RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 11 talen

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Veiligheid op zee: Internationale normen op het gebied van de preventie van verontreiniging en de leef- en werkomstandigheden op schepen (havenstaatcontrole)

Archief

Deze richtlijn streeft naar de harmonisatie van de toepassing, op schepen die havens van de Gemeenschap aandoen en varen in de territoriale wateren van de lidstaten, van de internationale normen op het gebied van de preventie van verontreiniging en de leef- en werkomstandigheden op schepen.

BESLUIT

Richtlijn 95/21/EG van de Raad van 19 juni 1995 betreffende de naleving, met betrekking tot de schepen die gebruik maken van havens in de Gemeenschap en varen in de onder de jurisdictie van de lidstaten vallende wateren, van internationale normen op het gebied van de veiligheid van schepen, voorkoming van verontreiniging en leef- en werkomstandigheden aan boord (havenstaatcontrole) [Zie wijzigingsbesluiten].

SAMENVATTING

De richtlijn is bedoeld om de veiligheid op zee in de wateren van de Gemeenschap te verhogen door te trachten de schepen die niet aan de normen voldoen, uit deze wateren te weren.

De richtlijn is van toepassing op alle koopvaardijschepen die zich in de havens of de wateren van een lidstaat bevinden. Het is verboden de schepen die varen onder de vlag van een staat die geen partij is bij een verdrag, soepeler te behandelen.

De lidstaten zijn verplicht de nodige nationale maritieme diensten op te zetten, de zogenaamde "bevoegde instanties", en hierop toezicht uit te oefenen. Deze instanties worden belast met de inspectie van de schepen die hun havens aandoen of varen in de wateren die onder hun jurisdictie vallen.

Elke lidstaat is verplicht minimaal 25% van de schepen die onder een buitenlandse vlag varen en zijn havens aandoen te inspecteren. Bij de keuze van de te inspecteren schepen worden bepaalde selectiecriteria aangehouden. Er worden geen inspecties uitgevoerd bij schepen die minder dan zes maanden voordien al zijn geïnspecteerd.

Er wordt een overzicht gegeven van de inspectieprocedure, de te controleren certificaten en documenten en de aard van de controles die moeten worden uitgevoerd. Tevens wordt vermeld welke regels moeten worden gevolgd wanneer een grondiger inspectie noodzakelijk is.

De volgende schepen moeten verscherpt worden gecontroleerd:

  • olietankers die binnen vijf jaar uit de vaart worden genomen;
  • bulkschepen die ouder zijn dan twaalf jaar;
  • passagiersschepen;
  • gas- en chemicaliëntankers die ouder zijn dan tien jaar, bepaald op basis van de datum van constructie op de veiligheidscertificaten van het schip.

Wanneer tijdens de inspectie tekortkomingen worden gesignaleerd, moeten de lidstaten deze laten verhelpen.

Wanneer een schip na inspectie nader wordt gevolgd of wordt aangehouden, moeten de lidstaten de verplaatsingen en de genomen maatregelen rapporteren. Schepen die weigeren aan de eisen van de bevoegde instanties te voldoen, worden gestraft (zij worden in geen enkele haven van de Gemeenschap toegelaten).

Wanneer loodsen of havenautoriteiten tekortkomingen constateren, moeten zij deze melden bij de bevoegde instantie.

Elke lidstaat moet ervoor zorgen dat zijn bevoegde instanties samenwerken met die van de andere lidstaten.

Elke bevoegde instantie moet om de drie maanden informatie publiceren over het aantal schepen dat aan de ketting is gelegd. Voor deze informatie gelden bepaalde voorschriften.

De reder of de exploitant van een schip dat op grond van de geconstateerde tekortkomingen aan de ketting mag worden gelegd, moet een vergoeding betalen om de kosten van de inspectie te dekken.

De lidstaten moeten elk jaar meedelen hoeveel inspecteurs voor hen werkzaam zijn en hoeveel schepen in hun havens zijn binnengelopen.

De Commissie wordt bijgestaan door een raadgevend comité.

Richtlijn 98/25/EG vestigt een procedure die van toepassing is bij het ontbreken van ISM-certificaten (internationale veiligheidscode voor de scheepvaart en ter voorkoming van verontreiniging).

Richtlijn 98/25/EG

Deze richtlijn is vastgesteld ter actualisering van Richtlijn 95/21/EG teneinde rekening te houden met de recente wijzigingen van de internationale verdragen MARPOL (Internationaal Verdrag ter voorkoming van verontreiniging door schepen), SOLAS (Internationale conferentie voor de bevordering van veiligheid op zee) en STCW 1978 (Verdrag betreffende de normen voor zeevarenden inzake opleiding, diplomering en wachtdienst).

Richtlijn 98/42/EG

Krachtens deze wetgevingsmaatregel wordt artikel 5, lid 2, van Richtlijn 95/21/EG gewijzigd, meer bepaald wat de selectie van te inspecteren schepen betreft, waarbij voorrang wordt gegeven aan de in bijlage I, deel I, bedoelde schepen.

Richtlijn 19 99/97/EG

In deze richtlijn wordt rekening gehouden met de wijzigingen van de verdragen, protocollen, codes en resoluties van de Internationale Maritieme Organisatie (IMO), alsook met de ontwikkelingen in het kader van het memorandum van overeenstemming van Parijs. Parallel daarmee nemen de lidstaten alle nodige maatregelen om juridische belemmeringen voor de publicatie van de lijst van geïnspecteerde en/of aangehouden schepen of van de schepen waarvan toegang tot een communautaire haven is geweigerd, op te heffen. De lidstaten en de Commissie moeten methoden voor een snellere en bredere verspreiding van deze lijst bevorderen.

Richtlijn 2001/106/EG

De doelstelling van deze richtlijn is de inspectieregeling voor bepaalde potentieel gevaarlijke schepen een verplichtend karakter te geven, de maatregelen tegen bepaalde schepen die duidelijk ver beneden de normen liggen, te versterken en een betere tenuitvoerlegging van Richtlijn 95/21/EG te waarborgen.

Richtlijn 2002/84/EG

Deze richtlijn heeft tot doel de toepassing te verbeteren van de communautaire wetgeving ter regulering van de veiligheid van het zeevervoer en van de leef- en werkomstandigheden aan boord van schepen, alsook met het oog op het voorkomen van door schepen veroorzaakte verontreiniging.

REFERENTIES

BesluitInwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in nationaal rechtPublicatieblad
Richtlijn 95/21/EG27.7.199530.6.1996L 157 van 7.7.1995

Wijzigingsbesluit(en)InwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in nationaal rechtPublicatieblad
Richtlijn 98/25/EG7.5.19981.7.1998L 133 van 7.5.1998
Richtlijn 98/42/EG4.7.199830.9.1998L 184 van 27.6.1998
Richtlijn 1999/97/EG30.12.199913.12.2000L 331 van 23.12.1998
Richtlijn 2001/106/EG22.1.200222.7.2003L 19 van 22.1.2002
Richtlijn 2002/84/EG29.11.200223.11.2003L 324 van 29.11.2002
Laatste wijziging: 15.05.2007
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven