RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 11 talen

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Europese Raad van Brussel van 21 en 22 juni 2007

In de vroege uren van 23 juni besloot de Europese Raad een intergouvernementele conferentie belast met de goedkeuring van een nieuw Verdrag bijeen te roepen en maakte zo een einde aan de bezinningsperiode van de Europese Unie.

Na twee jaar lang te hebben nagedacht over de hervorming van de Verdragen van de Europese Unie, besloot de Europese Raad van 21 en 22 juni 2007 een intergouvernementele conferentie (IGC) bijeen te roepen die ermee belast is de laatste hand te leggen aan een nieuw Verdrag voor de Europese Unie (EU) en dat goed te keuren. Met het Hervormingsverdrag worden de innovaties die uit de werkzaamheden van de Conventie en de IGC van juni 2004 zijn voortgekomen, opgenomen in het EU - en het EG-Verdrag, die van kracht blijven.

De Europese Raad heeft voor de IGC een gedetailleerd en welomschreven mandaat vastgesteld. In dat mandaat is, rekening houdend met de lessen die tijdens de reflectieperiode zijn getrokken, de essentie van de in 2004 overeengekomen institutionele hervormingen opgenomen. Over een aantal punten hebben de lidstaten lang onderhandeld.

Het mandaat, dat hieronder beknopt wordt weergegeven, vormt het exclusieve fundament en kader voor de werkzaamheden van de IGC, maar is niet het eigenlijke Hervormingsverdrag. Alleen de IGC, die haar werkzaamheden op 23 juli 2007 officieel heeft aangevat, kan definitieve beslissingen nemen met betrekking tot de inhoud van het Hervormingsverdrag.

Voor de duidelijkheid zijn de belangrijkste nieuwe elementen van het mandaat hieronder rond vier thema's gegroepeerd.

DE GRONDSLAGEN VAN DE EU

In het mandaat van de IGC staat dat het Hervormingsverdrag geen grondwettelijk karakter zal hebben. Dat zal met name blijken uit de gebruikte terminologie (zo bijvoorbeeld wordt de term "Grondwet" niet meer gebruikt en worden de huidige benamingen "verordening" en "richtlijn" gebruikt in plaats van de benamingen "wet" en "kaderwet"). Het Verdrag zal evenmin een artikel over de symbolen van de EU bevatten. Net als bij andere herzieningen van de Verdragen, zal het Hervormingsverdrag de bestaande Verdragen wijzigen.

Het mandaat van de IGC bevat een aantal grondbeginselen, zoals:

  • de pijlers worden afgeschaft en de EU krijgt rechtspersoonlijkheid. Het EG-Verdrag zal Verdrag betreffende de werking van de Unie worden genoemd. Het woord "Gemeenschap" wordt overal door "Unie" vervangen;
  • de democratische beginselen van de EU, zoals democratische gelijkheid, representatieve democratie, participerende democratie en burgerinitiatief, worden gedefinieerd;
  • de rechten van de Europese burgers worden bevestigd dankzij de vermelding van het Handvest van de grondrechten, waarvan de tekst niet in het toekomstige Verdrag zal worden opgenomen, maar dat in alle lidstaten (met uitzondering van het Verenigd Koninkrijk) een juridisch bindende waarde krijgt;
  • er wordt een bepaling over de vrijwillige terugtrekking uit de Unie opgenomen, waardoor lidstaten de mogelijkheid krijgen uit de EU te stappen;
  • het subsidiariteitsbeginsel wordt versterkt, in het bijzonder dankzij meer controle door de nationale parlementen;
  • er komt een duidelijker verdeling van de bevoegdheden tussen de Europese Unie en de lidstaten.

Vrede, volledige werkgelegenheid, duurzame ontwikkeling, culturele verscheidenheid, solidariteit, samenhang en de bescherming van de burgers zullen tot het dertigtal doelstellingen van de EU behoren die in het nieuwe Verdrag zullen worden opgenomen. Het beginsel "vrije en niet verstoorde mededinging" is geen doel op zich en zal niet in de doelstellingen van de Unie worden opgenomen. Het zal echter worden opgenomen in een juridisch bindend protocol, dat aan het Verdrag zal worden gehecht.

DE INSTELLINGEN

In het mandaat van de IGC wordt in tal van institutionele innovaties voorzien. De belangrijkste wijzigingen betreffen:

  • de samenstelling van het Europees Parlement, waarvan het aantal zetels tot 750 wordt beperkt;
  • de grootte van de Commissie, die vanaf 2014 een aantal commissarissen zal tellen dat gelijk is aan twee derde van het aantal lidstaten;
  • de Europese Raad, die wordt voorgezeten door een voorzitter, die voor twee en een half jaar wordt benoemd (een mandaat dat één keer kan worden vernieuwd). Zo wordt het roulerende voorzitterschap van de Europese Raad afgeschaft;
  • de aanstelling van een "Hoge Vertegenwoordiger van de Unie voor Buitenlandse Zaken en Veiligheidsbeleid", die tegelijkertijd mandataris is van de Raad en vicevoorzitter van de Commissie, en die de stem van Europa in de wereld zal zijn.

DE BESLUITVORMINGSPROCEDURES

Het mandaat van de IGC bevestigt de veralgemening van de medebeslissingsprocedure als gewone wetgevingsprocedure. De medebeslissingsprocedure wordt zo uitgebreid tot tal van gebieden zoals justitiële samenwerking in strafzaken en legale migratie.

De stemming met gekwalificeerde meerderheid wordt uitgebreid tot meer dan veertig gebieden (aan het Verenigd Koninkrijk wordt een afwijking toegekend op het gebied van politiële en justitiële samenwerking).

Over de regeling inzake de stemming met dubbele meerderheid bestond het meest onenigheid tussen de leden van de Europese Raad. Na lang onderhandelen hebben de Europese leiders een compromis bereikt: vanaf 1 november 2014 geldt voor de gekwalificeerde meerderheid het beginsel van de dubbele meerderheid (55% van de lidstaten, die 65% van de Europese bevolking vertegenwoordigen). De regels van het Verdrag van Nice gelden tot in 2014. Tijdens de overgangsperiode tot 31 maart 2017 kan een lid van de Raad bovendien nog steeds verzoeken dat een beslissing wordt genomen met toepassing van de regels van het Verdrag van Nice. Voorts zullen leden van de Raad die bijna een blokkerende minderheid vormen, kunnen aangeven zich tegen een beslissing te verzetten dankzij een soortgelijk mechanisme als het compromis van Ioannina

HET BELEID VAN DE UNIE

In het mandaat van de IGC wordt in een aantal substantiële wijzigingen voorzien, in het bijzonder wat justitie en binnenlandse zaken betreft: daarvoor wordt de communautaire methode veralgemeend (met speciale regelingen voor Denemarken, Ierland en het Verenigd Koninkrijk). Voorts worden de bestrijding van de klimaatverandering en de solidariteit tussen de lidstaten op het gebied van energie voor het eerst uitdrukkelijk in het Verdrag vermeld. Het specifieke karakter van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid, dat grotendeels intergouvernementeel blijft, wordt eveneens onderstreept.

CONTEXT

Op 29 oktober 2004 ondertekenden de 25 staatshoofden en regeringsleiders in Rome het Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa. Om in werking te treden, moest dat Verdrag door alle lidstaten volgens hun eigen grondwettelijke regels worden geratificeerd, hetzij door parlementaire goedkeuring hetzij via een referendum. Gezien de problemen die zich in sommige lidstaten bij de ratificatie hebben voorgedaan, hebben de staatshoofden en regeringsleiders tijdens de Europese Raad van 16 en 17 juni 2005 besloten tot een "periode van bezinning" over de toekomst van Europa om een uitgebreid debat met de Europese burgers te voeren.

Deze factsheets zijn voor de Europese Commissie juridisch niet bindend, beogen geen volledigheid en hebben geen interpretatieve waarde wat de tekst van het Verdrag betreft.

Laatste wijziging: 14.12.2007

Zie ook

Voor meer informatie over het Verdrag van Lissabon.

Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven