RSS
Alfabetische index
Deze pagina is beschikbaar in 11 talen

We are migrating the content of this website during the first semester of 2014 into the new EUR-Lex web-portal. We apologise if some content is out of date before the migration. We will publish all updates and corrections in the new version of the portal.

Do you have any questions? Contact us.


Bestrijding van de georganiseerde criminaliteit en het terrorisme: rol van Eurojust en van het Europees justitieel netwerk

De Commissie maakt een balans op van de omzetting van het besluit tot oprichting van Eurojust. Na onderzoek stelt zij voor de nationale leden en het college ruimere bevoegdheden te geven. Zij wenst ook de betrekkingen die deze eenheid voor justitiële samenwerking onderhoudt met haar partners (het Europees justitieel netwerk, Europol, OLAF, Frontex en derde landen) te verduidelijken en te vereenvoudigen.

MAATREGEL

Mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement van 23 oktober 2007 over de rol van Eurojust en van het Europees justitieel netwerk bij de bestrijding van de georganiseerde criminaliteit en het terrorisme in de Europese Unie [COM(2007) 644 definitief - Niet in het Publicatieblad verschenen].

SAMENVATTING

Eurojust heeft de justitiële samenwerking tussen de lidstaten verbeterd en heeft reeds opmerkelijke operationele successen geboekt. De balans inzake de omzetting van besluit 2002/187/JBZ is - weliswaar gematigd - positief. Met het oog op een betere ontwikkeling van Eurojust moeten de bevoegdheden van zijn leden (nationale leden genoemd) en die van het college gevormd door het geheel van de nationale leden, worden verduidelijkt en versterkt.

De Commissie roept op tot een wijziging van het besluit tot oprichting van Eurojust zodat het agentschap zijn samenwerkingspotentieel kan ontwikkelen en verder een essentiële rol kan blijven spelen in de strijd tegen de georganiseerde criminaliteit en het terrorisme in Europa.

De nationale leden ruimere bevoegdheden geven

Het statuut en de bevoegdheden van elk nationaal lid worden bepaald door de lidstaat waardoor die wordt benoemd. Dit leidt tot een gebrek aan samenhang tussen de bevoegdheden van de verschillende nationale leden en vormt momenteel een belemmering voor de uitbouw van een doeltreffende samenwerking. Bovendien verlenen de lidstaten hun niet het nodige gezag. Zo kunnen slechts weinig nationale leden onderhandelen over de instelling van gemeenschappelijke onderzoeksteams en behouden vele leden in het land van oorsprong hun justitiële bevoegdheden.

Met het oog op meer stabiliteit en doeltreffendheid, moeten de lidstaten maatregelen nemen om de bevoegdheden van de nationale leden en het college explicieter te omschrijven en een gemeenschappelijke basis vaststellen voor minimumbevoegdheden.

Om de operationele capaciteit van Eurojust te verhogen, worden de lidstaten verzocht hun informatie sneller aan Eurojust te verstrekken en hun nationale bureaus te versterken. Bovendien zullen zij een beroep doen op nationale deskundigen.

Eventuele wijzigingen om de bevoegdheden van de nationale leden te versterken

De Commissie stelt voor het besluit te wijzigen in die zin dat de nationale leden:

  • verzoeken van nationale justitiële autoriteiten kunnen ontvangen en doorgeven, en kunnen toezien op de goede uitvoering ervan;
  • van de nationale justitiële autoriteiten alle rechterlijke beslissingen met betrekking tot het witwassen van geld, georganiseerde criminaliteit, terrorisme en mensenhandel kunnen ontvangen;
  • gegevens kunnen doorgeven aan het nationale lid van een staat die niet op de hoogte is gebracht van een zaak maar wel feitelijk bij die zaak is betrokken;
  • op de hoogte kunnen worden gebracht van de instelling van een gemeenschappelijk onderzoeksteam en onderzoeksmaatregelen kunnen voorstellen;
  • de betrokken autoriteit kunnen vragen aanvullende uitvoeringsmaatregelen te nemen en aanvullende onderzoeken te verrichten;
  • op de hoogte kunnen worden gebracht van gecontroleerde afleveringen, infiltraties of discrete onderzoeken en de uitvoering ervan kunnen controleren;
  • een ambtstermijn hebben van ten minste drie jaar;
  • medewerkers hebben teneinde te zorgen voor een permanente aanwezigheid.

Op langere termijn zal de Commissie nagaan hoe de bevoegdheden van de nationale leden kunnen worden versterkt om hen een grotere rol te laten spelen bij het op gang brengen van strafonderzoeken in zaken waarbij de financiële belangen van de Europese Unie worden geschaad.

Het college ruimere bevoegdheden geven

Het college en de nationale leden hebben dezelfde bevoegdheden. Hoewel het college jurisdictiegeschillen en geschillen bij samenloop van aanhoudingsbevelen kan beslechten, zijn zijn beslissingen niet bindend ten aanzien van de lidstaten. Het college zou over ruimere bevoegdheden moeten beschikken en ook zijn rol als bemiddelaar bij geschillen tussen de lidstaten moet worden versterkt. De lidstaten schakelen het college immers slechts in wanneer zij het niet eens zijn over de te ondernemen stappen.

De Commissie verbindt zich ertoe de voorwaarden te onderzoeken waaronder het college:

  • geschillen tussen de lidstaten kan beslechten;
  • in een lidstaat onderzoeken kan starten en kan voorstellen daar vervolgingen in te stellen;
  • betrokken kan worden bij specifieke onderzoeksmaatregelen;
  • een strafonderzoek op Europees niveau op gang kan brengen.

Betrekkingen met Eurojust, het Europees justitieel netwerk en de verbindingsmagistraten

Het Europees justitieel netwerk (EJN) vergemakkelijkt de justitiële samenwerking tussen de lidstaten met name via zijn internetsite over de Europese rechtsstelsels. De samenwerking tussen het netwerk en Eurojust moet echter worden verbeterd. De Commissie wil dat elk lid van Eurojust een nationale correspondent aanstelt die als aanspreekpunt fungeert voor het Europees justitieel netwerk. Deze correspondent zou deel uitmaken van de ploeg van het Eurojust-lid waaraan hij wordt verbonden. Hij zou in zijn lidstaat een doorgeefluik zijn voor het communicatiebeleid van Eurojust en zou het nationale lid alle te onderzoeken zaken onverwijld doorzenden.

Eurojust zou in de toekomst zelf verbindingsmagistraten in derde landen kunnen aanstellen om de justitiële samenwerking tussen de lidstaten en de betrokken landen te vergemakkelijken.

Versterking van de samenwerking met Europol

De betrekkingen tussen Eurojust en Europol zijn voortdurend verbeterd. Het beveiligd communicatienetwerk heeft de gegevensuitwisseling en de toegang tot de analysebestanden van Europol vergemakkelijkt. Tot slot is er voortreffelijk werk verricht op deskundigenvergaderingen over gemeenschappelijke onderzoeksteams.

De samenwerking tussen Eurojust en de verschillende nationale Europol-verbindingsbureaus verloopt echter nog steeds ongelijkmatig. Deze samenwerking moet worden versterkt en de gegevensuitwisseling met deze bureaus moet worden verbeterd.

Samenwerking met het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF), Frontex en derde landen

De bevoegdheden van Eurojust en OLAF zijn complementair. De Commissie stelt daarom voor om regelmatig gegevens uit te wisselen tussen de twee agentschappen om hun synergieën te versterken. Zij benadrukt ook dat het nodig is de aanwijzing van contactpunten en de organisatie van regelmatige gegevensuitwisselingsbijeenkomsten tussen Eurojust en OLAF voort te zetten.

De bescherming van de buitengrenzen van de Europese Unie is belangrijk ter bestrijding van illegale immigratie en van georganiseerde criminaliteit. De Commissie moedigt de sluiting aan van een samenwerkingsovereenkomst tussen Frontex en Eurojust.

Eurojust heeft met derde landen overeenkomsten afgesloten om de uitwisseling van persoonsgegevens en informatie tussen justitiële autoriteiten te ontwikkelen. Op grond van deze samenwerkingsovereenkomsten zijn er verbindingsprocureurs bij Eurojust aangesteld. Het agentschap tracht thans een netwerk van contactpunten op te zetten.

Laatste wijziging: 14.10.2011
Juridische mededeling | Over deze site | Zoeken | Contact | Naar boven