip van voorbereidende studies, haalbaarheidsstudies en evaluaties, en andere technische ondersteuningsmaatregelen voor deze studies (behalve in uitzonderlijke gevallen mag de financiële deelneming van de Gemeenschap niet meer bedragen dan 50 % van de totale kosten van een studie);
  • bijdragen in de premies voor garanties voor leningen van het Europees Investeringsfonds of andere financiële instellingen;
  • rentesubsidies op door de Europese Investeringsbank of andere openbare of particuliere financiële instellingen verstrekte leningen;
  • in naar behoren gemotiveerde gevallen, rechtstreekse subsidies voor investeringen;
  • in voorkomend geval, een combinatie van de in bovenstaande punten genoemde communautaire steunmaatregelen.

Het totaalbedrag van de financiële bijdrage van de Gemeenschap mag niet hoger liggen dan 10% van de totale investeringskosten.

De Commissie stelt een indicatief meerjarenprogramma op dat als referentie dienst doet voor de jaarlijkse besluiten betreffende de toekenning van communautaire steun aan projecten.

Algemene selectiecriteria voor de projecten. De communautaire steun wordt bij voorrang toegekend aan projecten naar gelang van de mate waarin zij bijdragen tot de in artikel 129 B van het Verdrag genoemde doelstellingen en tot de andere doelstellingen en prioriteiten die vallen onder de richtsnoeren als bedoeld in artikel 129 C, lid 1, van het Verdrag. De bijstand van de Gemeenschap is bestemd voor projecten die potentieel economisch levensvatbaar zijn en waarvan de financiële rentabiliteit ten tijde van de aanvraag onvoldoende wordt geacht. Bij de toekenning van de bijstand van de Gemeenschap moet tevens rekening worden gehouden met:

  • de rijpheid van de projecten;
  • de impulswerking van de steun op investeringen uit de overheids- en particuliere sector;
  • de degelijkheid van de financiële constructie;
  • de directe of indirecte sociaal-economische gevolgen, met name voor de werkgelegenheid;
  • de gevolgen voor het milieu.

Er moet met name aandacht worden besteed aan de coördinatie van grensoverschrijdende projecten.

De aanvragen voor bijstand worden via de betrokken lidstaat of met instemming van de lidstaat door de rechtstreeks betrokken instantie bij de Commissie ingediend. In de verordening wordt aangegeven welke gegevens voor de beoordeling en identificatie in elke aanvraag moeten worden vermeld (zoals de naam van de verantwoordelijke instantie, de vorm van de beoogde bijstand en de beschrijving van het betrokken project).

Financiële bepalingen: in aanmerking komende uitgaven en wijze van betaling.

De financiële controle wordt uitgevoerd door de lidstaten. Afgezien daarvan kunnen gefinancierde projecten ter plaatse door ambtenaren of andere personeelsleden van de Commissie worden gecontroleerd. Bij onregelmatigheden of wanneer blijkt dat aan een van de voorwaarden in het besluit om bijstand te verlenen niet is voldaan, kan de Commissie de bijstand verminderen, opschorten of intrekken.

Samenwerking bij de systematische evaluatie van de voortgang bij de projecten. De Commissie brengt om de twee jaar verslag uit over de activiteiten die in het kader van deze verordening zijn uitgevoerd.

Bij de uitvoering van de verordening wordt de Commissie bijgestaan door een comité dat wordt samengesteld al naar gelang van de betrokken sector (vervoer, telecommunicatie of energie). Dit comité is samengesteld uit vertegenwoordigers van de lidstaten en wordt voorgezeten door de vertegenwoordiger van de Commissie. Het betreft een normeringscomité.

Het financiële referentiebedrag voor de tenuitvoerlegging van de verordening in het tijdvak 1995-1999 bedraagt 2 345 miljoen euro.

Vóór het einde van 1999 besluit de Raad of en onder welke voorwaarden de krachtens deze verordening ingestelde maatregelen worden voortgezet na de periode 1995-1999.

REFERENTIES

BesluitInwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in nationaal rechtPublicatieblad
Verordening (EG) nr. 2236/9524.9.1995-L 228 van 23.9.1995

Wijzigingsbesluit(en)Datum van inwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in de lidstatenPublicatieblad
Verordening (EG) nr. 1655/199918.8.1999-L 197 van 29.7.1999
Verordening (EG) nr. 788/20043.5.2004-L 138 van 30.4.2004
Verordening (EG) nr. 807/200420.5.2004-L 143 van 30.4.2004
Verordening (EG) nr. 1159/200511.8.2005-L 191 van 22.7.2005

GERELATEERDE BESLUITEN

Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad houdende wijziging van Verordening (EG) nr. 2236/95 van de Raad tot vaststelling van de algemene regels voor het verlenen van financiële bijstand van de Gemeenschap op het gebied van trans-Europese netwerken [COM(2004) 475 def. - Niet verschenen in het Publicatieblad].

Beschikking nr. 1364/2006/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 september 2006 tot opstelling van richtsnoeren voor trans-Europese netwerken in de energiesector en houdende intrekking van de Beschikkingen 96/391/EG en nr. 1229/2003/EG [Publicatieblad L 262 van 22.9.2006].

Laatste wijziging: 06.04.2007

Zie ook

Voor meer informatie, zie de website "Trans-Europese energienetwerken" van DG Energie en Vervoer (EN).

Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven