RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 11 talen

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Naar een interne markt voor aanvullende pensioenen

Archief

1) DOELSTELLING

In het vooruitzicht van de vorming van een interne markt voor aanvullende pensioenen wordt beoogd de stelsels voor aanvullende pensioenen te verbeteren, waarbij rekening gehouden dient te worden met de resultaten van de raadpleging naar aanleiding van het Groenboek "Aanvullende pensioenen in de interne markt (castellanodeutschenglishfrançais)" van 10 juni 1997. De aanvullende pensioenfondsen moeten de kans krijgen meer van de interne markt en de euro te profiteren.

2) COMMUNAUTAIRE MAATREGEL

Mededeling van de Commissie van 11 mei 1999 : Naar een interne markt voor aanvullende pensioenen (resultaten van de raadpleging over het Groenboek "Aanvullende pensioenen in de interne markt").

3) INHOUD

Het handhaven van een hoog niveau van sociale bescherming is een doelstelling die door alle lidstaten van de Europese Unie wordt nagestreefd. Een van de grootste uitdagingen waarvoor men staat, is het in de hand houden van de kosten van deze bescherming, waarbij de economische en sociale samenhang dient te worden gewaarborgd en een positieve invloed op de economische groei moet worden uitgeoefend.

Pensioenuitkeringen vormen een essentieel onderdeel van de socialebeschermingsstelsels. De uit hoofde van de wettelijke pensioenstelsels gedane uitgaven vertegenwoordigen immers bijna de helft van de totale socialezekerheidsuitgaven, hetgeen overeenkomt met 9 à 15% van het bruto binnenlands product (BBP) van de lidstaten. Onder invloed van de veroudering van de bevolking dreigt deze verhouding nog toe te nemen.

De pensioenstelsels berusten over het algemeen op drie pijlers :

  • de eerste pijler omvat de regelingen die onder de sociale zekerheid vallen;
  • de tweede pijler heeft betrekking op de beroepspensioenregelingen;
  • de derde pijler wordt gevormd door de individuele pensioenplannen.

De tweede- en derde-pijlerregelingen omvatten de aanvullende regelingen; zij completeren dus de wettelijke stelsels.

Het Groenboek "Aanvullende pensioenen in de interne markt" heeft tot een honderdtal reacties aanleiding gegeven, afkomstig van de Europese instellingen, met name van het Europees Parlement, het Economisch en Sociaal Comité, maar ook van de lidstaten, de sociale partners en de financiële sector.

De Commissie heeft eveneens baat gehad bij de raadpleging die voorafging aan de opstelling van het actieplan voor financiële diensten van 11 mei 1999, waarin ook de kwestie van de pensioenen aan bod komt [COM(99) 232 def.].

Waar het tot de bevoegdheden van de lidstaten behoort hun pensioenstelsels naar believen in te richten, is het de taak van de Commissie erover te waken dat de aanvullende stelsels profiteren van de vrijheden die de interne markt biedt. Dit is op het ogenblik niet het geval.

Immers :

  • de beroepspensioenfondsen zijn vaak aan regels voor investeringen en beheer gebonden die, zonder de bescherming van de begunstigden te verbeteren, de fondsen ervan weerhouden de kapitaalmarkten en de euro efficiënt te gebruiken om zo de ontvangen bijdragen opnieuw te beleggen. Dit leidt tot een beperking van de opbrengsten van de beleggingen, waardoor de kosten van de dienstverrichtingen verhogen.
  • het huidige systeem van de aanvullende stelsels staat de arbeidsmobiliteit in de weg. Het is vaak moeilijk pensioenrechten te verwerven en, meer nog, deze van de ene naar de andere lidstaat over te dragen;
  • inzake aanvullende pensioenen werkt de vrijheid van dienstverrichting in de praktijk nauwelijks, vanwege de verschillen in de fiscale stelsels.

De Commissie wenst daarom een communautair raamwerk voor de aanvullende pensioenen vast te stellen dat drie hoofdlijnen zou kunnen omvatten :

- Goedkeuring van een voorstel voor een richtlijn inzake de prudentiële regelgeving voor beroepspensioenfondsen
Deze richtlijn moet, na goedkeuring :

  • de begunstigden een zo goed mogelijke bescherming bieden;
  • de pensioenfondsen de kans bieden optimaal van de interne markt en de euro te profiteren;
  • de gelijke behandeling van de aanbieders van werkgebonden aanvullende pensioenregelingen garanderen en de verstoring van de concurrentieverhoudingen met andere aanbieders, zoals levensverzekeringsmaatschappijen, vermijden;
  • de wederzijdse erkenning van de prudentiële regelgeving in de lidstaten mogelijk maken (grensoverschrijdende deelneming).

- Opheffing van de belemmeringen voor de arbeidsmobiliteit
Het ontbreken van een kader voor de coördinatie van aanvullende pensioenregelingen vormt een niet te verwaarlozen hinderpaal voor het vrije verkeer van werknemers in de Europese Unie.

De Commissie is van oordeel dat het van belang is :

  • de voorwaarden voor het opbouwen van aanvullende pensioenrechten te vereenvoudigen en de wachttijden in te korten;
  • gemeenschappelijke normen voor de overdracht van pensioenrechten vast te stellen;
  • een betere coördinatie en een wederzijdse erkenning van de belastingstelsels te realiseren;
  • een "pensioenforum" op te richten om over de uitdagingen van de arbeidsmobiliteit in de Unie te beraadslagen.

- Coördinatie van de belastingstelsels van de lidstaten
De nationale verschillen in de fiscale behandeling van levensverzekerings- en pensioenproducten, alsook de complexiteit en de specificieke kenmerken van deze producten vormen belangrijke hinderpalen voor het vrije verkeer van de werknemers. De Commissie is van mening dat alles in het werk dient te worden gesteld om een einde te maken aan de fiscale discriminatie door de lidstaten voor producten die door in andere lidstaten gevestigde instellingen (verzekeringsmaatschappijen, pensioenfondsen) worden aangeboden. Hierbij kan echter van harmonisatie geen sprake zijn en dienen de fiscale ontvangsten van de lidstaten veilig te worden gesteld.

Met het oog hierop hebben de Commissie en de lidstaten de handen in elkaar geslagen om na te gaan hoe de belangrijkste belemmeringen uit de weg kunnen worden geruimd. Een van de dringendste problemen is dat van de fiscale behandeling van bijdragen en premies betaald aan instellingen die gevestigd zijn in een andere lidstaat dan die waar de deelnemer of de verzekeringnemer verblijft. Dit onderwerp wordt behandeld door de werkgroep voor belastingbeleid, die dienst doet als forum voor het fiscale overleg op hoog niveau tussen de Commissie en de lidstaten.

4) VOOR DE TENUITVOERLEGGING VAN DE WETGEVING IN DE LID-STATEN VASTGESTELDE TERMIJN

Niet van toepassing

5) DATUM VAN INWERKINGTREDING (indien verschillend van 4)

6) REFERENTIES

Mededeling van de Commissie COM(99) 134 def./2
Niet gepubliceerd in het Publicatieblad

7) VERDERE WERKZAAMHEDEN

8) UITVOERINGSMAATREGELEN VAN DE COMMISSIE

 
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven