RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 11 talen

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Gemeenschappelijke onderzoeksteams

Dit kaderbesluit voorziet in de mogelijkheid voor de lid-staten om gemeenschappelikje onderzoeksteams te vormen ter verbetering van de politiesamenwerking. Deze gemeenschappelijke onderzoeksteams worden samengesteld uit de justitiële of politiële instanties van ten minste twee lidstaten. Zij worden opgericht om onderzoeken te verrichten op specifieke gebieden en voor een beperkte tijd.

BESLUIT

Kaderbesluit 2002/465/JBZ van de Raad van 13 juni 2002 inzake gemeenschappelijke onderzoeksteams.

SAMENVATTING

De in 1999 in Tampere bijeengekomen lidstaten hadden besloten om onverwijld gemeenschappelijke onderzoeksteams op te richten met het oog op de strijd tegen de drugshandel, de mensenhandel en het terrorisme. In mei 2000 werd de Overeenkomst betreffende de wederzijdse rechtshulp in strafzaken gesloten, die voorziet in de oprichting van gemeenschappelijke onderzoeksteams.

De politiesamenwerking versnellen en bevorderen

Gelet echter op de vertraging waarmee de lidstaten de Overeenkomst ratificeerden, heeft de Raad in juni 2002 dit kaderbesluit inzake gemeenschappelijke onderzoeksteams aangenomen, dat de lidstaten vóór 1 januari 2003 ten uitvoer moesten leggen.

Gemeenschappelijke onderzoeksteams oprichten

Teneinde in de lidstaten strafrechtelijke onderzoeken te voeren die een gecoördineerd en gezamenlijk optreden vergen, kunnen tenminste twee lidstaten een gemeenschappelijk onderzoeksteam oprichten. De bevoegde instanties van de betrokken lidstaten sluiten daartoe een onderlinge overeenkomst waarin de regels omtrent het gemeenschappelijk onderzoeksteam worden vastgelegd. Alle strafrechtelijke inbreuken kunnen de oprichting van een gemeenschappelijk onderzoeksteam rechtvaardigen.

Het gemeenschappelijk team wordt opgericht voor:

  • een bepaald doel;
  • een beperkte periode (die met de instemming van alle overeenkomstsluitende partijen kan worden verlengd).

De betrokken lidstaten zijn verantwoordelijk voor de samenstelling, het doel en de duur van het mandaat van de onderzoeksploeg. Ook kunnen de lidstaten besluiten vertegenwoordigers van Europol of OLAF te betrekken bij de activiteiten van de gemeenschappelijke onderzoeksteams.

De leden van het gemeenschappelijk onderzoeksteam die afkomstig zijn uit andere lidstaten dan de lidstaat waar het team optreedt, worden "gedetacheerde leden" van het team genoemd. De gedetacheerde leden kunnen worden belast met taken in overeenstemming met het recht van de lidstaat waar het team optreedt.

De ambtenaren uit een andere lidstaat dan de lidstaat waar het optreden plaatsvindt, worden met ambtenaren van die lidstaat gelijkgesteld, voor wat betreft de strafbare feiten die tegen of door hen mochten worden begaan.

REFERENTIES

BesluitDatum van inwerkingtredingUiterste datum voor omzetting in de lidstatenPublicatieblad
Kaderbesluit 2002/465/JBZ20.6.20021.1.2003L 162 van 20.6.2002

GERELATEERDE BESLUITEN

Verslag van de Commissie over de omzetting van het kaderbesluit van de Raad van 13 juni 2002 inzake gemeenschappelijke onderzoeksteams [COM(2004) 858 def. - Niet in het Publicatieblad verschenen].
Het verslag van de Commissie van 7 januari 2005 bevat een stand van zaken over de omzetting van dit kaderbesluit dat bindend is voor de lidstaten wat de te bereiken resultaten betreft, maar de nationale instanties de vrije keuze laat wat de vorm en de middelen betreft.

Laatste wijziging: 30.09.2005
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven